77.307 Gratis Sexverhalen
Klik hier voor meer...
A+ - a-

Het Deftige Dagboek - 2

Door: Mike21617

Datum: 17-08-2026 | Cijfer: 8.8 | Gelezen: 467
Lengte: Lang | Leestijd: 26 minuten | Lezers Online: 10
Trefwoord(en): Dagboek,

Vervolg op: Het Deftige Dagboek - 1

10 december

Ik heb vandaag mijn oude dagboek teruggelezen. Wat een stijve trut was ik. „Ongepast.” „Onwaardig.” „Fatsoenlijke vrouwen doen dit niet.” Mijn hemel, ik zou die vrouw nu bijna uitlachen. Ze dacht dat ze alles onder controle had. Dat verlangen iets was wat je gewoon kon wegdrukken als je maar genoeg discipline had.

Nou, mooi niet. Ik ben nog steeds Clara van der Velde en ik draag nog steeds mijn parels. Ik drink nog steeds thee uit porselein. Ik zit nog steeds rechtop aan tafel. Maar in mijn hoofd is het een stuk minder netjes geworden. En eerlijk gezegd? Ik vind dat heerlijk.

11 december

Ik heb vandaag voor het eerst niet geprobeerd mijn gedachten netjes te formuleren. Wat een opluchting, ik denk aan seks. Ik wil seks. Soms ben ik er gewoon verschrikkelijk geil van. Zie je wel? Het woord staat er.

En ik ga het niet meer doorstrepen. Ik ben niet ineens een ander mens geworden. Ik ben blijkbaar altijd al een vrouw geweest met verlangens. Ik heb ze alleen jarenlang verstopt onder goede manieren, dure jurken en een hoop onzin over wat een „deftige vrouw” hoort te zijn. Wat kan het me eigenlijk nog schelen?

13 december

Ik merk dat ik anders naar mezelf kijk. Brutaler. Dat klinkt bijna belachelijk maar het is waar. Ik loop door mijn huis en denk soms: Niemand hier weet wat er in mijn hoofd omgaat. Dat geeft me een vreemd soort macht. Mijn man ziet zijn keurige echtgenote, mijn vriendinnen zien Clara. Iedereen ziet dezelfde vrouw. Alleen ik weet dat er onder dat keurige oppervlak een vrouw zit die inmiddels zonder moeite woorden opschrijft waarvoor ze vroeger haar wenkbrauwen zou hebben opgetrokken. En misschien is dat mijn favoriete geheim geworden.

15 december

Ik ben niet meer op zoek naar de oude Clara. Die vrouw mag van mij wegblijven, ik wil weten wie deze nieuwe Clara is. Hoe ver haar nieuwsgierigheid gaat, hoeveel schaamte ze nog overhoudt. Hoe brutaal ze durft te worden. Want ik begin te vermoeden dat dit helemaal geen tijdelijke afwijking is. Misschien ben ik gewoon eindelijk gestopt met liegen. En morgen? Morgen schrijf ik op wat ik werkelijk wil. Zonder nette woorden. Zonder excuses. Eens kijken of ik dat durf.

17 december

Ik heb het gedaan. Ik heb vanmorgen mijn parels omgedaan, mijn haar laten opsteken en tegenover de wereld weer keurig Clara van der Velde gespeeld. Maar onder die jurk zat dezelfde vrouw als gisteravond. En ik glimlachte erom. Dat is nieuw, vroeger zou ik me hebben geschaamd. Nu denk ik alleen maar: jullie hebben geen idee.

18 december

Mijn taal is echt veranderd. Ik merk het wanneer ik schrijf, vroeger zou ik zeggen: ik ervaar een zekere onrust. Nu schrijf ik: Ik ben verdomme opgewonden. Veel eerlijker, veel lelijker en veel lekkerder om op te schrijven. Ik begin zelfs plezier te krijgen in woorden die ik vroeger ordinair vond. Misschien zit daar precies mijn bevrijding. Niet langer proberen om mijn gevoelens mooier te maken dan ze zijn.

20 december

Ik heb mezelf vandaag betrapt op een glimlach terwijl ik aan mijn eigen geheim dacht. Geen schaamte.Geen paniek. Gewoon plezier. Ik dacht: Dit ben ik dus ook. Die gedachte voelt inmiddels niet meer als een bekentenis. Ze voelt als een overwinning.

22 december

Vanavond zat ik aan tafel met drie mensen die mij al dertig jaar kennen. Ze spraken over relaties, ik zei nauwelijks iets. Maar ondertussen dacht ik dingen die absoluut niet bij het beeld passen dat ze van mij hebben. Ik moest bijna lachen. Bijna. Want ineens begreep ik iets: Mijn keurigheid is niet verdwenen, ik heb er alleen iets onder ontdekt. En misschien maakt juist die tegenstelling het zo spannend. De deftige Clara zit nog steeds aan tafel, maar de andere Clara zit inmiddels ergens veel dichter onder de oppervlakte. En die houdt haar mond steeds minder vaak.

24 december

Ik geloof dat ik mijn oude ik inmiddels behoorlijk zat ben. Wat een verdomde muts was dat. Altijd maar denken aan wat „men” zou vinden. Wat mijn moeder zou zeggen. Wat mijn schoonfamilie zou fluisteren achter de sherry. Nou, laat ze maar fluisteren. Als ze dit boek ooit zouden lezen, zouden ze waarschijnlijk ter plekke flauwvallen. Clara van der Velde, met haar parels, met haar dubbele achternaam, met haar keurige huwelijk.

En ondertussen schrijft ze woorden op waar haar moeder haar vroeger een draai om de oren voor had gegeven. Godverdomme, wat voelt dat bevrijdend.

26 december

Ik ga niet meer om de hete brij heen draaien. Ik heb zin, ik heb verdomme gewoon zin. Niet in een gesprek. Niet in een kop thee. Niet in nog meer keurige afstand. Ik verlang. Daar heb je het, ik schrijf het nu zonder dat mijn hand trilt. En weet je wat het ergste is? Ik vind het helemaal niet meer erg dat ik dit voel. Sterker nog. Soms zit ik hier en moet ik lachen omdat ik me voorstel hoe geschokt iedereen zou zijn als ze wisten wat er allemaal door mijn hoofd gaat. De keurige Clara. Ha.

28 december

Mijn gedachten worden brutaler. Dat merk ik, ik probeer ze niet meer meteen weg te duwen. Ik laat ze komen. Soms denk ik daarna: mens, wat zit je toch een hoop onzin te verzinnen. En dan denk ik: nou en? Ik heb bijna vijftig jaar lang gedaan alsof ik boven zulke dingen stond, misschien ben ik gewoon een vrouw met verlangens. Misschien ben ik soms gewoon verdomd geil. Ja, daar staat het weer. En deze keer schrijf ik het zonder rood te worden.

30 december

Vandaag stond ik in de keuken terwijl mijn schoonzus vertelde over een liefdadigheidscommissie. Ik knikte, ik glimlachte, ik zei precies de juiste dingen. En ondertussen dacht ik: Als jij eens wist. Ik moest bijna in mijn wijn stikken. Wat een heerlijk gevoel. Niet omdat ik iets verkeerd doe, maar omdat ik eindelijk een deel van mezelf heb dat alleen van mij is. Geen familie, geen etiquette, geen regels. Alleen ik.

1 januari[/b]

Een nieuw jaar. Vroeger zou ik goede voornemens hebben opgeschreven, dit jaar niet. Ik heb maar één voornemen. Niet meer liegen tegen mezelf. Als ik verlang, dan verlang ik. Als ik opgewonden ben, dan ben ik dat. Als ik gedachten heb die mijn deftige familie onfatsoenlijk zou vinden, dan zijn dat mijn gedachten. Punt. Ik hoef ze niet mooier te maken, ik hoef mezelf niet kleiner te maken. En misschien is dat wel de grootste verandering. Ik ben niet langer bang dat ik minder deftig ben dan iedereen denkt. Ik begin het juist grappig te vinden. Want morgen zit ik weer aan tafel, met mijn parels, met mijn keurige stem. En niemand zal vermoeden dat Clara van der Velde allang niet meer de vrouw is die ze denken te kennen. En eerlijk gezegd? Ik kan bijna niet wachten om te ontdekken wat die vrouw morgen weer durft op te schrijven.

4 januari

Ik herken mezelf nauwelijks meer. Dat klinkt dramatisch, maar het is waar. Vanmiddag zat ik in mijn keurige blauwe mantelpak bij een vergadering van het fonds. Mijn haar perfect. Parels om. Rug recht. Glimlach op de juiste momenten. En ondertussen had ik gedachten waar mijn moeder zich waarschijnlijk drie keer voor zou hebben verslikt. Ik moest er bijna om lachen. De vrouw die iedereen ziet bestaat nog, maar ze is niet meer de hele Clara.

6 januari

Ik schrijf tegenwoordig veel vrijer. Ik denk dat ik het zelfs lekker vind om woorden op papier te zetten die ik vroeger niet eens kon uitspreken. Geil. Lust. Seks. Neuken. Daar, het staat er. Ik heb het woord drie keer gelezen en er gebeurde niets verschrikkelijks. Ik ben nog steeds hier., nog steeds Clara. Alleen veel minder braaf. En hoe vaker ik het opschrijf, hoe minder vulgair het voelt. Sterker nog: ik begin plezier te krijgen in het schokeffect van mijn eigen woorden.

8 januari

Mijn dagboek is inmiddels de enige plek waar ik werkelijk niet netjes hoef te zijn. Hier hoef ik niet te glimlachen. Hier hoef ik niet te doen alsof bepaalde gedachten mij niets doen. Hier kan ik gewoon toegeven dat ik verlang. Dat ik soms ontzettend opgewonden raak van mijn eigen fantasieën. Dat ik mijn keurige gezicht in de spiegel zie en denk: Jij hebt werkelijk geen idee wat er tegenwoordig in dat hoofd van je omgaat. En dan moet ik lachen. Ik vind die nieuwe Clara leuk, veel leuker dan ik had verwacht.

10 januari

Het vreemdste is dat mijn uiterlijk nauwelijks veranderd is. Dat maakt het juist zo spannend, ik draag nog steeds dezelfde kleding. Dezelfde sieraden, dezelfde parfum. Maar ik weet inmiddels dat mijn keurige buitenkant een toneelstuk is. Een heel goed toneelstuk. Alleen ik ken het script niet meer, en ik geloof dat ik daar steeds meer van geniet. Want iedere keer wanneer ik hier iets schaamteloos opschrijf, voelt het alsof ik een klein stukje van dat oude script verscheur. Nog een stukje, en nog een. Tot er misschien alleen Clara overblijft, niet mevrouw Van der Velde. Niet de deftige echtgenote. Gewoon ik en ik begin me af te vragen hoe ver ik daarin durf te gaan.

12 januari

Hoe ver durf ik te gaan? Dat is de vraag die ik mezelf vanavond heb gesteld en het antwoord bevalt me niet. Want vroeger zou ik hebben gezegd: helemaal nergens. Nu denk ik: verder, nog verder en ik schrik er niet eens meer van. Mijn keurige leven voelt soms bijna als een kostuum dat ik aantrek omdat iedereen dat van me verwacht. En zodra ik alleen ben, trek ik het uit. Niet letterlijk, maar in mijn hoofd wel. Daar ben ik inmiddels veel vrijer, veel brutaler. En soms ronduit schandalig.

14 januari

Ik heb vandaag dingen opgeschreven die ik nooit hardop zou durven zeggen. Daarna heb ik ze opnieuw gelezen. En ik heb gelachen, niet beschaamd. Gewoon gelachen. Wat is er met me gebeurd? Ik was ooit de vrouw die rood werd wanneer iemand een dubbelzinnige grap maakte. Nu schrijf ik zelf dubbelzinnige dingen en geniet ik ervan dat niemand ze ooit zal lezen. Dat is misschien wel het gevaarlijkste aan dit boek. Hier kan ik alles zeggen.

16 januari

Ik heb mezelf vandaag een verschrikkelijk ordinair wijf genoemd, en daarna moest ik erom lachen. Ik had nooit gedacht dat ik ooit zo over mezelf zou schrijven. Maar het voelde bevrijdend, alsof ik eindelijk ophield met mezelf voortdurend te corrigeren. Niet alles hoeft mooi te klinken en niet alles hoeft fatsoenlijk te klinken. Sommige gedachten zijn gewoon grof en sommige verlangens ook. Nou en?

18 januari

Ik merk dat ik steeds minder behoefte heb om mijn woorden af te zwakken. Ik wil niet meer schrijven: „Ik ervaar een zekere lichamelijke spanning.” Wat een onzin. Ik wil schrijven: Ik ben opgewonden. Punt. Ik wil schrijven dat ik verlang. Dat ik fantaseer. Dat ik soms alleen wil zijn met mijn eigen gedachten en dat ik daarna met een rood hoofd in de spiegel kijk en denk: Wat ben jij toch een ongelooflijke trut geweest om jezelf dit allemaal zo lang te ontzeggen. En het ergste? Ik meen het.

20 januari

Ik heb vanavond mijn parels afgedaan en op tafel gelegd. Ik keek ernaar, die kleine, keurige witte kralen. Mijn hele leven zit eigenlijk in zo'n rijtje parels. Correct. Duur. Beheerst. En toch zit ik hier, met dit boek op schoot, en schrijf ik dingen waar mijn familie zich dood voor zou schamen. Ik voel me niet kleiner, ik voel me groter. Alsof ik eindelijk een kamer in mezelf heb gevonden waarvan ik niet eens wist dat die bestond. En ik wil de deur steeds verder openzetten. Morgen weer.

23 januari

„Deftige Clara.” Ik heb die woorden vandaag hardop uitgesproken en ik moest lachen. Deftige Clara kan me wat. Wat een toneelstuk was dat eigenlijk. Ik ben nog steeds dezelfde vrouw die bij een diner haar rug recht houdt, haar servet netjes opvouwt en met een keurige glimlach naar iedereen luistert. Maar in mijn hoofd? Daar ben ik inmiddels een heel ander mens. Een hongerige vrouw, een brutale vrouw. Een vrouw die niet meer bij iedere gedachte denkt: foei. Eindelijk.

25 januari

Ik ga het grof zeggen. Ik ben geil, niet een beetje. Niet „enigszins opgewonden”, zoals ik het vroeger zou formuleren. Geil, hongerig, rusteloos. En soms zo verdomd nieuwsgierig dat ik mezelf nauwelijks herken. Ik vind het heerlijk om dat woord hier neer te zetten. Alsof ik iedere keer een klein stukje van mijn oude keurigheid afbreek.

27 januari

Mijn fantasieën worden schaamteloos. Ik schrijf ze op en lees ze daarna terug, soms denk ik: Clara, je bent niet goed wijs. Maar vervolgens schrijf ik gewoon verder. Dat is het verschil. Ik hoef mezelf niet meer te stoppen. Ik hoef niet meer te doen alsof ik boven verlangen sta. Ik heb ontdekt dat ik het juist heerlijk vind om mezelf te choqueren. Misschien is dat mijn nieuwe ondeugd.

29 januari

Ik vraag me af hoe lang ik deze twee vrouwen nog tegelijk kan zijn. De vrouw die mijn familie kent en deze vrouw. Deze Clara die hier woorden opschrijft die ze aan niemand zou durven zeggen. Deze Clara die soms naar haar eigen spiegelbeeld kijkt en denkt: Je bent een stuk brutaler geworden, mens. En dan glimlacht, ik denk dat de oude Clara niet langzaam verdwijnt. Ik denk dat ze gewoon steeds minder ruimte krijgt. En eerlijk gezegd? Ik vind dat helemaal niet erg.

31 januari

Ik ga vandaag eindelijk opschrijven waar ik werkelijk over fantaseer. Niet netjes, niet voorzichtig. Gewoon zoals het in mijn hoofd klinkt. Ik fantaseer over loslaten. Over niet meer de vrouw zijn die iedereen verwacht. Over iemand die naar me kijkt en onmiddellijk ziet dat er onder mijn keurige kleding een heel andere Clara zit. Daar word ik opgewonden van en het schrijven erover maakt het nog erger. Ik merk dat ik sommige zinnen opnieuw lees, alleen omdat ik wil voelen wat ze met me doen.

2 februari

Mijn fantasieën worden steeds brutaler. Soms schrik ik ervan, niet omdat ze mij bang maken. Omdat ik merk dat ik ze helemaal niet kwijt wil. Ik wil dat iemand mijn nette masker doorziet. Ik wil me niet langer verstoppen achter „dat past niet bij mij”. Misschien past het juist wél bij mij. Misschien is deze kant van mij net zo echt als de vrouw die iedere zondag keurig aan tafel zit.

4 februari

Ik heb vandaag iets geschreven wat ik onmogelijk hardop zou zeggen. Ik heb het daarna gelezen, nog een keer. En nog een keer. Mijn wangen werden warm, mijn hart ging sneller. Ik heb het boek dichtgeslagen. Vijf minuten later opende ik het weer. Wat een krankzinnige vrouw ben ik geworden, en toch… ik glimlach terwijl ik dit schrijf.

6 februari

Ik begin te begrijpen wat me zo aantrekt. Niet alleen het verlangen zelf, het taboe. Het idee dat juist ík zulke gedachten heb. Clara van der Velde, de keurige vrouw. De vrouw van wie niemand dit ooit zou verwachten.

Het contrast windt me op. Misschien zelfs meer dan de fantasieën zelf en daarom blijf ik schrijven. Omdat ieder woord voelt als een klein stukje van mijn oude masker dat ik zelf afleg. Ik weet inmiddels niet meer waar dit eindigt. Maar ik weet wel één ding. Ik wil het niet meer terugdraaien.

9 februari

Ik heb iets over mezelf ontdekt. Het zijn niet alleen de verlangens die me bezighouden. Het is het feit dat sommige verlangens voor mij vroeger volkomen ondenkbaar waren. Dat woord blijft door mijn hoofd gaan:

taboe. Ik denk dat dát me aantrekt, het verboden randje. Het idee dat ik iets zou kunnen willen waarvan mijn keurige omgeving onmiddellijk zou zeggen: „Clara toch.” En juist dat maakt me nieuwsgierig.

11 februari

Ik heb vandaag een lijst gemaakt. Niet met dingen die ik wil doen. Met dingen waar ik vroeger van zou hebben gezegd: Absoluut niet. Ik heb ze één voor één opgeschreven en achter sommige heb ik niets gezet. Achter andere een vraagteken. En achter een paar...een klein sterretje. Ik moest lachen toen ik dat zag. Een sterretje! Alsof ik weer zeventien ben. Maar ik weet precies wat het betekent. Daar wil ik meer over nadenken.

13 februari

Het wordt vreemder. Ik merk dat het woord verboden mij meer doet dan het onderwerp zelf. Dat vind ik fascinerend. Mijn hele leven heb ik regels gezien als iets vanzelfsprekends. Nu vraag ik me bij iedere regel af:

Waarom eigenlijk? Niet omdat ik alles wil overtreden. Maar omdat het ineens spannend is om te ontdekken waarom ik iets ooit als ondenkbaar heb beschouwd. Misschien zit mijn nieuwsgierigheid niet in het „doen”.

Misschien zit ze in het durven denken. En zelfs dat voelt inmiddels behoorlijk ondeugend.

15 februari

Ik heb mezelf vanavond betrapt op een glimlach terwijl ik een paar van die oude verboden gedachten opschreef. Ik schaamde me. Maar ik bleef schrijven. Dat is inmiddels mijn nieuwe patroon. Eerst schaamte, dan nieuwsgierigheid en dan nog meer nieuwsgierigheid. En uiteindelijk dat vreemde gevoel alsof ik een deur openzet waarvan ik jarenlang dacht dat erachter niets mocht bestaan. Ik begin die deur leuk te vinden.

17 februari

Er is iets veranderd in mijn taal. Ik schrijf niet meer: „Ik vraag me af of ik dit aantrekkelijk vind.” Ik schrijf:

„Waarom vind ik dit in godsnaam aantrekkelijk?” Dat klinkt veel eerlijker. En veel meer als mij. Ik ben nog steeds de vrouw met de parels maar zodra ik dit boek open, verdwijnen de parels. Dan ben ik gewoon Clara.

Nieuwsgierig. Brutaal. En steeds minder bang voor de dingen die vroeger mijn eigen grenzen vormden.

19 februari

Ik heb vanavond één gedachte opgeschreven die ik normaal onmiddellijk zou hebben doorgestreept. Ik heb hem laten staan. Daarna heb ik het boek dichtgedaan. Niet uit schaamte. Maar omdat ik merkte dat ik glimlachte. Ik denk dat ik eindelijk begrijp waar mijn fascinatie vandaan komt, niet uit het verlangen om „slecht” te zijn. Maar uit het verlangen om te ontdekken hoeveel van mezelf ik al die jaren heb verboden. En eerlijk gezegd? Ik heb het gevoel dat ik nog maar aan het begin sta.

[b]22 februari


Ik vertrouw dit boek inmiddels meer dan ik ooit iemand heb vertrouwd. Dus ik ga het eindelijk opschrijven.

Niet wat ik doe maar wat ik denk. Waar ik nieuwsgierig naar ben. Wat ik me soms afvraag wanneer ik alleen ben. Ik merk dat juist het benoemen ervan iets met me doet. Alsof een gedachte pas echt bestaat zodra ik hem durf op te schrijven.

23 februari

Ik denk aan verboden dingen. Aan dingen waarvan ik vroeger zou hebben gezegd dat ze ordinair, vulgair of ronduit afstotelijk waren. En nu vraag ik me af: Hoe zou het zijn? Dat is de vraag die steeds terugkomt. Niet: ga ik het doen? Maar: Hoe zou het voelen om één keer niet meteen „nee” te denken? Ik vind die vraag verschrikkelijk interessant.

25 februari

Er zijn bepaalde fantasieën waar ik steeds naar terugkeer. Niet omdat ik ze daadwerkelijk wil uitvoeren. Misschien, ik weet het niet. Maar omdat het idee zelf me bezighoudt. Het idee van volledige overgave. Van niet langer bepalen hoe een keurige vrouw zich hoort te gedragen. Van iets doen wat mijn familie absoluut niet van mij zou verwachten. Van woorden horen die ik normaal gesproken ordinair zou vinden. Van iemand die precies zou weten welke kant van mij ik al die jaren heb verborgen. Dat laatste blijft me achtervolgen.

27 februari

Ik merk dat ik steeds concreter durf te denken. Dat is nieuw. Vroeger bleef alles vaag, nu kan ik mezelf vragen stellen. Wat zou ik aantrekkelijk vinden? Wat zou me nerveus maken? Waar zou ik van blozen? Wat zou ik misschien juist spannend vinden omdat ik het zo onfatsoenlijk vind? En het gekke is dat ik sommige antwoorden inmiddels weet. Ik schrijf ze niet allemaal op. Nog niet, maar ik weet ze.

1 maart

Vandaag heb ik een grens verlegd. Niet in wat ik deed, in wat ik durfde te schrijven. Ik heb mijn fantasieën niet langer omschreven als „ongepaste gedachten”. Ik heb ze gewoon benoemd als fantasieën. Dat voelt veel eerlijker. Ik heb zelfs opgeschreven: Misschien zou ik het spannend vinden. Die zin heb ik daarna minutenlang bekeken. Misschien. Dat woord geeft me ruimte. Ik hoef niets te doen, ik hoef niets te bewijzen. Ik mag me alleen afvragen hoe het zou zijn. En blijkbaar is dat al genoeg om mijn hart sneller te laten slaan.

3 maart

Ik begin mijn dagboek bijna als een vertrouweling te behandelen. „Luister,” schrijf ik soms. Alsof het antwoord kan geven. Alsof het me niet veroordeelt. Dus luister dan maar. Er is een kant van mij die steeds nieuwsgieriger wordt naar alles wat ik vroeger wegduwde. Naar het verboden. Naar het brutale. Naar het onfatsoenlijke. Naar de vraag hoe ver mijn verbeelding eigenlijk kan gaan. En ik denk dat ik morgen nog eerlijker ga zijn. Want als ik zelfs hier niet eerlijk kan zijn...waar dan wel?

6 maart

Ik ga mezelf vandaag niet sparen. Ik heb mezelf de afgelopen weken allerlei dingen genoemd. Preuts. Schijnheilig. Een trut. Een brave echtgenote. Een geile vrouw. Een hypocriet wijf. Ik schrik nog steeds wanneer ik sommige woorden zie staan. Maar ik merk ook iets anders. Ik vind het bevrijdend, alsof ik eindelijk ophoud met doen alsof ik een engel ben.

8 maart

Ik heb vandaag mijn fantasieën opgeschreven. Niet netjes, niet in bedekte termen. Gewoon de onderwerpen die steeds terugkomen. Verboden dingen, overgave. De gedachte dat iemand anders de controle zou hebben. De gedachte dat ik iets zou leren waar ik me nu nog voor schaam. De gedachte dat ik mezelf zou toestaan om eens werkelijk onfatsoenlijk te zijn. En ja...dat windt me op. Ik kan het niet anders formuleren. Alleen al het opschrijven van sommige woorden maakt me warm en onrustig.

10 maart

Er is één gedachte waar ik steeds naar terugkeer: Wat als ik niet hoefde te bepalen waar mijn grens ligt? Dat vind ik misschien wel het meest verwarrende. Niet omdat ik werkelijk wil dat iemand mij pijn doet. Maar omdat het idee van totale overgave mijn verbeelding prikkelt. Geen beslissingen, geen controle en geen „dit hoort niet”. Alleen het gevoel dat ik voor één keer niet degene hoef te zijn die alles bepaalt. Ik schaam me rot dat ik dit aantrekkelijk vind. En tegelijkertijd wil ik het blijven opschrijven.

12 maart

Ik ben vandaag nog verder gegaan. Ik heb een lijst gemaakt met dingen die ik vroeger „ranzig” zou hebben genoemd. Ik heb erachter gezet: afkeer, nieuwsgierigheid, misschien. En bij sommige zelfs: waarom vind ik dit spannend? Dat laatste is inmiddels mijn favoriete vraag. Niet: mag ik dit willen? Maar: Waarom wil een deel van mij dit überhaupt? Ik weet het antwoord nog niet.

14 maart

Ik heb mezelf vanavond een krankzinnige naam gegeven. De vieze Clara. Ik moest erom lachen, de vieze Clara zit onder mijn parels. De vieze Clara drinkt thee met mijn schoonfamilie. De vieze Clara knikt beleefd wanneer iemand over fatsoen praat. En de vieze Clara komt 's avonds thuis en schrijft in dit boek wat ze werkelijk denkt. Ik vind haar steeds leuker. Misschien omdat ze eindelijk niets meer verbergt.

16 maart

Ik heb vanavond mijn lijst opnieuw gelezen. Mijn hart ging sneller, niet omdat ik van plan ben iets ervan te doen. Maar omdat ik eindelijk eerlijk durf te erkennen dat sommige van die fantasieën mij opwinden. Dat woord hoef ik niet meer te vermijden. Opwinden, Geil, en ook Masturberen. Dat is wat deze woorden doen. Mijn keurige buitenkant kan daar niets aan veranderen. En misschien hoeft dat ook helemaal niet.

Ik denk dat ik morgen nog één stap verder durf te gaan, niet in wat ik doe. In wat ik mezelf durf toe te geven.
Wat vond je van dit verhaal? Geef een cijfer!
5   6   7   8   9   10  
Favoriet
Terug Naar Boven
Mike21617
Eleonorr
Eleonorr (34)
Ben jij iemand die houdt van flirten, spanning en late gesprekken?
🟢 Nu Online
Bekijk Mijn Profiel
Klik hier voor meer...
Klik hier voor meer...
Klik hier voor meer...
Klik hier voor meer...

Algemene Voorwaarden -  Contact -  FAQ
Bezoekers Online: 804 / Copyright 2000 - 2026 Opwindend.Net