
De Surinaamse jongen achter het stuur een slungelachtige knaap van een jaar of twintig met dreadlocks en een gouden tand die glinsterde toen hij grijnsde stak zijn hand op. Smahane knikte kort, wendde haar blik af, en begon in de richting van de metro-ingang te lopen. Haar zilveren oorbeltjes rinkelden zachtjes bij elke stap, een fijn, helder geluid dat opging in het geroezemoes van de stad. Haar heupen wiegden van links naar rechts in een ritme dat onbewust was, aangeleerd door jaren van hakken dragen, en de hakken tikten hun eigen metronoom op de natte stenen.
Ze had de auto niet eens zien staan. De donkerblauwe BMW stond twintig meter verderop geparkeerd, half verscholen achter een bestelbus, met de motor uit en de ramen dicht. Hamid zat achter het stuur, zijn vingers gestreeld over de band van zijn zilveren horloge, zijn blik gericht op de ingang van het metrostation waar hij op zijn neef wachtte. Zijn ogen donkerbruin, waakzaam, gewend aan het lezen van cijfers en het schatten van risico's vingen de beweging op. Een jonge vrouw die uit een Audi stapte. Groene jurk. Hoofddoek. Dat wiegende loopje dat hij uit duizenden zou herkennen.
Zijn hand verstijfde op het horloge.
Hij kneep zijn ogen samen en leunde iets naar voren, het stuur vastgrijpend met zijn andere hand. De jongen in de Audi donker, mager, dreadlocks leunde over de passagiersstoel en lachte naar iets. Toen reed hij weg, de Audi oplossend in het verkeer. Smahane liep alleen nu, haar hakken tikkend, haar blik op haar telefoon gericht.
Hamid opende het portier. De avondlucht stroomde de auto in, koel en metaalachtig. Hij liep met de kalme, afgemeten passen van een man die gewend was ruimtes te vullen met zijn aanwezigheid. Zijn opgerolde mouwen onthulden gespierde onderarmen, de aders erop als touw onder leer. Hij stak de straat over en naderde haar van opzij.
"Smahane."
Ze stopte. Haar hakken tikten een laatste keer en vielen stil. Ze draaide zich om, en haar gezicht dat zachte, ronde gezichtje met de grote donkere ogen brak open in een glimlach die halverwege bevroor. "Hamid? O, salaam, ik"
Hij stond nu vlak voor haar. Dicht genoeg om de geur van zijn aftershave te ruiken iets houts, iets kruidigs. Zijn blik gleed niet naar haar ogen. Hij keek naar haar lippen. De straatlantaarn boven hen wierp oranje licht op haar gezicht, en daar, in de hoek van haar mond, een glanzende streep die niet speeksel was. Het was dikker. Melkachtig. Het liep in een dun lijntje naar haar kin, half opgedroogd maar nog steeds vochtig genoeg om te glanzen.
Hamids kaak verstrakte. De spieren in zijn nek bolden op als kabels. Zijn ogen bleven op die streep rusten, en zijn neusgaten verwijdden zich. De glimlach was volledig van zijn gezicht verdwenen, vervangen door iets dat strakker was, kouder de uitdrukking van een man die een fout in een balansblad vindt.
"Was dat" begon Smahane, haar hand omhoogkomend om haar hoofddoek vast te grijpen. Haar vingers frunnikten aan de rand, een snelle, zenuwachtige beweging.
"Stil."
Het woord kwam eruit als een deksel die op een pot wordt geslagen. Smahane's hand viel stil. Haar oren werden warm onder de hoofddoek. Ze opende haar mond, maar Hamid was al in beweging. Zijn hand sloot zich om haar bovenarm niet ruw, maar stevig, met de vastheid van een bankschroef die wordt aangedraaid. Zijn vingers drukten in de zachte stof van haar jurk en in het vlees eronder.
"Je komt met mij mee."
"Ik Hamid, ik moet naar huis, mijn vader"
"Je komt. Met mij. Mee."
Elke zin een aparte zin. Elk woord een steen die op de stoep viel. Smahane keek naar zijn hand op haar arm, naar de witte knokkels, naar de zilveren horlogeband die om zijn pols glom. Haar blik gleed naar zijn gezicht de korte, verzorgde baard, de kalende kruin, de bruine ogen die geen ruimte lieten voor onderhandeling. Ze slikte. De glinsterende rest op haar lip voelde aan als een brandmerk.
Ze liep met hem mee. Haar hakken tikten niet meer het ritme van zelfvertrouwen; ze tikten het ritme van iemand die wordt geleid. Hamid opende het portier aan de passagierskant van de BMW en duwde het wijd open. Smahane gleed op de leren stoel, haar jurk om haar benen, haar handen gevouwen op haar schoot. Hamid liep om de auto heen, startte de motor, en trok op zonder een woord.
De straatlantaarns schoven voorbij als lichtgevende bakens in het donker. Smahane staarde naar haar handen. Haar vingers trilden lichtjes, en ze wrong ze in elkaar, de knokkels wit. Ze durfde niet naar Hamid te kijken. De stilte in de auto was massief, gevuld met het zoemen van de motor en het zachte rinkelen van haar oorbellen bij elke oneffenheid in de weg.
Hamid reed de Maasbrug over. De rivier eronder was zwart en glanzend, weerspiegelde de stadslampen als gesmolten tin. Zijn handen lagen op het stuur tien en twee, zoals altijd, de vingers gespreid, de nagels kort en schoon. Zijn blik was op de weg gericht, maar zijn gedachten waren elders. Ze waren bij het beeld dat zich in zijn hoofd had gebrand: die jongen in de Audi, die grijns, die glinsterende streep op haar lippen. Een moslima. Een dochter van de gemeenschap. Met een Surinamer.
Zijn rechterhand liet het stuur los en streelde de horlogeband. Het zilver was koel onder zijn duim. Hij wierp een zijdelingse blik op Smahane de manier waarop haar jurk over haar heupen viel, de ronding van haar achterste tegen de leren stoel gedrukt, de manier waarop haar rug licht gebogen was. Ze frunnikte aan haar hoofddoek. Het was een gebaar dat hij eerder had gezien, bij haar moeder, bij haar zussen het universele teken van een Berber-vrouw die niet weet wat ze moet zeggen.
Hij wist wat hij ging doen. Het idee had zich gevormd op de brug, ergens tussen de eerste en de tweede lantaarnpaal, als een cijfer dat op zijn plaats valt in een berekening. Het was geen ingeving. Het was een conclusie. Een straf die paste bij de overtreding. Als ze zich gedroeg als een sletje, dan zou hij haar behandelen op een manier die haar eraan herinnerde wat ze was een moslima die haar grenzen was vergeten. En de grens die hij zou nemen was er een die ze niet licht zou vergeten.
"Hamid," zei Smahane, haar stem dunner dan normaal. "Mijn vader verwacht me thuis. Het is al "Je vader kan wachten."
De woede in zijn stem was niet luid. Het was erger dan dat het was een woede die was samengeperst tot een dichte, koude massa, als ijs onder druk. Smahane zweeg. Haar vingers klemden zich om de rand van de zitting.
Ze reden Rotterdam-Noord in. De straten werden smaller, bekender. Hamid sloeg links af, toen rechts, en parkeerde de BMW voor een rijtjeshuis met donkergroene kozijnen en een smal stoepje. De gordijnen waren dicht. Hij woonde alleen sinds zijn scheiding drie jaar geleden een feit dat de familie niet besprak maar dat iedereen wist.
Hamid zette de motor uit. De stilte in de auto was nu absoluut. Hij draaide zich naar Smahane, zijn arm over de leuning, zijn blik op haar gezicht. "Je weet wat ik gezien heb." Het was geen vraag. Smahane's ogen flitsten naar de zijne en weg, als een vis die een schaduw ziet. Ze opende haar mond, sloot hem weer. Haar vingers lieten de zitting los en grepen haar hoofddoek.
"Je stapt uit een auto met een" hij pauzeerde, het woord als een mes dat hij langzaam uit de schede haalt, "met een jongen. En je hebt zijn zaad op je lippen, Smahane. Op je lippen. Als een "Het was niet ik heb niet" Haar stem brak als een tak die te ver is gebogen.
"Je gaat met mij mee naar binnen."
"Hamid, alsjeblieft, mijn vader "Je gaat met mij mee naar binnen, of ik bel je vader nu en vertel hem precies wat ik gezien heb."
Zijn hand ging naar zijn binnenzak. De telefoon was er het koele, gladde glas tegen zijn vingertoppen. Smahane's ogen volgden de beweging. Haar gezicht verbleekte onder de zachte make-up, de kleur wegtrekkend als water dat in zand zakt. Haar lip de lip met de glinsterende rest die ze inmiddels had afgeveegd met de rug van haar hand trilde.
"Oké," zei ze. Het woord was nauwelijks hoorbaar.
Hamid stapte uit. De avondlucht sloot zich om hem als een jas. Hij liep om de auto heen en opende haar portier. Smahane stapte uit, haar hakken instabiel op de oneffen stoep, en hij pakte haar arm weer diezelfde greep, stevig en onwrikbaar. Hij leidde haar het stoepje op, duwde de voordeur open, en trok haar naar binnen.
Het huis rook naar muntthee en boenwas. De gang was smal, de muren kaal op een ingelijste Koranvers na. Hamid sloot de deur achter hen. Het slot klikte met een definitief geluid. Smahane stond in de gang, haar handen langs haar zij, haar blik op de vloer witte tegels met een grijs patroon, schoon genoeg om in weer te spiegelen.
"Naar boven," zei Hamid. "De slaapkamer."
Smahane's hoofd kwam omhoog. Haar ogen groot, donker, vochtig zochten zijn gezicht. "Hamid, wat"
"Naar boven. Nu."
Ze liep de trap op. Haar hakken tikten op de houten treden een geluid dat hol en eenzaam klonk in het lege huis. Hamid liep achter haar, zijn ogen op de manier waarop haar jurk met elke trede langs haar benen zwaaide, op de ronding van haar heupen die zich aftekende bij elke stap. De trap was smal, en haar achterste bevond zich op ooghoogte, de stof strak over de volle rondingen gespannen.
De slaapkamer was spaarzaam ingericht. Een tweepersoonsbed met een donkergrijs dekbed, een kast, een nachtkastje met een lamp. De gordijnen waren dicht. Hamid deed het licht aan — een zacht, geel schijnsel dat de kamer vulde met warmte. Hij sloot de deur.
Smahane stond bij het bed, haar handen wringend. Haar oorbellen rinkelden toen ze haar hoofd draaide om hem aan te kijken. "Hamid, alsjeblieft. Ik zal het niet meer doen. Ik "Je jurk omhoog. Je gaat op het bed liggen. Op je buik."
De woorden vielen in de kamer als stenen in stil water. Smahane staarde hem aan. Haar mond ging open, maar er kwam geen geluid. Haar handen grepen de zoom van haar jurk de donkergroene stof die ze die ochtend zo zorgvuldig had gekozen, die ze had gestreken en gedrapeerd tot hij perfect viel. Haar vingers klemden zich om de stof. "Alsjeblieft," zei ze weer. Haar stem was een draad die dreigde te breken.
"Dit is wat er gebeurt, Smahane. Je hebt je gedragen als een sletje. Dan behandel ik je als een sletje. En ik doe het op een manier die je niet snel zult vergeten." Zijn stem was laag, gelijkmatig de stem van een man die zijn beslissing heeft genomen en die niet meer zal wijken. "Je bent achttien. Je bent volwassen. Je kunt hier weglopen als je wilt. Maar dan bel ik je vader."
Smahane's handen trilden.
De stof van haar jurk gleed door haar vingers. Ze keek naar de deur dicht, het slot klikte als een tweede dreigement en toen naar Hamid. Zijn schouders vulden de kamer. Zijn onderarmen, bloot en gespierd, hingen langs zijn zij. Zijn blik was op haar gericht, en er was geen warmte in, geen verontschuldiging alleen de koele vastheid van een man die gelooft dat hij in zijn recht staat.
Ze trok haar jurk omhoog. De stof gleed over haar enkels, haar kuiten, haar knieën. Haar benen waren glad en medium-bruin, de huid verzorgd, de spieren zacht maar vrouwelijk. De jurk klom hoger over haar dijen, vol en rond, tot aan haar heupen. Onder de jurk droeg ze een eenvoudige zwarte onderbroek, de stof strak over haar billen gespannen. Haar achterste was groot, rond, stevig het soort dat de aandacht trok op straat, dat de stof van elke jurk uitrekte.
"Liggen. Op je buik."
Smahane klom op het bed. Het matras zakte onder haar gewicht. Ze draaide zich op haar buik, haar gezicht naar het kussen, haar jurk opgevouwen boven haar heupen. Haar benen lagen gestrekt, de hakken nog aan haar voeten. Haar handen grepen het kussen vast.
Hamid liep naar de kast. Hij opende een lade en haalde er een pot vaseline uit een kleine, witte pot met een blauw etiket, die hij daar bewaarde voor zijn droge handen in de winter. Hij draaide de dop eraf. De geur van petroleum vulde de lucht een zware, medicinale geur die de muntthee en boenwas overstemde.
Hij liep naar het bed en ging achter haar zitten. Het matras kantelde onder zijn gewicht. Zijn hand groot, schoon, de vingers dik legde hij op haar linkerbil. De aanraking was koel. Smahane's lichaam verstijfde onder zijn palm. Haar vingers groeven zich in het kussen.
Hij trok haar onderbroek naar beneden. De zwarte stof gleed over haar billen, over haar dijen, tot hij bij haar knieën hing. Haar billen waren bloot twee grote, ronde halve bollen van medium-bruine huid, de contour dieper in de schaduw van de bilnaad. Hamid's blik bleef erop rusten. Zijn hand streelde langzaam over de linkerbil, over de volle ronding, naar beneden, naar de plek waar de billen elkaar ontmoetten.
Hij schepte een hoeveelheid vaseline uit de pot. De witte, dikke substantie glom op zijn vingertop. Hij bracht zijn hand naar haar bilnaad en smeerde de vaseline over haar anus een kleine, gerimpelde opening die zich samentrok onder zijn aanraking. Smahane's heupen schokten naar voren.
"Hou stil."
Ze gehoorzaamde. Haar lichaam lag stil, maar haar ademhaling was onregelmatig korte, oppervlakkige teugen die het kussen deden rimpelen. Hamid werkte de vaseline in met zijn vinger. Hij drukte zijn wijsvinger tegen de opening en duwde. De spieren daar de ring die ze nooit eerder had gebruikt, die nooit eerder was aangeraakt weerstonden hem. Hij duwde harder. De vaseline smeerde uit, en zijn vingertop gleed naar binnen een centimeter, toen twee. De warmte daarbinnen was verstikkend, de druk van de spieren als een band om zijn vinger.
Smahane maakte een geluid een kort, scherp geluid dat ergens diep in haar keel bleef steken. Haar vingers trok het kussen naar haar gezicht en drukte het tegen haar mond.
Hamid bewoog zijn vinger heen en weer. Hij draaide hem, rekte de spieren op, duwde dieper. De vaseline smeerde uit langs zijn vinger en over de rand van de opening. Hij voegde een tweede vinger toe. De opening rekte langzaam, met een weerstand die als leer aanvoelde en nam beide vingers op. Smahane's rug holde. Haar heupen draaiden, maar ze hielden zich stil, haar gezicht begraven in het kussen.
Hij trok zijn vingers terug. De opening bleef iets wijder een donker gat dat glom van de vaseline. Hij maakte zijn riem los. De gesp klikte een metalen geluid dat door de kamer sneed. Hij ritste zijn broek open en schoof zijn boxershort naar beneden. Zijn lul kwam vrij half stijf, dik, de eikel een donkerroze knobbel onder de voorhuid. Hij greep zichzelf en begon zich af te trekken langzaam, met de vaseline die nog op zijn vingers zat. Zijn lul groeide in zijn hand, werd harder, dikker, de aders erop opzwellend als rivieren op een landkaart.
Hij positioneerde zich achter haar. Met één hand spreidde hij haar billen de volle, ronde massa ineengedrukt, de bilnaad openend als een boek. De ingang, glanzend van de vaseline, was een klein, donker gat dat pulseerde. Hij legde de eikel van zijn lul tegen de opening.
"Ontspan je."
Het was het eerste zachte dat hij zei. Maar het was geen verzoek. Hij duwde. De eikel breed, glad, nat van de vaseline drukte tegen de ring van spieren. De weerstand was enorm. Smahane's lichaam spande zich, haar rug een boog, haar billen samenknijpend.
"Ontspan," herhaalde hij. Zijn stem was laag, bijna een commando.
Hij duwde harder. De eikel gleed erin langzaam, met een gevoel alsof de spieren werden opgerekt tot hun maximum. De ring sloot zich om de achterkant van de eikel, en Hamid pauzeerde. De warmte, de druk, de knellende strakheid het was als een vuist die zich om zijn lul sloot. Hij ademde uit door zijn neus.
Toen duwde hij verder. Zijn lul gleed centimeter voor centimeter naar binnen, de schacht dik en de aders pulserend tegen de wanden van haar rectum. Smahane maakte een geluid niet een schreeuw, maar een langgerekte, zachte kreet die gedempt werd door het kussen. Haar vingers klauwden in de stof. Haar tenen krulden in haar hakken.
Hij stopte toen hij halverwege was. De strakheid was intens een knellende, brandende druk die zijn lul omsloot als een handschoen die twee maten te klein was. Hij trok een centimeter terug en duwde weer naar binnen. En nog eens. En nog eens. Langzaam, ritmisch, zijn heupen bewegend in een cadans die hij controleerde.
Smahane's gezicht was nat. Tranen hadden sporen getrokken over haar wangen, door de make-up heen, donkere vlekken op het kussensloop achterlatend. Haar mond was open, haar ademhaling oppervlakkig en hortend. Bij elke stoot elke keer dat zijn lul dieper gleed, de wanden van haar rectum oprekkend maakte ze een geluid dat tussen een kreun en een zucht in hing.
Hamid greep haar heupen. Zijn vingers groeven in het vlees boven haar billen, hielden haar op haar plaats. Hij begon sneller te bewegen zijn lul naar buiten trekkend tot alleen de eikel binnen was, dan naar binnen duwend met een stoot die haar lichaam over het matras schoof. Het bed kraakte. Het ritme was gestaag, mechanisch, de slagen van een man die een taak volbrengt.
De vaseline smeerde uit. De geluiden werden natter een zuigend, klokkend geluid bij elke stoot, het geluid van lucht en vloeistof die werden samengeperst. Hamid's lul gleed nu makkelijker, de wanden van haar rectum glibberig en warm. Hij keek naar beneden naar de plek waar ze verbonden waren, zijn lul verdwijnend in haar donkere opening, haar billen die meegaven met elke stoot, de rondingen die wiegden als golven.
Hij leunde naar voren. Zijn borst tegen haar rug, zijn mond naast haar oor. Zijn adem was heet op haar hoofddoek. Hij greep haar heupen steviger en begon harder te stoten niet sneller, maar dieper, met meer kracht, elke stoot een dreun die door het matras en de bedframe ging.
Toen ging haar telefoon. Het geluid de ringtone, een Arabische melodie die ze voor haar vader had ingesteld sneed door de kamer als een mes door papier. Het kwam uit haar jurk, die op een hoopje bij het voeteneinde lag. Smahane's lichaam verkilde onder hem. Haar hoofd draaide naar het geluid, haar ogen wijd. ''Neem op," zei Hamid. Hij stopte niet. Zijn lul gleed in en uit haar rectum met hetzelfde ritme, de vaseline klokkend bij elke beweging."Hamid, alsjeblieft "Neem. Op."
Smahane strekte haar arm. Haar vingers grepen de jurk, vonden de zak, haalden de telefoon eruit. Het scherm lichtte op "Baba" in witte letters. Haar hand trilde. Ze nam op."S-salaam, baba." Haar stem was een breuklijn die nauwelijks samenhield. "Smahane, waar ben je? Het is bijna tien uur." De stem van haar vader zwaar, bezorgd, met het ritme van een man die gewend is antwoorden te krijgen. Hamid stootte. Diep. Zijn lul gleed tot aan de basis naar binnen, zijn ballen tegen haar billen. Smahane's mond viel open. Ze drukte haar lippen op elkaar en kneep haar ogen dicht. "Ik ik ben nog bij ah bij de boetiek, baba. Ik moest uh wat dingen afmaken." Haar adem stokte. Hamid trok terug en stootte weer — een lange, langzame stoot die haar rectum oprekte tot de rand. "Op dit tijdstip? De boetiek is toch om zes uur dicht?"
"Ja, maar mm er was een uh een levering die ah die niet klopte, en ik" Hamid greep haar heupen en begon sneller te bewegen. Zijn lul gleed in en uit haar rectum met een ritme dat omhoog ging in tempo korte, diepe stoten die haar lichaam lieten schudden. Het bed kraakte in cadans. Smahane's vingers klemden zich om de telefoon. Ze drukte het toestel tegen haar oor en begroef haar gezicht dieper in het kussen.
"Smahane, ben je ziek? Je klinkt"
"Nee, baba, ik ah ik heb gewoon uh last van mijn mm mijn darmen, het is ah het is niets"
Hamid stootte hard. Een dreun die haar heupen tegen het matras drukte. Smahane's adem ontsnapte in een puffend geluid "uhhff" dat ze probeerde te maskeren als een zucht. "Je moeder maakt zich zorgen. Ze heeft koekjes gebakken. Kom naar huis.""Ik ah ik kom zo, baba. Ik uh ik moet nog mm vijf minuutjes""Vijf minuten. Niet langer.""Inshallah, baba."De verbinding werd verbroken. Smahane liet de telefoon op het matras vallen. Haar hoofd zakte in het kussen. Haar schouders schokten niet van huilen, maar van de stoten die door haar lichaam gingen.
Hamid had zijn ritme niet gestopt. Zijn lul gleed in en uit haar rectum, de wanden opgerekt en glibberig, de geluiden nat en ritmisch.
Hij voelde het komen een spanning die zich opbouwde in zijn onderbuik, een druk die door zijn ballen omhoog kroop. Zijn greep op haar heupen verstrakte. Zijn vingers groeven in haar vlees, witte vlekken waar de bloedtoevoer werd afgeknepen. Hij stootte sneller het ritme van een man die nadert, niet meer geïnteresseerd in cadans maar in ontlading.
Zijn lul zwol op in haar rectum. De aders pulserend, de eikel breed en diep. Hij stootte een laatste keer lang, diep, tot aan de basis en hield stil. Zijn lichaam spande zich. Zijn kaak klemde dicht. Zijn adem stokte.Hij kwam. Het zaad schoot uit zijn lul in golven warm, dik, vloeibaar en vulde haar rectum. De wanden waren glad en nat, en het zaad smeerde verder, liep langs zijn schacht toen hij zich terugtrok. Hij trok zich langzaam terug centimeter voor centimeter, de eikel het laatste dat naar buiten gleed met een zacht, nat geluid. De opening die hij achterliet was wijder dan daarvoor een donker gat dat niet volledig sloot, dat glom van vaseline en zaad, waaruit een dun straaltje witte vloeistof sijpelde dat langs haar bilnaad naar beneden liep.
Hamid ging achterover zitten. Hij keek naar haar naar haar rug, haar heupen, haar billen, de opening die hij had genomen. Het zaad gleed langzaam naar beneden, over de donkere huid, een wit spoor dat in de bilnaad bleef hangen. Smahane lag stil. Haar gezicht was naar de zijkant gedraaid, haar wang op het kussen, haar ogen dicht. Tranen hadden donkere vlekken gemaakt op het sloop. Haar hoofddoek was scheef gaan zitten, een pluk zwart haar ontsnapt langs haar slaap.
Hij stond op. Hij trok zijn broek omhoog, ritste dicht, gespte zijn riem vast. De gesp klikte hetzelfde metalige geluid als daarvoor. Hij liep naar de badkamer, waste zijn handen met zeep, en keerde terug met een handdoek."Sta op," zei hij. Smahane bewoog langzaam. Ze duwde zichzelf omhoog op haar handen, en haar armen trilden. Ze kwam overeind zittend op het randje van het bed, haar jurk nog opgevouwen boven haar heupen, haar onderbroek op haar knieën. Haar billen plakten de bilnaad glad en nat van de vaseline en het zaad dat nog steeds uit haar opening sijpelde. Ze trok haar onderbroek omhoog, en de stof absorbeerde het vocht een donkere vlek die zich verspreidde over de zwarte katoen. Ze liet haar jurk zakken. De groene stof viel over haar benen, maar plakte op sommige plekken tegen haar dijen.
Hamid reed haar thuis. De BMW gleed door de donkere straten van Rotterdam-Noord, de lantaarnpalen voorbijglijdend als een telraam. Smahane zat op de passagiersstoel, haar handen gevouwen op haar schoot, haar blik op de weg. Elke hobbel in het asfalt en Rotterdam had er veel stuurde een scherpe pijn door haar onderlichaam. Het zitten drukte op de plek die hij had geopend, en de warme, kleffe plakkerigheid tussen haar billen was constant een herinnering die niet wegging.
Ze stapte uit voor haar ouderlijk huis een rijtjeshuis met gele kozijnen en een verlicht raam boven. Ze zwaaide het portier dicht. De BMW reed weg, de achterlichten kleiner wordend in de donkere straat. Smahane stond op de stoep. Haar hakken op de tegels. Haar jurk om haar enkels. De bilnaad plakte de vaseline en het zaad samengekomen tot een kleffe, glibberige massa die met elke stap schuurde. Ze liep naar de voordeur. Elke stap was een pijnscheut die door haar onderlichaam ging een brandende, kloppende pijn die vanuit haar rectum naar haar dijen straalde. De spieren die hij had opgerekt protesteerden bij elke beweging, en de onderbroek die tegen haar huid plakte was een constante, vochtige herinnering.Ze bereikte de voordeur. Haar hand vond de klink. De deur ging open. De geur van koekjes en muntthee stroomde naar buiten. Haar moeder stond in de gang, haar handen meelwit. "Smahane, eindelijk. Je vader is "Ik ben moe, mama. Ik ga naar bed."
Ze liep de trap op. Langzaam. Tree voor tree. Haar benen voelden aan als lood, en elke trede was een inspanning die haar tanden op elkaar klemde. De pijn in haar achterste was constant een bonkende, brandende aanwezigheid die niet te negeren was. Ze bereikte haar kamer, sloot de deur, en leunde ertegenaan. De bilnaad plakte. De onderbroek was doorweekt. Haar billen waren pijnlijk en warm, de huid rond haar opening geschaafd en kloppend. Ze liep naar haar bed en ging zitten en de pijn die dat veroorzaakte was een felle, scherpe steek die haar deed happen naar adem. Ze gleed op haar zij, trok haar knieën op, en sloot haar ogen. De zilveren oorbellen rinkelden zachtjes toen ze zich omdraaide. De hoofddoek was scheef. De jurk was gekreukeld. En ergens, in een huis met donkergroene kozijnen, streelde Hamid zijn zilveren horloge en schonk zichzelf een glas muntthee in.




