Lekker Anoniem Webcammen!
Donkere Modus
Door: MarkV
Datum: 08-01-2026 | Cijfer: 7.9 | Gelezen: 651
Lengte: Lang | Leestijd: 26 minuten | Lezers Online: 1
Trefwoord(en): Chat, Experimenteren, Vreemdgaan,
De Onzichtbare Code
De Onzichtbare Code: Eveliens Experiment


De afspraken waren waterdicht. Mark en Evelien hadden samen de code gecreëerd, een intellectuele omlijsting voor hun gezamenlijke avontuur. 'Geen geheimen meer' was het fundament. 'Tijdige communicatie' was het structurele staal. En 'Deel alle details' was de cementlaag van hun fundamentele lust. Voor hen was de Code geen beperking, maar een geavanceerd erotisch instrument; door elkaar deelgenoot te maken van elke blik, elke aanraking en elke fantasie met een ander, voedden ze de vlam van hun eigen uitgebluste passie. Het was een vorm van voyeurisme via woorden, waarbij de eerlijkheid de katalysator was voor hun eigen intimiteit.

Evelien, zij die de structuur bedacht, had dit systeem geconstrueerd om de chaos van Marks verlangen te kanaliseren. Voor Evelien was controle geen koud mechanisme, maar een overlevingsstrategie tegen de verstikkende voorspelbaarheid van een veertienjarig huwelijk. Ze hunkerde naar de rauwe levendigheid van vroeger, maar was doodsbang voor de emotionele puinhoop die ongebreidelde passie kon achterlaten. De 'Code' was haar harnas: een manier om de afgrond van lust te verkennen zonder erin te vallen, terwijl ze wist dat Mark elke stap met haar meelas. Toch knaagde er iets onder de oppervlakte; de angst dat deze transparantie geen echte verbinding was, maar een klinische vervanging voor de kwetsbaarheid die ze jaren geleden ergens onderweg waren kwijtgeraakt. Was hun eerlijkheid een brug, of een muur van woorden waarachter ze zich veilig konden verschuilen voor de echte, ongecontroleerde pijn van de liefde?

Ze zat aan haar grote, donkere notenhouten bureau, in de aparte kantoorruimte op de begane grond. De ruimte was klinisch en stil; alleen het zachte, ritmische gezoem van de serverkast in de hoek was hoorbaar. Het geluid was een monotone, geruststellende hartslag, de soundtrack van het gecontroleerde leven. Haar slanke, professionele laptop stond open; het scherm reflecteerde in het glazen blad van het bureau. De zon scheen door de jaloezieën en tekende perfecte, parallelle, gouden lijnen over de houten vloer—een raster dat haar herinnerde aan de orde die ze zo vurig handhaafde. In de verte, op de eerste verdieping, hoorde ze de gedempte geluiden van haar dochters Julie en Maya. Geen kinderlijk geklop meer, maar het zachte gemurmel van een serie op een tablet en het geluid van Julie, inmiddels een verantwoordelijke tiener, die wat tegen haar jongere zusje zei – de sfeer van een rustige late ochtend die haar scheidde van haar digitale zoektocht.

Mark was om negen uur vanmorgen vertrokken. "Ik ga Lianne ontmoeten," had hij gezegd, zijn stem vlak, maar met een lichte trilling in zijn keel die Evelien direct registreerde. "De intentie is een vlam?" vroeg ze direct. De term 'vlam' (🔥) was hun code voor seksuele intimiteit. Haar hart was een afgemeten metronoom, maar in haar maag voelde ze een koude vloeibaarheid. Ze wist dat de gedetailleerde rapportage die vanavond zou volgen—de geur van Lianne, de textuur van haar huid, de geluiden die Mark bij haar zou maken—de brandstof zou zijn voor hun eigen nacht samen. Mark bewoog onrustig; de spanning van het verlangen was nu ingeperkt door de regels die ze hadden gesteld. Hij was een man van brede schouders en een doorgaans zachte blik, maar vandaag stond zijn kaaklijn strakker, getekend door een hoogmoedige honger die hij niet langer bij haar kon stillen, maar die hij via de Code wel weer naar hun slaapkamer terug zou brengen. "De intentie is er," bevestigde hij. Hij wreef over zijn kaak, een teken van nerveuze anticipatie. "We hebben elkaar een uur gegeven bij die boerderijwinkel. Er is nog niets vastgelegd. We zien wel waar het heen gaat. Maar ja, de intentie is dat het tot een vlam kan komen. Dat is het eerlijke deel."

"Dat is het eerlijke deel," herhaalde ze. Haar stem klonk als kristal: helder en breekbaar. "Zonder valse verwachtingen. Goed."

"En voel je je nog goed bij de regels, Evelien? Voel je je vrij genoeg?" vroeg Mark. Hij keek haar aan met ogen die zochten naar een barst in haar pantser. Evelien zag de oprechte bezorgdheid in zijn blik, een tederheid die haar op dit moment bijna walgde omdat ze wist dat diezelfde tederheid straks voor een ander was gereserveerd, maar ze klampte zich vast aan de afspraak: hoe dieper hij ging met Lianne, hoe intenser hun eigen herverbinding zou zijn.

"Zeker," loog ze. Een scherpe, onverwachte steek van jaloezie—een rauwe emotie die niet in haar perfecte systeem paste—dreef de leugen. De gedachte aan Lianne's handen op Marks huid was een dissonante noot in haar symfonie. Haar glimlach was een perfect gemeten geometrische vorm. "Ik voel me prima, Mark. Controle is vrijheid, weet je nog? Ik ben de bedenker van deze structuur."

"En wat ga jij doen vandaag?" vroeg hij, terwijl hij zijn sleutels pakte. Ze glimlachte, een perfect gemeten glimlach die haar jukbeenderen accentueerde. "Ik ga mijn eigen verkenningsfase in. Ik ga kijken wie ik online tegenkom. Er is nog geen naam, geen plan. Ik zal hier zijn voor de meiden, zoals afgesproken. Tenzij er iets onverwachts gebeurt, blijf ik bij de blauwdruk."

"Mooi. Stuur me een smiley (😊) of een vlam (🔥) als het succesvol was," zei ze; de woorden waren nu een plicht. "Jij ook," antwoordde Mark. Hij had geen emoji gestuurd – de code zou pas komen wanneer de afspraak daadwerkelijk succesvol was – maar de wetenschap dat hij een verleidelijke ontmoeting had gepland met de bedoeling om intimiteit te delen, was latent aanwezig. Ze wist dat de boerderijwinkel slechts een façade was voor de intentie die ze allebei kenden; ze kon de geur van Marks verlangen bijna ruiken, een mengeling van zijn sandelhoutparfum en de muskus van opwinding. Ze gaf hem een zachte, berekende kus op zijn wang voordat hij vertrok, een kus die zei: ik vertrouw je, want ik ben degene die deze afspraken heeft gemaakt en je volgt ze.

Nu was het haar beurt. Ze moest haar eigen, gecontroleerde drang opwekken, een medicijn tegen de bijtende, onverwerkte jaloezie die ze had weggelogen. Ze wilde niet alleen seks; ze wilde een herovering van haar eigen territorium, een bewijs dat zij nog steeds de superieure regisseur was van haar eigen erotiek, en een verhaal om Mark vanavond mee te overtreffen.

Eveliens Digitale Jacht: Het Profiel van Jesse


Ze opende de niche-app 'Equilibrium' op haar laptop, de app die was ontworpen voor ‘kwaliteitsvolle intimiteit' binnen de kaders van expliciete, wederzijdse afspraken. De interface was strak, minimalistisch en gespaand van frivole kenmerken, net als Eveliens eigen kantoor. Ze scrolde met chirurgische precisie langs de profielen, op zoek naar een intellectuele uitdragende partner die de regels niet alleen begreep, maar ze ook kon ondermijnen.

Eveliens profiel was een weerspiegeling van haar obsessie met controle en eerlijkheid. Haar foto was een high-definition portret, genomen in haar strakke, moderne kantoor: ze droeg een onberispelijke, witte blazer van zware crêpe-zijde over een blouse van flinterdunne crèmekleurige zijde van het merk Equipment. Ze keek niet recht in de camera, maar schuin weg, haar blonde bob in een scherpe hoek geknipt, met een blik die even afstandelijk als intens was – de perfecte visuele representatie van gecontroleerde dreiging. Haar lippen waren gestift in een neutrale maar glanzende kleur, een subtiele uitnodiging in een streng gezicht. De bio was kort, maar eenduidig: "Ik ben de architect van de structuur. Mijn leven is een masterclass in strategische planning, en deze exploratie is een gecontroleerde risicoanalyse. Ik navigeer binnen heldere codes die met mijn partner zijn afgesproken; transparantie is de basis, niet het obstakel. Dit is een solomissie; ik zoek de storm, maar stuur onder mijn vlag. Alleen zij die de complexiteit van absolute, onvoorwaardelijke eerlijkheid aankunnen, zijn welkom op de rand van dit gevaar."

Haar oog viel op Jesse. Hij was 42, en zijn profiel was beknopt maar adembenemend scherp. Zijn beroep—curator en taxateur van antieke en gevaarlijke kunst (bescherming, bewaring, herstel) —klonk als een directe uitdaging van aan haar eigen perfect geordende leven. Zijn quote, "De verouderde kunst met explosieve geschiedenis heeft de beste verhalen," was geen hobby, maar een manifest. De profielfoto was scherp en monochroom, een visueel statement van gecontroleerde intensiteit.

Haar hart, dat al een halfuur rustig op het ritme van de server zoemde, maakte een sprong. Dit was geen gewone flirt. Dit was een proef. Haar innerlijke strateeg, de architect, zag in Jesse geen man, maar een nieuw systeem om te kraken, een zeldzaam, gevaarlijk kunstwerk dat alleen met precisie en risico getaxeerd kon worden. Ze zocht de onmiddellijke bevrediging van haar seksuele honger, maar wat ze echt wilde, was de ultieme validatie van haar eigen code: overgave aan iemand die de regels beter begreep dan zijzelf.

Terwijl ze de eerste woorden typte, merkte ze hoe haar eigen reflectie in het zwarte glas van het bureau trilde; een minuscule siddering in haar vingertoppen die ze onmiddellijk onderdrukte. De kamer leek koeler te worden, of was het de anticipatie die haar bloed deed vertragen? De stof van haar blazer voelde plotseling zwaar en beperkend, als een harnas dat te strak was aangetrokken.

Ze begon een chat. Ze voelde een scherpe, berekenende blik opkomen terwijl ze typte. Dit was de entree, de elegante uitnodiging voor een psychologisch duel.

Evelien: "De verouderde kunst met explosieve geschiedenis... Is dat een metafoor voor de complexiteit van de mens, of heeft u echt een gevaarlijke Ming-vaas in beheer, Jesse?"

Jesse: "Het is een beetje van beide, Evelien. Elk waardevol object draagt het risico van breuk. Wat ik eruit haal, is de kunst van het herstellen. Je profiel spreekt over strategische planning. Wat is de grootste onzekerheid in jouw huidige 'risicoanalyse'?"

Evelien: "De grootste onzekerheid? Dat de structuur die ik zo zorgvuldig heb gebouwd, zo efficiënt is dat er geen ruimte meer is voor echt vuur. Geen gevaar meer. Ik zoek de storm onder mijn vlag, zoals ik zei. En jij, Jesse? Wat is de 'explosieve geschiedenis' die je het meest opwindt?"

Jesse: "De geschiedenis die me het meest fascineert, Evelien, is die van de ontkenning. De manier waarop mensen structuren bouwen—zoals jouw Code—omdat ze de rauwe chaos van hun eigen verlangen niet durven aan te kijken. Je blazer is prachtig gesneden, maar we weten allebei dat hij geen bescherming biedt tegen wat je hier werkelijk komt zoeken. Je bent niet de architect van je verlangen, je bent de gevangene ervan. Laten we kijken hoe snel die muren afbrokkelen als de taxateur de fundering onderzoekt."

Evelien: "Je bent gewaagd, Jesse. De fundering is dieper dan je denkt. De Code is geen muur, het is de lens waarmee ik de chaos scherpstel. Maar je hebt gelijk... er is een fysieke spanning die de Code niet kan vangen. Terwijl ik dit typ, voel ik de koude, harde rand van mijn glazen bureau tegen de onderkant van mijn borsten drukken. Het is een pijnlijk contrast met de koortsige hitte die ik in mezelf voel opwellen. De blazer die je zo bewondert? De zijde schuurt bij elke beweging tegen mijn tepels, die inmiddels zo hard zijn dat ze de stof bijna doorboren. De architect heeft het warm, Jesse. En ze begint te twijfelen aan de isolatie van haar eigen systeem."

Jesse: "Dat is de paradox, nietwaar? Hoe meer je probeert te controleren, hoe meer de fysieke realiteit wraak neemt. Ik zie je voor me, Evelien. Ik zie hoe je ademhaling de zijde van je blouse laat spannen. Ik stel me voor dat ik achter je sta, mijn handen plat op dat koude glas, mijn lichaam een muur van hitte tegen je rug. Ik zou je blazer niet uittrekken; ik zou hem over je schouders naar achteren trekken, zodat de stof je armen blokkeert. Je bent de Architect, maar nu ben je mijn gevangene. Vertel me, hoe voelt die onmacht aan je polsen, daar waar je dacht dat de controle zat?"

Evelien: "Mijn pols. Altijd zichtbaar, altijd in beweging, nooit onrustig. Ik zou willen dat een vinger, de jouwe, er heel zachtjes, heel langzaam... de weg naar boven zoekt, de huid blootlegt die ik nu nog verberg onder de strakke, koude manchet van mijn zakelijke zijde. Een aanraking die de polsband van mijn horloge irrelevant zou maken."

Jesse: "Ik voel de tremor in mijn vingers, Evelien. Dit is geen fantasie, dit is een plan. De trage, plichtmatige reis naar de rand van het katoen. Geen haast, want de spanning is ons doel. Maar je beschrijft de aanraking van de professional, Evelien. Wat wilt u onder die perfectie vinden? Ik draag nu een eenvoudig, goed gesneden grijs overhemd en een donkere pantalon. Het is de strijd van de stof die mij fascineert. Wat is het aantrekkelijkst aan jouw huidige uitrusting?"

Evelien: "Ik draag nu een strakke, donkerblauwe pantalon van soepele scheerwol die de contouren van mijn benen met bijna klinische precisie volgt, gecombineerd met mijn zijden, crèmekleurige blouse. Ik voel hoe de zijde zich vastklampt aan mijn warme tepels, een heerlijke, openbare kwetsbaarheid. De wol van mijn broek voelt zwaar en koel aan de buitenkant, maar houdt de hitte van mijn binnenkant gevangen. Ik heb een volle C-cup. Wat is de aantrekkingskracht van een vrouw die haar borsten zó omvat met stof dat je de vorm en de spanning alleen kunt raden, Jesse?"

Jesse: "De aantrekkingskracht is de oorlog tussen de stof en de curve. Ik zie het al voor me. De zijden blouse glijdt af, en daar is de laatste, zwarte grens. Ik stel me een beha voor van fijn, Italiaans zwart kant, perfect passend, die je borsten van onderen lift en ze dwingt om tegen de stof te drukken, waardoor de tepels – nu al hard onder de zijde – op de rand van de cup liggen. Klopt dat? Is dit de structuur die ik moet ontmantelen?"

Evelien: "De controle... verschuift. Hij wordt van jou, totdat ik besluit dat hij weer van mij is. Dat is het spel. Ze zijn perfect, Jesse. Net als mijn agenda. Het is geen Italiaans kant, Jesse. Het is eenvoudiger, maar effectiever. Het is een zwarte, gladde push-upbeha van het merk Marie Jo, functioneel en ontworpen om de vorm scherp te houden – de architectuur van mijn decolleté. Hij is ontworpen om de lust vast te houden, niet te tonen. En ja, de tepels zijn nu strak en ze duwen; ze eisen hun vrijheid op."

Jesse: "Je architectuur is meesterlijk, Evelien. Maar is de fundering ook consistent? Is de zwarte push-upbeha een set? Of is er uniek strategisch verschil tussen de bovenste en onderste helft van je structurele harnas?"

Evelien: "Er is een verschil. De slip is van fijn zwart kant van La Perla, naadloos onder de dunne wol van mijn pantalon. Gekozen op basis van comfort en het voorkomen van zichtbare lijnen, niet vanuit een perfecte esthetische matching. De controle ligt niet in de uniformiteit van het kant, Jesse. De controle ligt in het feit dat ik je vertel dat ze niet matchen. Wat doe je met een gecontroleerde, functionele imperfectie?"

Jesse: "Ik accepteer de imperfectie en ga verder met de ontmanteling. Vertel me dan, met alle details, de tijdlijn van die bevrijding. Zeg me nu welke knoop je als eerste zou losmaken en waarom. Ik wil de macht van jouw oog voor detail voelen."

Evelien: "De derde knoop van boven. Omdat die de scherpste, meest onbuigzame lijn van de spanning markeert. Ik zou hem langzaam openen met mijn nagel, net genoeg om de donkere, natte zwarte stof van je beha te zien, de belofte van de curve eronder. En met elke losgemaakte knoop zou ik je vragen of je mij de toestemming geeft om de volgende grens over te steken. Mijn hand zou niet bewegen, maar de woorden die ik je stuur, zouden de stof van je blouse zachtjes van je huid aftrekken. Nu is het jouw beurt. Wat is het meest verborgen, meest onregeerbare deel van jouw lichaam? En hoe moet ik je met woorden zo ver krijgen dat het verraad pleegt tegen die beheersing?"

Jesse: "Mijn verraad zit in de stilte, Evelien. In de manier waarop mijn ademhaling zwaarder wordt als ik je over die knoopjes hoor praten. Mijn onregeerbare deel is de spanning in mijn liezen, de manier waarop de stof van mijn boxer nu bijna bezwijkt onder de druk van mijn eigen verlangen naar jouw ontmanteling. Maar ik wil dat je begrijpt: ik breek niet alleen je knoopjes, ik breek je overtuiging. Je denkt dat je Mark alles vertelt, maar je vertelt hem alleen de woorden. De echte waarheid, de rauwe, onverwerkte geilheid die je nu door je aderen voelt gieren... die is op dit moment alleen van mij. Je bedriegt hem niet met een man, Evelien, je bedriegt hem met je eigen geheim. En dat geheim smaakt naar meer dan alleen eerlijkheid."

Evelien: "Je graaft diep, Jesse. Je raakt een zenuw die ik zorgvuldig had verdoofd. De Code... de Code was bedoeld om ons te verbinden, maar je hebt gelijk. Wat ik nu voel, de manier waarop mijn eigen vingers trillen terwijl ze de zilveren gesp van mijn riem aanraken, is te groot voor een rapportage achteraf. Ik voel me een dief in mijn eigen huis. De geur van mijn eigen opwinding hangt in de kamer, zwaar en bedwelmend. Ik wil die gesp losmaken, Jesse. Ik wil de lederen riem zachtjes laten vallen, maar ik wil dat jij me dwingt om de scherpe, ongeduldige ruk te voelen die zegt: 'Genoeg met de codes. Dit is wat ik wil'."

Jesse: "Geen ruk, Evelien. De code is elegant. Ik wil je de illusie van keuze geven. Ik zou je vertellen dat je de riem zelf moet losmaken, traag, terwijl ik je aankijk en mijn hand langzaam, heel langzaam, over de plooien van je broek, precies over die onregeerbare plek, zou laten glijden. Dat is pas dominantie."

Evelien: "En als ik je hand voel, over die plek, hoe verraadt jouw ondergoed dan jouw beheersing? Ik wil de kleur en het materiaal weten van de enige stof die ons nu nog scheidt van de overgave die we allebei zoeken."

Jesse: "Mijn ondergoed verraadt mij nu. Het is een zwarte, strakke boxer van een gladde, synthetische stof die de spanning van de ochtend nog steeds vasthoudt. Het is geen bescherming, het is een dunne, donkere belofte. Als jij met je hand over de plooien van mijn broek glijdt, zou je de hitte voelen, maar je zou tegelijkertijd de gladheid van die boxer voelen die zegt: je bent bijna bij het onregeerbare deel, maar je hebt nog steeds de controle niet overgenomen."

Evelien: "De essentie is dat je wilt dat ik de riem die je zelf losmaakt, van je heup trek en laat vallen. Ik wil je dan zien, in die zwarte belofte, maar ik wil de stof afscheuren met mijn woorden. Ik zou je vertellen dat ik wil dat je opstaat, zodat ik kan zien hoe die boxer de opwinding in bedwang houdt. Ik wil zien hoe strak die stof om je heupen zit en hoe hij je oncontroleerbare verlangen verraadt. Nu. Sta op. Ik moet zien hoe de stof je lichaam omvat, en ik wil je vertellen hoe ik elke lijn zou bewerken tot je naakt bent, Jesse."

Jesse: "Ik sta op, Evelien. Mijn adem stokt, mijn vingers boven het toetsenbord trillen. De pantalon zakt naar mijn enkels. Dit is mijn kwetsbaarheid. De boxer verraadt inderdaad alles. Hij snijdt in mijn heupen en benadrukt de hevige, kloppende zwelling die jij met je woorden hebt veroorakt. Ik duw er zachtjes tegenaan, denkend aan hoe jouw hand nu haar eigen kant zoekt. Vertel me: is je hand al bij de warme, vochtige overgave tussen je benen? Mijn fantasie is dat ik je blouse helemaal openscheur, de knoopjes wegspattend over de houten vloer. Ik zie de perfecte C-cups, vrij van de zijde, de tepels al hard en donker door de spanning van de zwarte stof. Ik speel nu met de mijne, en de hitte is onverdraaglijk, een absolute schending van de controle die ik altijd nastreef."

Evelien: "Beschrijf me je penis. Ik wil hem me kunnen voorstellen. Ik wil de omtrek, de glans en de kleur van de ader voelen. Dit is niet voor mijn verlangen, Jesse; dit is voor mijn controle. Vertel mij hoe hij nu zwelt onder die boxer. Alles."

Jesse: "Hij is hard en onbuigzaam, Evelien. Hij is te groot voor de stof en ik kan de omtrek van mijn eikel tegen de naad voelen duwen. De kop is donkerrood en glanst van het vocht dat je woorden hebben opgewekt. Ik houd hem nu vast; hij trilt van opwinding. Maar ik kan niet verder zonder de jouwe te kennen. Ik ben mijn controle verloren, maar ik wil de jouwe kraken. Hoe is je vagina? Waar kan ik nu inglijden? Is de ingang nat en breed genoeg voor de mijne, Evelien? Beschrijf de hitte, de opening, en het ritme van je vinger die nu de wet dicteert over jouw clitoris. Ik wil elk detail horen terwijl ik de mijne nu aftrek."

Evelien: "Mijn vingers zijn nu diep, Jesse. De zenuwen schreeuwen in mijn gezwollen klieren. Het is alsof de machine van mijn lichaam een virus heeft opgelopen. De opening is klam en wijd; hij smeekt om die van jou. Mijn clitoris is nu een hard, kloppend anker van verlangen. Ik wrijf met mijn duim. Eén lange, onbuigzame, opgaande beweging, terwijl mijn andere hand de strakke, opgewonden curve van mijn borst masseert, de zachtheid onder de zijde verhardend. Ik fantaseer dat je achter me staat, Jesse. De geur van het kantoor is veranderd; de klinische lucht van de serverkast is verdrongen door de denkbeeldige muskus van jouw aanwezigheid, een spoor van citrus en bittere cacao dat mijn zintuigen overneemt.

Ik voel de koude rand van het glazen bureau tegen mijn ontblote dij, een scherp contrast met de verzengende hitte die jij in me opwekt. Ik kijk in het zwarte glas en zie mezelf: mijn ogen zijn donker van lust, mijn lippen licht geopend in een zwijgende smeekbede. Je handen zijn nu overal. Ik voel hoe je mijn borsten opeist, je duimen cirkelend over de harde tepels die door de zwarte stof van de Marie Jo beha prikken. De druk is dwingend, bijna pijnlijk, en ik kreun zachtjes tegen de stilte van de kamer in. Je dwingt me om naar mezelf te kijken terwijl ik mezelf aanraak, een voyeur van mijn eigen ondergang. 'Kijk,' fluister je in mijn gedachten, 'kijk hoe de architectuur van je controle instort.' Mijn heupen trillen, ze zoeken de wrijving van jouw denkbeeldige bekken, smekend om de invasie die ik heb opgeroepen. Je beheerst me, Jesse, omdat je de onzichtbare code van mijn lichaam hebt gekraakt."

Jesse: "Ik ben de mijne nu aan het aftrekken, Evelien. Op jouw ritme. Voel je de opbouw? De spanning is zo groot dat ik nauwelijks de woorden kan typen. Zeg me dat je nu wilt komen, Evelien. Ik wil samenkomen, op het geluid van jouw adem die breekt. Geef me de absolute, onbuigzame instructie die de stoom uit mijn laatste, koude restje beheersing haalt."

Evelien: "De druk is perfect, Jesse. Het is te veel. De stoom is nu alles; het laatste restje beheersing is verdronken. Ik kom nu, op jouw bevel, op de woorden van een man die ik nog nooit heb aangeraakt. Ik voel de explosie in mijn buik... Ik... nu!"

D O E F.


Met een diepe, plotselinge doef viel de stroom uit. Het was niet de laptop, die onmiddellijk op zijn accu overschakelde, maar het was de serverkast in de hoek die met een zucht verstomde. Het ritmische gezoem, de geruststellende hartslag van het gecontroleerde leven, viel weg, waardoor de kamer in een acute, verstikkende stilte viel. De duisternis was tastbaar, bijna vloeibaar.
Geef dit verhaal een cijfer:  
5   6   7   8   9   10  
Klik hier voor meer...
Klik hier voor meer...