
Annelies - 16-09-26 @ 22:40
Ik sluit de computer af waar ik net de gegevens van Isabel de Waard heb ingevoegd. Een nieuwe cliënt. Patiënt zeggen we liever niet hier. ten slotte is een zwangere vrouw niet ziek. Ik voel mijn maag rommelen. Een blik op mijn horloge zegt genoeg, etenstijd. Zal ik Inge bellen? Inge is de vrouw met wie ik samenwoon, mijn mooie vriendin. Ze is vijf jaar jonger en we wonen samen in het centrum in een flatje. Inge werkt als verpleegster in het ziekenhuis waar ik ook werk. Ze grapt wel eens dat ze tot opluchting van haar moeder toch een arts aan de haak heeft geslagen. Ik stop mijn telefoon weer terug. Misschien beter van niet. De laatste tijd hebben Inge en ik steeds vaker ruzie, misschien zitten we teveel op elkaars lip, samenwonen en dan werken in hetzelfde ziekenhuis. Natuurlijk verschillen we van elkaar. Inge is ondanks dat ze jonger is, veel serieuzer dan ik. Nu werkt ze op oncologie en dat is niet de meest vrolijke afdeling van het hospitaal. Maar de laatste tijd gaat alles mis. Zelfs de seks lijkt met de dag af te nemen. Toen we elkaar net kenden, was de flat te klein door onze seksuele acrobatiek. Maar tegenwoordig mag ik blij zijn als ik haar mag aanraken. Dat stelletje wat net bij me was, leek me wel voor elkaar bestemd. Aardige man en zij een vrolijke meid, blij met haar zwangerschap. Zoals verwacht was er een spanning, ten slotte onderzoek ik haar intieme delen. Maar ik ben arts, ik zie zoveel vagina's op een dag dat het voor mij routine is.Als ik in het restaurant aan mijn lunch zit, betrap ik me er op dat ik weer aan mevrouw De Waard denk. Ondanks mijn routine blijf ik een vrouw, en aangezien ik gevoelens heb voor vrouwen, maakt Isabel wel indruk op me. Niet dat ze uitzonderlijk knap is, al is het een leuke verschijning, maar ze heeft iets, een uitstraling, hetzelfde gevoel dat ik bij Inge had jaren geleden. Ik schud mijn hoofd. Nee hè, ik ben toch niet verliefd aan het worden. Die tijd hebben we gehad. Ik neem een hap van mijn salade en kauwend probeer ik te denken aan de rest van mijn werkdag. Nieuwe afspraken, routine onderzoeken. Het gezichtje van Isabel schuift weer voor mijn ogen. Ik sta abrupt op en loop met mijn dienblad naar de counter. Onderweg word ik tegen gehouden door Ariadne, mijn baas. "Denk je nog even aan die lezing, Annelies." zegt ze. God dat is waar ook. Morgen moet ik een groep cliënten toespreken. Het ziekenhuis wil graag tonen hoe zeer ze de band tussen cliënten en de artsen op prijs stellen. Ik vermoed dat ze het eigenlijk geen moer kan schelen, maar het oogt goed in de public relations. "Ik weet het Ariadne, ik heb mijn verhaaltje klaar."
Terug lopend naar mijn kamer mijmer ik over mijn lezing. Stel je voor dat Isabel ook komt. Gelijk druk ik de gedachte weg. Isabel is gewoon een cliënt, hou ik mezelf voor en natuurlijk komt ze morgen niet. Waarschijnlijk weet ze niet eens dat ik een praatje hou morgen. In mijn kamer check ik de mailing list. Isabel de Waard staat er op met haar e-mailadres. Dan is ze dus wel op de hoogte gesteld. Niet aan denken, bedenk ik mezelf. Je gedraagt je als een puber. Een beetje ruzie met je vriendin en je droomt gelijk een romcom bij elkaar. Mijn assistente komt binnen en meldt dat er een nieuwe cliënte aankomt. Ik knik en sta op. Tijd om te stoppen met dromen en gewoon aan het werk te gaan.


