77.002 Gratis Sexverhalen
Lekker Anoniem Webcammen!
A+ - a-

Het Gereedschap Van De Waarheid

Door: Mike21617

Datum: 05-08-2026 | Cijfer: 9.5 | Gelezen: 419
Lengte: Lang | Leestijd: 26 minuten | Lezers Online: 12
Trefwoord(en): Jong En Oud, Oma,

Ik had mezelf altijd beschouwd als een vrouw die wist wat ze wilde. Na de dood van mijn man had ik geleerd om alleen beslissingen te nemen, om mensen aan te sturen, om mijn villa en mijn leven met dezelfde koele vastberadenheid te beheren. Ik was gewend aan keurige gesprekken, beleefde formuleringen en mensen die hun plaats kenden. En toen kwam hij, drieëntwintig jaar. Een bouwvakker met modder aan zijn schoenen en een mond waar geen enkel fatsoenlijk woord uit leek te komen. Hij floot door zijn tanden, maakte opmerkingen die ik vroeger zonder aarzelen als onbeschoft had bestempeld en keek me soms aan met een vanzelfsprekendheid die bijna beledigend was.

Ik vond het afgrijselijk, dat zei ik ook tegen mezelf. Elke keer weer. Ik vond hem grof. Banaal. Onopgevoed. Een jongen die niet begreep hoeveel afstand er hoorde te zijn tussen hem en iemand zoals ik. Maar het vervelende was: ik vergat hem niet. Zijn stem bleef soms in mijn hoofd hangen nadat hij al naar huis was gegaan. Niet de woorden zelf — die waren nog steeds plat en onbeschaafd — maar de zekerheid waarmee hij ze uitsprak. Alsof hij geen moment nadacht over mijn naam, mijn geld, mijn leeftijd, mijn positie. Alsof hij alleen een vrouw tegenover zich zag. Dat ergerde me misschien nog wel het meest.

Ik was gewend om gezien te worden als iemand met macht. Als iemand die respect afdwong. Maar bij hem leek dat allemaal niet te werken. Hij liet zich niet intimideren door mijn villa, mijn kleding of mijn houding. Hij stond daar gewoon, met zijn vieze werkkleren en zijn brutale glimlach, alsof hij door een muur heen keek waar anderen altijd voor bleven staan. Hoe ik hem had horen praten door de telefoon over mij, dat mens zeurt alleen maar, misschien moet ze eens de steel van mijn hamer in haar spleet krijgen, dat geniet ze eindelijk weer eens. Ik veroordeelde mezelf om de gedachten die daarna kwamen, want ik wilde ze niet hebben. Ik dacht na hoe hij dat deed met zijn hamer, in mij duwend. Ik wilde niet merken dat ik naar zijn komst uitkeek. Ik wilde niet voelen dat een deel van mij nieuwsgierig werd wanneer ik zijn stem beneden hoorde. Ik wilde niet toegeven dat iets in zijn ongeremde manier van doen een deur opende die ik jarenlang gesloten had gehouden.

Het was geen bewondering. Geen liefde. Misschien was het zelfs geen echte aantrekkingskracht. Het was iets ongemakkelijker. Een herinnering dat ik niet alleen de weduwe was die iedereen kende. Niet alleen de vrouw die alles onder controle had. Er zat nog iets in mij dat kon verrast worden, dat kon blozen, dat kon verlangen naar iets wat niet netjes in mijn zorgvuldig geordende leven paste. Zijn perverse ideeën. En juist daarom haatte ik het, omdat dat blijkbaar genoeg was om mij aan het twijfelen te brengen over wie ik dacht dat ik was. Er zijn toch zeker geen vrouwen die zich laten nemen dooreen...hamer?

Ik schaamde me voor mijn eigen gedachten. Dat was misschien nog het ergste. Niet wat hij zei, niet hoe hij zich gedroeg, niet de manier waarop hij zonder enige terughoudendheid mijn zorgvuldig opgebouwde wereld binnenstapte. Het ergste was dat een deel van mij luisterde. Ik vertelde mezelf dat het alleen ergernis was. Dat ik hem in de gaten hield omdat ik wilde voorkomen dat hij te ver ging. Dat ik zijn aanwezigheid opmerkte omdat hij luidruchtig was, omdat hij niet paste in deze rustige kamers waar alles zijn plaats had. Maar ik loog tegen mezelf. Want soms betrapte ik mezelf erop dat ik wachtte op het geluid van zijn stem. Dat ik me afvroeg welke brutale opmerking hij deze keer zou maken. Dat ik boos werd om het feit dat hij me uit mijn evenwicht bracht.

Een vrouw zoals ik hoorde zich daar niet door te laten raken, ik had mijn hele leven gebouwd op beheersing. Op waardigheid. Op weten wat gepast was en wat niet. Ik had mensen gekend die zich lieten meeslepen door impulsen en verlangens en ik had altijd gedacht dat ik daar boven stond. En nu was er iemand die niets bijzonders leek te doen, behalve zichzelf zijn, en toch wist hij iets in mij aan te raken waar ik geen naam voor wilde hebben. Ik vond zijn ideeën soms afstotelijk. Zijn woorden te grof. Zijn wereld te ver verwijderd van de mijne. Maar waarom bleef ik er dan aan denken? Waarom bleef ik mezelf vragen stellen die ik liever niet stelde?

Hoe zou dat voelen? Misschien was het niet eens hij waartegen ik vocht. Misschien vocht ik tegen het besef dat onder alle lagen van beschaving, rijkdom en zelfbeheersing nog steeds een vrouw zat die kon twijfelen. Die kon verlangen naar iets onverwachts. Die niet volledig verdwenen was achter de rol die ze jarenlang had gespeeld. Waarom had ik twee keer, als hij naar huis was, in zijn gereedschap gekeken naar zijn hamer. Deze door mijn handen laten glijden en daar vreemde huiveringen bij gekregen.

Waarom had ik er in godsnaam naar gekeken? Dat was de vraag die me het meest verontrustte, niet één keer, maar twee keer. De eerste keer had ik mezelf nog wijsgemaakt dat het nieuwsgierigheid was. Niets meer. Een vluchtige blik naar iets dat bij hem hoorde, iets dat zijn wereld vertegenwoordigde: zijn handen, zijn werk, zijn ruwe manier van bestaan. Maar de tweede keer wist ik beter, ik had mijn hand uitgestoken zonder dat daar een redelijke reden voor was. Ik had het gewicht ervan gevoeld, de sporen van zijn werk gezien, en ik had mezelf betrapt op een gedachte die ik meteen weer wilde wegduwen.

Ik vond zijn opmerking grof. Kinderachtig zelfs. Een zin waarvan ik vroeger zou hebben gezegd dat hij alles vertelde over zijn gebrek aan beschaving. En toch was het blijven hangen, dat maakte me boos. Niet op hem alleen, maar vooral op mezelf. Want wat zei het over mij dat iets wat ik zo afkeurde, toch mijn aandacht kon vasthouden? Dat ik, na al die jaren waarin ik mezelf had geleerd beheerst en onaantastbaar te zijn, nog steeds gevoelig was voor iets onverwachts? Ik wilde geloven dat ik boven zulke dingen stond. Dat ik anders was.

Maar misschien was het probleem juist dat ik mezelf te lang had verteld dat ik alleen maar die ene vrouw was: de weduwe, de eigenaar van dit huis, degene die alles regelde en iedereen op afstand hield. En ergens onder dat alles zat nog steeds iemand die verrast kon worden. Iemand die kon blozen om een gedachte die ze niet wilde hebben. Ik veroordeelde mezelf ervoor, ik probeerde het weg te redeneren. Maar hoe harder ik mezelf vertelde dat het banaal was, hoe langer het in mijn hoofd bleef rondspoken. Alsof niet hij degene was die een grens had verlegd maar alsof ik zelf had ontdekt dat er nog grenzen in mij zaten waarvan ik niet wist dat ze bestonden.

Die avond haalde ik de hamer weer op, ik wist niet eens waarom. Dat was misschien nog wel het meest verontrustende. Er was geen praktische reden voor. Ik had hem niet nodig, ik wilde hem alleen nog één keer zien, alsof ik daarmee kon begrijpen waarom mijn gedachten er steeds naar teruggingen. Ik nam hem mee naar de huiskamer, naar de plek waar alles normaal gesproken rustig en beheerst voelde. Daar lag hij ineens op tafel, een eenvoudig stuk gereedschap tussen mijn zorgvuldig gekozen meubels en mijn geordende leven.
Ik bekeek hem aandachtig., het was belachelijk. Het was maar een hamer.

Een ding dat duizenden mensen dagelijks in hun handen hadden. Niets bijzonders. Niets met betekenis. En toch merkte ik dat ik er een betekenis aan gaf die er helemaal niet hoorde te zijn. Ik schrok van mezelf, waarom dacht ik zulke dingen? Hoe kon iets wat ik zo banaal en ongepast vond, toch mijn gedachten bezighouden? Ik voelde bijna boosheid opkomen — niet alleen om zijn vulgaire opmerkingen, maar om het feit dat ze blijkbaar ergens waren blijven hangen. Zo’n dikke steel dat kon toch nooit ...passen? Ik schrok dat ik dat überhaupt dacht, zo’n vulgaire gedachten.

Ik had mezelf altijd gezien als iemand die boven zulke impulsen stond. Een vrouw met ervaring, met waardigheid, met zelfbeheersing. En nu zat ik hier, alleen in mijn eigen huis, en vroeg ik me af waarom een paar woorden van een jonge bouwvakker zo veel verwarring konden veroorzaken. Ik legde de hamer op tafel, alsof afstand nemen van het voorwerp ook afstand kon nemen van de gedachten. Maar die waren al van mij, en dat was precies wat me het meest verontrustte. Niet hij, niet zijn woorden of gedachten. Maar het besef dat er in mij een kant bestond die ik liever niet onder ogen zag.

Weer pakte ik de hamer van tafel en meteen wist ik dat ik een grens aan het naderen was die ik zelf niet begreep. Het was niet het voorwerp dat me zo van streek maakte. Het was wat het in mijn hoofd was gaan betekenen. Hoe iets gewoons ineens verbonden leek met alles wat ik jarenlang had weggestopt: nieuwsgierigheid, gemis, de behoefte om niet altijd sterk en beheerst te hoeven zijn. En juist dat maakte me bang, ik schrok van de gedachten die bij me opkwamen. Gedachten die niet pasten bij het beeld dat ik van mezelf had opgebouwd. Ik, die altijd zo zeker was geweest, zo beheerst, zo overtuigd van wat wel en niet bij mij hoorde.
Ongemerkt wreef ik de steel tegen mijn broek, bij mijn kruis...ik voelde de hardheid van de houten steel en schrok. "Wat doe je nou?" zei een stem in mijn hoofd.

De volgende ochtend hoorde ik zijn stem al voordat ik hem zag, "Heeft u misschien mijn hamer gezien?" Mijn hele lichaam reageerde sneller dan mijn verstand, het voelde alsof de warmte meteen naar mijn gezicht steeg. Een onverklaarbare paniek, alsof hij niet naar een stuk gereedschap vroeg, maar alsof hij iets anders wist. Alsof hij dwars door mijn keurige antwoord heen kon kijken, mijn ogen gingen automatisch naar de tafel. Daar lag hij, natuurlijk lag hij daar. Ik dwong mezelf om rustig te blijven en wees ernaar., "Daar." Meer kreeg ik er niet uit. Hij pakte de hamer op alsof het de gewoonste zaak van de wereld was. Voor hem was dat ook zo. Voor hem was het gewoon zijn gereedschap. Zijn werk. Niets meer. Hij bracht hem naar zijn neus, snoof luid, alsof hij probeerde te raden wat ik ermee gedaan had en toen grijnsde hij naar mij.

Maar voor mij was het inmiddels beladen met gedachten waar ik zelf nauwelijks naar durfde te kijken.
Ik keek toe hoe hij het ding bekeek en merkte dat ik gespannen raakte door mijn eigen verbeelding. Niet door wat hij deed, maar door wat ik erin dacht te zien. Toen keek hij op, die blik, die achteloze zekerheid.
En ineens voelde ik me weer zoals gisterenavond: alsof ik mezelf even kwijt was geraakt en niet wist hoe ik de vrouw moest zijn die ik altijd geweest was. Ik wilde iets zeggen. Iets snedigs. Iets waarmee ik de controle terug zou nemen. Maar er kwam niet, ik stond daar alleen maar. En dat maakte me misschien nog het meest kwaad. Het feit dat ik, die altijd precies wist wat ze wilde zeggen, opeens werd tegengehouden door mijn eigen gedachten.

Hij had het gezien, dat wist ik meteen, misschien probeerde ik mezelf nog wijs te maken dat ik me vergiste. Dat hij gewoon toevallig keek, dat zijn glimlach niets betekende, dat ik degene was die overal iets achter zocht. Maar ik kende die blik, hij was jong, maar niet dom. Hij merkte meer op dan ik hem had willen toegeven. De aarzeling in mijn stem. De manier waarop ik naar de tafel had gekeken. De plotselinge kleur in mijn gezicht toen hij naar zijn gereedschap vroeg. Hij wist dat er iets was, en het ergste was: hij leek ervan te genieten dat ik het niet wist te verbergen.

"Grappig," zei hij opeens en ik keek hem aan. "Wat?" Hij haalde zijn schouders op, alsof het niets was, "U lijkt altijd zo zeker van uzelf." Die opmerking raakte me harder dan ik wilde laten merken, want hij had gelijk. Mijn hele leven had ik geweten hoe ik me moest gedragen. Ik wist hoe ik een gesprek moest voeren, hoe ik mensen op afstand kon houden, hoe ik mijn waardigheid kon bewaren. Maar bij hem leek die vaardigheid ineens minder vanzelfsprekend. "Ik begrijp niet wat u bedoelt," zei ik koeler dan ik me voelde. Hij glimlachte alleen maar en dat maakte me nog bozer. Niet omdat hij iets zei, maar omdat hij me het gevoel gaf dat hij iets zag wat ik zelf probeerde te ontkennen.

"Ik vraag mij af hoe het voor u voelde," zei hij en daarna draaide hij zich om en liep de kamer uit. Ik bleef achter met een stilte die harder klonk dan zijn woorden. Hoe durfde hij? Dat was mijn eerste gedachte. Hoe durfde hij zo'n vraag te stellen? Alsof hij iets over mij wist. Alsof hij zich toegang had verschaft tot een deel van mij waar niemand ooit gekomen was. Ik wilde hem achterna lopen, ik wilde hem tegenhouden en hem duidelijk maken dat hij een grens had overschreden. Dat hij niet zomaar kon denken dat hij mij doorhad. Dat hij niet meer was dan iemand die hier kwam werken en zich bezig moest houden met zijn vak.

Maar ik bleef staan, en dat was hetgeen wat mij het meest verontrustte. Niet zijn brutale opmerking maar mijn eigen zwijgen. Want ergens, diep weggestopt onder mijn boosheid, zat een andere reactie. Een reactie die ik niet wilde erkennen. Een nieuwsgierigheid waar ik me voor schaamde. Niet omdat hij gelijk had, maar omdat hij iets had aangeraakt wat ik zelf jarenlang had genegeerd. Ik voelde me opeens niet de vrouw die alles bepaalde. Niet de weduwe met haar grote huis en haar keurige manieren, gewoon een vrouw. Een vrouw die kon twijfelen. Die kon blozen. Die gedachten kon hebben waar ze zichzelf niet in herkende, een vrouw die behoeftes had. En dat maakte me kwaad.

Ik liep naar het raam en keek naar buiten, naar de tuin waar hij straks weer zou staan werken alsof er niets gebeurd was. Dat was misschien nog het ergste, voor hem was het een spelletje geweest. Een opmerking. Een moment, maar bij mij had het zich vastgezet. Ik haatte het dat een paar woorden zoveel invloed konden hebben. Ik haatte het dat ik niet alleen boos op hem was. Ik was vooral boos omdat ik niet langer kon doen alsof ik mezelf volledig kende. Hij wist kennelijk wat ik dacht, waar ik aan dacht.

Toen deed ik iets wat ik de hele week niet had gedaan, ik bracht hem koffie. Ik probeerde mezelf ervan te overtuigen dat het niets betekende. Gewoon een vriendelijk gebaar. Een teken van waardering voor iemand die hard werkte aan mijn huis. Maar ergens wist ik dat ik mezelf voor de gek hield. Hij zat op zijn knie bij de muur te werken toen ik naar hem toe liep. Zijn handen waren vuil van het werk, zijn aandacht volledig bij wat hij deed. Pas toen ik de koffie aangaf, keek hij op. "Voor mij?" Alsof hij verbaasd was. Ik knikte.
"U wordt nog aardig op den duur," zei hij met diezelfde brutale glimlach die me de afgelopen dagen zo had geïrriteerd. Ik wilde reageren zoals ik altijd deed. Kort. Koel. Met voldoende afstand om duidelijk te maken wie ik was.

Maar ik deed het niet, zijn blik bleef iets te lang hangen en ik voelde weer dat vervelende gevoel van onzekerheid. Alsof hij niet alleen naar mij keek, maar naar de vrouw achter alle manieren en regels die ik mezelf had aangeleerd. Ik voelde mij ongemakkelijk... hij had het door, hij draaide de grote schroevendraaier om, het handvat gleed vanaf mijn knie langs de binnenkant van mijn been heel langzaam omhoog en hij vroeg..."voelt dit net zo fijn als de hamer mevrouw?" Ik verstijfde...hij was vlak bij mij kruis en ik...ik zei niets, ik stapte niet achteruit, ik duwde de schroevendraaier niet weg...maar knikte naar hem terwijl ik hem aan bleef kijken... Ik voelde irritatie opkomen, "U vindt het blijkbaar vermakelijk om mensen ongemakkelijk te maken." Hij nam een slok koffie en keek me rustig aan.

"U kunt mij ook beleefd vragen om door te gaan, omdat u weet dat u dat wil maar het ongepast zou zijn."
Die zin raakte me onverwacht, omdat ik hem wilde tegenspreken, en omdat ik niet meteen wist hoe. Ik wilde hem herinneren aan het verschil tussen ons. Aan mijn leeftijd, mijn leven, mijn positie. Maar ergens wist ik dat het daar niet om ging. Het ging erom dat hij iets had gezien wat ik liever verborgen hield, dat achter mijn zekerheid ook twijfel zat. Dat achter mijn keurige leven ook nieuwsgierigheid zat.

Jeetje, wat maakte hij het mij moeilijk, dat was misschien nog wel het meest frustrerende. Hij hoefde nauwelijks iets te doen. Een paar woorden. Een blik. Een opmerking die precies op de verkeerde plek terechtkwam.
Eerst die hamer, daarna die schroevendraaier. En telkens weer dat gevoel alsof hij niet alleen mijn geduld op de proef stelde, maar ook het beeld dat ik van mezelf had. Ik was gewend dat mensen naar mij luisterden. Dat ik bepaalde hoe een gesprek verliep. Dat ik de afstand bepaalde. Maar bij hem leek dat niet te werken.
"U kunt mij ook gewoon beleefd vragen om door te gaan," had hij gezegd, met die kalme zekerheid van hem. "Omdat u weet dat u dat wilt, maar omdat u ook weet dat het ongepast zou zijn."

Die woorden bleven hangen, niet omdat ik vond dat hij gelijk had. Juist omdat ik zo graag wilde dat hij ongelijk had. Ik wilde boos worden. Ik wilde hem terechtwijzen. Ik wilde hem laten voelen dat hij niet zomaar met mij kon praten, maar ergens voelde ik iets anders. Een ongemakkelijke eerlijkheid, want waarom raakte het me zo? Waarom voelde ik me zo doorzien? Ik haalde adem en keek hem aan, "Zou u dan doorgaan?" vroeg ik ineens, zodra de woorden mijn mond verlieten, schrok ik ervan.

Het voelde alsof de grond onder mijn voeten wegzakte. Alsof ik in één zin iets had toegegeven wat ik dagenlang had geprobeerd te ontkennen. Hij zei niets nog niet maar hij keek naar mij, maakte oogcontact. En juist die stilte maakte alles erger want voor het eerst zag ik niet de brutale jongen die mij uitdaagde. Ik zag iemand die wachtte. Wachtte tot ik zelf begreep wat ik eigenlijk aan het doen was. "Zou jij alsjeblieft door willen gaan wat jij zojuist deed ...met die schroevendraaier" vroeg ik ineens en ik hoefde de kleur op mijnwangen niet te raden.

Er was alleen die rustige blik, alsof hij mij niet wilde dwingen, maar wachtte tot ik zelf begreep wat ik zojuist had uitgesproken. Ik zag iemand die mij een spiegel voorhield. Iemand die mij liet beseffen dat ik niet alleen maar boos, verontwaardigd of geschokt was geweest. Dat er onder al die weerstand ook nieuwsgierigheid zat. Dat ik zelf niet langer kon doen alsof ik volledig onaantastbaar was. Ik voelde mijn gezicht warm worden. De vrouw die altijd precies wist wat ze moest zeggen, die altijd de controle hield, stond daar ineens zoekend naar woorden. "Ik weet niet wat er met mij gebeurt," zei ik uiteindelijk zacht.

Het klonk bijna als een bekentenis, hij antwoordde niet meteen en misschien was dat maar goed ook.
Want diep vanbinnen wist ik dat ik niet wilde dat iemand anders de verantwoordelijkheid voor mijn gevoelens zou dragen. Niet hij. Niet mijn leeftijd. Niet mijn eenzaamheid. Niet de jaren waarin ik mezelf had afgesloten. Ik moest zelf begrijpen waarom deze confrontatie zoveel met mij deed. Hij liet het handvat van de schroevendraaierweer langs de binnenkant van mijn been omhoog gaan, dit keer langs mijn andere been en hij bleef mij aankijken en ik ...ik keek terug.

De schroevendraaier ging steeds hoger, tegen het kruis van mijn broek...nog iets hoger en hij raakte mijn daadwerkelijke kruis daaronder en ik zuchtte. Hij bewoog hem heen en weer, al draaiende alsof hij precies wist wat hij moest doen, hoe het voor mij voelde. Ik sloot mijn ogen, en hij zei, "Ik kan nu stoppen maar als u dat niet wilt maakt u uw broek los en laat hem zakken." het klonk net zo vulgair als die dag dat hij over zijn hamer had gesproken, en wat hij daarmee zou doe, mijn vingers trilde en ik maakte mijn riem los. Ik keek naar hem, hij bleef kalm, ik zag geen triomf in zijn ogen, maar hij was beleefd afwachtend en bleef mij uitdagen met het handvat van...de schroevendraaier. Ik knoopte mijn pantalon los, trok de rits naar beneden. Hij haalde de schroevendraaier weg en mijn pantalon gleed omlaag. Hij drukte gelijk het handvat tegen mijn slip, "daar zit een behoorlijke lekkage mevrouw zei hij en begon weer te wrijven.

"Wilt u dat ik die lekkage ga verhelpen mevrouw?" Ik voelde mij licht in mijn hoofd worden, hij bespeelde mij meer dan ik ooit was bespeeld, zelfs niet door mijn man. Hij duwde harder, het handvat kwam tussen mijn schaamlippen en ik slaakte een kreuntje..."alstublieft, doe u wat nodig is op het te stoppen." Het was een spel tussen hem, mij en zijn schroevendraaier. "Draait uw zich maar om, voorzichtig, zodat u niet valt, en leunt u maar voorover met uw handen op de vensterbank." Ik deed onwennig en bloednerveus wat hij mij vroeg en boog voorover. Zijn grove werkhanden trokken mijn slip omlaag tot halverwege mijn bovenbenen. Daar kwam dat handvat weer draaiend gleed hij tussen mijn schaamlippen, ik was nat, drijfnat en hij drukte door, verder, dieper en ik zuchtte en ademde sneller. Toen was hij binnen, en mijn schaamlippen leken zich weer te sluiten, alsof ze hem niet wilden laten gaan voordat hij zijn werk had gedaan.

Hij begon te bewegen, in uit, in een rustig tempo...ik voelde...ik werd…ik had …sex met een schroevendraaier. Godverd...ik kon mijn kreuntjes niet inhouden, hij ging steeds dieper, steeds iets sneller...ik ving het op...ik pareerde de stoten die hij maakte. Ik dacht niet meer na, nergens meer over en ik wilde maar een ding...mijn orgasme krijgen...het orgasme dat ik al aan voelde komen razen diep uit mijn schoot. Hij voelde het ook, hij ging sneller, nog iets dieper, raakte mijn baarmoedermond zelfs en ik verbeet dat gevoel maar op dat zelfde moment kwam ik klaar, trillend op mijn benen, leunend op de vensterbank...

Toen hield ik het niet meer en zakte op de grond, kermend van het genot dat ik onderging...jezzusss siste ik en alles draaide in mijn hoofd... ik sloot mijn ogen en hij trok zijn schroevendraaier uit mij en ik gaf nog een stuiptrekking toen hij er daadwerkelijk uit floepte. Ik voelde ineens schaamte, ik draaide mij om, zag zijn gezicht trok onhandig en beschaamd mijn slip en daarna mijn pantalon omhoog en beende wankelend weg van hem. Mijn god..., wat had ik gedaan, wat had ik hem laten doen...en wat had ik er intens van genoten.

Hij kwam later zeggen dat hij naar huis ging, en ik schrok toen hij de hamer op tafel neerlegde...mocht u zich vervelen vanavond zei hij en liep fluitend mijn huis uit.
Wat vond je van dit verhaal? Geef een cijfer!
5   6   7   8   9   10  
Favoriet
Terug Naar Boven
Mike21617
Sportkledi
Sportkledi (30)
Ben jij iemand die houdt van passie, aandacht en spannende momenten?
🟢 Nu Online
Bekijk Mijn Profiel
Klik hier voor meer...
Klik hier voor meer...
Klik hier voor meer...
Durf jij met oma te flirten?

Algemene Voorwaarden -  Contact -  FAQ
Bezoekers Online: 947 / Copyright 2000 - 2026 Opwindend.Net