Door: Keith
Datum: 02-01-2026 | Cijfer: 9.7 | Gelezen: 1249
Lengte: Zeer Lang | Leestijd: 46 minuten | Lezers Online: 8
Lengte: Zeer Lang | Leestijd: 46 minuten | Lezers Online: 8
Vervolg op: Gonnie - 24: Een Terrasje In Barneveld.
Geheimpje Van De Collega's
Beste lezers.
Allereerst een goed en vooral veilig 2026 gewenst, samen met degenen die jullie dierbaar zijn. Ik ben deze dagen nog steeds 'in den vreemde' en dat is jammer, maar aan de andere kant is het goed en fijn om hier échte kameraadschap te kunnen ervaren.
Je zit samen met collega's ergens waar je van je lang zal hij leven nooit op vakantie zou gaan, dus je moet er sámen het beste van maken.
Nu heb ik dat al een aantal keren eerder meegemaakt in mijn loopbaan, maar het blijft telkens weer bijzonder.
En dan blijkt die collega, waar je in Nederland in feite nooit zo goed mee op kon schieten, uiteindelijk tóch iemand te zijn waar je goeie gesprekken mee kunt voeren en die je in het werk voor 100 procent kunt vertrouwen.
Nog een paar weken, en dan hoop ik weer op Eindhoven te kunnen landen. Tot die tijd blijft mijn bud in Nederland netjes de volgende delen van "Gonnie" opsturen naar de redactie. Doet hij prima, kan ik zien op de schaarse momenten dat het Internet het hier doet én ik de tijd en rust heb om even te kijken...
Maak er wat moois van, ook in 2026!
Groet,
Keith.
Dinsdagochtend werd ik vroeg wakker. En dat was maar goed ook, want het was een nogal kleffe boel in bed. Nou ja. Ik had er wel plezier van gehad. Bed afhalen, alle klamme was in de machine en die maar alvast even laten draaien. Die deed ik wel uit als ik weg ging, dan kon de handel weken. Daarna: douchen! En m’n haren wassen, dat was ook nodig. Bij m’n poesje mijn pijltje even trimmen; anders zou Frank de weg kunnen kwijtraken… De rest lekker glad scheren. Opgefrist kleedde ik me aan en maakte me een beetje op. Eten en lunchpakket klaarmaken…
Om tien over zeven sloot ik af, deed de wasmachine uit, controleerde of alles uit en dicht was en stapte in de auto. Zo. Nu hopelijk even een ‘gewone’ dag, na al die hectiek. Bij het werk aangekomen was ik de eerste. En ik had nog geen sleutel, dus werd het wachten op een van de anderen. Even later reed Martin, het hoofd van de software engineers, de parkeerplaats op. Het contrast tussen zijn kleding en zijn auto viel me op.
Hijzelf: een oud vest, spijkerbroek die nogal verbleekt was, een baard van drie dagen… Zijn auto, een wat oudere Saab 900: picobello in de lak, geen krasje of deukje te zien, zijn velgen glanzend… “Morgen Martin.” “Hoi Gon. Hoe is het met jou?” Ik lachte. “Heb je even?” We liepen naar binnen en naar de koffiemachine. Terwijl het ding bezig was, keek hij me onderzoekend aan en ik zei: “Heb ik iets van je aan,, Martin?”
Hij grinnikte. “Jouw broek gaat mij niet passen, Gon.” Dat klopte; Martin was ruim tien centimeter langer dan ik en behoorlijk fors gebouwd. En met het begin van een buikje. Hij vervolgde: “Wij zijn gisteren door Simon ingelicht over Terschuur. En dat jij daar orde op zaken gaat stellen. Dat lijkt me nogal pittig voor iemand die nét drie weken hier werkt. Of zie ik dat fout?”
Mijn beurt om koffie te tappen. En terwijl de machine z’n werk deed, vroeg ik: “Wat weet jij van mijn achtergrond, Martin?” Hij fronste. “Nou… je bent directiesecretaresse geweest, hebt daar ontslag genomen en bent een paar maanden later hier aan de slag gegaan. Da’s ongeveer de samenvatting, geloof ik.” Ik knikte. “En die is correct. Maar daarvoor heeft dit meisje vier jaar gestudeerd in Utrecht en heeft haar Bachelor Economie en Bedrijfskunde gehaald.”
Hij floot zachtjes. “Oei… Dan hebben we jou een beetje verkeerd ingeschat, Gon. Dát wisten we niet. We dachten…” Hij zweeg en ik zei, lief lachend: “… dat ik een dom blondje was die haar haren geverfd had misschien?” Hij bromde “Nou, dat nog net niet, maar…” Ik keek hem aan. “We hebben ook nog niet zoveel met elkaar gesproken, Martin. Jullie sluiten jezelf nogal op in jullie ‘mancave’, ik ben hier beneden hard aan het werk… We zouden bijna bij verschillende bedrijven aan het werk kunnen zijn. Ik stel voor dat we daar snel een verandering in aanbrengen. Mag ik straks om tien uur mijn koffie bij jullie opdrinken zodat jouw lui mij ook wat beter leren kennen?”
Hij knikte. “Da’s een goed plan.” Toen gniffelde hij. “We zullen voor die tijd wel even opruimen.” Ik knipoogde. “Da’s fijn. Geen zin dat ik op kousenvoeten weer naar beneden moet omdat deze charmante schoentjes aan jullie linoleum bleven plakken.” Hij zuchtte diep. “Je bent af en toe een onuitstaanbaar kreng, mevrouw Peters.” “Ja. Vraag maar aan Frank, die is het vast me je eens. Maar Martin: toen jij net uitstapte… Jouw auto ziet er uit alsof hij vanochtend uit de showroom van een Saab-dealer kwam. En jijzelf… Hoe zeg ik dat netjes? Nou ja, je hebt zo te zien nog nét niet onder een brug geslapen, maar veel scheelt het niet.”
Hij grinnikte weer. “Imago, Gon. Wij ontwikkelaars worden verondersteld geboren nerds te zijn en ons geen flikker aan te trekken van welke vorm van conventie dan ook. Twee van de jongens zijn dat ook. Denken dat 'etiquette' op potten jam zitten geplakt. Hun toetsenbord, hun muis en hun beeldscherm, dat zijn hun werelden. En ik doe daar een beetje aan mee. Maar als ik thuis kom, is het eerste wat ik doe: omkleden en ‘gewone’ kleren aan. En die baard? Mijn vrouw is er gék op. Dus…
En mijn auto? Is bijna twintig jaar oud, maar ik ben de eerste eigenaar. Heeft nu meer dan negen ton op de teller. En alles wat er aan gedaan is, heb ik zelf gedaan. Ik ken elk moertje, boutje en stekkertje, want die heb ik al eens door m’n handen laten gaan. Ik ben helemaal verknocht aan het ding, dus wordt hij ook vertroeteld. En nu ga ik naar boven, anders is er niet netjes opgeruimd al we hoog bezoek krijgen!” Hij verdween en ik liep naar bureau O&O.
Computer aan… Even later kwam Gerben binnen. “Zo! Jij bent op tijd, Gon!” Ik keek op. “Tja, als je in de baas z’n tijd ’s middags op een terrasje in Barneveld een enorme sorbet naar binnen zit te werken, moet je dat wél compenseren natuurlijk.” Hij keek vragend en ik legde het kort uit. “Dus… Met ingang van donderdag hebben we een nieuwe collega?” Ik knikte. “Ja. En vergis je niet: Mariëlle mag op het oog heel verlegen...”
Hij onderbrak me. “Het is een hele pientere dame, Gon. Ik heb haar twee dagen in de klas gehad, weet je nog?” Oh ja… “Nou dat zal een leuk weerzien tussen jullie worden, Gerben.” “Ja. Eens kijken of ze me dan nog zo bedeesd aanspreekt met ‘Meneer Lelyveld’.” Ik snoof. “Misschien de eerste keer als ze je een hand geeft, maar daarna is dat snel afgelopen, vriend! Ze komt hier even indribbelen en een spoedcursus assertiviteit ondergaan, voordat wij Dinsdag naar Terschuur gaan en daar voorgesteld worden als ‘interim manager’. Dat zal wel wat fuzz opleveren daar, maar dat zal me jeuken.”
Gerben grijnsde. “Kun je exact aangeven wáár het dan gaat jeuken, Gon? Misschien kan Frank je daarbij helpen…”
Ik pakte een pen en smeet die zijn kant uit. “We hadden het over een cursus assertiviteit, meneer Lelyveld. Het is niet de bedoeling dat Mariëlle meteen ondergedompeld wordt in jullie smerige toespelingen!” Gerben had de pen handig opgevangen, liep naar bureau en legde het ding netjes in het bakje. Toen zei hij serieus: “Snap ik. Want daar heeft ze haar aandeel volgens mij al meer dan genoeg van binnen. En dat waren geen ‘geintjes’, maar sommige opmerking waren gewoon schofterig grof.” Ik knikte. “Precies. En dát gaan we veranderen bij de Weever, voordat er ook maar één letter over samenwerking op papier komt.” Hij knikte. “Dat is jou wel toevertrouwd, denk ik. Wou je nog een kop koffie? Dan haal ik die meteen.” “Geef maar een beker koud water. Ik heb al koffie op. En oh ja: Om tien uur drink ik boven koffie. Even wat beter kennismaken met Martin en z’n jongens.”
Hij trok een gezicht. “En daarna meteen chemisch ontsmetten en douchen zeker?” “Wellicht niet; Martin had beloofd dat ze boven een beetje zouden opruimen voordat het damesbezoek op haar hoge hakjes binnen zou trippelen…”
Hij stak een duim op. “Dat is Yvon nog niet gelukt!” Ik trok een hooghartig gezicht en zei met een geaffecteerde stem: “Ach… Met mijn charismatische persoonlijkheid is dat natuurlijk een fluitje van een cent…” Hij maakt een minachtend geluid, liep naar de deuropening en zei over zijn schouder: “Over het paard getilde trut…”
En meteen kwam uit de hal commentaar. De stem van Yvon. “Hé, meneer Lelymoeras! Niet op die manier tegen een gewaardeerd collega tevens een vriendin van mij! Anders kun je die declaraties wel op je buik schrijven deze maand!” Lelymoeras??? Nou ja, er zou wel iets achter zitten van voor mijn tijd…
Om tien uur ging ik naar boven, een beker koffie in de hand. En klopte netjes aan. Martin deed open. “Waarom klop jij?” “Omdat ik nóg een keer op m’n sodemieter wil krijgen omdat jullie met iets belangrijks bezig zijn, Martin…” Hij lachte. “Dat heeft indruk gemaakt? Mooi. Kom binnen, Gon.” De ruimte zag er nu enigszins fatsoenlijk uit. Oké, Mike zou nog steeds zijn wenkbrauwen optrekken, vooruit. En de vloer plakte niet. Ik bleef een kwartiertje en dat was best wel gezellig. En ik kreeg een indruk van wat zij deden. Indrukwekkend, hoewel ik hooguit een kwart begreep. Toen ik wegging zei Martin: “Als je alleen beneden zit, mag je best vaker komen koffiedrinken, Gon.” Ik knikte. “Dank en dat geldt omgekeerd ook hoor. Als een van jullie solo werkt… Loop dan gewoon bij ons binnen. We werken voor dezelfde baas, ten slotte.”
De rest van de dag? Druk. Gerben en ik liepen de lunch buiten op te eten, maar toen moest hij weer achter zijn beeldscherm. En ik? Behalve mijn ‘gewone werk’ spitte ik nog wat documentatie door van de Weever. En kwam nog wat zaken tegen die Junior begin dit jaar had ingevoerd. Die noteerde ik bij de rest van de ellende. Ik kreeg een steeds minder frisse indruk van de vent…
Om half vijf pakten Gerben en ik onze spullen, groetten Yvonne en liepen richting parkeerplaats. “Fijne avond, Gerben!” “Jij ook! Doe je de groeten aan Frank?” Ik stopte. “Hoe weet jij…” Hij lachte me uit. “Frank was gisteren in Groningen, vandaag in Duitsland. Morgen moet hij ergens hier in de buurt zijn, geloof ik. Dus hij is vanavond in Schaarsbergen. Eén en één is twee. Have fun!” Voordat ik verder iets kan zeggen klapte de deur van zijn auto dicht en reed hij met een brede grijns op zijn gezicht weg. De rotzak… Enfin, hij had wel gelijk. Maar lag het er zó dik bovenop? Blijkbaar wel dus.
Ik pakte mijn telefoon en appte Frank. “Loont het al de moeite om de Koningsweg af te rijden, meneer Veenstra?” Het antwoord kwam binnen de minuut. “Over twintig minuten is de koffie klaar!” Top. Ik startte de Golf en reed weg. Kalm aan bij de uitrit van Vika… Niks aan de hand, geen heftrucks. Negentien minuten later draaide ik Frank z’n inrit in, het hek stond al open. En eenmaal binnen voelde ik zijn armen om me heen en dat was heerlijk! “Hé mooie kerel…” “Hoi mooie vrouw. Welkom maar weer in mijn optrekje. Koffie?” Ik knikte en hij wees op de bank. “Lekker zitten; ik ben al een uur thuis. Heb je al trek of…?” “Rustig aan. Eerst even lekker kletsen met een bak koffie. Daarna lust ik wel wat, maar dat heeft nog geen haast hoor.”
Lekker tegen elkaar aan geleund bespraken we onze wederwaardigheden. In Groningen had de IT-er een enorme blunder gemaakt en hun hele systeem in de war gegooid; hij kon niet meer bij de back-up en had dus uit pure ellende Frank gebeld. “Enfin, ik heb drie uur zitten knoppenbonken; toen had ik een back-up te pakken. En een uur later de fout gevonden en hersteld. En vervolgens de man helemaal te pletter gevloekt omdat hij exact datgene had gedaan waar ik hem vorige week voor gewaarschuwd had: hij dacht slimmer te zijn dan wij en dacht een mooie shortcut gevonden te hebben in de software. Helaas voor hem: dat werkte niet. Kortom: hij staat op straat. Een jongere collega mocht zijn plaats innemen. Ik hoop dat die wél luistert, verdomme. En hun directie was minder blij toen ik mijn urenformulier inleverde. Maar dat is hun probleem; het bedrijf kon in ieder geval maandagochtend zonder al te veel hickups weer door. Enfin, toen in de auto geslapen, door naar Duitsland, daar weer geslapen in die B&B en me vanochtend ‘frisch und frölich’ bij de klant gemeld. Daar wat routinedingen gedaan, nog een lesje gegeven en om één uur trok ik daar de poort achter me dicht en kon gaan rijden. En het was lekker rustig op de weg, dus ik was op tijd thuis om nog wat boodschappen te doen.”
Hij gniffelde. “Onder andere wasmiddel voor de delicate wasjes. Sinds kort hard nodig hier.” Ik trok een wenkbrauw op. “Volgens mij heb ik al mijn vuile ‘delicate wasjes’ tot nu toe braaf mee naar huis genomen, meneer. Maar goed, het getuigt wel van een vooruitziende blik, dat is winst.” Toen keek hij me aan. “En jij, schat? Vandaag nog bijzondere dingen?” Ik vertelde wat ik vandaag gedaan had. Én gisteravond. “Ik heb mezelf lekker verwend, schat. Op bed, denkend aan jou…”
Ik aarzelde, maar zei het toch. “En aan Annet. Hoe wij elkaar verwenden. Was ook lekker…” Hij bromde wat. “Jaja… Jij jezelf lekker verwennen en Frank moest alles maar opsparen? Ik vind hier wat van, dame!” Ik kroelde tegen hem aan. “Ja. En die hele lading van drie, wát zeg ik? …vier dagen ga jij me straks geven. Lekker in jouw geluiddichte slaapkamer.” Hij kuste me. “Ik zie er naar uit, schat. Maar we gaan nu eerst eten, want ik begin trek te krijgen, oké?”
Samen kookten we en op het menu stond: aardappelen, witlofsalade, ieder de helft van de overgebleven schnitzel en een puddinkje toe. Smaakte prima. En daarna de afwas en toen was het bijna half negen. Frank liep naar de deur. “Ik ga even douchen, Gon. Wil jij ook nog?” Ik knikte. “Ja. En daarna ga ik me omkleden om vreselijk met je te vrijen. Al dat opgespaarde zaad van jou in ontvangst nemen… Ik hoop dat het nog niet over de uiterste houdbaarheidsdatum heen is.” Hij knipoogde en verdween. Ik ruimde ondertussen een beetje op, en deed het licht uit in de kamer. Even nog een frisse neus halen…
Ik deed de terrasdeur open. Het begon te schemeren; de zon stond al laag en door de dichte sparren rondom Frank z’n huis wat het al redelijk schemerig hier. De stilte overviel me. Héél in de verte kon ik de A50 horen als een sonore, zachte brom. Voor de rest… een paar vogels die nog van zich lieten horen…
Plotseling kraakte er een tak aan de andere kant van de tuin. En nóg een. En in een kleine opening van de heg zag ik plotseling de kop van een ree tevoorschijn komen. Ik stond doodstil te kijken. Wat móói… Het dier begon aan het gras te knabbelen. Af en toe de kop omhoog, dan weer etend… Hij of zij had me niet in de gaten; ik stond in de schaduw onder de overkapping en bewoog niet. Plotseling ging de kop omhoog en keek het dier mijn richting op. Had het me geroken? Dat kon natuurlijk…
Uiteindelijk waren we hooguit twintig meter van elkaar verwijderd. Het dier vertrouwde het niet. Het bleef kijken, duidelijk op zijn of haar hoede en klaar om te vluchten. Toch bleef hij staan. Totdat de deur van de gang naar de kamer openging en een baan licht de kamer in kwam. Dát werd ‘m te gek en met een sprong was hij weer door de heg verdwenen.
“Gon?” De stem van Frank. “Op het terras”, zei ik zachtjes. Hij kwam naar me toe, in boxer en op slippers. “Ik heb zeker drie minuten oog in oog met een ree gestaan. Zó mooi…” Hij knikte. “Die komen hier vaker. Lekker mals gras. En het scheelt mij weer een maaibeurt als ze hier gegeten hebben. Maar soms komen hier ook wilde zwijnen langs. Dat vind ik minder fijn; die laten het gras wel met rust, maar woelen de rest grondig om, op zoek naar noten, insecten en weet ik veel wat die beesten allemaal vreten. Daarom staan mijn vuilnisbakken ook in de berging; als ik die op het terras zou zetten is het de volgende één grote griebuszooi hier…”
Hij trok me even tegen zich aan. “Zou jij hier wél kunnen wonen, Gonnie? Ook in de winter? Zonder heimwee naar de stad?” Ik knikte. “Ik denk het wel, Frank. Natuurlijk, ik weet niet hoe het hier in de winter is, maar voor nu… Dit is een paradijsje. We hebben de afgelopen weken om een of andere reden nauwelijks buiten gezeten, maar dat wil ik wel meer doen. Dit is genieten met een hele grote G, schat. En de stad? Vier jaar Utrecht was meer dan genoeg om me van het begrip ‘stad’ te genezen.
Ondanks dat Annet en ik een mooi appartement hadden: als je op ons dakterras zat hoorde je overal om je heen wel lawaai. Hetzij een sirene, een toeterende auto, de hoorn van een trein, een burenruzie een straat verderop… En het maakte niet uit hoe laat het was. Ik wil niet weten hoe je daar kunt overleven in een studentenkot van 3 bij 4 meter, drie hoog achter in een oud huis waar nog 8 andere studenten wonen... En er was nauwelijks groen. Het dichtstbijzijnde park was 500 meter verderop; een lapje gras van 200 bij 300 meter met drie zielige bomen er op. Als je dat vergeleek met Born of hier… In Born woonden we ook afgelegen; de snelweg sneed ons behoorlijk af van het dorpsleven.” Ik giebelde. “En de Chinees, niet te vergeten…”
“Rare rooie…” hoorde ik zachtjes naast me. “En nu gaat dit meisje ook even poedelen en wat leuks aantrekken voor haar minnaar. Die gewoon in z’n boxer en op slippers naast me verleidelijk staat te wezen. Tien minuten, Frank, dan ben ik klaar en mag je beneden komen.” Ik stal nog een zoentje en verdween richting badkamer. Snel douchen! Daarna afdrogen. Naakt, met alleen m’n schoenen aan, liep ik de trap af. In de slaapkamer was het behaaglijk. Weekendtas open: bodystocking aan. Slipje er overheen, jurkje en m’n hoge hakken aan. Parfum… Gonnie was klaar voor haar lover! Ik vingerde mezelf even en meteen voelde ik de genotskrampen door mijn poesje. En mijn tepels werden hard. Gonnie was méér dan klaar voor hem! En Frank liet nog even op zich wachten… Ik masseerde mijn clit en voelde dat ik vochtig werd. Nú al? ‘Gon, je bent een geil sexbeest’, bromde ik tegen mezelf. Maar ik genoot ervan…
Ik hoorde Frank naar beneden komen. “Gon?” “Kom maar, schat.” Hij had weer eens bijdehandjes gegeten. “Nu al? Zonder dat ik met je gevreeën heb? Zonde van dat zaad van vier dagen...” Toen kwam hij binnen.
“Oeps… Wéér een andere, maar niet minder verleidelijke Gonnie…” Ik liep naar hem toe. “Ja. En daar zijn er nog veel meer van, schatje. Onder andere dat hele onschuldige meisje uit 5 VWO. Maar die komt nog wel een keertje langs; nu moet je doen met ‘Gonnie de vamp van Born’.
“Nou, daar is niks mis mee… Lekkere dame!”
Hij trok me tegen zich aan en ik voelde dat hij opgewonden was. “Ohhh… Jij hebt er zin in, schatje! Hoe komt dat?” “Door vier dagen celibatair leven. Da’s afzien ho…” Verder kwam hij niet; ik zoende zijn mond dicht en duwde mijn onderlichaam wat strakker tegen hem aan. Tong in zijn mond… en hij beantwoordde me! Even stonden we lekker te tongen, toen duwde ik hem ruggelings op bed. Ik trok zijn onderbroek uit; zijn harde pik veerde omhoog. “Ohhh… dát ziet er lekker uit! Die wil ik in mijn poes! Nú!”
Ik ging op hem zitten en trok mijn jurkje omhoog. Frank keek vragend. “Wl je niet eerst…” Ik boog voorover en kuste hem weer. “Nee. Ik wil je nú. Al die uren opgespaard sperma van jou diep in mijn geile kut voelen spuiten.” Ik giechelde. “Ik heb al wat aan preventieve smering gedaan, schatje. Aan jou de eer om er mengsmering van te maken.” Hij grinnikte mee. “Je blijft me verbazen, rare rooie…”
Ik spreidde mijn benen en ging wat naar voren, pakte zijn harde geslacht en positioneerde hem tegen mijn poes. “Hier jij. Volg de pijlen! Ik ga je aanranden, Frank Veenstra!” Hij grinnikte even, maar toen ik me over zijn pik liet zakken ging het grinniken over in brommen. “Jij bent…” Ik knikte. “Ja, ik ben al lekker vochtig. En als ik jou ga neuken, wordt dat alleen… oeiii… maar meer… lekkere vent van me… Ahhh!”
Ik had me laten zakken en tegelijk was Frank omhooggekomen. Zijn geslacht was in één keer hard en diep in me doorgedrongen… Een beetje dieper dan waar ik op gerekend had. “Even niet bewegen Frank… Dit ging wel erg diep.” Hij keek me aan. “Sorry… je maakt me helemaal gék, Gon. Ik kon me niet meer beheersen.” Ik streelde zijn gezicht. “Laat mij het zware werk maar doen. Jij mag genieten. En klaarkomen. Diep in me. En daar ga ik nu voor zorgen, mooie vent.” Ik kwam iets omhoog, trok mijn bekkenbodemspieren aan en begon héél voorzichtig op en neer te bewegen. Mijn poes hield hem vast en trok hem af.
En tegelijk streelde ik zachtjes over zijn borst en genoot ik van zijn gezicht; hij keek me aan en zijn bruine ogen lieten me geen seconde los. “Geniet jij een beetje, Frank?”
Hij hijgde: “Genieten? Dat is… het grootste understatement van de eeuw… Er zit een hele knappe vrouw op me die… me gewoon uitmelkt… Gon, ik hou dit niet lang vol! Dit is zó heerlijk…”
Ik boog me voorover en zei, met mijn hoofd vlakbij hem en met mijn haren als een sluier om ons heen: “Laat je gaan, Frank. Toe maar… Lekker klaarkomen in mijn warme poes. Ik voel je diep in me en dat is heerlij…”
Hij kwám klaar! Ik voelde zijn penis dikker worden en toen… Schokkend spoot hij in me: vijf harde stralen voelde ik in me komen en ik genoot van zijn gezicht: bij de eerste kneep hij zijn ogen dicht, maar toen keken zijn ogen me intens aan om de mijne niet los te laten, nog steeds in de intimiteit van mijn haren om onze gezichten heen.
Toen ontspande hij. “Gon…” Meer zei Frank niet, maar het was genoeg. Ik streelde zijn gezicht. En even later kwam ik omhoog en gleed hij uit me. Een handdoekje absorbeerde het meeste vocht en ik ging naast Frank liggen en knipoogde naar hem. “Zo, lekkertje…” Hij kuste me. “Dank je wel, mooie rooie… Dit was wéér anders. Maar heerlijk…” Een lange knuffel volgde. Toen zei hij zachtjes: “Maar jij, schat? Jij hebt hard gewerkt. Maar volgens mij ben jij niet…”
Ik legde een vinger op zijn lippen. “Sssst. Ik heb minstens net genoten als jij, Frank. Het gevoel van jouw mooie, spuitende pik diep in me… Je gezicht terwijll we bezig waren... Kan ik heerlijk van genieten.” Ik giebelde. “Alleen jammer dat het zo snel op is…” Hij kneep even in mijn zij. “Pestkop.” Ik kwam overeind. “Even dit jurkje uitdoen… Dat slaapt niet zo comfortabel.” Toen ik het jurkje uit was, vóelde ik zijn blikken over me heen gaan. “Gon… Je bent prachtig zo… En heerlijk om te strelen…”
Hij voegde de daad bij het woord: ik voelde zijn handen overal over m’n bodystocking glijden. “Sorry, dit had ik nog helemaal niet gezien…” Ik giebelde. “Ik had je ook weinig gelegenheid daarvoor gegeven, Frank. Maar dat mag je nu compenseren met die lekkere handen van je. Maar of ik wakker blijf… Ik weet het niet.” Hij trok me naar zich toe. “Jouw beurt om te genieten, Gonnie. Vertel me maar wat je graag wilt.” Ik moest gapen. “Sorry… streel me maar lekker zachtjes. Over mijn rug, m’n billen, m’n armen en benen… Maar dit meisje valt zo dadelijk in slaap. Heerlijk in de armen van haar mooie vent. Kan ik ook van genieten, Frank.” Ik kuste hem zachtjes. “Lekker slapen zo dadelijk?” Hij bromde: “Ik weet niet of dat gaat lukken met zo’n heerlijke vrouw naast me…” Ik draaide mijn rug naar hem toe en gleed tegen hem aan. “Leg maar een arm om me heen, Frank. Ik wil zó in slaap vallen: tegen jou aan, in je armen. Lekker veilig… In een ouwe Duitse bunker waar vroeger ongetwijfeld schunnige, Duitse liedjes zijn gezongen.” Hij gniffelde en streelde héél zachtjes over mijn linkerborst. Ik genoot ervan…
Woensdagochtend werd ik langzaam wakker door de fluitende vogeltjes op de grote TV. Frank lag nog te slapen en ik bekeek hem in het zachte licht van het beeldscherm. Met zijn ogen dicht ontbrak er toch iets. Zijn ogen… Dat was Frank. Hij kon bijna met zijn ogen praten; ze lieten zien wat hij dacht of voelde. Zijn gezicht? Ik had wel knappere mannen gezien. Maar die ogen…
'Ogen zijn de spiegel van ziel' De uitspraak werd aan Leonardo da Vinci toegeschreven, had ik ooit geleerd, en de man had gelijk gehad. Als ik in Frank z’n ogen keek, kon ik zien in wat voor stemming hij was. Meestal vrolijk, soms romantisch of vurig, maar het afgelopen weekend had ik die ogen voor het eerst ook woedend gezien toen hij vertelde over het plotselinge vertrek van Hetty. Ondanks dat hij nog sliep kuste ik hem zachtjes. Hij reageerde door een arm om me heen te slaan.
“Hoi schoonheid… Goeiemorgen. Is het alweer zo laat?” Zijn ogen gingen nu open en hij keek naar mij. “Ja knul, we mogen weer komen opdraven. Ik in Ede, en waar ga jij vandaag heen?” Hij gaapte. “Doetinchem. Niet zo ver en lekker tegen de file in. En… ik hoef er pas om negen uur te zijn, dus ik heb ruim de tijd om mijn vriendinnetje te verwennen.” Hij trok me nu helemaal tegen zich aan en ik genoot ervan. Even lagen we lekker te knuffelen, maar toen maakte ik me los.
“Nu stoppen, vrijer. Weliswaar kun jij schandalig uitslapen, maar ik word rond half acht weer in Ede verwacht. En voor die tijd wil ik wel even douchen, aankleden, optutten en ontbijten.” Ik hoorde zachtjes in mijn oor: “Als je vertelt waar je sliep heeft Simon vast wel wat consideratie met je, liefje. En anders Yvonne wel.” Ik voelde zijn penis groeien en maakte me los. “Niks ervan. Ik ga douchen en daarna jij. Als ik, nadat ik hier heb geslapen, telkens te laat op het werk kom, gaan ze er iets van vinden. Dan mogen we alleen nog maar in het weekend bij elkaar zijn of zo. Bovendien wil ik vandaag nog hard aan de slag voor bureau O&O; morgen en overmorgen komt daar weinig van terecht, denk ik.”
Op zijn vragende blik antwoordde ik: “Ja. Morgen komt Mariëlle naar Ede; die zal ik écht op sleeptouw moeten nemen en vrijdag komt ene Veenstra ook naar Ede en dan zijn er twee mogelijkheden: óf hij duikt onder m’n bureau en gaat mij grofstoffelijk betasten zodat ik enorm afgeleid word, óf hij duikt onder mijn bureau, wil me grofstoffelijk gaan betasten maar wordt afgeleid doordat er iemand binnenkomt. Stoot vervolgens z’n kop, vloekt de boel bij elkaar en dan moet ik meneer weer meenemen naar Yvon voor ijskompressen. Kom ik wéér niet aan m’n werk toe.”
Frank keek me aan. “Je weet het leuk te verpakken. Nou, er uit! Als je nog één seconde langer blijft liggen, kom je voorlopig niet weg. Húp!” Ik gleed uit bed en trok al mopperend m’n schoenen aan. “Je bent een slavendrijver in sexy verpakking, meneer Veenstra. Telkens als ik hier wil douchen moet ik vijf meter betontrap op of af. En aangezien die trap nogal ruw is aan mijn tere voetjes moet ik telkens schoenen aan. Wanneer maak je eens een natte groep hier beneden? Zou heel veel comfort schelen…”
Ik keek en zijn gezicht en zuchtte. “Jij zit weer iets gemeens te bedenken. Nou, voor de draad ermee!” Frank kwam overeind en viste het handdoekje uit het bed. “Als jij hier bent, neem je meestal eigen ‘natte groep’ mee, schatje…” Ik snoof, pakte mijn slipje van gisteravond van de vloer en smeet dat in zijn gezicht. “”Hier. Minder nat dan de vorige keren, maar je doet het er maar mee. Ik ga douchen. Bóven, verdorie.” Het laatste wat ik zag was Frank die mijn slipje over zijn pik liet bungelen en op de trap hoorde ik: “Je doet het er maar mee? Oké schat… Niet raar opkijken van extra vlekken in dat slipje hé?” “Smeerlap!” gilde ik naar beneden en liep de douche in.
Zo… even snel poedelen… Vijf minuten later droogde ik me af en trok m’n ondergoed aan. Frank loste me in de douche af. En wéér naar beneden, daar stond mijn weekendtas met de kleren voor vandaag. De vuile was, inclusief slipje, in een zakje in de weekendtas en aankleden maar weer. Na het ontbijt reed ik richting Ede. Frank kon wat later weg.
En eenmaal in Ede had ik het druk. Tijdens de koffie met Yvonne overleggen waar we Mariëlle zouden onderbrengen. “Ik wil haar niet meteen als receptioniste voor de leeuwen gooien, Gon. Ze mag eerst even rustig een weekje of zo inwerken, de zaak leren kennen, weten wat we doen. Daarna kan ze als receptioniste aan de slag, want dan weet ze ten minste van de hoed en de rand. Dus voorlopig mag jij haar onder je hoede nemen bij O&O, oke?”
Ik vond het een prima plan; bovendien konden we dan ook overleggen hoe we de zaken in Terschuur aan zouden pakken. Dus liep ik, samen met Gerben even later met een bureau te sjouwen. En een bureaustoel, een computer, monitor, enfin… alles wat nodig was voor een fatsoenlijke werkplek.
Yvon maakte een account voor Mariëlle aan op het netwerk en als klap op de vuurpijl bietste ik bij Yvon een felicitatiekaart en schreef op de achterkant: ‘Welkom Mariëlle! We hopen dat je je thuis voelt hier!’ Toen ik om tien uur daarmee bij Yvon kwam voor haar handtekening, knikte ze. “Dát heb ik nog nooit gedaan voor een nieuwe medewerker, Gon. Maar het is wel een mooie geste. Die ga ik onthouden. En een stel wat toepasselijker kaarten kopen. Iets met ‘Een nieuwe baan!’ erop of zo…”
Ik keek ondeugend. “Maak er dan maar meteen eentje klaar voor Teuntje de Weever, Yvon.” Haar mond zakte een centimeter open en ze keek me onderzoekend aan. “Soms… soms heb ik het idee dat jij helemaal geschift bent. Met dit soort ideeën… Hoe haal je het in je hoofd!” Ik knipoogde. “Goeie invloed van mijn vrijer.”
Ze maakte een minachtend geluid. “Van Frank? Echt niet. Die is de serieusheid zelf…” Ik draaide me richting bureau O&O en zei over mijn schouder: “Hij zou je nog wel eens kunnen verrassen, Yvon.” Er schoot me iets te binnen en ik liep terug. “Overigens… Ik wil jou en Simon nog bedanken voor de ‘vakantietherapie’ van Frank in Noorwegen. Hij heeft me dit weekend daarover verteld. Volgens hem het beste wat hem ooit is overkomen, Yvon. Dank je wel.” Ze glimlachte. “Frank heeft ons ook nogal uitgebreid bedankt, Gon. Met een enorme bos bloemen toen hij terugkwam. Fleurop heeft toen een hele goeie dag gehad, dat weet ik zeker. En wij hadden weer een opgewekte Frank. Eentje die zich niet kapot werkte, maar ook andere dingen ging doen. En weet je…”
Ze keek me aan en zei zachtjes: “Kun jij een geheim bewaren? Het geld voor die vakantie kwam niet alleen uit het bedrijf of van Simon en mij, hoor. Mike, Ben, Gerben en Alex hebben samen de helft betaald. Maar als je dat tegen Frank verteld: hou er dan rekening mee dat je op een nogal pijnlijke wijze vermoord wordt. Ze willen ab-so-luut niét dat Frank dat te horen krijgt, denk er aan!” Ze keek nu ronduit waarschuwend en ik stond met m’n mond vol tanden.
“Hebben die heren dat… Waarom?” Yvonne keek ernstig. “Omdat ook zij zagen dat Frank zich in zijn werk begroef. Zich letterlijk kapot werkte. Heeft Frank verteld van die trektocht?” Ik knikte. “Hij was nog zo blij geweest om na vijf dagen afzien die rood-witte boot te zien, zei hij.”
Yvon lachte. “Dat zal wel… Maar het idee van die trektocht kwam van Gerben. Terwijl we zaten te brainstormen over welke uitjes we voor Frank zouden reserveren, wees hij die trektocht aan en zei: ‘Meneer moet niet drie weken in de watten gelegd worden. Hij moet ook op zichzelf terugvallen en gewoon afgeknepen worden. Dán pas ga je over dingen nadenken. Dus ik stel voor om hem op die trektocht mee te sturen. Het is geen watje, dus fysiek zal dat geen punt zijn. Maar hij moet de afgelopen tijd kunnen relativeren. En dat lukt prima als je met een rugzak door zwaar terrein loopt. Dan ga je vanzelf nadenken. En ik ben ervaringsdeskundige…’ En toen keek hij even héél zielig. Maar nogmaals Gon: dit mag je pas aan Frank vertellen ná toestemming van de jongens, anders word je gevierendeeld. Letterlijk.”
Ik knikte. “Oké. Maar hoe dan ook: het heeft hem vreselijk goed gedaan, schat. Nogmaals: dank je wel.” Yvon giebelde. “Alles om je personeel goed in hun vel te laten zitten, Gon. Daarom ben ik ook zo’n keiharde HR-manager…” Nu lachten we samen, daarna verdween ik weer naar m’n bureau. Gerben zat achterover geleund aan het ‘helpdeskbureau’. Zonder headset op.
Hij keek me aan. “Dat was Yvon zei over vierendelen en zo klopt voor de volle honderd procent, Gon. Als jij daarover je mond opendoet tegen Frank, heb je vier héle boze kerels tegenover je, denk daar goed aan.” Ik liep naar hem toe. “Dat had ik al begrepen, meneer de Marinier. En jij dank je wel dat je Frank gewoon vijf dagen hebt laten afzien.” Hij knipoogde. “Allereerst is het niet ‘meneer de Marinier’, maar ‘korporaal’ en ten tweede: ik heb aan den lijve ondervonden hoe heilzaam het is om zwaar afgeknepen te worden als je met jezelf in de knoop zit. Dié therapie heeft ook voor Frank gewerkt en daar zijn we hier allemaal blij mee. Het is geen ‘chef’, het is één van ons team. Punt. En nu opduvelen; er staat weer een klant op mijn kostbare hulp te wachten… Met Gerben Lelyveld, goedemorgen…”
Ik knipoogde en ging ook weer aan het werk. ’s Morgens zat ook ik het grootste deel aan de telefoon, ’s middags, na een wandelingetje met Gerben, moest ik alles in Excel verwerken. En nog een klusje van Yvon erbij doen: declaraties. Op zich niet zo gek veel, maar moest wel in ‘ons’ systeem verwerkt worden. Maar na een half uurtje cursus van Gerben lukte me dat wel.
En ik ontdekte dat het inderdaad een ‘mensvriendelijk’ systeem was! Geen formules inkloppen zoals bij Excel, maar alles had aparte tabbladen die een duidelijke titel hadden en zaken voor je oplosten en berekenden. Tot en met de BTW-aftrek: het programma wist feilloos of zaken voor BTW-aftrek in aanmerking kwamen of niet. Ik nam de proef op de som; een aantal zaken waren recent veranderd omtrent de aftrekposten: ik voerde een aantal ‘fake’ kosten in en verhip… het programma verwerkte het keurig volgens de laatste fiscale regels. En er werd een ‘pop-up’ waarin een snelkoppeling stond naar de relevante regelgeving.
Ik kreeg steeds meer respect voor Martin en z’n clubje nerds, want die moesten dat wél allemaal verwerken… En ‘Den Haag’ strooide nieuwe regelgeving met gulle hand over het land uit… Maar wellicht hadden zij ook een abonnement op zo’n ‘compliance-programma’. Zou me niets verwonderen, want al die nieuwe fiscale regeltjes handmatig invoeren zou nogal een klus zijn…
Bijtelling van de leaseauto’s. Ook zoiets. Vier collega’s hadden een leaseauto. Als ik één van de collega’s selecteerde in het tabblad ‘Reiskosten’ werd meteen zichtbaar welke auto hij had, of dat een brandstof- of een elektrische auto was, mét de bijbehorende bijtelling, welke kilometerstand er bij de laatste APK was vastgesteld, wanneer het ding aan het eind van z’n leasecontract was, hoeveel de dagwaarde was… enfin, zo ongeveer alles wat je kon bedenken, tot en met de begane verkeersovertredingen inclusief boetes aan toe.
Oh… Even spieken bij Frank! Zou hij stiekem een aso-rijder blijken te zijn? Ehhh… Nee. Geen overtredingen. Nee, natuurlijk niet, muts! Die Volvo was van Frank zelf. Alle ‘fanmail’ van het CJIB kwam in Schaarsbergen terecht… Had de zaak niks mee te maken. Maar goed: de gegevens van Frank z’n V60 stonden wél in het systeem, inclusief VIN-nummer, kenteken, type auto enzovoorts. En met één muisklik kon ik, aan de hand van zijn declaraties, op Google Earth zien waar hij de laatste drie maanden voor de zaak was geweest. Datum selecteren en de rit werd in rood aangegeven. Volgens de route die de AMWB-routeplanner aangaf; als Frank aangaf dat hij een andere route had gereden, vroeg het systeem meteen om een reden.
Ik klopte de reisgegevens van de afgelopen twee weken braaf in; Martin en z’n club hadden weinig extra’s te declareren: die hadden vrijwel alleen woon-werkverkeer. Yvon: idem. Maar Simon was elke dag wel op pad, en uiteraard Gerben, Alex, Ben, Mike en Frank ook. Oh, verhip Gonnie: Jij ook! Die ritjes naar Terschuur vorige week…
Ehh… Maar die had ik met Frank z’n auto gereden. Hoe werkte dat? Even zoeken… Aha: een vakje ‘Alternatieve bestuurder’. Ik vulde mijn naam in en het werd keurig verwerkt. En de kilometervergoeding werd bij Frank bijgeschreven… Dat was wel weer jammer. Kortom: ik leerde deze middag heel wat bij. En dat zei ik om vier uur tegen Gerben. Die lachte. “Eén van de grootste voordelen van ons systeem, Gon. Zelfs de meest rooie digibeet kan ermee omgaan…”
Een doosje nietjes vloog zijn kant uit en hij bukte snel. “De volgende keer smijt ik met een heet tosti-ijzer, korporaal!’ Gerben wees op de grond achter zich. “Wilt u zo vriendelijk zijn om de rotzooi die u zelf heeft veroorzaakt op te ruimen, mevrouw Peters?” Het doos met nietjes was tegen de muur uiteen gespat en er lag een redelijke verzameling ijzer op de grond. Ik bromde: “Ik leg nog een aantal doosjes op mijn bureau. En die plak ik dan wel dicht, verdorie.” Hij gniffelde. “Ik zal maar even opstaan als jij hier opruimt. Voor hetzelfde geld komt Yvon binnen als jij op je knieën bij mijn bureau rondstruint en dan zijn de rapen gaar…”
Ik keek boos en hij bleef lachen. “Ik heb wat van Ben vernomen. Over een bult op Frank z’n kop…” Ik zuchtte en pakte een zachte bezem uit de kast in de gang. Maar toen ik terugkwam... Op de grond was geen nietje meer te bekennen en de grijns van gerben liep van oor tot oor. "Hoe heb jij dat zo snel geflikt, meneer Lelyveld?" Hij vroeg heb jij vroeger Natuurkunde op school gehad, mevrouw Peters?" Ik knikte. "Vier jaar. En ik was er best wel goed in. Hoezo?" Hij pakte een grote presse-papier van zijn bureau. Met aan de onderzijde de inhoud van een doosje nietjes. "Dan behandelde jouw het verschijnsel 'magnetisme' waarschijnlijk in het laatste jaar? Ja, dat dacht ik al..." Hij veegde de nietjes van de magneet in de prullenbak.
Ik snauwde: “De volgende keer in het een doosje punaises, meneer Lelyveld. Die zijn meestal van koper of messing. En ik mag hopen dat er dan een paar op je stoel liggen. Rotzak.” Hij knipoogde. “Ik ga er vandoor, Gon. Ik hoop de files voor te zijn.” “Dank voor je hulp met die software, Gerben. En een fijne avond!” Met een zwaai liep hij weg.
Goeie vent… Ook hij had z’n ogen niet in z’n zak gehad als het om Frank ging. En dat die vier gekken uit eigen zak de helft van die cruise hadden betaald… Het zei wel héél veel over de sfeer hier. Verdorie, nu wil ik het weten ook! Hoeveel kostte zo’n cruise? Ik zocht de website en vijf minuten later rolde ik met m’n ogen.
Meer dan 3.500 euro… En dan waren die vijf dagen afzien voor Frank er nog niet eens bij opgeteld! En die vier gekken hadden samen de helft betaald… Dat kwam per man neer op zo’n 500 euro. Ik nam me voor om hen, hoe dan ook, te laten weten dat ik dat héél erg waardeerde. Want anders had Frank zich wellicht inderdaad kapotgewerkt of was tegen een boom aangereden… Ik ruimde de laatste spulletjes op, sloot het bureau af en na een groet aan Yvon liep ik nadenkend naar de auto...
Allereerst een goed en vooral veilig 2026 gewenst, samen met degenen die jullie dierbaar zijn. Ik ben deze dagen nog steeds 'in den vreemde' en dat is jammer, maar aan de andere kant is het goed en fijn om hier échte kameraadschap te kunnen ervaren.
Je zit samen met collega's ergens waar je van je lang zal hij leven nooit op vakantie zou gaan, dus je moet er sámen het beste van maken.
Nu heb ik dat al een aantal keren eerder meegemaakt in mijn loopbaan, maar het blijft telkens weer bijzonder.
En dan blijkt die collega, waar je in Nederland in feite nooit zo goed mee op kon schieten, uiteindelijk tóch iemand te zijn waar je goeie gesprekken mee kunt voeren en die je in het werk voor 100 procent kunt vertrouwen.
Nog een paar weken, en dan hoop ik weer op Eindhoven te kunnen landen. Tot die tijd blijft mijn bud in Nederland netjes de volgende delen van "Gonnie" opsturen naar de redactie. Doet hij prima, kan ik zien op de schaarse momenten dat het Internet het hier doet én ik de tijd en rust heb om even te kijken...
Maak er wat moois van, ook in 2026!
Groet,
Keith.
Dinsdagochtend werd ik vroeg wakker. En dat was maar goed ook, want het was een nogal kleffe boel in bed. Nou ja. Ik had er wel plezier van gehad. Bed afhalen, alle klamme was in de machine en die maar alvast even laten draaien. Die deed ik wel uit als ik weg ging, dan kon de handel weken. Daarna: douchen! En m’n haren wassen, dat was ook nodig. Bij m’n poesje mijn pijltje even trimmen; anders zou Frank de weg kunnen kwijtraken… De rest lekker glad scheren. Opgefrist kleedde ik me aan en maakte me een beetje op. Eten en lunchpakket klaarmaken…
Om tien over zeven sloot ik af, deed de wasmachine uit, controleerde of alles uit en dicht was en stapte in de auto. Zo. Nu hopelijk even een ‘gewone’ dag, na al die hectiek. Bij het werk aangekomen was ik de eerste. En ik had nog geen sleutel, dus werd het wachten op een van de anderen. Even later reed Martin, het hoofd van de software engineers, de parkeerplaats op. Het contrast tussen zijn kleding en zijn auto viel me op.
Hijzelf: een oud vest, spijkerbroek die nogal verbleekt was, een baard van drie dagen… Zijn auto, een wat oudere Saab 900: picobello in de lak, geen krasje of deukje te zien, zijn velgen glanzend… “Morgen Martin.” “Hoi Gon. Hoe is het met jou?” Ik lachte. “Heb je even?” We liepen naar binnen en naar de koffiemachine. Terwijl het ding bezig was, keek hij me onderzoekend aan en ik zei: “Heb ik iets van je aan,, Martin?”
Hij grinnikte. “Jouw broek gaat mij niet passen, Gon.” Dat klopte; Martin was ruim tien centimeter langer dan ik en behoorlijk fors gebouwd. En met het begin van een buikje. Hij vervolgde: “Wij zijn gisteren door Simon ingelicht over Terschuur. En dat jij daar orde op zaken gaat stellen. Dat lijkt me nogal pittig voor iemand die nét drie weken hier werkt. Of zie ik dat fout?”
Mijn beurt om koffie te tappen. En terwijl de machine z’n werk deed, vroeg ik: “Wat weet jij van mijn achtergrond, Martin?” Hij fronste. “Nou… je bent directiesecretaresse geweest, hebt daar ontslag genomen en bent een paar maanden later hier aan de slag gegaan. Da’s ongeveer de samenvatting, geloof ik.” Ik knikte. “En die is correct. Maar daarvoor heeft dit meisje vier jaar gestudeerd in Utrecht en heeft haar Bachelor Economie en Bedrijfskunde gehaald.”
Hij floot zachtjes. “Oei… Dan hebben we jou een beetje verkeerd ingeschat, Gon. Dát wisten we niet. We dachten…” Hij zweeg en ik zei, lief lachend: “… dat ik een dom blondje was die haar haren geverfd had misschien?” Hij bromde “Nou, dat nog net niet, maar…” Ik keek hem aan. “We hebben ook nog niet zoveel met elkaar gesproken, Martin. Jullie sluiten jezelf nogal op in jullie ‘mancave’, ik ben hier beneden hard aan het werk… We zouden bijna bij verschillende bedrijven aan het werk kunnen zijn. Ik stel voor dat we daar snel een verandering in aanbrengen. Mag ik straks om tien uur mijn koffie bij jullie opdrinken zodat jouw lui mij ook wat beter leren kennen?”
Hij knikte. “Da’s een goed plan.” Toen gniffelde hij. “We zullen voor die tijd wel even opruimen.” Ik knipoogde. “Da’s fijn. Geen zin dat ik op kousenvoeten weer naar beneden moet omdat deze charmante schoentjes aan jullie linoleum bleven plakken.” Hij zuchtte diep. “Je bent af en toe een onuitstaanbaar kreng, mevrouw Peters.” “Ja. Vraag maar aan Frank, die is het vast me je eens. Maar Martin: toen jij net uitstapte… Jouw auto ziet er uit alsof hij vanochtend uit de showroom van een Saab-dealer kwam. En jijzelf… Hoe zeg ik dat netjes? Nou ja, je hebt zo te zien nog nét niet onder een brug geslapen, maar veel scheelt het niet.”
Hij grinnikte weer. “Imago, Gon. Wij ontwikkelaars worden verondersteld geboren nerds te zijn en ons geen flikker aan te trekken van welke vorm van conventie dan ook. Twee van de jongens zijn dat ook. Denken dat 'etiquette' op potten jam zitten geplakt. Hun toetsenbord, hun muis en hun beeldscherm, dat zijn hun werelden. En ik doe daar een beetje aan mee. Maar als ik thuis kom, is het eerste wat ik doe: omkleden en ‘gewone’ kleren aan. En die baard? Mijn vrouw is er gék op. Dus…
En mijn auto? Is bijna twintig jaar oud, maar ik ben de eerste eigenaar. Heeft nu meer dan negen ton op de teller. En alles wat er aan gedaan is, heb ik zelf gedaan. Ik ken elk moertje, boutje en stekkertje, want die heb ik al eens door m’n handen laten gaan. Ik ben helemaal verknocht aan het ding, dus wordt hij ook vertroeteld. En nu ga ik naar boven, anders is er niet netjes opgeruimd al we hoog bezoek krijgen!” Hij verdween en ik liep naar bureau O&O.
Computer aan… Even later kwam Gerben binnen. “Zo! Jij bent op tijd, Gon!” Ik keek op. “Tja, als je in de baas z’n tijd ’s middags op een terrasje in Barneveld een enorme sorbet naar binnen zit te werken, moet je dat wél compenseren natuurlijk.” Hij keek vragend en ik legde het kort uit. “Dus… Met ingang van donderdag hebben we een nieuwe collega?” Ik knikte. “Ja. En vergis je niet: Mariëlle mag op het oog heel verlegen...”
Hij onderbrak me. “Het is een hele pientere dame, Gon. Ik heb haar twee dagen in de klas gehad, weet je nog?” Oh ja… “Nou dat zal een leuk weerzien tussen jullie worden, Gerben.” “Ja. Eens kijken of ze me dan nog zo bedeesd aanspreekt met ‘Meneer Lelyveld’.” Ik snoof. “Misschien de eerste keer als ze je een hand geeft, maar daarna is dat snel afgelopen, vriend! Ze komt hier even indribbelen en een spoedcursus assertiviteit ondergaan, voordat wij Dinsdag naar Terschuur gaan en daar voorgesteld worden als ‘interim manager’. Dat zal wel wat fuzz opleveren daar, maar dat zal me jeuken.”
Gerben grijnsde. “Kun je exact aangeven wáár het dan gaat jeuken, Gon? Misschien kan Frank je daarbij helpen…”
Ik pakte een pen en smeet die zijn kant uit. “We hadden het over een cursus assertiviteit, meneer Lelyveld. Het is niet de bedoeling dat Mariëlle meteen ondergedompeld wordt in jullie smerige toespelingen!” Gerben had de pen handig opgevangen, liep naar bureau en legde het ding netjes in het bakje. Toen zei hij serieus: “Snap ik. Want daar heeft ze haar aandeel volgens mij al meer dan genoeg van binnen. En dat waren geen ‘geintjes’, maar sommige opmerking waren gewoon schofterig grof.” Ik knikte. “Precies. En dát gaan we veranderen bij de Weever, voordat er ook maar één letter over samenwerking op papier komt.” Hij knikte. “Dat is jou wel toevertrouwd, denk ik. Wou je nog een kop koffie? Dan haal ik die meteen.” “Geef maar een beker koud water. Ik heb al koffie op. En oh ja: Om tien uur drink ik boven koffie. Even wat beter kennismaken met Martin en z’n jongens.”
Hij trok een gezicht. “En daarna meteen chemisch ontsmetten en douchen zeker?” “Wellicht niet; Martin had beloofd dat ze boven een beetje zouden opruimen voordat het damesbezoek op haar hoge hakjes binnen zou trippelen…”
Hij stak een duim op. “Dat is Yvon nog niet gelukt!” Ik trok een hooghartig gezicht en zei met een geaffecteerde stem: “Ach… Met mijn charismatische persoonlijkheid is dat natuurlijk een fluitje van een cent…” Hij maakt een minachtend geluid, liep naar de deuropening en zei over zijn schouder: “Over het paard getilde trut…”
En meteen kwam uit de hal commentaar. De stem van Yvon. “Hé, meneer Lelymoeras! Niet op die manier tegen een gewaardeerd collega tevens een vriendin van mij! Anders kun je die declaraties wel op je buik schrijven deze maand!” Lelymoeras??? Nou ja, er zou wel iets achter zitten van voor mijn tijd…
Om tien uur ging ik naar boven, een beker koffie in de hand. En klopte netjes aan. Martin deed open. “Waarom klop jij?” “Omdat ik nóg een keer op m’n sodemieter wil krijgen omdat jullie met iets belangrijks bezig zijn, Martin…” Hij lachte. “Dat heeft indruk gemaakt? Mooi. Kom binnen, Gon.” De ruimte zag er nu enigszins fatsoenlijk uit. Oké, Mike zou nog steeds zijn wenkbrauwen optrekken, vooruit. En de vloer plakte niet. Ik bleef een kwartiertje en dat was best wel gezellig. En ik kreeg een indruk van wat zij deden. Indrukwekkend, hoewel ik hooguit een kwart begreep. Toen ik wegging zei Martin: “Als je alleen beneden zit, mag je best vaker komen koffiedrinken, Gon.” Ik knikte. “Dank en dat geldt omgekeerd ook hoor. Als een van jullie solo werkt… Loop dan gewoon bij ons binnen. We werken voor dezelfde baas, ten slotte.”
De rest van de dag? Druk. Gerben en ik liepen de lunch buiten op te eten, maar toen moest hij weer achter zijn beeldscherm. En ik? Behalve mijn ‘gewone werk’ spitte ik nog wat documentatie door van de Weever. En kwam nog wat zaken tegen die Junior begin dit jaar had ingevoerd. Die noteerde ik bij de rest van de ellende. Ik kreeg een steeds minder frisse indruk van de vent…
Om half vijf pakten Gerben en ik onze spullen, groetten Yvonne en liepen richting parkeerplaats. “Fijne avond, Gerben!” “Jij ook! Doe je de groeten aan Frank?” Ik stopte. “Hoe weet jij…” Hij lachte me uit. “Frank was gisteren in Groningen, vandaag in Duitsland. Morgen moet hij ergens hier in de buurt zijn, geloof ik. Dus hij is vanavond in Schaarsbergen. Eén en één is twee. Have fun!” Voordat ik verder iets kan zeggen klapte de deur van zijn auto dicht en reed hij met een brede grijns op zijn gezicht weg. De rotzak… Enfin, hij had wel gelijk. Maar lag het er zó dik bovenop? Blijkbaar wel dus.
Ik pakte mijn telefoon en appte Frank. “Loont het al de moeite om de Koningsweg af te rijden, meneer Veenstra?” Het antwoord kwam binnen de minuut. “Over twintig minuten is de koffie klaar!” Top. Ik startte de Golf en reed weg. Kalm aan bij de uitrit van Vika… Niks aan de hand, geen heftrucks. Negentien minuten later draaide ik Frank z’n inrit in, het hek stond al open. En eenmaal binnen voelde ik zijn armen om me heen en dat was heerlijk! “Hé mooie kerel…” “Hoi mooie vrouw. Welkom maar weer in mijn optrekje. Koffie?” Ik knikte en hij wees op de bank. “Lekker zitten; ik ben al een uur thuis. Heb je al trek of…?” “Rustig aan. Eerst even lekker kletsen met een bak koffie. Daarna lust ik wel wat, maar dat heeft nog geen haast hoor.”
Lekker tegen elkaar aan geleund bespraken we onze wederwaardigheden. In Groningen had de IT-er een enorme blunder gemaakt en hun hele systeem in de war gegooid; hij kon niet meer bij de back-up en had dus uit pure ellende Frank gebeld. “Enfin, ik heb drie uur zitten knoppenbonken; toen had ik een back-up te pakken. En een uur later de fout gevonden en hersteld. En vervolgens de man helemaal te pletter gevloekt omdat hij exact datgene had gedaan waar ik hem vorige week voor gewaarschuwd had: hij dacht slimmer te zijn dan wij en dacht een mooie shortcut gevonden te hebben in de software. Helaas voor hem: dat werkte niet. Kortom: hij staat op straat. Een jongere collega mocht zijn plaats innemen. Ik hoop dat die wél luistert, verdomme. En hun directie was minder blij toen ik mijn urenformulier inleverde. Maar dat is hun probleem; het bedrijf kon in ieder geval maandagochtend zonder al te veel hickups weer door. Enfin, toen in de auto geslapen, door naar Duitsland, daar weer geslapen in die B&B en me vanochtend ‘frisch und frölich’ bij de klant gemeld. Daar wat routinedingen gedaan, nog een lesje gegeven en om één uur trok ik daar de poort achter me dicht en kon gaan rijden. En het was lekker rustig op de weg, dus ik was op tijd thuis om nog wat boodschappen te doen.”
Hij gniffelde. “Onder andere wasmiddel voor de delicate wasjes. Sinds kort hard nodig hier.” Ik trok een wenkbrauw op. “Volgens mij heb ik al mijn vuile ‘delicate wasjes’ tot nu toe braaf mee naar huis genomen, meneer. Maar goed, het getuigt wel van een vooruitziende blik, dat is winst.” Toen keek hij me aan. “En jij, schat? Vandaag nog bijzondere dingen?” Ik vertelde wat ik vandaag gedaan had. Én gisteravond. “Ik heb mezelf lekker verwend, schat. Op bed, denkend aan jou…”
Ik aarzelde, maar zei het toch. “En aan Annet. Hoe wij elkaar verwenden. Was ook lekker…” Hij bromde wat. “Jaja… Jij jezelf lekker verwennen en Frank moest alles maar opsparen? Ik vind hier wat van, dame!” Ik kroelde tegen hem aan. “Ja. En die hele lading van drie, wát zeg ik? …vier dagen ga jij me straks geven. Lekker in jouw geluiddichte slaapkamer.” Hij kuste me. “Ik zie er naar uit, schat. Maar we gaan nu eerst eten, want ik begin trek te krijgen, oké?”
Samen kookten we en op het menu stond: aardappelen, witlofsalade, ieder de helft van de overgebleven schnitzel en een puddinkje toe. Smaakte prima. En daarna de afwas en toen was het bijna half negen. Frank liep naar de deur. “Ik ga even douchen, Gon. Wil jij ook nog?” Ik knikte. “Ja. En daarna ga ik me omkleden om vreselijk met je te vrijen. Al dat opgespaarde zaad van jou in ontvangst nemen… Ik hoop dat het nog niet over de uiterste houdbaarheidsdatum heen is.” Hij knipoogde en verdween. Ik ruimde ondertussen een beetje op, en deed het licht uit in de kamer. Even nog een frisse neus halen…
Ik deed de terrasdeur open. Het begon te schemeren; de zon stond al laag en door de dichte sparren rondom Frank z’n huis wat het al redelijk schemerig hier. De stilte overviel me. Héél in de verte kon ik de A50 horen als een sonore, zachte brom. Voor de rest… een paar vogels die nog van zich lieten horen…
Plotseling kraakte er een tak aan de andere kant van de tuin. En nóg een. En in een kleine opening van de heg zag ik plotseling de kop van een ree tevoorschijn komen. Ik stond doodstil te kijken. Wat móói… Het dier begon aan het gras te knabbelen. Af en toe de kop omhoog, dan weer etend… Hij of zij had me niet in de gaten; ik stond in de schaduw onder de overkapping en bewoog niet. Plotseling ging de kop omhoog en keek het dier mijn richting op. Had het me geroken? Dat kon natuurlijk…
Uiteindelijk waren we hooguit twintig meter van elkaar verwijderd. Het dier vertrouwde het niet. Het bleef kijken, duidelijk op zijn of haar hoede en klaar om te vluchten. Toch bleef hij staan. Totdat de deur van de gang naar de kamer openging en een baan licht de kamer in kwam. Dát werd ‘m te gek en met een sprong was hij weer door de heg verdwenen.
“Gon?” De stem van Frank. “Op het terras”, zei ik zachtjes. Hij kwam naar me toe, in boxer en op slippers. “Ik heb zeker drie minuten oog in oog met een ree gestaan. Zó mooi…” Hij knikte. “Die komen hier vaker. Lekker mals gras. En het scheelt mij weer een maaibeurt als ze hier gegeten hebben. Maar soms komen hier ook wilde zwijnen langs. Dat vind ik minder fijn; die laten het gras wel met rust, maar woelen de rest grondig om, op zoek naar noten, insecten en weet ik veel wat die beesten allemaal vreten. Daarom staan mijn vuilnisbakken ook in de berging; als ik die op het terras zou zetten is het de volgende één grote griebuszooi hier…”
Hij trok me even tegen zich aan. “Zou jij hier wél kunnen wonen, Gonnie? Ook in de winter? Zonder heimwee naar de stad?” Ik knikte. “Ik denk het wel, Frank. Natuurlijk, ik weet niet hoe het hier in de winter is, maar voor nu… Dit is een paradijsje. We hebben de afgelopen weken om een of andere reden nauwelijks buiten gezeten, maar dat wil ik wel meer doen. Dit is genieten met een hele grote G, schat. En de stad? Vier jaar Utrecht was meer dan genoeg om me van het begrip ‘stad’ te genezen.
Ondanks dat Annet en ik een mooi appartement hadden: als je op ons dakterras zat hoorde je overal om je heen wel lawaai. Hetzij een sirene, een toeterende auto, de hoorn van een trein, een burenruzie een straat verderop… En het maakte niet uit hoe laat het was. Ik wil niet weten hoe je daar kunt overleven in een studentenkot van 3 bij 4 meter, drie hoog achter in een oud huis waar nog 8 andere studenten wonen... En er was nauwelijks groen. Het dichtstbijzijnde park was 500 meter verderop; een lapje gras van 200 bij 300 meter met drie zielige bomen er op. Als je dat vergeleek met Born of hier… In Born woonden we ook afgelegen; de snelweg sneed ons behoorlijk af van het dorpsleven.” Ik giebelde. “En de Chinees, niet te vergeten…”
“Rare rooie…” hoorde ik zachtjes naast me. “En nu gaat dit meisje ook even poedelen en wat leuks aantrekken voor haar minnaar. Die gewoon in z’n boxer en op slippers naast me verleidelijk staat te wezen. Tien minuten, Frank, dan ben ik klaar en mag je beneden komen.” Ik stal nog een zoentje en verdween richting badkamer. Snel douchen! Daarna afdrogen. Naakt, met alleen m’n schoenen aan, liep ik de trap af. In de slaapkamer was het behaaglijk. Weekendtas open: bodystocking aan. Slipje er overheen, jurkje en m’n hoge hakken aan. Parfum… Gonnie was klaar voor haar lover! Ik vingerde mezelf even en meteen voelde ik de genotskrampen door mijn poesje. En mijn tepels werden hard. Gonnie was méér dan klaar voor hem! En Frank liet nog even op zich wachten… Ik masseerde mijn clit en voelde dat ik vochtig werd. Nú al? ‘Gon, je bent een geil sexbeest’, bromde ik tegen mezelf. Maar ik genoot ervan…
Ik hoorde Frank naar beneden komen. “Gon?” “Kom maar, schat.” Hij had weer eens bijdehandjes gegeten. “Nu al? Zonder dat ik met je gevreeën heb? Zonde van dat zaad van vier dagen...” Toen kwam hij binnen.
“Oeps… Wéér een andere, maar niet minder verleidelijke Gonnie…” Ik liep naar hem toe. “Ja. En daar zijn er nog veel meer van, schatje. Onder andere dat hele onschuldige meisje uit 5 VWO. Maar die komt nog wel een keertje langs; nu moet je doen met ‘Gonnie de vamp van Born’.
“Nou, daar is niks mis mee… Lekkere dame!”
Hij trok me tegen zich aan en ik voelde dat hij opgewonden was. “Ohhh… Jij hebt er zin in, schatje! Hoe komt dat?” “Door vier dagen celibatair leven. Da’s afzien ho…” Verder kwam hij niet; ik zoende zijn mond dicht en duwde mijn onderlichaam wat strakker tegen hem aan. Tong in zijn mond… en hij beantwoordde me! Even stonden we lekker te tongen, toen duwde ik hem ruggelings op bed. Ik trok zijn onderbroek uit; zijn harde pik veerde omhoog. “Ohhh… dát ziet er lekker uit! Die wil ik in mijn poes! Nú!”
Ik ging op hem zitten en trok mijn jurkje omhoog. Frank keek vragend. “Wl je niet eerst…” Ik boog voorover en kuste hem weer. “Nee. Ik wil je nú. Al die uren opgespaard sperma van jou diep in mijn geile kut voelen spuiten.” Ik giechelde. “Ik heb al wat aan preventieve smering gedaan, schatje. Aan jou de eer om er mengsmering van te maken.” Hij grinnikte mee. “Je blijft me verbazen, rare rooie…”
Ik spreidde mijn benen en ging wat naar voren, pakte zijn harde geslacht en positioneerde hem tegen mijn poes. “Hier jij. Volg de pijlen! Ik ga je aanranden, Frank Veenstra!” Hij grinnikte even, maar toen ik me over zijn pik liet zakken ging het grinniken over in brommen. “Jij bent…” Ik knikte. “Ja, ik ben al lekker vochtig. En als ik jou ga neuken, wordt dat alleen… oeiii… maar meer… lekkere vent van me… Ahhh!”
Ik had me laten zakken en tegelijk was Frank omhooggekomen. Zijn geslacht was in één keer hard en diep in me doorgedrongen… Een beetje dieper dan waar ik op gerekend had. “Even niet bewegen Frank… Dit ging wel erg diep.” Hij keek me aan. “Sorry… je maakt me helemaal gék, Gon. Ik kon me niet meer beheersen.” Ik streelde zijn gezicht. “Laat mij het zware werk maar doen. Jij mag genieten. En klaarkomen. Diep in me. En daar ga ik nu voor zorgen, mooie vent.” Ik kwam iets omhoog, trok mijn bekkenbodemspieren aan en begon héél voorzichtig op en neer te bewegen. Mijn poes hield hem vast en trok hem af.
En tegelijk streelde ik zachtjes over zijn borst en genoot ik van zijn gezicht; hij keek me aan en zijn bruine ogen lieten me geen seconde los. “Geniet jij een beetje, Frank?”
Hij hijgde: “Genieten? Dat is… het grootste understatement van de eeuw… Er zit een hele knappe vrouw op me die… me gewoon uitmelkt… Gon, ik hou dit niet lang vol! Dit is zó heerlijk…”
Ik boog me voorover en zei, met mijn hoofd vlakbij hem en met mijn haren als een sluier om ons heen: “Laat je gaan, Frank. Toe maar… Lekker klaarkomen in mijn warme poes. Ik voel je diep in me en dat is heerlij…”
Hij kwám klaar! Ik voelde zijn penis dikker worden en toen… Schokkend spoot hij in me: vijf harde stralen voelde ik in me komen en ik genoot van zijn gezicht: bij de eerste kneep hij zijn ogen dicht, maar toen keken zijn ogen me intens aan om de mijne niet los te laten, nog steeds in de intimiteit van mijn haren om onze gezichten heen.
Toen ontspande hij. “Gon…” Meer zei Frank niet, maar het was genoeg. Ik streelde zijn gezicht. En even later kwam ik omhoog en gleed hij uit me. Een handdoekje absorbeerde het meeste vocht en ik ging naast Frank liggen en knipoogde naar hem. “Zo, lekkertje…” Hij kuste me. “Dank je wel, mooie rooie… Dit was wéér anders. Maar heerlijk…” Een lange knuffel volgde. Toen zei hij zachtjes: “Maar jij, schat? Jij hebt hard gewerkt. Maar volgens mij ben jij niet…”
Ik legde een vinger op zijn lippen. “Sssst. Ik heb minstens net genoten als jij, Frank. Het gevoel van jouw mooie, spuitende pik diep in me… Je gezicht terwijll we bezig waren... Kan ik heerlijk van genieten.” Ik giebelde. “Alleen jammer dat het zo snel op is…” Hij kneep even in mijn zij. “Pestkop.” Ik kwam overeind. “Even dit jurkje uitdoen… Dat slaapt niet zo comfortabel.” Toen ik het jurkje uit was, vóelde ik zijn blikken over me heen gaan. “Gon… Je bent prachtig zo… En heerlijk om te strelen…”
Hij voegde de daad bij het woord: ik voelde zijn handen overal over m’n bodystocking glijden. “Sorry, dit had ik nog helemaal niet gezien…” Ik giebelde. “Ik had je ook weinig gelegenheid daarvoor gegeven, Frank. Maar dat mag je nu compenseren met die lekkere handen van je. Maar of ik wakker blijf… Ik weet het niet.” Hij trok me naar zich toe. “Jouw beurt om te genieten, Gonnie. Vertel me maar wat je graag wilt.” Ik moest gapen. “Sorry… streel me maar lekker zachtjes. Over mijn rug, m’n billen, m’n armen en benen… Maar dit meisje valt zo dadelijk in slaap. Heerlijk in de armen van haar mooie vent. Kan ik ook van genieten, Frank.” Ik kuste hem zachtjes. “Lekker slapen zo dadelijk?” Hij bromde: “Ik weet niet of dat gaat lukken met zo’n heerlijke vrouw naast me…” Ik draaide mijn rug naar hem toe en gleed tegen hem aan. “Leg maar een arm om me heen, Frank. Ik wil zó in slaap vallen: tegen jou aan, in je armen. Lekker veilig… In een ouwe Duitse bunker waar vroeger ongetwijfeld schunnige, Duitse liedjes zijn gezongen.” Hij gniffelde en streelde héél zachtjes over mijn linkerborst. Ik genoot ervan…
Woensdagochtend werd ik langzaam wakker door de fluitende vogeltjes op de grote TV. Frank lag nog te slapen en ik bekeek hem in het zachte licht van het beeldscherm. Met zijn ogen dicht ontbrak er toch iets. Zijn ogen… Dat was Frank. Hij kon bijna met zijn ogen praten; ze lieten zien wat hij dacht of voelde. Zijn gezicht? Ik had wel knappere mannen gezien. Maar die ogen…
'Ogen zijn de spiegel van ziel' De uitspraak werd aan Leonardo da Vinci toegeschreven, had ik ooit geleerd, en de man had gelijk gehad. Als ik in Frank z’n ogen keek, kon ik zien in wat voor stemming hij was. Meestal vrolijk, soms romantisch of vurig, maar het afgelopen weekend had ik die ogen voor het eerst ook woedend gezien toen hij vertelde over het plotselinge vertrek van Hetty. Ondanks dat hij nog sliep kuste ik hem zachtjes. Hij reageerde door een arm om me heen te slaan.
“Hoi schoonheid… Goeiemorgen. Is het alweer zo laat?” Zijn ogen gingen nu open en hij keek naar mij. “Ja knul, we mogen weer komen opdraven. Ik in Ede, en waar ga jij vandaag heen?” Hij gaapte. “Doetinchem. Niet zo ver en lekker tegen de file in. En… ik hoef er pas om negen uur te zijn, dus ik heb ruim de tijd om mijn vriendinnetje te verwennen.” Hij trok me nu helemaal tegen zich aan en ik genoot ervan. Even lagen we lekker te knuffelen, maar toen maakte ik me los.
“Nu stoppen, vrijer. Weliswaar kun jij schandalig uitslapen, maar ik word rond half acht weer in Ede verwacht. En voor die tijd wil ik wel even douchen, aankleden, optutten en ontbijten.” Ik hoorde zachtjes in mijn oor: “Als je vertelt waar je sliep heeft Simon vast wel wat consideratie met je, liefje. En anders Yvonne wel.” Ik voelde zijn penis groeien en maakte me los. “Niks ervan. Ik ga douchen en daarna jij. Als ik, nadat ik hier heb geslapen, telkens te laat op het werk kom, gaan ze er iets van vinden. Dan mogen we alleen nog maar in het weekend bij elkaar zijn of zo. Bovendien wil ik vandaag nog hard aan de slag voor bureau O&O; morgen en overmorgen komt daar weinig van terecht, denk ik.”
Op zijn vragende blik antwoordde ik: “Ja. Morgen komt Mariëlle naar Ede; die zal ik écht op sleeptouw moeten nemen en vrijdag komt ene Veenstra ook naar Ede en dan zijn er twee mogelijkheden: óf hij duikt onder m’n bureau en gaat mij grofstoffelijk betasten zodat ik enorm afgeleid word, óf hij duikt onder mijn bureau, wil me grofstoffelijk gaan betasten maar wordt afgeleid doordat er iemand binnenkomt. Stoot vervolgens z’n kop, vloekt de boel bij elkaar en dan moet ik meneer weer meenemen naar Yvon voor ijskompressen. Kom ik wéér niet aan m’n werk toe.”
Frank keek me aan. “Je weet het leuk te verpakken. Nou, er uit! Als je nog één seconde langer blijft liggen, kom je voorlopig niet weg. Húp!” Ik gleed uit bed en trok al mopperend m’n schoenen aan. “Je bent een slavendrijver in sexy verpakking, meneer Veenstra. Telkens als ik hier wil douchen moet ik vijf meter betontrap op of af. En aangezien die trap nogal ruw is aan mijn tere voetjes moet ik telkens schoenen aan. Wanneer maak je eens een natte groep hier beneden? Zou heel veel comfort schelen…”
Ik keek en zijn gezicht en zuchtte. “Jij zit weer iets gemeens te bedenken. Nou, voor de draad ermee!” Frank kwam overeind en viste het handdoekje uit het bed. “Als jij hier bent, neem je meestal eigen ‘natte groep’ mee, schatje…” Ik snoof, pakte mijn slipje van gisteravond van de vloer en smeet dat in zijn gezicht. “”Hier. Minder nat dan de vorige keren, maar je doet het er maar mee. Ik ga douchen. Bóven, verdorie.” Het laatste wat ik zag was Frank die mijn slipje over zijn pik liet bungelen en op de trap hoorde ik: “Je doet het er maar mee? Oké schat… Niet raar opkijken van extra vlekken in dat slipje hé?” “Smeerlap!” gilde ik naar beneden en liep de douche in.
Zo… even snel poedelen… Vijf minuten later droogde ik me af en trok m’n ondergoed aan. Frank loste me in de douche af. En wéér naar beneden, daar stond mijn weekendtas met de kleren voor vandaag. De vuile was, inclusief slipje, in een zakje in de weekendtas en aankleden maar weer. Na het ontbijt reed ik richting Ede. Frank kon wat later weg.
En eenmaal in Ede had ik het druk. Tijdens de koffie met Yvonne overleggen waar we Mariëlle zouden onderbrengen. “Ik wil haar niet meteen als receptioniste voor de leeuwen gooien, Gon. Ze mag eerst even rustig een weekje of zo inwerken, de zaak leren kennen, weten wat we doen. Daarna kan ze als receptioniste aan de slag, want dan weet ze ten minste van de hoed en de rand. Dus voorlopig mag jij haar onder je hoede nemen bij O&O, oke?”
Ik vond het een prima plan; bovendien konden we dan ook overleggen hoe we de zaken in Terschuur aan zouden pakken. Dus liep ik, samen met Gerben even later met een bureau te sjouwen. En een bureaustoel, een computer, monitor, enfin… alles wat nodig was voor een fatsoenlijke werkplek.
Yvon maakte een account voor Mariëlle aan op het netwerk en als klap op de vuurpijl bietste ik bij Yvon een felicitatiekaart en schreef op de achterkant: ‘Welkom Mariëlle! We hopen dat je je thuis voelt hier!’ Toen ik om tien uur daarmee bij Yvon kwam voor haar handtekening, knikte ze. “Dát heb ik nog nooit gedaan voor een nieuwe medewerker, Gon. Maar het is wel een mooie geste. Die ga ik onthouden. En een stel wat toepasselijker kaarten kopen. Iets met ‘Een nieuwe baan!’ erop of zo…”
Ik keek ondeugend. “Maak er dan maar meteen eentje klaar voor Teuntje de Weever, Yvon.” Haar mond zakte een centimeter open en ze keek me onderzoekend aan. “Soms… soms heb ik het idee dat jij helemaal geschift bent. Met dit soort ideeën… Hoe haal je het in je hoofd!” Ik knipoogde. “Goeie invloed van mijn vrijer.”
Ze maakte een minachtend geluid. “Van Frank? Echt niet. Die is de serieusheid zelf…” Ik draaide me richting bureau O&O en zei over mijn schouder: “Hij zou je nog wel eens kunnen verrassen, Yvon.” Er schoot me iets te binnen en ik liep terug. “Overigens… Ik wil jou en Simon nog bedanken voor de ‘vakantietherapie’ van Frank in Noorwegen. Hij heeft me dit weekend daarover verteld. Volgens hem het beste wat hem ooit is overkomen, Yvon. Dank je wel.” Ze glimlachte. “Frank heeft ons ook nogal uitgebreid bedankt, Gon. Met een enorme bos bloemen toen hij terugkwam. Fleurop heeft toen een hele goeie dag gehad, dat weet ik zeker. En wij hadden weer een opgewekte Frank. Eentje die zich niet kapot werkte, maar ook andere dingen ging doen. En weet je…”
Ze keek me aan en zei zachtjes: “Kun jij een geheim bewaren? Het geld voor die vakantie kwam niet alleen uit het bedrijf of van Simon en mij, hoor. Mike, Ben, Gerben en Alex hebben samen de helft betaald. Maar als je dat tegen Frank verteld: hou er dan rekening mee dat je op een nogal pijnlijke wijze vermoord wordt. Ze willen ab-so-luut niét dat Frank dat te horen krijgt, denk er aan!” Ze keek nu ronduit waarschuwend en ik stond met m’n mond vol tanden.
“Hebben die heren dat… Waarom?” Yvonne keek ernstig. “Omdat ook zij zagen dat Frank zich in zijn werk begroef. Zich letterlijk kapot werkte. Heeft Frank verteld van die trektocht?” Ik knikte. “Hij was nog zo blij geweest om na vijf dagen afzien die rood-witte boot te zien, zei hij.”
Yvon lachte. “Dat zal wel… Maar het idee van die trektocht kwam van Gerben. Terwijl we zaten te brainstormen over welke uitjes we voor Frank zouden reserveren, wees hij die trektocht aan en zei: ‘Meneer moet niet drie weken in de watten gelegd worden. Hij moet ook op zichzelf terugvallen en gewoon afgeknepen worden. Dán pas ga je over dingen nadenken. Dus ik stel voor om hem op die trektocht mee te sturen. Het is geen watje, dus fysiek zal dat geen punt zijn. Maar hij moet de afgelopen tijd kunnen relativeren. En dat lukt prima als je met een rugzak door zwaar terrein loopt. Dan ga je vanzelf nadenken. En ik ben ervaringsdeskundige…’ En toen keek hij even héél zielig. Maar nogmaals Gon: dit mag je pas aan Frank vertellen ná toestemming van de jongens, anders word je gevierendeeld. Letterlijk.”
Ik knikte. “Oké. Maar hoe dan ook: het heeft hem vreselijk goed gedaan, schat. Nogmaals: dank je wel.” Yvon giebelde. “Alles om je personeel goed in hun vel te laten zitten, Gon. Daarom ben ik ook zo’n keiharde HR-manager…” Nu lachten we samen, daarna verdween ik weer naar m’n bureau. Gerben zat achterover geleund aan het ‘helpdeskbureau’. Zonder headset op.
Hij keek me aan. “Dat was Yvon zei over vierendelen en zo klopt voor de volle honderd procent, Gon. Als jij daarover je mond opendoet tegen Frank, heb je vier héle boze kerels tegenover je, denk daar goed aan.” Ik liep naar hem toe. “Dat had ik al begrepen, meneer de Marinier. En jij dank je wel dat je Frank gewoon vijf dagen hebt laten afzien.” Hij knipoogde. “Allereerst is het niet ‘meneer de Marinier’, maar ‘korporaal’ en ten tweede: ik heb aan den lijve ondervonden hoe heilzaam het is om zwaar afgeknepen te worden als je met jezelf in de knoop zit. Dié therapie heeft ook voor Frank gewerkt en daar zijn we hier allemaal blij mee. Het is geen ‘chef’, het is één van ons team. Punt. En nu opduvelen; er staat weer een klant op mijn kostbare hulp te wachten… Met Gerben Lelyveld, goedemorgen…”
Ik knipoogde en ging ook weer aan het werk. ’s Morgens zat ook ik het grootste deel aan de telefoon, ’s middags, na een wandelingetje met Gerben, moest ik alles in Excel verwerken. En nog een klusje van Yvon erbij doen: declaraties. Op zich niet zo gek veel, maar moest wel in ‘ons’ systeem verwerkt worden. Maar na een half uurtje cursus van Gerben lukte me dat wel.
En ik ontdekte dat het inderdaad een ‘mensvriendelijk’ systeem was! Geen formules inkloppen zoals bij Excel, maar alles had aparte tabbladen die een duidelijke titel hadden en zaken voor je oplosten en berekenden. Tot en met de BTW-aftrek: het programma wist feilloos of zaken voor BTW-aftrek in aanmerking kwamen of niet. Ik nam de proef op de som; een aantal zaken waren recent veranderd omtrent de aftrekposten: ik voerde een aantal ‘fake’ kosten in en verhip… het programma verwerkte het keurig volgens de laatste fiscale regels. En er werd een ‘pop-up’ waarin een snelkoppeling stond naar de relevante regelgeving.
Ik kreeg steeds meer respect voor Martin en z’n clubje nerds, want die moesten dat wél allemaal verwerken… En ‘Den Haag’ strooide nieuwe regelgeving met gulle hand over het land uit… Maar wellicht hadden zij ook een abonnement op zo’n ‘compliance-programma’. Zou me niets verwonderen, want al die nieuwe fiscale regeltjes handmatig invoeren zou nogal een klus zijn…
Bijtelling van de leaseauto’s. Ook zoiets. Vier collega’s hadden een leaseauto. Als ik één van de collega’s selecteerde in het tabblad ‘Reiskosten’ werd meteen zichtbaar welke auto hij had, of dat een brandstof- of een elektrische auto was, mét de bijbehorende bijtelling, welke kilometerstand er bij de laatste APK was vastgesteld, wanneer het ding aan het eind van z’n leasecontract was, hoeveel de dagwaarde was… enfin, zo ongeveer alles wat je kon bedenken, tot en met de begane verkeersovertredingen inclusief boetes aan toe.
Oh… Even spieken bij Frank! Zou hij stiekem een aso-rijder blijken te zijn? Ehhh… Nee. Geen overtredingen. Nee, natuurlijk niet, muts! Die Volvo was van Frank zelf. Alle ‘fanmail’ van het CJIB kwam in Schaarsbergen terecht… Had de zaak niks mee te maken. Maar goed: de gegevens van Frank z’n V60 stonden wél in het systeem, inclusief VIN-nummer, kenteken, type auto enzovoorts. En met één muisklik kon ik, aan de hand van zijn declaraties, op Google Earth zien waar hij de laatste drie maanden voor de zaak was geweest. Datum selecteren en de rit werd in rood aangegeven. Volgens de route die de AMWB-routeplanner aangaf; als Frank aangaf dat hij een andere route had gereden, vroeg het systeem meteen om een reden.
Ik klopte de reisgegevens van de afgelopen twee weken braaf in; Martin en z’n club hadden weinig extra’s te declareren: die hadden vrijwel alleen woon-werkverkeer. Yvon: idem. Maar Simon was elke dag wel op pad, en uiteraard Gerben, Alex, Ben, Mike en Frank ook. Oh, verhip Gonnie: Jij ook! Die ritjes naar Terschuur vorige week…
Ehh… Maar die had ik met Frank z’n auto gereden. Hoe werkte dat? Even zoeken… Aha: een vakje ‘Alternatieve bestuurder’. Ik vulde mijn naam in en het werd keurig verwerkt. En de kilometervergoeding werd bij Frank bijgeschreven… Dat was wel weer jammer. Kortom: ik leerde deze middag heel wat bij. En dat zei ik om vier uur tegen Gerben. Die lachte. “Eén van de grootste voordelen van ons systeem, Gon. Zelfs de meest rooie digibeet kan ermee omgaan…”
Een doosje nietjes vloog zijn kant uit en hij bukte snel. “De volgende keer smijt ik met een heet tosti-ijzer, korporaal!’ Gerben wees op de grond achter zich. “Wilt u zo vriendelijk zijn om de rotzooi die u zelf heeft veroorzaakt op te ruimen, mevrouw Peters?” Het doos met nietjes was tegen de muur uiteen gespat en er lag een redelijke verzameling ijzer op de grond. Ik bromde: “Ik leg nog een aantal doosjes op mijn bureau. En die plak ik dan wel dicht, verdorie.” Hij gniffelde. “Ik zal maar even opstaan als jij hier opruimt. Voor hetzelfde geld komt Yvon binnen als jij op je knieën bij mijn bureau rondstruint en dan zijn de rapen gaar…”
Ik keek boos en hij bleef lachen. “Ik heb wat van Ben vernomen. Over een bult op Frank z’n kop…” Ik zuchtte en pakte een zachte bezem uit de kast in de gang. Maar toen ik terugkwam... Op de grond was geen nietje meer te bekennen en de grijns van gerben liep van oor tot oor. "Hoe heb jij dat zo snel geflikt, meneer Lelyveld?" Hij vroeg heb jij vroeger Natuurkunde op school gehad, mevrouw Peters?" Ik knikte. "Vier jaar. En ik was er best wel goed in. Hoezo?" Hij pakte een grote presse-papier van zijn bureau. Met aan de onderzijde de inhoud van een doosje nietjes. "Dan behandelde jouw het verschijnsel 'magnetisme' waarschijnlijk in het laatste jaar? Ja, dat dacht ik al..." Hij veegde de nietjes van de magneet in de prullenbak.
Ik snauwde: “De volgende keer in het een doosje punaises, meneer Lelyveld. Die zijn meestal van koper of messing. En ik mag hopen dat er dan een paar op je stoel liggen. Rotzak.” Hij knipoogde. “Ik ga er vandoor, Gon. Ik hoop de files voor te zijn.” “Dank voor je hulp met die software, Gerben. En een fijne avond!” Met een zwaai liep hij weg.
Goeie vent… Ook hij had z’n ogen niet in z’n zak gehad als het om Frank ging. En dat die vier gekken uit eigen zak de helft van die cruise hadden betaald… Het zei wel héél veel over de sfeer hier. Verdorie, nu wil ik het weten ook! Hoeveel kostte zo’n cruise? Ik zocht de website en vijf minuten later rolde ik met m’n ogen.
Meer dan 3.500 euro… En dan waren die vijf dagen afzien voor Frank er nog niet eens bij opgeteld! En die vier gekken hadden samen de helft betaald… Dat kwam per man neer op zo’n 500 euro. Ik nam me voor om hen, hoe dan ook, te laten weten dat ik dat héél erg waardeerde. Want anders had Frank zich wellicht inderdaad kapotgewerkt of was tegen een boom aangereden… Ik ruimde de laatste spulletjes op, sloot het bureau af en na een groet aan Yvon liep ik nadenkend naar de auto...
Er zijn nog geen trefwoorden voor dit verhaal. Welke trefwoorden passen volgens jou bij dit verhaal?
Geef dit verhaal een cijfer:
5
6
7
8
9
10

Ontdek meer over mij op mijn profiel pagina, bekijk mijn verhalen, laat een berichtje achter of schrijf je in om een mail te ontvangen bij nieuwe verhalen!
