77.584 Gratis Sexverhalen
Klik hier voor meer...
A+ - a-

Van Je Vrienden Moet Je Het Hebben - 1

Door: Elite_12

Datum: 27-08-2026 | Cijfer: 9.1 | Gelezen: 2402
Lengte: Lang | Leestijd: 26 minuten | Lezers Online: 10
Trefwoord(en): Feest, Neuken, Vrienden,

Het is een kille winteravond in januari, en door de ramen van de woonkamer ziet Peter de straatlantaarns hun gele gloed werpen over de besneeuwde stoepen van de Haarlemse wijk waar hij en Louise al drie jaar wonen. Binnen is het warm, bijna te warm, van alle lichamen die zich hebben verzameld in de benedenverdieping van hun rijtjeshuis. De verwarming staat op vierentwintig graden, maar de hitte komt vooral van de mensen zelf — de lachsalvo's, de dansende schaduwen, het klinken van de glazen en het knisperen van de houtkachel die Louise speciaal voor deze gelegenheid heeft aangestoken.

Peter staat bij de deur van de keuken, een vers geopend flesje Bavaria in zijn rechterhand. Hij draagt een strak zwart T-shirt dat de contouren van zijn fitnesslichaam benadrukt — de brede schouders, het smalle middel, de lichte V-vorm die onder zijn riem verdwijnt. Zijn blonde haar is kortgeknipt, militair strak, een stijl die hij heeft overgenomen van zijn werk als loodgieter: praktisch, onderhoudsarm, maar op een of andere manier altijd presentabel. Zijn linkerhand rust in zijn zak, duim langs de naad van zijn spijkerbroek, terwijl zijn ogen over de menigte dwalen.

Het is geen barbecue, niet in deze kou. In plaats daarvan heeft Louise een uitgebreid buffet aan hapjes verzorgd — carpacciorolletjes, bruschetta's, kleine kommen olijven en noten verspreid over de lage salontafel en de keukenbar. De drank vloeit rijkelijk: rode wijn, witte wijn, gin-tonics in hoge glazen die beslaan van het ijs. Er hangt een geur van parfum en aftershave, van geroosterde knoflook en de zoete onderlaag van de wijn die al uren in de glazen staat.

Louise is ergens in de kamer, dat weet hij. Hij heeft haar stem gehoord — die lach die altijd een octaaf hoger klinkt wanneer ze geflirt wordt, die ondeugende trilling die hij na vijf jaar huwelijk nog steeds herkent als een radiofrequentie die alleen hij kan ontvangen. Ze draagt vanavond een zwarte jurk die strak zit om haar slanke lichaam, de halslijn laag genoeg om haar mooie borsten te verraden zonder precies te tonen. Haar blonde haar, meestal in die vlecht die over haar rechterschouder hangt, contrasteert scherp met het donker van de stof. De zijkant van haar hoofd is kortgeschoren, een keuze die ze vorig jaar heeft gemaakt en die Peter elke keer weer verrast wanneer hij haar vanuit een onverwachte hoek ziet — het onthult de elegantie van haar schedel, de tederheid van haar slapen.

Hij ziet haar nu, bij de houtkachel. Ze staat met haar rug half naar hem toe, een been iets voor het andere, die houding die ze altijd aanneemt wanneer iemand haar aandacht heeft gevangen. Tegenover haar staat Jaap, en Peter voelt iets in zijn borstkas trekken — niet jaloezie, niet eens verrassing, maar een soort herkenning, zoals je een oud lied herkent van de eerste paar noten.

Jaap is zevenentwintig, net als hijzelf, en ze kennen elkaar van de sportschool waar Peter drie keer per week zijn rondje trekt. Hij is groot, donkergekleurd lichaam, donkerharig, met die vriendelijke ogen die altijd iets te lang op je blijven rusten. Nu rusten ze op Louise, en Peter ziet hoe haar hand even naar haar hals fladdert, hoe haar hoofd een fractie naar links kantelt wanneer Jaap iets zegt dat dicht bij haar oor moet zijn gekomen.

Peter neemt een slok bier. Het is koud en bitter en doet niets aan de warmte die in zijn buik begint te borrelen.

Hij kent dit patroon. Het is een patroon dat hij zelf heeft helpen creëren, deze open structuur van flirt en verleiding die onder de oppervlakte van hun huwelijk stroomt als een ondergrondse rivier. Louise gaat vreemd. Hij gaat vreemd. Het is geen geheim tussen hen, maar ook nooit expliciet besproken — een soort wederzijds stilzwijgend begrip dat zich heeft gevormd in de ruimte tussen hun woorden, in de blikken die ze uitwisselen wanneer een van hen 's nachts thuiskomt met de geur van iemand anders nog in hun huid.

Hij heeft haar gezien, die andere keren. Op zomerfeesten in hun tuin, wanneer de barbecue tot as is verbrand. Hij ziet haar verdwijnen met een van zijn vrienden, hoort haar stem door open slaapkamerraampjes kreunen, soms volgt hij haar en kijkt door een kier avn de slaapkamerdeur, die hij nog steeds moet repareren, de deur valt telkens uit het slot, zodat er een kijkkier ontstaat. En dan ziet hij haar met een van zijn vrienden neuken op hun bed, maar hij durft haar niet te confronteren, hij wil haar niet kwijt, zijn Liefde van zijn Leven, ze zijn niet voor niets getrouwd. En hij heeft zelf ook vaak fout gehandeld, wanneer tijdens zijn werk de vrouw des huizes hem een glimlach toewierp en een deur openliet die normaal gesloten zou blijven. Hij is loodgieter, ten slotte. Het controleren van leidingen is zijn vak. Het doorblazen ervan, soms letterlijk.

Maar vanavond voelt het anders. Vanavond staat hij alleen bij de keukendeur, en de warmte in zijn buik verspreidt zich naar zijn lies, een herkenbaar signaal dat zijn lichaam gereed maakt voor iets dat zijn geest nog niet heeft geformuleerd.

"Peter."

De stem komt van rechts, een lage, warme klank die door het geroezemoe heen snijdt als een mes door zachte boter. Hij draait zijn hoofd en ziet haar — Dorothy, een van Louise's vriendinnen uit het modellenwereldje waar zijn vrouw zich in beweegt. Ze is vierentwintig, schat hij, hoewel ze er jonger uitziet door de volheid van haar gezicht, de ongereptheid van haar huid. Haar haar is zwart en krullend, een wilde kroes die om haar hoofd golft als een donkere halo. Ze draagt een jurk die groen is, of misschien blauw — de kleur verandert wanneer ze beweegt, een soort iriserende stof die haar rondingen vangt en weer loslaat.

"Hey," zegt hij, en zijn stem klinkt ruwer dan hij bedoelt, alsof hij de afgelopen uren niet heeft gesproken.

"Je staat hier al een tijdje alleen," zegt ze, en haar lippen — vol, donker, licht glanzend van iets wat ze erop heeft gesmeerd — vormen een glimlach die niet helemaal reikt tot haar ogen. Die ogen zijn bruin, bijna zwart in dit licht, en ze kijken hem aan met een directheid die hem aan het schrikken maakt. "Louise is druk bezig, zie ik." Fluistert ze in zijn oor.

Ze knikt in de richting van de houtkachel, waar Jaap nu dichter bij Louise staat, zijn hand op haar onderarm terwijl hij iets in haar oor fluistert. Peter ziet hoe Louise lacht, dat openmondse lachen dat haar tanden toont en haar ogen tot spleetjes maakt.

"Ja," zegt Peter. "Ze is altijd druk bezig op feestjes."

"Jij niet?"

Hij haalt zijn schouders op. "Ik ben meer van het observeren."

Dorothy komt een stap dichterbij, en hij ruikt haar parfum — iets met vanille en iets anders, iets houtachtig, rook en zoetheid tegelijk. Het is een geur die zich in zijn neusgaten nestelt en weigert te vertrekken.

"Ik ook," zegt ze. "Observeren. Maar soms word je moe van alleen maar kijken. Soms wil je..." Ze laat de zin onafgemaakt, haar ogen op zijn mond gericht, alsof ze daar het antwoord verwacht te vinden.

Er klinkt een kreet vanuit de woonkamer — iemand heeft iets laten vallen, een lachbui volgt — en Peter gebruikt het om zijn blik af te wenden, om een slok bier te nemen die langer duurt dan nodig. Wanneer hij weer opkijkt, staat Dorothy nog steeds daar, nog steeds dichterbij dan voorheen, en haar hand rust licht op zijn onderarm, daar waar zijn shirt ophoudt en zijn huid begint.

"De keuken," zegt ze, en het is geen vraag. "Ik moet iets pakken. Loop je mee?"

Hij loopt met haar mee.

De keuken is een chaos van schalen en flessen, van lege ruimtes waar eerder hapjes stonden. Iemand heeft een fles wijn omgestoten, en er ligt een donkere vlek op het houten aanrecht die niemand heeft schoongemaakt. Dorothy loopt erlangs alsof ze het niet ziet, opent een kast, pakt een schaal die leeg is, en draait zich naar hem om.

"Bijkeuken," zegt ze. "Rustiger."

De bijkeuken is inderdaad rustiger, een kleine ruimte met wasmachine en droger, een rek met schoonmaakspullen, een raam dat uitkijkt op de donkere tuin. Het licht is hier feller, een enkele tl-buis die een bleekwitte gloed werpt over alles wat erin staat. Dorothy zet de schaal op de wasmachine en draait zich om, en dan gebeurt het — dan is ze plotseling dichtbij, heel dichtbij, haar borsten tegen zijn borstkas, haar handen op zijn middel, haar mond op de zijne.

De kus is niet zacht. Het is geen verkennende kus, geen voorzichtige introductie. Haar tong dringt zijn mond binnen, vult hem met de smaak van wijn en iets kruidigs, en haar handen trekken zijn shirt omhoog, zoeken de warmte van zijn huid. Peter reageert automatisch, zijn handen op haar heupen, zijn lichaam naar voren gedrukt tegen het hare, en dan voelt hij haar hand tussen zijn benen, haar vingers die de stof van zijn spijkerbroek strak trekken om de vorm die daaronder groeit.

"O," zegt ze, en het is geen verrassing, maar een constatering, een tevredenheid die in haar stem trilt. "Groot," fluistert ze in zijn oor, haar adem heet en vochtig tegen zijn trommelvlies. "Ik wil je diep in me voelen."

Het zijn woorden die hem zouden moeten schokken, misschien. Woorden die grenzen overschrijden, die te snel komen, te direct zijn. Maar zijn lichaam reageert alleen maar heftiger, zijn pik die nu volledig stijf is tegen haar handpalm, en hij hoort zichzelf iets zeggen — een geluid, een bevestiging, een toestemming die geen woorden nodig heeft.

Ze grijpt zijn hand, trekt hem mee, en dan zijn ze terug in de gang, de trap op, haar kont die onder haar jurk heen en weer schudt terwijl ze voor hem uit loopt. Bovenaan de trap horen ze het — het gekraak van veren, het ritmische bonken van een bed tegen een muur, het onderdrukte gekreun dat door de gesloten deur van hun slaapkamer sijpelt.

Peter stopt even, zijn hand op de leuning. Hij kent dat geluid. Het is Louise, dat weet hij, het is haar stem vervormd door lust, haar gebruikelijke stilte gebroken in stukjes en flarden. Jaap is stil, of misschien mompelt hij dingen die niet door de deur heen komen, maar het ritme is duidelijk — het tempo van twee lichamen die elkaar vinden en verliezen en weer vinden.

Dorothy draait zich om op de overloop. Ze glimlacht, een half verwrongen trekken van haar mond die iets weet en hem daarvan deelgenoot maakt. "Kom," zegt ze zacht, en hij trekt haar mee naar de logeerkamer.

De logeerkamer is eenvoudig, bijna kaal vergeleken met hun eigen slaapkamer. Een tweepersoonsbed met een witte sprei, een nachtkastje met een lamp die ze niet aandoet, een raam met gesloten gordijnen. Maar het bed is opgemaakt, de lakens fris, alsof Louise heeft voorzien dat ze bezoek zou krijgen — of alsof dit niet de eerste keer is dat deze kamer wordt gebruikt voor iets anders dan logeren.

Ze kussen elkaar weer, staand naast het bed, en nu is er tijd, nu is er ruimte, en hun handen worden langzamer, nieuwsgieriger. Dorothy trekt zijn shirt over zijn hoofd, en hij staat naakt vanaf zijn middel, zijn borstkas die op en neer gaat van zijn ademhaling, zijn buik die zich spant wanneer haar vingers eroverheen glijden. Zijn handen vinden de rits van haar jurk, trekken omlaag, en de stof valt van haar schouders als een huid die wordt afgeworpen.

Ze draagt niets eronder. Geen bh, geen slipje — alleen haar huid, donker en glanzend in het licht dat door de kier van de deur naar binnen valt. Peter staart, niet uit verrassing maar uit bewondering, naar de rondingen die hij nu voor zich heeft: de zwaarte van haar borsten met hun donkere tepels, de insnoering van haar middel, de volheid van haar heupen. En tussen haar benen, gladgeschoren, de glinstering van vocht op haar schaamlippen die hij in het halfduister opvangt met het licht wat er is.

"Jij ook," zegt ze, en ze wijst naar zijn broek.

Hij trekt hem uit, zijn boxershort erachteraan, en dan staat hij naakt voor haar, zijn pik die omhoog wijst, dik en lang, de huid eromheen strakgetrokken en glanzend van anticipatie. Ze kijkt ernaar, haar tong die even over haar onderlip glijdt, en dan grijpt ze hem met twee handen — een hand om de basis, de andere die omhoog en omlaag beweegt, die de voorhuid over de eikel trekt en weer teruglaat gaan.

Peter kreunt, een diep geluid uit zijn keel, en zijn hand vindt haar spleetje tussen haar benen, zijn middelvinger die tussen haar gladde schaamlippen glijdt, die nat wordt van haar vocht, die naar binnen dringt in de warmte die daar wacht. Ze is strak, strakker dan hij verwacht had, haar spieren die zich om zijn vinger sluiten alsof ze hem willen vasthouden.

"Bed," hijgt ze, en ze laten elkaar los, vallen samen op het matras, het bed dat kraakt onder hun gewicht — een ander geluid dan het gekraak uit de andere kamer, maar even herkenbaar. Ze ligt op haar rug, haar benen gespreid, en hij positioneert zich tussen haar dijen, zijn pik in zijn hand, de eikel die tegen haar ingang drukt, nat van haar vocht en het voorvocht dat uit hemzelf is gelopen.

"Kijk me aan," zegt ze, en hij doet het, hij kijkt haar aan terwijl hij naar voren drukt, terwijl hij zichzelf in haar laat glijden, cm voor cm, de weerstand die hij voelt en dan het opengaan, het opengaan van haar lichaam voor het zijne.

"Ah..." Het geluid komt uit haar keel, een zucht die eindigt in een trillende klank, en haar ogen rollen even naar achteren voor ze weer naar hem kijken, intens, alsof ze elk moment wil registeren. "Je bent zo... ah... groot..."

Hij is helemaal in haar, zijn heupen tegen haar heupen, zijn ballen die tegen haar kont liggen. Hij wacht, ademt, voelt haar om zich heen pulseren, de kleine bewegingen die haar lichaam maakt om zich aan hem aan te passen. En dan begint hij te bewegen, langzaam eerst, uitrollend, bijna helemaal terugtrekkend voor hij weer naar binnen glijdt, diep, dieper dan waar ze aan gewend lijkt te zijn.

"Ah... ah... ja..." Haar stem is hoger nu, gefragmenteerd, elk woord onderbroken door zijn stoten. "Je pik... ah... is zo... stevig..."

Hij versnelt, zijn handen naast haar hoofd op het bed, zijn ellebogen die buigen en strekken terwijl hij een ritme vindt dat hen beiden meeneemt. De geluiden zijn luid nu — het natte klappende geluid van hun lichamen die elkaar bij elke stoot raken, het piepen van de veren, hun ademhaling die samenvalt en weer uit elkaar valt. Hij ruikt haar, de geur van haar opwinding, zweet en iets zoeters, iets dat hij niet kan benoemen maar die hij zal blijven ruiken aan zijn vingers als dit voorbij is.

"Mijn kutje..." Ze hijgt het, haar handen op zijn rug, haar nagels die in zijn huid drukken. "...wordt zo... ah... diep... geneukt... door je... stevige pik..."

Hij groeit harder, groter in haar, als reactie op haar woorden, op de beelden die ze oproept. Hij kijkt naar beneden, naar waar ze verbonden zijn, naar het donkere van haar huid tegen het lichte van zijn buik, naar de glinstering van vocht op zijn blanke penis wanneer hij terugtrekt. Het is een beeld dat hem bijna doet komen, maar hij houdt zich in, concentreert zich op haar, op de manier waarop haar mond opengaat, haar tong die over haar tanden glijdt.

"Harder," fluistert ze, en hij gehoorzaamt, zijn heupen die nu echt slaan tegen de hare, diep, snel, een tempo dat geen ruimte meer laat voor woorden. Ze kreunt, een continu geluid dat stijgt en daalt met zijn stoten, en haar handen grijpen zijn kont, trekken hem dichterbij, alsof hij nog dieper kan, alsof er nog een laag is die hij niet heeft bereikt.

"Ah... ah... ik..." Ze stottert, haar ogen wijd open, haar hoofd dat naar achteren valt in het kussen. "Ik kom... ah... ah... ik kom..."

Hij voelt het, de verandering in haar, de samentrekkingen die door haar buik trekken en zich omlaag verplaatsen, de manier waarop haar kutje zich om hem heen knijpt, ritmisch, pulserend. Ze schreeuwt het uit, niet onderdrukt, niet voorzichtig — een rauwe klank die door het huis zou kunnen dringen als er niet al zo veel lawaai was. En dan voelt hij het, het warme spuiten tegen zijn bovenbenen, het vocht dat uit haar komt en hen beiden nat maakt, dat de lakens onder hen donker kleurt.

Ze hijgt, trilt, haar handen die nog steeds op zijn kont liggen maar nu slap zijn, vermoeid. Maar hij is nog niet klaar, hij is dichtbij maar nog niet daar, op zijn hoogtepunt, en hij blijft bewegen, langzamer nu, diep, genietend van de manier waarop ze nog steeds om hem heen trekt, van het overschot van haar orgasme.

"Kom in me," fluistert ze, haar stem hees, haar ogen die hem weer vinden. "Ik wil je sperma voelen... diep in me..."

Het zijn de woorden die hem over de rand duwen. Hij versnelt, een laatste reeks stoten die hij niet meer kan controleren, zijn ademhaling die stokt, zijn rug die zich spant. En dan komt hij, een golf van sensatie die uit zijn buik naar zijn pik stroomt en eruit schiet in hete, pulserende stralen die haar vullen, die zich vermengen met haar eigen vocht, die uit haar sijpelen wanneer hij nog steeds beweegt, nog steeds doorduwt, alsof hij elk druppeltje in haar wil achterlaten.

"Ah... ah... god..." Het komt uit hem, ongecontroleerd, en hij laat zich op haar vallen, zijn gewicht op zijn ellebogen, zijn gezicht in haar hals waar hij haar hartslag voelt bonken tegen zijn wang. Ze ruikt naar zout nu, naar seks, naar hen beiden vermengd, en hij blijft liggen, ademend, zwetend, leeg.

De tijd verstrijkt. Hij weet niet hoe lang. Buiten horen ze nog steeds het feest, gedempte geluiden die niets vermoeden van wat hier is gebeurd. In de andere kamer is het stil geworden, of misschien is hij gewend aan het geluid en filtert hij het weg. Hij denkt aan Louise, aan Jaap, aan het feit wat ze waarschijnlijk net hebben gedaan wat hij en Dorothy hebben gedaan, en het geeft hem een gevoel van... niet van jaloezie. Iets anders. Een soort verbondenheid, een opgewonden gevoel avn geilheid, een gedeeld geheim dat hun huwelijk definieert op een manier die niemand buiten hen zou begrijpen.

Dorothy beweegt onder hem, haar hand door zijn haar, en hij tilt zijn hoofd op om naar haar te kijken. Ze glimlacht, diezelfde halve glimlach als eerder, maar nu zachter, verzadigd.

"Je was lekker," zegt ze, en het klinkt als een compliment dat hij aanneemt.

"Jij ook," antwoordt hij, en hij meent het, elke cel van zijn lichaam meent het nog steeds. "Met dat heerlijke lichaam van je."

Ze lacht, een echt geluid nu, niet gefilterd of geforceerd. En dan komt haar gezicht dichterbij, haar mond bij zijn oor, en ze fluistert iets dat zijn hart even doet stilstaan.

"Ik zal eens aan Louise vragen of ik je niet een keer mag lenen. Want dit..." Ze drukt haar heupen tegen de zijne, waar hij nog steeds in haar zit, half slap maar nog steeds aanwezig. "...dit wil ik wel vaker in me voelen."

De woorden trekken door hem heen als koud water. Niet omdat het idee hem afstoot — integendeel, het beeld dat ze oproept, van haar en Louise die over hem praten alsof hij een object is, een tool, een speeltje dat wordt gedeeld, doet iets met hem dat hij niet wil analyseren. Maar omdat het expliciet is. Omdat het het stilzwijgende doorbreekt, het onuitgesproken naar buiten brengt in woorden die niet meer kunnen worden ingetrokken.

Hij weet dat Louise en hij vreemd gaan. Hij weet dat zij het met zijn vrienden doet, dat heeft hij gezien. Maar het is nooit besproken. Het is nooit "mag ik hem lenen" geweest. Het is altijd gebeurd in de schaduwen, in de ruimtes tussen de regels, in het gebied waar geen woorden nodig zijn.

"Bel me," zegt hij, en zijn stem klinkt vreemd in zijn eigen oren, lager, schor. "Rechtstreeks. Bel me maar, wanneer je er tijd voor heb."

Het is geen toestemming. Het is geen weigering. Het is een doorgeefluik, een opening die hij laat vallen in de muur die ze hebben opgebouwd, een erkenning dat er een wereld is waarin dit kan, waarin zij hem kan bellen en hij zal antwoorden, ongeacht wat Louise ervan weet of niet weet.

Dorothy trekt zich onder hem uit, en hij voelt de leegte wanneer hij uit haar glijdt, het natte dat achterblijft op zijn pik en haar dijen. Ze zit op het bed, haar rug naar hem toe, en zoekt iets in de tas die ze heeft meegenomen — een tissue, een doekje, hij ziet het niet. Hij staat op, zoekt zijn kleren, kleedt zich aan met de loomheid die volgt op intensiteit.

Wanneer hij zich omdraait, is ze weer aangekleed, haar jurk die op de een of andere manier weer perfect zit, haar haar dat ze met een hand door heeft gekamd alsof er niets is gebeurd. Alleen haar ogen verraden iets, een glans die er niet was, een zwaarte van oogleden die vermoeidheid en voldoening mengen, haar ogen die glunderen van genot.

"Tot ziens dan," zegt ze, en ze staat op, loopt naar de deur, draait zich nog een keer om. "Bedankt voor de... assistentie."

Hij lacht, een kort geluid, en dan is ze weg, de deur die zachtjes sluit achter haar, de gang die haar voetstappen opvangt en weer vrijgeeft.

Peter blijft alleen achter in de logeerkamer. Hij ruikt haar nog steeds, op zijn huid, in de lucht. Hij hoort het feest beneden, het verheffen van stemmen, het breken van glas. En ergens in dit huis, misschien alweer onder de douche, misschien nog steeds in hun bed, is Louise, zijn vrouw, degene met wie hij dit leven deelt in al zijn complicaties, volgespoten en bevredigd.

Hij trekt zijn shirt recht, loopt naar het raam, trekt de gordijnen een stukje open. Buiten is het stil, de sneeuw die onverstoord blijft liggen op de daken van de buren. Hij denkt aan Dorothy's woorden, aan de belofte die geen belofte was, aan het risico van wat ze hebben gedaan en wat ze misschien nog zullen doen.

En dan, omdat hij niets anders kan, omdat dit zijn leven is en hij heeft geleerd erin te bewegen, opent hij de deur van de logeerkamer en loopt de trap af, terug naar het feest, terug naar de warmte en het lawaai en de mensen die niets weten.

Hij is Peter, achtentwintig, loodgieter. Hij controleert leidingen. Hij blaast ze door wanneer nodig. En vanavond, zoals zovele avonden, is hij iets meer dan dat — iets minder gedefinieerd, iets opener, iets dat zich laat leiden door handen die grijpen en monden die fluisteren in het donker.

De toekomst is ongewis. Maar de telefoon zal trillen. Dat weet hij zo zeker als hij zijn eigen naam kent. En hij zal opnemen. Dat weet hij ook.

Voor nu is er het feest. Voor nu is er het moment. En ergens in dit huis, in een ander bed, in een andere kamer, is Louise, en ze is van hem, en hij is van haar, en dat is genoeg, dat is alles, dat is de enige waarheid die telt in de wirwar van lichamen en begeerte die hun leven is geworden.

Louise is en blijft ten aller tijden zijn grote liefde, die liefde die alles kan doorstaan, ook overspel.

Hij stapt de woonkamer binnen. Iemand roept zijn naam. Hij glimlacht, heft zijn glas, en drinkt.

Dan is ook Louise daar onder de gasten, en Jaap staat al in de hoek bij zijn vrienden te praten, misschien heeft hij het wel over het heerlijke lichaam van Louise, want Peter weet dat sommige van zijn vrienden al het bed hebben gedeeld met zijn vrouw Louise, maar dat is een onderdeel geworden van hun leven.

Van je vrienden moet je het hebben, op naar het volgende feestje.
Wat vond je van dit verhaal? Geef een cijfer!
5   6   7   8   9   10  
Favoriet
Terug Naar Boven
Elite_12
Browdy
Browdy (30)
Zoek jij een vrouw die geniet van uitdagende gesprekken en verleiding?
🟢 Nu Online
Bekijk Mijn Profiel

Nog niet uitgelezen?

Klik hier voor meer...
Klik hier voor meer...
Klik hier voor meer...
Durf jij met oma te flirten?

Algemene Voorwaarden -  Contact -  FAQ
Bezoekers Online: 783 / Copyright 2000 - 2026 Opwindend.Net