
De rit vanaf Schiphol voelde onwerkelijk. Het regende zachtjes en de ruitenwissers tikten ritmisch heen en weer. Jeroen reed, zijn handen stevig om het stuur. Lucas zat naast hem, zijn hand losjes op Jeroens bovenbeen. Ze praatten weinig. Af en toe een opmerking over de file of hoe raar het voelde om weer in Nederland te zijn. Wat viel er verder ook nog te zeggen?
Bij Lucas’ appartement zette Jeroen de auto stil. De motor draaide nog even na. Ze keken elkaar aan in het vrij donkere daglicht.
“Kom je even mee naar boven?” vroeg Lucas.
Jeroen schudde zijn hoofd. “Ik moet even alleen zijn. Jij ook, denk ik.”
Lucas knikte. Hij leunde naar voren, pakte Jeroens gezicht met beide handen en kuste hem. Diep en langzaam. Jeroen beantwoordde de kus, zijn vingers in de donkere krullen van Lucas. Toen ze elkaar loslieten, bleef Lucas nog even met zijn voorhoofd tegen dat van Jeroen rusten.
“App je me?” vroeg hij zacht.
“Ja. Natuurlijk.”
Lucas stapte uit en liep naar de deur. Hij keek nog één keer om. Jeroen bleef zitten tot Lucas binnen was, toen reed hij weg.
De eerste dagen verliepen traag en onwennig. Jeroen probeerde zijn oude ritme terug te vinden, maar alles voelde anders. Hij sportte, werkte en deed boodschappen, maar zijn gedachten dwaalden constant af naar het eiland. Naar Lucas. Lucas appte regelmatig, niet dwingend, maar gewoon aanwezig. Soms een foto van zijn avondeten, soms een stomme meme, soms gewoon zomaar. Jeroen antwoordde, soms kort, soms langer. Hij merkte dat hij steeds vaker naar zijn telefoon keek.
Op donderdagavond stuurde hij een bericht:
Jeroen: Morgenavond bij Thomas? Klein welkomstbiertje met z’n vieren. Mike komt ook.
Lucas: Oké. Zie ik je daar.
Vrijdagavond liepen Jeroen en Lucas bijna tegelijk bij Thomas binnen.
Zodra Jeroen de woonkamer in stapte, vonden hun ogen elkaar. Het was maar een seconde of twee, maar het voelde langer. Lucas’ mondhoek krulde licht omhoog. Jeroen voelde een warme steek in zijn borst.
“Daar zijn de vakantiegangers!” riep Thomas enthousiast. Hij gaf ze allebei een stevige knuffel. Mike kwam er meteen bij staan met vier koude biertjes.
Thomas was zoals altijd: kort bruin haar, vriendelijke bruine ogen en een wat bredere bouw. Hij droeg een donkergrijze hoodie, blauwe jeans en witte sneakers. Mike was directer, atletischer, met donker haar en een scherpe kaaklijn. Hij had een zwarte hoodie aan met een wit T-shirt eronder, donkere jeans en zwarte sneakers.
Jeroen droeg donkere jeans, een zwarte hoodie en zijn favoriete witte sneakers. Lucas had een donkere skinny jeans aan, een grijze trui en zwarte sneakers. Ze zagen er allebei uit als twee normale jongens die net terug waren van vakantie. Alleen hun ogen vertelden meer.
Ze gingen zitten in de woonkamer. Thomas had een paar foto’s op zijn laptop gezet die Jeroen op het eiland had gemaakt. Al snel kwamen ze op het scherm.
Mike leunde achterover en grijnsde breed. “Jullie zijn wel érg vaak samen op de foto’s, zeg. Hebben jullie eigenlijk nog chicks gescoord of waren jullie te druk met bro-time?”
Thomas lachte. “Ja, ik zag ook al zoiets. Jullie lijken wel een getrouwd stelletje op die picknickfoto.”
Jeroen nam een grote slok bier. “Ach man, je kent het. Geen wijven, dus maar veel met z’n tweeën op pad.”
Mike keek hem met een ondeugende blik aan. “Heb je dan helemaal geen vrouw gehad? Hoe dan? Geen foto met je verovering?”
Thomas viel bij. “Ja, Sophie toch? Die ene van die avond in dat strandtentje? Die stond toch ook op de foto’s?”
Jeroen voelde de spanning in zijn nek. “Ja natuurlijk, Sophie. Maar die foto is er niet omdat… tja, omdat het gewoon niet zo’n foto-moment was.”
Mike grijnsde nog breder. “Raar joh. Al jouw veroveringen staan normaal op de foto. En nu ineens niet? Terwijl Lucas hier wel op álles staat. Kijk, hier weer. En hier. En hier. Man, je bent meer met Lucas op de foto gegaan dan met al je chicks bij elkaar.”
Er viel even een stilte. Jeroen zette zijn bierfles iets te hard neer.
“Ja, omdat Lucas er altijd bij was, klootzak,” zei hij bits. “We waren met z’n tweeën. Wat had je dan verwacht?”
Mike lachte, maar er zat een lichte ondertoon in. “Relax man, het was maar een grapje.”
Lucas had tot nu toe weinig gezegd. Hij keek Jeroen even aan, niet boos, maar ook niet blij. Toen stond hij op.
“Ik ga even een sigaretje roken,” zei hij kalm en liep naar buiten, de tuin in. Hij rookte bijna nooit, maar soms had hij er behoefte aan, nu was één van die momenten.
Thomas keek hem na en stond ook op. “Ik ga ook even.”
Buiten leunde Lucas tegen de schutting, zijn sigaret tussen zijn vingers. Thomas kwam naast hem staan en stak er ook eentje op.
“Gaat alles wel goed met je?” vroeg Thomas na een paar seconden stilte. Zijn toon was serieuzer dan normaal.
Lucas inhaleerde diep en blies de rook langzaam uit. “Ja. Waarom?”
Thomas haalde zijn schouders op. “Weet niet. Jullie doen allebei een beetje raar. Jeroen is extra kortaf en jij… jij kijkt hem anders aan dan vroeger. Alsof er iets is wat gebeurd wat jullie niet zeggen.”
Lucas keek naar de grond. Het liefst was hij eerlijk geweest maar dat was hij niet. “Het is gewoon wennen, Thomas. Vakantie was top. Nu weer terug, in Nederland, in de regen. Dat is het.”
Thomas knikte langzaam. Hij geloofde het niet helemaal, maar hij pushte niet verder. “Oké. Als je iets kwijt wilt, je weet me te vinden.”
Ze bleven nog even zwijgend staan, de sigaretten gloeiden in het donker.
Later op de avond, toen Mike en Thomas even naar de keuken liepen, stonden Jeroen en Lucas kort alleen in de gang.
Jeroen sprak zacht. “Sorry voor daarnet.”
Lucas keek hem aan. “Het is oké. Maar je hoeft niet zo hard je best te doen om ‘normaal’ te doen. Ik ben geen chick die je maar een paar keer ziet en daarna weer weg is.”
Jeroen knikte. “Ik weet het. Het is nog nieuw voor me.”
Lucas raakte heel even zijn hand aan. “We doen het rustig. Stap voor stap.”
Toen ze die avond laat weggingen, liepen ze samen naar hun auto’s. Mike en Thomas waren al binnen.
Jeroen stopte bij Lucas’ auto en pakte zijn arm vast. “Kom je mee naar mijn huis?”
Lucas keek hem aan. “Nu?”
“Ja. Nu. Ik wil niet alleen zijn vanavond.”
Lucas knikte langzaam. “Oké. Ik rij achter je aan.” Ze reden achter elkaar aan door de nacht.
Jeroens appartement lag in een nieuwbouwcomplex dat twee jaar geleden was opgeleverd. Het was een ruim, modern 2-kamerappartement op de derde verdieping met een groot balkon. Het had een lichte houten vloer, open keuken met kookeiland, grote woonkamer met hoge ramen, een badkamer voorzien van regendouche en een ruime slaapkamer met een kingsize bed. Overal hing nog die typische ‘nieuw huis’ geur van verf, nieuwe meubels en verf. Het appartement was smaakvol ingericht.
Eenmaal binnen deed Jeroen de deur op slot en draaide zich om. Lucas stond midden in de gang, zijn jas nog aan. Ze keken elkaar aan en toen gebeurde het.
Jeroen liep naar hem toe, pakte zijn gezicht en kuste hem. Niet voorzichtig. Niet langzaam. Hij kuste hem zoals hij dat op het eiland deed: hongerig, maar met diezelfde magie. Lucas beantwoordde de kus meteen, zijn handen onder Jeroens hoodie glijdend.
Ze lieten hun jassen vallen. Zonder woorden liepen ze naar de slaapkamer, kussend, handen zoekend. Het voelde precies zoals op het eiland. Dezelfde spanning, dezelfde honger, dezelfde verbinding. Het was alsof ze terugvonden wat ze die week kwijt waren geweest.
Jeroen duwde Lucas zacht tegen het bed en trok zijn trui uit. Hij kuste zijn nek, zijn borst, zijn buik, terwijl hij zijn broek losmaakte. Lucas kreunde zacht, zijn vingers in Jeroens haar. Ze kleedden elkaar langzaam uit, kledingstukken vielen op de grond, handen en monden waren overal. Jeroen likte en zoog aan Lucas’ tepels. Lucas tilde Jeroens kin op en kuste hem diep.
Ze lieten zich op het bed vallen. Lucas rolde Jeroen op zijn buik en ging achter hem liggen. Hij kuste zijn rug, zijn nek, zijn schouders. Het was alsof ze elkaar opnieuw moesten ontdekken.
Jeroen had al lube gekocht. Hij had het op zijn nachtkastje gelegd, zonder er met iemand over te praten. Lucas zag het flesje, glimlachte even tegen Jeroens rug en fluisterde: “Je was voorbereid, hè?”
Jeroen mompelde iets onverstaanbaars, maar zijn lichaam verraadde hem. Hij was zenuwachtig en opgewonden tegelijk.
Lucas deed voorzichtig glijmiddel op zijn vingers en begon Jeroen langzaam los te maken. Hij nam de tijd. Eén vinger, daarna twee. Jeroen kreunde zacht in het kussen, zijn vingers om het laken geklemd. Het voelde strak. Te strak bijna. Maar ook goed. Lucas kuste zijn rug, fluisterde geruststellende woordjes terwijl hij hem klaarmaakte.
Toen hij er klaar voor was, duwde Lucas langzaam zijn pik in Jeroen. Jeroen’s adem stokte even. Het voelde vol, intiem en intens. Lucas bewoog langzaam, diep, zijn handen op Jeroens heupen. Ze vonden hun ritme weer. Het was niet gehaast. Het was ontdekken. Herinneren. Voelen hoe goed het nog steeds was.
Jeroen kreunde harder toen Lucas dieper in hem stootte. Lucas boog zich voorover, kuste zijn nek en fluisterde: “Fuck, je voelt nog precies zo strak…”
Lucas voerde het tempo op. Uiteindelijk kwamen ze bijna tegelijk. Jeroen kreunde hard in het kussen terwijl Lucas diep in hem klaarkwam. Zijn eigen zaad spoot hij tussen zijn bed en het laken. Na afloop bleven ze liggen, zweterig en hijgend, de borst van Lucas tegen Jeroens rug.
Na een tijdje stond Lucas op en trok Jeroen mee. Ze liepen naar de badkamer. De regendouche was groot en warm. Ze stonden er samen onder, armen om elkaar heen. Het water stroomde over hun lichamen. Ze zeiden weinig. Alleen kussen, handen die langzaam over natte huid gleden, voorhoofden tegen elkaar.
Daarna poetsten ze samen tanden, naakt voor de spiegel. Jeroen keek Lucas aan via de spiegel en glimlachte zwak. Lucas glimlachte terug.
Ze liepen terug naar de slaapkamer en kropen naakt in bed. Jeroen trok Lucas tegen zich aan, zijn arm stevig om hem heen. Lucas legde zijn hoofd op Jeroens borst. Ze streelden elkaar langzaam. De vingers van Jeroen gleden door Lucas’ vochtige krullen. Lucas tekende kleine cirkeltjes op Jeroens borst. Af en toe kusten ze elkaar. Langzaam. Lui. Zonder haast.
Het voelde veilig. Warm. Alsof de wereld even buiten de deur kon blijven.
Uiteindelijk vielen ze in slaap, verstrengeld, naakt, met hun benen door elkaar. De regen tikte zacht tegen het raam.
Het eiland was voorbij. Maar dit… dit was nieuw. En het voelde goed.




