
Inleiding: De Tour de France is altijd groot nieuws net als nu. De Tour doet me iedere keer terugdenken aan mijn eigen ‘Tour’, toen in 2021. Ik had herkansingen voor mijn HAVO-4 examens omdat vanwege corona alles anders liep. Dat betekende wel dat ik niet met Pa en Ma plus broertje en zusje mee op reis kan naar ‘onze’ naturistencamping in Zuid-Frankrijk, waar we altijd naartoe gaan. Dus moet ik ze nareizen met de trein. Of in ieder geval..., dat zou ik moeten…, als ik die trein maar niet gemist had en ‘ja’-gezegd had tegen de aangeboden lift van Dieter en later, zijn vriend Alexander (fitnessclub eigenaar) erbij.…
Het is zaterdag 14-augustus en ik ben nog steeds op het superjacht van een steenrijke, Arabische Emir, de ‘Prickly Pear’. Die Emir had me net op het dek, samen met een Zweedse schoonheid, flink te grazen genomen en hij was nu, geholpen door zijn 2 vertrouwelingen (zijn Consigliere en Theesommelier) naar zijn privé-vertrekken gebracht. De dame en ik liggen hijgend en zwetend langs, tegen elkaar op de goudkleurige kussens. Als ik op adem ben wil ik haar wat vragen, maar zo ver komt het niet. Vier, in keurige witte pakken geklede bemanningsleden komen op me af en tillen me op bij armen en benen. De dame ‘zwaait’ naar me op een gemene manier en ik weet als snel waarom. ik word opnieuw, volkomen naakt aan mijn armen omhoog gehesen met een elektrische lier in de inpandige loods van het superjacht. Net als de vorige nacht kan ik nog maar net op mijn tenen blijven staan terwijl met mijn benen, met een metalen spreidstang tussen mijn enkels, ver uiteen staan.
Het moet half negen, negen uur zijn of zo, want de zon gaat bijna helemaal onder. Ik krijg nog net een blik Red Bull naar binnen geschonken door een grote, dikke man als het echt donker wordt. Ik ben heel zwak verlicht door de industriële, rood-schijnende led-klok tegen de metalen wand achter me, een zachte, wit-schijnende lamp voor de metalen trap naast me en erg hoog boven me, een traag ronddraaiend wit zwaailicht, vanaf de hoogste mast.
Ik ben moe, uitgeleefd, uitgewoond door hetgeen ze me ook vandaag weer aangedaan hebben. Ja, ik ben ook klaargekomen, heb intense orgasmes gehad maar dat betekend nog niet dat je het fijn vind.
Ook deze nacht duurt het niet lang. Ze komen weer, ik voel handen over mijn lijf glijden, meer als zes…, overal…, strelen…, zachtjes knijpen. Niet alleen mijn slappe pik en gevoelige ballen maar ook mijn schouders, maag, armen en benen. En weer dat gefluister in gebroken Engels. Mannen en vrouwen, allemaal welriekend naar dure parfums zoals amber, roos en kruiden. Ze worden steeds opdringeriger en blijkbaar wisten ze waarom de Emir zo gek op me was en wat hij met me gedaan had. O-God ja!... ze weten het..
Ik voel een eerste vinger naar binnen gaan, dunne vinger en maar een klein stukje…, 2..3 centimeter of zo…, en dan stopt, precies stopt op mijn P-spot…, dan kromt…, tot de scherpe nagel ervan over dat supergevoelige, ribbelige stukje geribbelde huid, een beetje als een walnoot, krast. Het is onvermijdelijk, helemaal als dan ook nog mijn lul beetgepakt wordt en aftrekkend in een hongerige mond wordt gestoken. Andere handen kenden mijn ballen, los van elkaar. Knijpend, trekkend, wegend. Ik kan geen kant op, probeer te draaien met onderlijf en heupen maar het heeft gen zin, ze zijn met veel. Heel veel. Vanavond echter zijn zegewiekster als vorige nacht. In plaats van me wreed en onverbiddelijk keer op keer aftrekken tot een spuitend orgasme, ‘edgen’ ze me nu. Keer op keer als ik ook maar een eerste teken van een orgasme-spasme krijg…, laten ze me los! ik word gek!
Geen idee hoe lang ze dit doen. Ik ben ver heen als ik ‘wakker’ wordt van de piepende lier en ik voel dat ik omlaag zak. Eert mijn voeten plat op de grond en dan verder. Ik sta te tollen op mijn benen, maar handen duwen me op mijn plaats, mijn schouders worden voorover op de opblaasbare drijver van een banaanboot geduwd, nog steeds met mijn benen wijd uiteen door de spreadstang tussen mijn enkels. Ook worden nu mijn polsen ver naar voor getrokken en met van die snijdende, plastic ‘Tie-wraps’ vastgemaakt aan hendels van de bananenboot. Ik kan opnieuw geen kant op maar ik besef dat ik nu wel in een hele specifieke positie sta…, zouden ze? Nou dat bleek geen vraag. Ik voel en zien hoe een dame onder me gaat zitten, met haar rug tegen de bananenboot en haar handen en mond naar mijn pik en ballen. Ze is nog maar amper bezig als ik de eerste gladde pik voel die in mijn aars wordt geschoven. Gelukkig goed glad en niet groot…, maar toch.. in 1 lange haal er helemaal in. En deze keer blijft het dus niet bij ‘edgen’ o-nee…, De dame pijpt me in hetzelfde ritme als waarmee de man achter me neukt en dus blijft het niet lang uit…, ik kom klaar. En-ja, of het nu een adellijke Emir is, of Filipijns bemanningslid, een man is een man en dus komt ook hij klaar als mijn orgastisch, spastische aars zijn pik afknijpt, masseert.
Ik denk niet dat het nog nodig te vertellen dat het hier niet bij blijft. De hele nacht door heb ik ‘bezoek’. Ook nadat ik al lang niet meer spuitend, maar enkel nog droog schokkend, trillend, pompend klaarkom. Het gaat ze niet om mij, ik was enkel nog een geil neuk-object wat ze laat klaarkomen. Ik weet me nog te herinneren dat ook de Consigliere en Theesommelier langskomen. Naast de reacties van de bemanning, kan ik het ook direct voelen. Een Arabische lul is nu eenmaal groter als een Filipijnse… En daarbij…, dat ik nu enkel nog droog klaarkom betekend dan ook dat ik volledig afgeschreven ben en het is dan ook dat tweetal die besluiten dat ik weg moet, niet langer meer geschikt ben voor de Emir. Maar dat besluiten ze pas de volgende vroege ochtend om een uur of zes… als er ook geen man meer was die het nog kan, al zijn er ook die dit gewoonweg niet met me willen doen. Ik ben die zondagochtend, 15 augustus uitgewoond en dus afgeschreven voor de Emir.
En ik.., ik was blij toe.
Bij het eerste ochtendlicht maken ze me los en word ik tussen twee man in naar dezelfde moderne, luxe tender gebracht als waarmee ik vrijdagavond als ‘cadeau’ was aangekomen. Ik ben kapot, staar zwijgend naar het embleem op de bood (4 strak gestileerde palmbomen als toegang tot een oase, waar een kameel uit de bron drinkt) en als we in de haven aanleggen, staan daar Dieter en Alexander op ons te wachten. Ik ben nog steeds naakt, ongewassen en zal vreselijk stinken… bedenk ik me, terwijl ze me overnemen van de bemanning. Voordat die weer weg mogen bestuderen ze me uitvoerig en concluderen dat ik geen ‘blijvende schade’ heb opgelopen en slaan dan pas een hele grote handdoek om me heen. Terwijl we naar de auto lopen verteld de grote klok van ‘Port de Cap d’Ail-Monaco’ dat het 7:18 is.
Alhoewel lopen…, iedere stap doet pijn, laat me duizelen en het duurt dan ook lang voordat we bij de Renault Traffic zijn. Dieter opent een van de twee achterdeuren van de bus en Alexander duwt me erin. Met een knal wordt de deur dichtgegooid en ik besef dan dat ik ook door hun afgeschreven ben. Wat nu?
In ieder geval gaan ze rijden. Ik heb geen idee waarnaartoe en als ik aan de donkere achterbak gewend ben zie ik mijn rugzak. Alles zit erin, ook mijn telefoon. Met die als zaklamp check ik mijn rugzak. Vind ook mijn kleren, maar vind mezelf te vies om ook maar iets aan te doen. Ook vind ik een enveloppe. Ik vergeet het nooit meer; Als ik hem open maak vind ik een dik pak geld, zoveel heb ik nog nooit gezien. Ik ben te suf om te tellen, maar achteraf blijkt dat ruim 22.000 Euro te zijn, in alle verschillende briefjes, waarvan ook 1 biljet van 500 Euro, wat ik nooit nog nooit eerder gezien had. We maken veel bochten, ik moet me stevig schrap zetten, maar als de bus na een half uur of zo stopt, hoor ik beide mannen uitstappen. De vrachtdeur gaat open. ‘A-Ha…, je hebt je geld gevonden…, 35% weet je nog van toen daar in de fitnessclub van Alexander, toen, 2 augustus?’ En ja, dat herinner ik me nog…, dat was alweer 2 weken geleden of zo…
‘Kom’, zegt hij. Ik stap uit en we staan op een weg, een smalle weg die uitkomt op een veel bredere, die een tunnel in gaat. ‘Tunnel du Cap-Estel’ staat op het stenen tableau van de tunnel, midden boven de weg. Dan haalt Alexander een enveloppe uit zijn broekzak en geeft hem aan mij, ‘van de Emir…, het is meer dan verwacht…, je hebt wel wat meegemaakt geloof ik?!’, klikt het bewonderend. Nog voordat ik die goed en wel in handen heb, kwakt Dieter mijn rugzak voor me op de grond. ‘Dan wijst hij naar de bus, ‘Daarachter kun je je wassen’. Vreemd, denk ik terwijl ik de rugzak oppakt en om de bus heen loop sta ik voor zo’n rommelig wegenonderhoud, steunpunt en zie allerlei troep achter grote, open ijzeren hekken staan zoals dranghekken, knaloranje pionnen een hoge berg grind, en… maar dan hoor ik de bus wegrijden. Weg. Tegelijkertijd hoor ik ook een trein achter me, aan de zeekant van de weg, langs suizen. Maar ik zie die niet, blijkbaar is de spoorlijn lager.
OK, daar sta ik dan…, het duurt even, ik ben nog steeds erg traag…, maar ik zal me toch aan moeten kleden…, eerst maar van de weg af dus loop ik naar het steunpunt. De grote, open hekken zijn niet op slot of zo, ik schuif zo’n ding weg en loop door, wil me verbergen achter die hoge berg grind. En daar zie ik het: Een grote, vergeelde watercontainer op een plastic kunststof pallet op zo’n 2…3 meter hoge stalen poten waaruit een zwarte, dikke slang hangt, met zo’n zware, stalen kraan eraan. Water! Ik zet mijn rugzak ver opzij, til het zware ding op en hijg naar lucht als het koude water over me heen stroomt. Heerlijk. Ik heb geen zeep of zo, maar wissel keer op keer van hand. Ik heb geen idee hoe lang ik daar sta te ‘douchen’ maar kom weer helemaal bij. Het is uiteindelijk ook niet koud, ik sta in de zon, het is 22 graden of zo, dus ben ik best wel snel weer opgedroogd terwijl ik op een steen zit. Er komt amper verkeer voorbij, al helemaal niet op de smalle kustweg maar wel in en uit de tunnel, om de hoek. Ik zie het niet. Via ‘Maps’ op mijn telefoon weet ik waar ik ben en ook dat op een paar honderd meten lopen een hotel (‘Hôtel Cap-Estel‘) zit. Ik kleed me aan en loop er langzaam naar toe.
De baliemedewerker is verbaasd als hij me binnen ziet lopen. Zal ook wel, een jongeman van amper 17 in een korte, gerafelde, skinny jeans en mouwloos T-shirt en enkel een rugzak. Hij is nog meer verbaasd als ik hem in mijn beste Frans vraag of hij een taxi kan regelen van hieruit naar de (Naturisten) Camping ‘Origan Village’ in ‘Puget Theniers’. Maar hij doet het, ik geef hem 10 Euro fooi voor de moeite wanneer een zwarte Mercedes arriveert. De chauffeur is ook verbaasd, maar rijdt perfect terwijl ik in de airco en op de ruime, zachte achterbank in slaap val. Het zal wel, de rit kost me ruim 200 Euro maar wat geeft het, ik heb bijna 35.000 Euro verdient in net geen twee weken!
(In dit waargebeurde verhaal zijn alle namen, behalve die van mijzelf, veranderd)



