Door: Jefferson
Datum: 13-01-2026 | Cijfer: 9.9 | Gelezen: 241
Lengte: Lang | Leestijd: 24 minuten | Lezers Online: 4
Lengte: Lang | Leestijd: 24 minuten | Lezers Online: 4
Vervolg op: De Vriendengroep - 165: Een Ramvol Weekend
Belofte Op Het Menu

Sophia is juist opvallend druk met iedereen in gesprek. Ze strooit met woorden, lacht op de juiste momenten, stelt vragen die nergens heen gaan. Loze woorden, oppervlakkige informatie. Afleiding, meer niet. Het is bijna bewonderenswaardig hoe overtuigend ze normaal kan lijken, terwijl haar aandacht ergens heel anders zit. Ik voel het aan alles.
Zij is de eerste die haar hand hoger laat glijden en daar de bobbel van mijn erectie voelt. Het gebeurt achteloos, alsof het per ongeluk is, maar haar vingers weten precies wat ze doen. Ze kijkt niet om. Er verandert niets aan haar houding, haar gesprek loopt door, haar stem blijft rustig. Maar haar hand vat de bobbel met gevoel en gedurende zeker tien minuten wrijft ze me langzaam harder, ritmisch en geduldig, zonder dat iemand het doorheeft. Ook Kamila niet, in eerste instantie. Mijn ademhaling verandert nauwelijks, maar vanbinnen woelt het. En ik wil hier dus niet zijn. Ik wil ergens zijn waar dit verder kan, waar ik niet hoef te doen alsof alles normaal is. En dat kan hier niet.
Kamila komt er pas achter wanneer ze later hetzelfde idee krijgt en onder tafel haar hand laat botsen met die van Sophia. Het is geen harde botsing, meer een herkenning. Ze maakt een klein hupje naast me, een minimale reactie die alleen ik opmerk. Ze hing al meer mijn kant op, wat niemand vreemd vond. Ze leek nog steeds vooral haar best te doen om iedereen — en vooral mij — te laten zien dat ze bij mij hoorde en bij mij wilde zijn. En toch moet ze dan, op mijn kruis, de hand van Sophia aantreffen. Haar beste vriendin. Het moment hangt een fractie te lang in de lucht, vol betekenis.
Ik heb namelijk het gevoel dat Sophia door Kamila is ingezet om mij nog meer te overtuigen van hoeveel ik voor Kamila beteken. En dat klinkt misschien gek. Maar klinkt het echt nog zo gek binnen onze relatie? Het past in een patroon dat we samen hebben opgebouwd, bewust of onbewust. Tegelijkertijd vind ik het vooral zorgwekkend dat Kamila dacht dat dit nodig was. Waarom eigenlijk? Een vaag verlangen dat ze had, een idee dat ergens in haar hoofd was ontstaan, maar dat niet per se hoefde. En dan wist ze nog niet eens van mijn gesprek met Pawel. Dat leek me eerder een leuke verrassing dan een onaangename, mocht het zover komen.
Kamila lijkt echter helemaal niet te willen wachten tot de volgende ochtend. Beiden laten ze een hand over mijn stijve wrijven, soms afwisselend, soms tegelijk, alsof het vanzelf zo is gegroeid. Kamila krijgt zelfs mijn rits open, behendig en zonder aarzeling. Met een paar vingers maakt ze extra contact — iets wat in deze context absurd opwindend is, juist omdat het niet hoort. Ik voel mijn focus versnipperen, mijn lichaam reageren voordat mijn hoofd dat kan bijhouden.
Wanneer ik hen kort aankijk, zie ik het meteen in hun ogen: ze willen me. Nu. Niet straks, niet later. Het liefst hier, onder de tafel, of anders zo meteen op het toilet. De gedachte alleen al maakt me duizelig.
‘Zit jouw jurkje ook zo lekker?’ vraagt Sophia plots aan Kamila, zacht genoeg dat niemand anders het hoort. Haar toon is licht, maar de vraag is te precies om toevallig te zijn. Het is een opgezette vraag.
‘Ja, makkelijk. Maar één kledingstuk,’ zegt Kamila, bijna ingestudeerd. En dit keer zelfs zonder camera op haar gericht. Haar blik blijft op de mijne rusten, alsof ze controleert of ik het begrijp.
Aanvankelijk vat ik het niet, te veel afgeleid door wat er onder tafel gebeurt. Maar wanneer Kamila me blijft aankijken en duidelijk meer zegt dan alleen dat, begint het te dagen. De betekenis schuift op zijn plek.
‘Zelfs geen slipje?’ fluister ik in haar oor, mijn stem lager dan bedoeld.
Ze zegt niets. Ze kijkt me bijna duivels aan en bijt kort op haar lip voordat iemand het kan zien. Dat kleine gebaar is genoeg. Ik slik. Mijn pik wordt nog harder en ik besef me dat een vluggertje op het toilet dichterbij is dan ooit, en dat dit punt misschien al lang voorbij is.
Ik probeer normaal te doen, maar voel aan alles dat er iets te gebeuren staat. Het hangt in de lucht, dicht en onontkoombaar, alsof elke ademhaling zwaarder wordt dan de vorige en de ruimte zich langzaam om ons heen sluit. Mijn lichaam is alert, mijn gedachten lopen een fractie voor op de werkelijkheid, zoekend naar signalen, naar een richting. Maar het is niet wat ik verwacht.
Tegenover me zit Hyun, stil en bloedmooi. Een rustige bloem te midden van de drukte, onaangetast door het rumoer dat aan de randen van de avond hangt. We hebben regelmatig vluchtig oogcontact, korte aanrakingen van blik die meer zeggen dan woorden ooit zouden kunnen. Haar ogen blijven soms net een tel te lang hangen, niet vragend maar open, en ik voel hoe dat iets in mij tot rust brengt. Ze heeft geen idee dat haar vriendinnen me zowat zitten af te trekken, dat de spanning zich onder de oppervlakte heeft vastgezet en weigert los te laten, alsof mijn lijf al gekozen heeft voordat mijn hoofd dat heeft gedaan.
Dan fluistert Kamila: “Steegje, wacht een minuut.” Haar stem is laag, beheerst, maar ik hoor de belofte erin. Ik sta meteen op scherp, mijn aandacht verschuift, mijn hartslag verandert.
De dames aan weerszijden staan op en wanneer ze, buiten met de jassen aan, langs het raam voorbijlopen, lacht Kamila geniepig. Het is zo’n lach die belooft en uitdaagt tegelijk, een stille afspraak zonder woorden. Ik weet precies wat ze bedoelt, wat ze van plan is, en juist dat maakt het moeilijk om hier te blijven zitten.
Die lach verdwijnt echter zodra ze ziet dat Hyun binnen die minuut op haar stoel is gaan zitten. Ik kan geen kant op zonder dit moment te verbreken. Hyun draagt een strakke, witte, gekropte top, haar buik bloot, met daaronder een zwarte jeans die naadloos aansluit. Bijna alles aan haar is naadloos, zelfs de overgang tussen stof en huid. Perfect tot in elk detail. Zo verzorgd, zo bewust zonder opzichtig te zijn. Niets is sletterig aan haar; alles is verleidelijk door terughoudendheid. Een wereld van verschil met de rauwe spanning die eerder onder tafel hing.
En ergens is dat prettig. Rust. Dat is wat Hyun brengt. Een adempauze zonder dat ze erom vraagt. Al zegt ze niet veel, raken we in gesprek, voorzichtig, aftastend. Het duurt even voordat ik me realiseer dat de laatste keer dat we elkaar zagen, we zeer intiem zijn geweest — en dat dit voor haar verser op het netvlies staat dan voor mij. Dat besef maakt me zorgvuldiger. Ik pas me aan. Geef haar de aandacht die ze verdient. Ik praat terug, vraag naar haar, naar hoe het met haar gaat, wat ze de afgelopen week heeft gedaan. Kleine vragen, echte interesse. Ik wil haar die aandacht geven, zelfs ten koste van de aandacht van Kamila en Sophia voor mij.
Na tien minuten komen die andere twee weer naar binnen, de kou nog in hun bewegingen. Kamila werpt me een blik vol vuur toe, een stille vraag waar ik nou gebleven was. Er zit geen verwijt in, wel ongeduld. Ik knik gebarend terug dat ik alle reden had om hier te blijven, met Hyun naast me. Dat dit geen toeval is, maar een keuze in het moment. Ik zie dat Kamila dit moeilijk vindt, dat het schuurt met wat ze net nog van plan was, maar ze begrijpt het. En juist dat begrip maakt het moment bijzonder, intiemer dan elke aanraking tot nu toe.
Even later zit Kamila aan mijn andere kant. Haar aanwezigheid sluit de cirkel. Met z’n drieën raken we aan de praat. Normaal, bijna alledaags. Geen handen onder tafel die aftrekken, zelfs geen stijve die alles verraadt. Al is de opwinding zeker aanwezig; een anticipatie die voelbaar blijft, als een ingehouden adem die elk moment kan ontsnappen. De spanning is er nog steeds, maar nu getemd, verpakt in woorden en blikken.
Sophia zondert zich op dit moment af, iets verderop, alsof ze bewust ruimte creëert. Bijna alsof ze Hyun ontwijkt. Ik vang haar blik één keer, kort, en zie daar iets van berusting. Het spel is niet voorbij, maar het heeft een andere vorm aangenomen. En ik weet: dit is pas het begin van wat deze avond nog in beweging zal zetten.
En dit is prima. Leuk en gezellig, zelfs meer dan dat. Kamila vertrouwd aan mijn zijde, haar aanwezigheid vanzelfsprekend en warm, alsof ze hier altijd zo heeft gezeten. Haar schouder raakt af en toe de mijne, niet per ongeluk maar ook niet nadrukkelijk. Het is genoeg om te voelen waar we staan. Onze gezamenlijke aandacht voor Hyun voelt natuurlijk, bijna zorgzaam. Ze waardeert het zichtbaar, al zou ze dat nooit hardop toegeven. Ze vangt het op in kleine gebaren, in haar houding, in de manier waarop ze net iets langer blijft zitten dan nodig is, haar benen iets meer naar ons toe gedraaid, haar blik die vaker blijft hangen.
Er hangt een kalme cadans in het gesprek, een ritme waarin niets hoeft en alles mag. Ik merk dat ik rustiger adem, dat mijn schouders minder gespannen zijn. Dit soort momenten hebben we te weinig gehad de laatste tijd. Gewoon samenzijn zonder onmiddellijke lading, zonder verwachting die schreeuwt om vervulling.
Er is echter nog iemand die afstand creëert. De hele tijd al. Zo nu en dan kijk ik vluchtig naar Elise. Ook mooi en sexy op haar eigen manier, maar niet helemaal háár manier. Alsof de ontwrichting ook invloed heeft gehad op haar kledingkeuze en make-up. Iets donkerder dan ik gewend ben, minder speels, meer gesloten. Alsof ze zichzelf heeft ingepakt in een laag die moet beschermen. Afstandelijker. Geen moment kijkt ze terug. Geen toevallige oogopslag, geen herkenning. Jammer, maar niet erg. Het voelt consequent, bijna bewust, alsof ze deze positie heeft gekozen en vasthoudt.
Ik zoek wel naar signalen. Dat zit in me, dat weet ik. Tussen haar en Mussa bijvoorbeeld. Ik zie Hila regelmatig iets in haar oor zeggen, korte zinnen, fluisterend, vertrouwelijk. Geen idee wat. Altijd net te zacht om te volgen. Elise haalt haar schouders op, reageert nooit echt op Hila. Geen lach, geen afwijzing, gewoon niets. Alsof ze hier wel fysiek aanwezig is, maar mentaal ergens anders. Alsof ze zichzelf op afstand houdt van alles wat pijn zou kunnen doen.
Mussa is ondertussen druk bezig met Jeff en Joey. Die hebben zichtbaar lol, hun energie luidruchtig en ongecompliceerd. Er wordt gelachen, elkaar aangestoten, herinneringen opgehaald. Hij lijkt geen tijd te hebben voor Elise, of misschien kiest hij daar bewust voor. Is er dan toch iets veranderd in al die tijd? Of is dit juist een manier om niets te hoeven voelen?1
Ik zie het allemaal, registreer het, maar het glijdt van me af. Dat verbaast me misschien nog wel het meest. Ik lach om Kamila, om haar droge opmerkingen en haar vertrouwde blik. Ik bekommer me om Hyun, stel haar vragen, luister echt naar haar antwoorden. En ergens houd ik iedereen een beetje in de gaten, zoals ik dat altijd doe. Observeren zonder te sturen, aanwezig zonder te forceren. Maar ik blijf vooral mijn eigen ding doen.
Ik voel me op mijn gemak in de groep. Dat is ook wel eens anders geweest, dat weet ik maar al te goed. Momenten waarop ik me opgesloten voelde in mijn eigen hoofd, of juist te scherp afgesteld op elke beweging. Nu niet. Nu is er ruimte. En juist daarom valt het me zo op dat het dit keer wél zo voelt. Alsof er iets is verschoven, niet spectaculair, maar subtiel genoeg om het verschil te maken.
Als een soort baken zit ze naast ons, en brengt ze oprecht rust. Tijdens het praten kan ik een beetje om me heen kijken, en blijf de rest in de gaten houden. Ik zoek contact met Sophia, maar die houdt haar blik strak op Hyun, als ze niet wordt aangesproken. Ze staat al een tijdje aan de rand, en jongens zien haar. Ze spreken met haar. Ze reageert. Maar heeft vooral aandacht voor Hyun die enkel aandacht heeft voor ons. Als ze naar me zou kijken, zou ik haar wenken. Er is ruimte genoeg. Maar er speelt iets waar ik geen weet van heb.
Er komt verderop aan tafel beweging. Joey staat op. Ik moet me melden met tegenzin. Ik zat hier prima. Maar het is goed bedoeld. Zo staan we met de vijf mannen niet veel later aan de bar.
Even de mannen bij elkaar — en vreemd genoeg voelt dat ook prettig. Het is een andere spanning, minder geladen maar niet minder intens. Echte vrienden heb ik nauwelijks meer, maar dit komt in de buurt van iets vertrouwds. Sjotjes verschijnen op de bar, bravoure neemt het langzaam over, gelach wordt harder en minder gecensureerd. Schouders raken elkaar, handen slaan op tafels. We worden met de minuut luider, losser. En ergens in mijn achterhoofd blijft dat stemmetje fluisteren dat ik dit spel ken: ik besef me maar al te goed dat elke druppel alcohol de kans op escalatie vergroot, dat woorden sneller gezegd worden dan bedoeld, en dat blikken meer gewicht krijgen naarmate de glazen leger raken.
Dat is Joey’s intentie niet. Dat zie ik meteen. Hij neemt duidelijk het voortouw, stuurt het gesprek, houdt het luchtig, alsof hij onbewust de boel bij elkaar wil houden. Nog steeds gedreven door die ene missie: vrede stichten of bewaren — als die er al was. Hij wil dat iedereen het naar zijn zin heeft, dat niemand ontspoort voordat de avond goed en wel begonnen is. Ik werk daar op dit moment graag aan mee, speel mijn rol, lach wanneer dat verwacht wordt, hef mijn glas op de juiste momenten.
Ondertussen laat ik mijn blik regelmatig afdwalen naar de dames die elkaar weer hebben opgezocht. Gehuld in die passende zwarte jurkjes, elk op hun eigen manier strak, elegant en uitdagend. De stof vangt het licht, benadrukt rondingen, verbergt net genoeg om de fantasie aan te wakkeren. Hun ogen zoeken de mijne, blijven soms hangen, lonkend, bewust, en het voelt alsof die blikken alleen voor mij bedoeld zijn. Alsof er een draad gespannen staat tussen ons, dun maar elektrisch.
Dat ene stukje kleding dat ze dragen… het is nauwelijks meer dan een excuus om te kijken, om te verlangen. Een randje stof, een open rug, een inkijkje dat misschien per ongeluk lijkt maar dat nooit is. Het is genoeg om mijn gedachten steeds weer terug te trekken naar waar ik eigenlijk wil zijn, zelfs terwijl ik hier sta, glas in de hand, lachend met de mannen aan de bar.
Toch voelt het alsof ik ergens mijn kans gemist had. Dat steegje. Wat had daar kunnen gebeuren? Wat had de groep daar van meegekregen? Het is misschien wel goed dat ik die kans gemist had. Alsof ik iets anders op het menu gekozen had. Een fijn onderonsje met Hyun zonder seks, maar met evenveel spanning. En zo voelde dit begin van de avond. Overal waar ik keek aan tafel, zat lekkers. Een levend menu. Ik kon kiezen. Dat mocht. Wel belangrijk de juiste keuzes te maken.
Vlak voordat we verdergaan, de stad in, valt mij nog één ding op: de dynamiek tussen Pawel en Maja. Pawel nam altijd iets meer afstand. Ouder dan de rest, een buitenlander, van nature de buitenstaander zonder dat dat ooit vreemd aanvoelde. Maja daarentegen hoorde altijd bij de kern van de groep, maar bleef nu opvallend dicht bij Pawel. Daardoor viel ze er juist automatisch buiten.
Hun samenzijn voelt echter geforceerd. Niet ongemakkelijk op een vluchtige manier, maar structureel, alsof ze elkaar vasthouden uit angst in plaats van verlangen. En ik denk niet eens dat dit direct te maken heeft met ons gesprekje over Kamila, die mij de komende ochtend hoogstwaarschijnlijk gewoon komt klaarpijpen — met of zonder Pawel in dezelfde kamer. Natuurlijk zal die gedachte ergens door zijn hoofd zijn gegaan. Dat kan haast niet anders. Maar dit zit dieper.
Er is meer mis. Zoals er bij hen eigenlijk altijd al iets mis is geweest, sinds ik ze ken. De vraag is niet óf dit weekend een breekpunt gaat bevatten voor dit stel, maar eerder wanneer. Het zou me niets verbazen. Alweer niet.
Maja is onzeker. Dat zie ik aan alles. Ze is bang Pawel kwijt te raken. Dat gevoel herken ik maar al te goed. Hij is niet open naar haar toe — niet in zijn houding en zeker niet in zijn woorden. En Maja heeft dat haarfijn door. Tegelijkertijd heeft ze er zelf alles aan gedaan om dit moment dichterbij te brengen. Juist daarom verlaat ze zijn zijde geen seconde, alsof nabijheid het onvermijdelijke kan tegenhouden.
Ik zie het gebeuren. Ik doe niets. Ik zeg niets. Maar ook dit belooft iets. De spanning werkt als een sluipende kracht. Drijft dit Pawel uiteindelijk naar ons toe, of juist van ons weg? Dat valt nog te bezien. Ik besluit Pawel er niet naar te vragen. Niet dit weekend.
En zo lijkt de eerste ronde te zijn overleefd. Geen ruzies. Geen spanningen die ongemakkelijk zijn. Nog niet. We verlaten het restaurant. De avond gaat verder.
We lopen als groep het restaurant uit, de kou in, maar al na een paar passen merk ik dat mijn aandacht niet meer bij iedereen tegelijk kan zijn. De avond is nog jong, maar voelt al vol. Te vol om alles maar te laten lopen. Kamila loopt naast me, haar hand vluchtig tegen mijn jas, alsof ze wil checken of ik er nog ben. Dat ben ik. Te veel misschien.
Bij het eerste steegje dat zich aandient, vertraag ik mijn pas. Niet abrupt. Net genoeg om haar mee te trekken uit de stroom. Ze kijkt me aan, verrast, maar zonder weerstand. We blijven even staan, half in het licht van een lantaarn, half in de schaduw. De rest loopt door. Niemand kijkt om.
“Gaat het wel goed met Sophia?” vraag ik, zachter dan ik had verwacht. Het is geen beschuldiging. Meer een constatering die al te lang op mijn tong lag. “Ik zag iets bij haar. En bij Hyun. En ik wil weten of dat klopt, of dat ik dingen invul.” Natuurlijk weet ik dat er wat speelt, maar niet precies wat. En voordat deze avond escaleert, wil ik weten waar ik aan toe ben.
Kamila ademt langzaam uit. Niet gespeeld. Echt. Ze trekt haar jas iets dichter om zich heen, niet uit kou, maar omdat ze tijd nodig heeft. “Sophia zit echt niet lekker in haar vel,” zegt ze uiteindelijk. “Niet alleen door vanavond. Ze voelt zich… overbodig soms. Alsof ze overal net naast grijpt.” Ze kijkt me aan. “En Hyun… die heeft haar eigen tempo. Dat botst wel eens. Maar het is niet kapot. Nog niet.”
“Oké,” zeg ik. Zo voelt het wel, maar ik zeg geen woord meer dan nodig is. Meer hoeft het niet te zijn. Het feit dat ze het zegt, is genoeg. Ik knik. “Ik wilde het gewoon weten. Niet straks denken dat ik iets had moeten vragen.”
Ze raakt mijn arm aan. Kort. Dankbaar. Dan wil ze alweer doorlopen, maar ik blijf staan. Niet omdat ik haar vasthoud, maar omdat er nog iets in de lucht hangt dat anders blijft kleven.
“En net,” ga ik verder. “Dat onder tafel. Dat steegje. Wat was dat eigenlijk?” Ik glimlach flauwtjes, om de scherpte eruit te halen. “Ik wil niet doen alsof ik het niet voelde. Maar ik wil wel weten wat jullie dachten dat het was.”
Haar blik verandert. Donkerder. Niet schuldig, niet uitdagend. Eerlijk. “We wilden je,” zegt ze simpel. Geen omhaal. “Nu. Omdat het kon. Omdat het spannend was. Omdat we zagen wat het met je deed.” Ze stapt een fractie dichterbij. “En omdat jij dat ook liet gebeuren.”
Ik voel mijn lichaam reageren op die nabijheid. Niet heftig. Maar aanwezig. “Dat snap ik,” zeg ik. “Echt. En het was opwindend.” Ik slik. “Maar het voelde ook alsof ik werd meegenomen in iets zonder dat ik wist waarheen.”
Ze zegt niets. Laat me uitpraten.
“Niet dat ik het niet aankon,” ga ik verder. “Maar ik wil niet achteraf denken: wanneer is dit eigenlijk een spel geworden waar ik de regels niet van ken?”
Even is er alleen het geluid van de stad. Haar adem. Mijn hartslag die zich langzaam herstelt. Ze kent de geschiedenis, maar hoeft er echt niet altijd aan te denken.
“Gaan we dit de hele avond zo vaag doen?” vraag ik dan. Niet hard. Niet dreigend. Gewoon recht. “Of kunnen we af en toe zeggen wat het is. En wat niet.”
Kamila kijkt me lang aan. Langer dan comfortabel is. Dan knikt ze langzaam. “Ik wil geen spelletjes,” zegt ze. “Niet met jou. Soms weet ik alleen zelf nog niet precies wat ik wil. En dan word ik… creatief.” Ze glimlacht scheef. “Dat is geen excuus. Maar wel de waarheid.”
“Ik kan daarmee leven,” zeg ik. “Zolang ik niet hoef te raden.”
Ze leunt even met haar voorhoofd tegen mijn borst. Geen kus. Geen belofte. Alleen contact. “Dank je,” zegt ze zacht. “Dat je dit zegt vóórdat het ingewikkeld wordt.”
Ik leg mijn hand op haar rug. Stevig. Aanwezig. “Laten we dan gewoon de avond in gaan,” zeg ik. “Zonder haast. Zonder rookgordijnen.”
Ze kijkt omhoog, haar ogen helder nu. “Deal.”
We lopen het steegje uit, terug de straat op, waar de lichten feller zijn en de muziek van de eerste club al voelbaar wordt in mijn borst. De avond ligt open. Niet onschuldig. Maar wel eerlijker dan een uur geleden.
En dat is genoeg om verder te gaan.
-
Er zijn nog geen trefwoorden voor dit verhaal. Welke trefwoorden passen volgens jou bij dit verhaal?
Geef dit verhaal een cijfer:
5
6
7
8
9
10

Ontdek meer over mij op mijn profiel pagina, bekijk mijn verhalen, laat een berichtje achter of schrijf je in om een mail te ontvangen bij nieuwe verhalen!
