Lekker Anoniem Webcammen!
Donkere Modus
Door: Keith
Datum: 09-04-2026 | Cijfer: 9.6 | Gelezen: 1930
Lengte: Zeer Lang | Leestijd: 50 minuten | Lezers Online: 4
Vervolg op: Mini - 401
Bij de afslag Arkel werd ik wakker gemaakt. Maar goed ook: in Arkel centrum was de weg nou niet bepaald een biljartlaken. Eenmaal voor het huis van het viertal keken we verbaasd rond. Er was veel gebeurd hier! Een aantal betonnen bloembakken langs de weg voor het huis, een heg langs de oprit, een geschilderd naambordje… “Jullie hebben niet stilgezeten, dames en heren!”
Margot giechelde en legde een hand op de arm van Gerben. “Niet zo gek met zo’n knappe vent naast je, Jolien…” Die keek afkeurend. “Dat bedoel ik niet, tutje. Met het huis en de tuin.” Rogier bromde even. “Die bloembakken, bedoel je? Dat is uit nood geboren. Een paar lui vonden het afgelopen maand nodig om hun auto half op ons grasveld te parkeren. Wilden naar het motorcircuit en hadden nogal commentaar toen ik ze daar over aansprak. ‘Dat doen we al járen! En niemand die er iets van zei. Dus…’ Nou ja, toen zei ik er dus wél wat van. En nogal duidelijk. Enfin, er werden twee auto’s verplaatst, maar één eigenaar zag er het nut niet van in en liep met een ‘Ach, stik toch vent!’ richting circuit.
En kon aan het eind van de middag zijn auto tussen twee nogal diep in de grond geheide stalen palen uit wurmen. Hij had voor en achter exact drie centimeter speling.” Rogier grijnsde boosaardig. “Hij is er twee uur mee bezig geweest en had daarna nogal wat schade aan zijn auto. Belde de politie, maar de twee agenten die kwamen kijken moesten moeite doen om hun lachen in te houden toen ik zei dat ik bezig wilde met een hek langs de weg. De palen stonden twintig centimeter binnen de erfgrens, dus… En twee dagen daarna hebben we vier van die betonnen bakken besteld. Eén x één meter, vier stalen pennen er onder, die 50 centimeter in de grond steken… Die druk je niet weg, zeker niet nu ze gevuld zijn met aarde. De meiden hebben er wat plantjes in gezet en in het voorjaar komen er bloembollen in. En ik ben even langs het circuit gegaan en heb een praatje gemaakt met het bestuur. Toffe lui. Gaven ons groot gelijk. Ze hadden al eens de politie op bezoek gehad wegens klachten, en dat wilden ze absoluut niet, want dan zou hun vergunning wel eens ingetrokken kunnen worden. De eigen leden weten bliksems goed dat ze geen overlast moeten veroorzaken. Het zijn vrijwel altijd de gasten van wedstrijden die hun auto’s lukraak in de berm plempen.”
“En wordt er veel gereden daar?” “Zaterdagmiddag en woensdagavond. En dat zijn meestal trainingen. Heel soms een wedstrijd en ja, dan is het drukker. En als de wind uit het westen komt hoor je het, maar dat is een paar uurtjes. Stelt niets voor.” Rogier grijnsde. “Ik heb al eens een visje uitgegooid om ook eens te rijden daar. Maar iemand hier in huis vond daar wat van.” Lot stond in de keuken, maar die had het gehoord. “Zeker weten vond ik er wat van! Elke woensdag en zaterdag een vent in huis die van boven tot onder onder de blubber zit en naar benzine en uitlaatgassen stinkt? Wat denk je zelf, Rogier van der Vlist?” Hij wees. “Die dus… Ik troost me maar met mijn ouwe BMW 750. Rustig pruttelend over de weg, windschermpje voor me, een kuip die de kou een beetje verdrijft… En die staat nu lekker onder een zeiltje in de schuur, nadat ik ‘m een zaterdag heb vertroeteld.”

Joline trok een wenkbrauw op. “Vertroeteld? Oh… Werd Lot niet jaloers?” Gerben en Margot gniffelden en Rogier zuchtte. “Mevrouw… uw echtgenoot wast en poetst die mooie Volvo van jullie ook regelmatig, schat ik? En peilt de olie, vult de ruitensproeiervloeistof bij en zo… Dát is vertroetelen. En dat doe ik ook met mijn BMW.”
Gerben zei met een stalen gezicht: “En als Kees lakschade heeft, pakt hij een leuke foto van Jolien en spuit die auto wel even bij…” Joline ontplofte! “Smeerlap! Dat je alleen al op het idee komt!” We gierden van het lachen en Gerben vervolgde onaangedaan: “We begrijpen dat jij misschien wel eens jaloers wordt als Kees die Vo…” Verder kwam hij niet: Joline haalde uit en Gerben kon de klap nog nét afweren. “Zoals ik net al zei: ‘Smeerlap!’ Margot, voed die vent van je eens op.”
Lot kwam uit de keuken met koffie. “Zo. En nu kappen met gemene opmerkingen; in dit huis wordt het op prijs gesteld als men in alle rust van de koffie kan genieten en niet na een vuile opmerking de helft over het tapijt spuugt. Dus…” Rogier haalde een cake uit de keuken en we zaten even in stilte te eten en te drinken. Daarna lieten ze ons ‘hun’ huis zien. En daar was veel aan gebeurd, ook inwendig! Rogier en Gerben hadden een systeem met Arduino gebouwd dat vanaf een tablet in de kamer een aantal zaken centraal kon aansturen: verwarming, verlichting, camera’s buiten, bewegingsdetectoren rondom… Hij legde het uit en ik moest eerlijk zijn: het zag er zeer professioneel uit! “Nou, Rogier… Ik doe het met twee cameraatjes op de overloop, jij maakt er Fort Knox van!”
“Inwoners van Arkel hebben de laatste tijd nog last van inbraken, Kees. Lekker makkelijk: je breekt in, slaat je slag en bent in no time op de A15 of de A27. Je kunt letterlijk alle kanten uit met je buit. Da;s wat anders dan bij jullie; in Veldhoven moet men eerst de hoofdingang open maken; daar staat een camera op gericht en iedereen kan daar te allen tijde op kijken. Groot risico voor inbrekers. En dan moet je nog naar boven en een voordeur openmaken. Weer camera’s, op elke overloop. En áls je je buit uiteindelijk te pakken hebt, moet je weer naar beneden, in je auto stappen en half Veldhoven door om op de grote weg te komen. Met die fijne verkeersdrempels. Of via allerlei B-wegen Veldhoven via de zuidkant uit. Schiet ook niet op. Dus: om inbrekers hier voor te zijn hebben Gerben en ik een paar avonden zitten tekenen en vervolgens lopen ploeteren. Een knappe jongen die nu nog binnen kan komen zonder dat wij het merken!”
Joline keek hem aan. “En dan, oh zo stoere motormuis? Wat doen jullie dan?” “Judo”, zei Rogier droogjes. “Ja, als jij thuis bent. Maar als de meiden alleen thuis zijn?” Het werd stil in de kamer. “Ehhh… Dan moeten ze 112 bellen…” Joline boog voorover. “En dan mogen ze met een beetje pech een half uur wachten op politie. Want de aanrijtijden zijn momenteel nogal lang. Leuk dat jullie je huis beveiligen en zo, maar je moet ook van je af kunnen bijten als het nodig is. Mar en Lot weten ondertussen hoe dat er uit ziet.”
Margot keek Joline nadenkend aan. “Zit jij nu te suggereren dat wij ook lid moeten worden van een schietvereniging en buksen moeten kopen?” Zonder aarzelen zei Joline: “Ja. Denk er eens over na. Ik heb de mazzel dat ik een vent heb met een ingebouwd alarmsysteem. Die wakker wordt met een unheimisch gevoel als er gevaar dreigt. Jullie hebben dat elektronisch opgelost. Maar het vervolg van de alarmering mis ik een beetje, schatten.” Ze lachte liefjes. “En de aanrijtijd vanuit Veldhoven naar Arkel is, zelfs als het rustig is, bijna een uur.” Gerben keek Joline lang en ernstig aan. “Zoals voormalig premier Balkenende ooit tegen een vrouwelijk journalist zei, toen ze hem het vuur aan de schenen legde: ‘U ziet er zo lief uit’…”
Joline knikte. “Dat ben ik meestal ook. Totdat er lui ons huis binnendringen. Dan ben ik in staat om iemand een 6,35mm kogeltje in z’n voorhoofd te jagen. En dat heb ik bewezen, Gerben. En de rechter was van oordeel dat dat onder ‘proportioneel geweld’ viel. De andere keren hebben Kees en ik alleen maar met onze buksen gedreigd. Dat was voldoende om wat lui héél rustig te houden. Nou ja, bij sommige gelegenheden was Fred er ook bij; dat is op zich al een reden om je rustig te houden.” We grinnikten. “Denk er over na, heren. En dames. Ja, jullie ook! Als de nood aan de vrouw komt, moeten jullie ook van je af kunnen bijten!”

Tot mijn stomme verbazing knikten de dames, zij het aarzelend. “Misschien hebben jullie gelijk. Voor het zelfde geld staan hier wat vriendjes van de familie Bongers voor de deur. En dan?” Joline gaf een klap op tafel. “Mooi, dan is dat afgesproken. Jullie gaan je eens oriënteren op een stel goede buksen. Daarmee kan Kees jullie helpen. Jullie gaan ze kopen. Niét online maar in een fysieke winkel en je schiet ze daar in.” Ze giebelde. “Heb ik wat ervaring mee, zeg maar…” Ik knikte. “Nou en of. De verkoper in kwestie vraagt zich nog steeds af of zijn commissie die hij aan de koop overhield, het waard was om in twee héle boze blauwe ogen te kijken.” “Nou, dat verhaal willen we wel eens horen, Kees”, zei Rogier. Ik wees. “Dat mag Jolien vertellen. Als ik het doe heb ík die ogen weer eens op me gericht… Geen zin in. Maar als jullie die buksen gekocht hebben, kan ik jullie wapen- en schietles geven. En kunnen we hier in de tuin schieten; jullie tuin is groot genoeg. Vanaf het huis tot de nieuwe schuur is zo’n 30 meter. Da’s een prima afstand. Als je op die afstand een doeltje raakt is het binnenshuis altijd raak.”
Gerben keek twijfelend. “Maar… is dat legaal?” Ik knikte. “Ja. Elke Nederlander boven de 18 jaar mag een luchtbuks kopen en bezitten. En er op eigen terrein mee schieten, zolang de kogeltjes op eigen terrein blijven en het schieten vanaf de openbare weg niet zichtbaar is. En er mag zonder vergunning niet op dieren geschoten worden, zelfs niet op ratten. Dat valt onder ‘stropen’. En er is jurisprudentie dat je een buks als zodanig mag gebruiken om je eigen huis tegen gewelddadige inbrekers te verdedigen: Holtinge, de familie de Rooy en de familie Bongers en hun misselijkmakende vriendjes. Oh ja, en een inbreker die in opdracht van Pa de Rooy handelde. Bij Floris de Rooy hebben we daadwerkelijk geschoten, bij de anderen was het dreigen met de buks voldoende.” Joline waarschuwde: “Denk er aan: als Kees wapen- en schietles geeft, voel je daarna spieren waar je het bestaan niet van wist!” “Misschien kwam dat wel van de activiteiten die we ná die lessen deden, schatje…” Ze keek verachtelijk. “Zit niet op te scheppen, Kees Jonkman. Die avond deden we he-le-maal niks, omdat Jolientje nogal spierpijn had. En de volgende dag reden we naar Limburg, naar Pa en Ma, weet je nog?” “Ja, schat. Je hebt weer eens gelijk, schat. Maar die avond, toen we terugkwamen uit Limburg, was wél heel gezellig, schat.” Ze snoof.

Rogier stond op. “Laten we dan meteen de koe bij de horens pakken, lui. Dan gaan we even achter een fatsoenlijk scherm zitten.” We verhuisden naar hun studeer- annex werkkamer: Twee bureau’s met grote beeldschermen. “Oké Kees… Waar op Internet moeten we zijn?” Ik wees hen de site van de winkel in Staphorst. “Die hebben online de meeste keus en geven er redelijke info bij. En als je een keuze hebt gemaakt kun je op andere websites kijken wat die lui van de buks van jullie keuze vinden.” Even later keken we tegen hun startpagina aan. “Oké Kees… En nu?”
"Een aantal zaken vind ik belangrijk voor een buks om je huis te verdedigen. Allereerst: de buks moet compact zijn. Een bullpuptype dus: het magazijn ver achter de trekker terwijl, de loop lang blijft. En stevig. Geen buks die na één keer niezen meteen opnieuw ingeschoten moet worden. Het merk FX valt dus al af. Prima buksen, hartstikke zuiver, maar het zijn prima donna’s: heel licht en teer gebouwd. Niet geschikt als verdedigingswapen. Het kaliber? .25 oftewel 6,35mm. Dat is voldoende om iemand af te laten zien van gekke dingen, zoals slaan en zo. Het moet een PCP-buks zijn, oftewel een buks die een eigen drukreservoir heeft waarmee je dus een aantal kogeltjes mee kunt schieten en niet de buks na elk schot op druk moet brengen. Een magazijn met minimaal 10 schoten. En qua mondingsenergie: minimaal 40, maximaal 80 Joule. Voldoende om behoorlijk pijn te doen; onvoldoende om iemand te doden. En dat gaan we nu eens invoeren…”
Uiteindelijk kwamen we uit op een AGN Vulcan III, die aan alle eisen voldeed. Kort, stevig, 12 schoten in het magazijn, mondingsenergie van 62 Joule en .25 in kaliber. En op de schietvereniging hadden een paar leden die buks of z’n voorgangers: de Vilcan i of II. En die waren er dik tevreden over. Het enige wat minder was, was de prijs: bijna 1.500 euro. “En daar komt nog een luchtfles bij, een kijker, pellets, een kogelvanger, doelkaarten en wellicht een laser, dames en heren. Hou rekening met zo’n 1800 á 1900 euro. De meiden keken beduusd, Gerben keek ook twijfelend. Alleen Rogier was vastbesloten. “Meiden… Zie het als een verzekeringspremie. Die betaal je ook braaf, in de hoop dat je hem nooit nodig zal hebben.” Lot sputterde tegen: “Maar Rogier… Twee van die dingen… dan praat je over 3.400 euro. Da’s drie weken salaris!”
Rogier grijnsde. “Dan werk je toch gewoon een paar avonden over, troela? Of…” Hij dempte zijn stem. “…dan ga je gewoon een paar nachtjes met je vriendje mee naar Nijmegen. Onder de noemer ‘projectbezoek’. Kan zomaar gezellig worden. Ik weet een vrij smal bedje in de uitslaapkamer voor de TD in een ziekenhuis in Nijmegen. Als die deur dicht zit, komt er niemand. En het betaalt ook nog redelijk riant…” Zijn plannen werden door Joline vlijmscherp in de kiem gesmoord. “Niks ervan, meneer van der Vlist! Jij gaat je vriendinnetje niét naar ‘jouw’ ziekenhuis ontvoeren om haar zo wat overuren te laten ‘verdienen’ terwijl jullie liggen te rollebollen op een ziekenhuisbed! Laat ik het niet merken!” Rogier keek sip, Lot schoot in de lach. “Lijkt me wel eens leuk, Rogier…” Joline gromde. Laag en gemeen.
En ik keek Rogier aan. “Wat ben jij in feite een enorme sukkel, om dit soort ideeën te debiteren in het bijzijn van het financieel geweten van de firma. Neem een voorbeeld aan Gerben; die houdt wijselijk zijn mond, maar ik zag ‘m net al richting Margot knipogen en Margot keek alsof ze het helemaal met hem eens was.” Joline draaide zich naar Gerben om. “En wat ik tegen Rogier zei, geldt ook voor jullie, duifjes!” Gerben mopperde: “Je bent al net zo’n sukkel als Rogier, Kees. Om onze non-verbale communicatie even te grabbel te gooien.” “Ook ik wil de groot-aandeelhoudster van de firma te vriend houden, Gerben. Je kent haar misschien? Ene Gertie Koudstaal. Die uiteindelijk gezorgd heeft dat jullie hier kunnen wonen. Die zou ik ook maar te vriend houden, als ik jullie was.” Rogier knikte. “Ja, da’s ook weer waar. Lot: gewoon een maandje droog brood eten.” Die humde cynisch. “Dat heb ik jaren lang gedaan, vriend. Heb ik niet zo’n moeite mee. Jij waarschijnlijk meer.”
Ik zag Rogier schrikken. Hij trok Charlotte naar zich toe. “Sorry meid. Dat vloog er ondoordacht uit.” Lot knuffelde hem even. “Dat kan ik van jou wel hebben, mooie techneut. Vanavond goedmaakseks?” Rogier zuchtte. “Alwéér?” We schoten in de lach. “Arme kerel… Denk je nog wel eens met spijt terug aan die duik van je in zo’n Duits stuwmeer?” Hij keek me aan. “Daar denk ik elke dag aan, Kees. Beste beslissing van m’n leven geweest.” Hij keek naar Lot, toen naar Margot en Gerben. “Dames… en Gerben: wat doen we?” “Kopen!” zeiden Lot en Margot tegelijk. “En meteen twee stuks”, vulde Gerben aan. “Oké. Dan doen we dat. Maar bij wie?” We zochten naar wapenwinkels in de buurt, maar niet eentje in Brabant verkocht AGN. “Dan wordt het tóch Staphorst, Joline…” zei ik plagend. Ze stak haar tong uit.
“Da’s toch onzin, Kees…” Lot schudde haar hoofd. “Dan komen de benzinekosten er ook nog eens bij! Die dingen kun je toch ook online kopen?” Nu schudde ik mijn hoofd. “Nee Lot. Ik wil die buksen in m’n hand hebben en van voor tot achter en boven en onder bekijken. De laser er op laten zetten of de kijker en proefschieten. Een buks online kopen is vragen om ellende. Zo’n pakketbezorger laat de doos een keer vallen en je hebt schade. Die paar tientjes brandstofkosten zullen jullie ook niet de kop kosten. We maken er gewoon een leuk uitje van, lui.” Joline bromde: “Jaja… een leuk uitje, roept meneer Jonkman. De enige keer dat ik in die winkel stond werd ik behandeld als een domme, blonde bimbo met te kleine tieten...”

Even was het doodstil in de kamer, toen schoot ik in de lach. “Schat, als ik dat gezegd had…” “Ja, dan had je hem al om je oren gehad, Kees”, zei ze narrig. Gerben keek nu wel héél nieuwsgierig. “Joline… vertel eens!” Ze zuchtte. “Nou ja, ik doe het zelf maar. Als Kees het gaat vertellen…” Ik legde mijn handen beschermend op mijn oren. “Dát bedoel ik dus”, zei Joline. “Enfin, vorig najaar wilde ik ook een buks…” Ze vertelde wat er vorig jaar in de winkel in Staphorst was gebeurd. Gerben en Rogier zaten breed te grijnzen aan het eind van het verhaal; Lot en Margot proestten het ronduit uit. Joline besloot met: “Enfin, de meneer in kwestie was wél onder de indruk van mijn schietkunst. Waarschijnlijk minder van mijn tieten, maar dat is niet mijn probleem.” Lot leunde naar haar toe. “Geeft niet schat. Wij zijn het wél. Veel belangrijker…” De meiden gierden het uit, Gerben, Rogier en ik zaten het hoofdschuddend aan te kijken. “Niks zeggen nu, kerels. En vooral onschuldig blijven kijken, anders heb je er een te pakken.”
Ik waarschuwde hen voor de zekerheid. Joline maakte een minachtend geluidje. “Kijk die macho’s nou eens zitten… Oh, wat zijn we braaf. Mocca kan er een voorbeeld aan nemen.” De hond, die de hele tijd onder Joline’s stoel had gelegen hoorde zijn naam en schoot overeind. “Jaja, Moccaatje… Je bent braaf. Beter dan die andere kerels hier.” Gerben noteerde de gegevens van de buksen. “Morgen ga ik bellen of ze twee van die dingen op voorraad hebben.” Hij gniffelde. “Vandaag is het zondag, dan neem ik aan dat er in Staphorst niemand in die winkel is om de telefoon op te nemen.” “Dat zou zo maar eens kunnen, Gerben.” Margot zei het rustig en vervolgde: “En dat is goed, zolang die mensen zich kunnen ontspannen en niet gedwongen worden om in een keurslijf te lopen.” “Zo is dat, Mar.” Joline knikte goedkeurend.

De computer ging uit en we verhuisden weer richting woonkamer om wat te drinken. Daarna moest Mocca er uit; die was sinds Eindhoven niet uit geweest. Ik stond op. “En wij gaan er ook even uit, lui. Frisse neus halen. Ja, het miezert een beetje, maar de hele dag bij die speksteenkachel van jullie rondhangen is ook maar behelpen.” We trokken de jassen aan en gingen door de serre de achtertuin in. Nu een ‘nette’ tuin: een aantal ingegraven bakken waar bloemen in zouden komen, een redelijk lap gras er omheen, hagen langs de zijkanten en twee betonnen garageboxen waar eerst de grote schuur had gestaan. En tussen die garageboxen een overkapping waar twee auto’s konden staan.
Ik wees op de overkapping. “Dat hebben jullie slim opgelost! Heel veel garageruimte zonder dat het veel kost.” Gerben knikte. “Een ideetje van Henry. Die kwam hier kort nadat we hier in trokken en suggereerde zoiets. En in overleg met Olaf, de eigenaar, bepaalden we de plaats van die garageboxen en hun fundering. Die fundering hebben we dus breder laten maken, en lieten de boxen dusdanig neerzetten dat ertussen ruimte was voor twee auto’s naast elkaar. Daarna drie stalen H-balken vastzetten op de garageboxen, een stevige houten overkapping er op en een dichte wand van damwandprofiel er achter. Eén zaterdag werk met z’n drieën en toen was het klaar. Stelconplaten tussen de boxen, op de fundering, want met name die Volvo is best wel zwaar. Olaf is er ook blij mee, zijn vrouw ook, want haar tuingereedschap kan daar straks opgeborgen worden, zei ze.” Joline keek vragend. “Olaf z’n vrouw? Betrekken jullie die bij…”
Margot viel haar in de rede. “Ja Jolien. Het is niet ‘ons’ huis; wij zijn huurders. Dit soort zaken willen we in overleg met hen regelen, zodat we over vijf jaar, als zij hier willen gaan wonen, niet allerlei zaken af moeten breken. Die carport staat nu keurig op tekening en we hebben een schriftelijke goedkeuring van Olaf.” Joline knikte. “Dat is inderdaad de meest verstandige manier.” Ze keek rond. “En vanuit de carport kun je lekker overkapt schieten, lui!” Lot keek afkeurend. “Ik schat het niet, mevrouw. Dan ligt er na één schot van ondergetekende meteen een raam uit die mooie serre. Dat jij je kogeltjes op vijftig meter afstand binnen een centimeter kan plaatsen, wil nog niet zeggen dat wij dat ook meteen kunnen.” Ik keek nadenkend. “Dat is inderdaad een wat minder briljant plan van je, lieve echtgenote…” Joline keek van de serre naar de ‘carport’. “Nou dan stel ik voor dat een van die ramen in de serre open moet kunnen…”
Margot glimlachte even. “Lieve Jolien. Mogen het ook twee deuren zijn?” Ze liep naar de serre toe en opende de twee tuindeuren demonstratief. Joline keek sip. “Ja. Niet aan gedacht met m’n stomme blonde hoofd…” Ik trok haar tegen me aan. “Je kunt niet overal goed in zijn, schatje. En waar je wél goed in bent, ben ik in ieder geval heel blij mee.” Margot reageerde gortdroog. “Ja, wij ook wel, nietwaar Lot?” Die giebelde en sloeg een arm om Joline heen. “Meerdere keren… Nietwaar, schat?” Gerben keek mij aan. “Ehhh… Kees…?” Ik onderbrak hem. “Nee Gerben. Hoe graag je misschien ook zou willen, ik ga niet met jullie rollebollen als deze dames eens een ‘meidenavond’ hebben. Een krat bier leegdrinken en slap ouwehoeren: oké maar daar blijft het wel bij. Ik snap dat mijn bijna goddelijk voorkomen een enorme aantrekkingskracht op…”
Ik werd ruw onderbroken. “Zeg Kees… moet ik je ego weer eens ontluchten?” Joline keek me onderzoekend aan. “Graag schat. Het ventiel zit hier ongeveer.” Ik wees op mijn gulp. Gerben en Rogier grijnsden, Lot en Mar giechelden en Joline keek verachtelijk. “Kérels… Allemaal hetzelfde. Báh! Vanaf nu die gore taal voor je houden; ik wil jullie voortuin wel eens bekijken. En laten we dan meteen een stukje verder lopen, naar die motorclub. Ben ik wel benieuwd naar…” “Daar is nu niks te beleven Jolien. Ja, misschien een bestuurslid wat de vloer in hun clubhuis aan het vegen is, maar that’s it.” Ze haalde haar schouders op. “Maakt niet uit. Even lopen.”

We liepen om het huis naar de voortuin en ik bekeek hun plantenbakken even. 50 cm hoog, 1 x 1 meter en vol tuinaarde. “Die verplaats je niet even, Gerben… Dan heb je een wiellaadschop nodig.” “Zelfs dan niet, Kees. Er zitten 4 stevige U-profielen onder, 50 cm diep de grond in. Je krijgt ze alleen maar verticaal van hun plaats.” Hij gniffelde. “En je kunt er zelfs geen brommobiel tussen parkeren. En nu: lopen!” Mocca vond dat ook wel een goed idee; in de tuin had hij niet geplast of gepoept: keurig. Maar nu we ‘buiten’ waren, ging er een forse plas uit en honderd meter verder een stevige drol. En die moest natuurlijk weer gecompenseerd worden met een aantal brokjes… Joline prees de hond. “Goed zo, Mocca. Jij bent een slimme hond!” En ook van de rest kreeg hij lovende woorden. Maar ja, daar wordt de Labradormaag niet mee gevuld…
Na een paar honderd meter waren we bij de motorcrossclub. “Even kijken of er iemand is…” Rogier liep het terrein op en verdween achter het clubhuis. Even later wenkte hij. “Kom maar! We zijn welkom!” Op het terrein stond een kleine caravan met twee man er voor. Rogier, Lot, Gerben en Margot stelden zich voor als ‘de nieuwe overburen’; Joline en ik als ‘vrienden van’. Beide heren waren bestuursleden en hadden al gehoord van de parkeerproblemen een aantal weken terug. “Weet je,” zij één van de mannen, “Bij de uitnodiging sturen we altijd een kaartje mee waar men mag parkeren en waar men z’n motortrailer mag uitladen. En in grote letters staat erbij: ‘NIET OP DE VLIETSKADE PARKEREN!’ We hebben hier een mooi terrein, we hebben een prima verstandhouding met de omliggende boerderijen en dat willen we zo houden. Gasten kunnen hun auto’s op zaterdag prima kwijt op het industrieterrein aan de andere kant van het spoor. En ja, dan moeten ze wel 500 meter lopen…” Hij snoof.
De andere man vroeg: “Waar wonen jullie precies?” Gerben omschreef het huis en de man knikte. “Aha. Met de vorige bewoners hebben we redelijk wat mot gehad. Lui uit de randstad die de zaken hier wel eens naar hun hand zouden zetten. En die zijn nu weg? Mooi.” Ze leidden ons rond: langs de pitstraat en vervolgens over het terrein. Een aantal pittige hindernissen, in mijn lekenogen. En je kon hier ook ATB rijden… Mooie combinatie! Na een half uurtje namen we afscheid; Rogier en Gerben beloofden eens te komen kijken tijdens een wedstrijd. Lot en Mar aarzelden een beetje. Toen Joline hen op de terugweg naar de reden van hun aarzeling vroeg, zei Lot: “Nou, één van de heren zag er uit alsof hij zó bij een of andere motorclub vandaan kwam…” Ik trok een wenkbrauw op. “Dat klopt, Lot. En hij kwam er niet vandaan, hij wás er. Iets op tegen?” Ze aarzelde. “Al die tatouages…”
Joline keek haar aan. “Die heeft jullie redder-in-nood-met-kroketten-en-brood ook, hoor. En, om jullie eigen woorden maar eens te gebruiken: ‘Die zag je na vijf minuten niet meer.’ Charlotte zuchtte. “Het is weer eens zover… Ergens in de archiefkast van mevrouw Jonkman-Boogers gaat een lade open en worden we met onze eigen woorden verslagen…” “Wel een leuk archiefkastje, Lot. Maar: troost je meid: ik weet als geen ander hoe het voelt.” “Nou, dát is een troost, zeg…” mompelde Gerben. “Ze heeft wél gelijk, zus.” zei Margot en vulde aan: “Deze man was best aardig. Probeerde ten minste de techniek een beetje begrijpelijk uit te leggen. Dat mis thuis nog wel eens…”
Gerben bromde: “Dan moet je maar beter opletten, tutje. En niet, als ik je iets uit probeer te leggen, tegelijk zitten appen.” Rogier kapte het af. “Hé, het zijn onze overburen. En het is wel zo prettig als we met hen een goeie verstandhouding hebben en houden. De familie van Schoren, onze rechterburen, wonen recht tegenover die crossbaan. Hebben er veel meer last van dan wij, maar die komen daar ook regelmatig kijken. Die parkeerproblemen hebben ze prima opgelost, Lot, dus het is geen criminele motorbende. Ja, ze hebben andere hobbies dan wij, hobby’s waar je smerig van wordt en zo, maar dat worden jullie ook als je een middagje met Bella en Grey door het bos hebt lopen draven.” Ik kon het er alleen maar mee eens zijn.
Joline ook, die knikte in ieder geval instemmend en zei: “Gewoon een keertje gaan kijken. Dan zie je eens kérels die paarden tussen hun benen hebben in plaats van die pubermeiden. Weer eens wat anders dan op de manege.” Margot keek vragend. “Ik heb geen paard gezien daar, Jo…” “Paardenkrachten, troela. Sjongejonge… Je zou zo maar blond kunnen zijn.” Joline lachte haar uit, Margot zuchtte. Eenmaal weer binnen dronken we nog wat, toen hees ik Joline overeind. “Kom schoonheid. Ik wil weer terug naar Veldhoven. Dan komen we daar rond vijf uur weer aan. Precies rond etenstijd, prima planning.” Joline gaf me de sleutels van de auto. “Jij rijdt maar terug. Kan ik lekker dommelen.” We namen afscheid met knuffels en harde handen en op de drempel zei Joline nog: “Oh meiden… we zijn nog iets vergeten! Jullie slaapkamers. Daar zijn we nog niet geweest!”
Margot knipoogde. “Die mag jij een keertje zónder Kees bekijken. Dan sturen wij Rogier en Gerben wel een avond en nacht naar Veldhoven. Krijg jij een speciale VIP-rondleiding, Jolien.” Ik trok een pruillipje. “Waarom zij wel en ik niet?” Lot gaf me een luchtig kusje op de wang. “Omdat Joline wat pluspunten heeft. Oké, misschien niet zo groot, maar…” “Búkken, Lot!” Maar Joline glimlachte. “Van jou kan ik het hebben, Lot.” En met een blik op mij: “Pas op… Majóór!” Ik grinnikte, stapte in en we reden weg.

Op de snelweg liet Joline haar stoel achterover zakken. “Straks spetterende seks… Dan kan ik nu even slapen, Kees.” “Goed plan, mevrouw. Als u uw rokje dan een beetje optrekt, kan ik me, tussen het vrachtverkeer in, een beetje aan uw mooie benen verlustigen.” “Vijfennegentig procent van de tijd je blik op de weg houden, meneer Jonkman!” “Zeker Freule. Maar op de overige vijf procent geef ik geen garantie.” Een brommetje klonk naast me, maar Joline trok inderdaad haar rokje tot iets boven haar knieën op. “Zo. De rest zie je straks pas.” “Lekker, meisje…” Met de gewone cruisecontrol op 103 konden we rustig doorrijden. Druk was het niet op de weg, de cruisecontrol kon bijna de hele weg aan blijven. Mocca vond het ook prima; die lag de hele weg te slapen.
Pas toen we Veldhoven in reden kwam er een bruine hondenkop boven de zitting van de achterbank uit. De hond wist feilloos wanneer we bijna thuis of bij DT waren; als ik de snelweg afdraaide en de richtingaanwijzer aandeed, kwam hij overeind. Toen ik een keertje de richtingaanwijzer vergat, bleef hij liggen… Slimme hond! Met de auto in de garage liep Joline alvast naar boven, ik liet Mocca nog even uit. Loslopen hoefde niet; het dier had genoeg beweging gehad vandaag! Maar er moest wel gepoept en geplast worden. Daarna pakte ik de bugelkoffer uit de auto en liepen we richting lift. En wie kwamen we daar tegen? Meneer van Wijngaarden.
“Goedemiddag meneer.”
Hij keek om. “Hee… Goeiemiddag! Aan de wandel geweest?”
Ik stak mijn hand uit.. “Ik zal me eerst eens fatsoenlijk voorstellen, want door al dat gedoe een paar weken terug… Ik ben Kees Jonkman. Kees voor vrienden.”
“En ik ben Herman.”
Hij wees op Mocca die netjes was gaan zitten. “Mag ik je hond even aaien?”
Ik knikte. “Je vraagt het ten minste netjes. Er zijn zat mensen die meteen op Mocca aanvallen…”
Hij liet Mocca eerst aan zijn hand ruiken. En Mocca vond het wel prima: een lik en een kwispel volgden. “Mooi dier…”
Hij knielde bij Mocca neer en die stelde dat wel op prijs: een voorpoot kwam omhoog. “Oh Mocca… grote slijmbal die je bent. Ga je nou het oh zo voorbeeldige hulphondje uithangen?”
Herman lachte. “Dat was hij volgens mij al…”
De lift arriveerde en we stapten in. “Hoe is het nu bij jou thuis, Herman?”
“Stil. Maar prima. Ik kan nu ten minste dingen doen die ik al jaren wilde, maar niet mocht. Heb eindelijk een eigen hobbykamer, waar ik me heerlijk kan uitleven. Ik werk nog drie dagen in de week; prima om jezelf nog nuttig te voelen, maar de andere dagen kan ik me op mijn hobby storten: modeltreinen.
De lift stopte op de 5e verdieping en hij deed de deur open. “Kom eens kijken, zou ik zeggen!”
Ik knikte. “Goed plan! Ik bel wel een keertje en dan maken we een afspraak. Fijne avond, Herman!”

Mocca en ik gingen een paar verdiepingen hoger en ondertussen dacht ik na hoe het nu met zijn vrouw zou zijn. Bij haar zus in Groningen? Nee, daar lag ze ook niet zo lekker sinds dat die wist dat ze gif had gestrooid, geloof ik… Ik haalde mijn schouders op. Zij had zélf de schepen achter zich verbrand door haar onmogelijke gedrag, dus ik kon er niet mee zitten of ze nu onder een brug of in een ‘Blijf van m’n lijf-huis’ sliep. Overigens was een ‘Blijf-van-m’n-lijf-huis’ voor haar niet zo nodig; één blik op haar figuur en een kennismaking met haar ego zou voldoende zijn om vrijwel alle kerels ‘van haar lijf’ te houden… En iemand die haar omgeving tiranniseerde en honden probeerde te vergiftigen kon niet op enige compassie van Kees Jonkman rekenen.
De deur van het appartement stond open en Mocca sprintte naar binnen, naar Joline. “Hé mooi bruin monster…” hoorde ik. Mocca zat met z’n kop op Joline’s schoot, met z’n ogen half dicht, te genieten van haar aandacht. “Ik zou ook wel eens hond willen zijn…” klaagde ik. Pretlichtjes verschenen in blauwe ogen.
“Lijkt me ook wel eens aardig, Kees. Dan slaap je in een mand of op een kleedje, krijgt drie keer per dag 130 gram kouwe brokken en als je héél braaf bent een kauwstaafje en moet op commando buiten, op een weitje plassen en poepen, terwijl iedereen naar je kan kijken.” “Ach, als dat alles is… Een paar minuten jouw onverdeelde aandacht, met m’n kop op je bovenbenen compenseert veel.” Ik ging naast Mocca op de grond zitten en legde mijn hoofd ook op Joline d’r benen. Mocca vond daar wat van; een poot probeerde me weg te duwen en Joline lachte. “Oh Mocca… Jaloers?” “Wacht maar, bruin loedertje”, bromde ik. “Ik heb wel iets om jouw aandacht af te leiden.” Een greep in een zak van mijn jasje leverde een paar brokjes op en die strooide in de kamer in. Roéf! Wég was Mocca, op jacht naar eten.
“Zo. Eén concurrent uitgeschakeld. En nu heb ik de onverdeelde aandacht van de vrouw des huizes…” Joline giebelde. “Mocca was minder vrijpostig, Kees. Die zat ten minste niet met z’n poten onder mijn rokje.” Even genoot ik van het strelen van haar lange benen, toen kwam ik overeind. “Deze jongen gaat eens wat koken, schat. Want in Arkel had men de lunch maar even overgeslagen.” “Verhip… Nu je het zegt… Nou ja, we hebben wel iets lekkers bij de koffie en genoeg knabbels bij het drinken gekregen. Maar ik heb nu ook wel trek.”
Ik gaf haar nog een zoentje. “Eens kijken wat de chef in gedachten heeft.” Een blik in de koelkast leverde niks nuttigs op, in de vriezer stond nog een pizza. Oké, niet echt een culinair hoogstandje, maar…De afzuigkap ging aan en de pizza ging, nadat ik wat meer kaas, tomaten en paprika’s er op had gelegd, de oven in. Die ging op een lage stand; liever wat langer wachten dan een verbrande pizza omdat ik weer eens te ongeduldig was geweest! Mocca scharrelde om me heen, dus die verbande ik naar zijn mand. Geen trek om over een hond te struikelen als ik in de keuken heen en weer liep. Snel de borden op de bar, bestek, zo’n pizzasnijder en glazen erbij en een pak sap. De oven stond op 20 minuten en het plateau met de pizza draaide langzaam. Geen risico dat de pizza aan de ene kant verbrand was en aan de andere kant niet gaar. ..

Tik, tik, tik… Joline’s hakjes kondigden haar komst aan en zoals zo vaak keek ik verwachtingsvol naar de deur. En werd niet teleurgesteld: Joline had haar blauwe ‘baljurk’ aangedaan. “Wauw… En deze schoonheid komt zomaar mijn huiskamer binnen lopen?” Ze lachte. “Ja. Omdat het ook háár huiskamer is. En, misschien nog wel belangrijker: ook haar slaapkamer bevindt zich in dit pand. En het allerbelangrijkste: haar vent.” Ze kuste me zachtjes. “Waar ze mee naar bed wil.” Ze keek me diep in de ogen. “Nú.” Ik wees naar de keuken. “En het eten dan?” Joline keek en zei kalm: “Soms moet je andere prio’s stellen, Kees. Dit is zo’n moment. Kóm.” Ik grinnikte, zette de over maar uit en volgde haar. Ze kroop op bed en klopte naast zich. “Kóm Kees. Ik wil met je vrijen. Lekker intiem. Van elkaar genieten. Zitten jij, dan zal je eigen vrouw je eens uitkleden. En die gaat ervan genieten.” Ze knoopte langzaam mijn overhemd los en trok het uit. Toen mijn T-shirt. “En nu lekker tegen me aankomen, Kees. Ik wil je lekkere naakte body voelen.” Ze trok me tegen zich aan en kuste me. Eerst zachtjes, toen steeds intiemer, haar tong over mijn lippen, toen er tussen. En haar handen streelden mijn rug, mijn borst, mijn nek…
En ik streelde haar rug… voelde de bandjes van haar BH… Het wond me nog steeds op als ik die voelde. “Verder naar voren liefste…” Ze fluisterde het in mijn oor. Zachtjes en langzaam verplaatste ik mijn handen tot ik haar borsten voelde. Ik streelde die heerlijke vormen, langzaam naar haar tepels toe. Joline’s ademhaling ging nu onregelmatig en haar handen voelden over mijn broek. “Dat doe je heerlijk, Kees… Maar ik wil méér… Doe je broek uit!” “Moeilijk als jij zo lekker tegen me aan ligt, schatje…”
Ze lachte zachtjes. “Moet ik je even helpen, mooie vent? Ga maar liggen. Op je rug, handjes achter je hoofd.” Ze ging naast me zitten, trok mijn schoenen en sokken uit. Toen giebelde ze. “Ik begrijp Fred niet. Die moppert altijd over de geur van je voeten die hij rook als jij je schoenen uittrok. Dat half Kamp Holland flauw viel en zo. Merk ik niks van…” “Ik heb me vanochtend netjes gedoucht, Jolien. Dat kon niet als je een patrouille van een week door ‘the Green’ liep. Hooguit een keertje, als je mazzel en rustig momentje had, je poten spoelen in een stroompje. En als je pech had niet; dan moest je je voeten spoelen met het water uit je veldfles. En dan was je bijzonder zuinig, want dat water had je ook nodig om te drinken. Dus ja, als we terugkwamen op Kamp Holland roken mijn voetjes soms wat minder fris. Die van Fred of de andere jongens waren ook niet meer geheel steriel trouwens.”
“Ben ik niet zo in geïnteresseerd. In jouw voeten wél. En je benen ook. Dus… Til je lekkere kontje eens omhoog.” Ze maakte mijn broek los en trok die uit. “Zo. Die boxer komt zo wel, anders gaan de zaken veel te snel.” Ze lachte, trok haar jurk op en ging op me liggen. “Streel me, Kees. Streel me en laat me genieten…” Ze trok een kussen naast mijn hoofd en legde haar hoofd er op. “Zo. Nu kan ik jou lekker bekijken. En zoenen als ik wil.” Ik streelde haar rug nu. Een langzaam naar beneden; haar billen. De zachte stof van haar jurk gleed onder mijn handen. Zo vreeën we een paar minuten: langzaam, teder, zonder veel te zeggen, maar intens van elkaar genietend.
Toen opende Joline haar ogen. “Trek mijn jurk uit, Kees. Langzaam… Daar kan ik intens van genieten.” “Ik ook, schat… Jou dan helemaal voelen…” Langzaam opende ik de rits van haar jurk op haar rug. Even kwam ze overeind en het kledingstuk gleed omlaag: haar schouders kwamen bloot, haar dunne behaatje werd zichtbaar, haar platte buik… En ik streelde de huid de steeds verder zichtbaar werd. “Nu even je mooie billen optillen, mooie vrouw…” Ze glimlachte kort en deed het. Ik trok de jurk over haar heupen omlaag en haar slipje werd zichtbaar: een doorschijnend blauw niemendalletje met daar onder de boorden van haar nylons. Toen de jurk en het slipje uit waren, keek ze me aan.

“Wil je…” Ze beet op haar lip.
“Wát wil je, schat?”
Kus m’n poesje, Kees. Verwen je vrouw. Zoals alleen jij dat kan.”
Ik kroop tussen haar benen en streelde ze. Langzaam. Eerst haar voeten. Toen haar kuiten en héél langzaam omhoog naar haar knieholtes. Die streelde ik zachtjes, met één vinger. Joline lag op haar rug op bed, haar benen uit elkaar, haar handen zachtjes strelend over haar borsten en haar ogen dicht. Haar ademhaling ging sneller en omhoog kijkend zag ik haar poesje al wat glinsteren van haar vocht.
“Is het zo lekker, mooie vrouw?”
Hijgend kwam haar antwoord. “Jaaahhh… Ik kan hier uren van genieten, Kees. En tegelijk verlangen naar wat er nog komt… Jouw harde paal die stevig in… AHHH! Ik kóm, Kees! Lekker klaarkomen!”
Ze spreidde haar benen verder. “Kom! Lik mijn natte geile kut! Ik wil het voelen!” Ik schoof snel omhoog en duwde mijn gezicht tussen haar benen. Een zacht likje over haar clit… Ze pakte mijn hoofd en duwde dat tegen haar poes.
“Lik me! Lik me, Kees… Je tong diep in mijn natte geile spleetje… Neuk me met je tong!”
Ik deed m’n best en Joline kon het wel waarderen. Ze schudde en schokte, haar vocht kwam met kleine beetjes naar buiten en liep tussen haar benen door naar beneden. En ondertussen kneedde ik ook haar tepels: harde knopjes op zachte, warme borsten… Joline werd wild, duwde haar bekken omhoog, tegen me aan.
“Vingers er in, schat! Vinger m’n lekkerste plekje en lik m’n clit… Dan word ik…”
Verder kwam ze niet: toen ik haar G-spot masseerde spreidde ze haar benen nóg verder, tot ze bijna in spagaat lag en hijgde:
“Het kómt… Zo lekker…”
En ze kwám. En hoe! Van het ene moment op het andere verstrakte ze en schokte haar onderlichaam. En haar vocht werd nu een gestage stroom. Witachtig vocht, wat tussen haar lipjes uit sijpelde. En ze kreunde hevig, tot ze opeens riep:
“Kéés! Lekker!”
Een hevige schok en het stroompje werd een korte straal uit haar poes. Ik trok mijn vingers een beetje terug; ik wist dat ik nu niet door moest gaan, dan zou het genot over kunnen gaan in pijn. Langzaam en voorzichtig bleef ik haar likken, naar haar gezicht kijkend. Een glimlach op haar mond, haar adem snel…

“Kun je even tussen mijn benen uit gaan, schat? Anders heb ik straks een heupfractuur…” Ik grinnikte en kroop naast haar. “Mariëtte zou tevreden met jouw spagaat zijn, schatje.” Twee ogen gingen open en keken me aan. “Is het weer tijd voor flauwe opmerkingen, Kees?” Ik knikte. “Ja. Je hebt je orgasme gehad, dus…” Ze zuchtte diep. “Kom hier, liefste. Ik wil je zoenen!” Ze voegde de daad bij het woord en fluisterde even later: “En jij, Kees? Je hebt me helemaal suf gelikt en gevingerd… Maar jij dan?”
Ik keek in die prachtige blauwe ogen. “Ik ga je nu niet ‘opeisen’ schat. Ik weet dat je nu veel te gevoelig bent in je mooie poesje. Dan zou ik je pijn doen en dat wil ik niet. Ik heb genoten, schat. Van een prachtige vrouw die zich helemaal aan me geeft. Dank je wel.” Ze kuste me weer. “En ik heb óók genoten, schatje. Van een vent die niet voor eigen genot gaat, maar mij verwent. Misschien is dat wel het fijnste…” We lagen zo nog een paar minuten tegen elkaar, langzaam vrijend.
Toen keek ze mij weer aan. “Ik ga jou laten genieten, lieve Kees…” Ze gleed naar beneden en ik voelde een handje om mijn paal en even later twee lippen. Ze keek me aan. “Genieten, Kees. Van je eigen, erotische vrouw.”

En dat deed ik dan ook! Ze zoog en likte, haar tong cirkelde om mijn eikel terwijl haar hand me geraffineerd aftrok. In no time hing ik tegen een orgasme aan en dat voelde Joline. “Schatje… Dit duurt niet zo lang meer…” “Genieten, Kees. Laat het komen!” Een tongetje plaagde mijn toompje en toen was er geen houden meer aan: straal na straal spoot ik in Joline’s mond. En ze bleef me aankijken, mijn paal in haar mond. Toen ze losliet zag ik haar slikken, en toen nam ze hem opnieuw in haar mond. Zachtjes zuigend en likkend. Toen ze weer omhoog kwam, kwamen de bekende plaaglichtjes in haar ogen.
“Zo. Er is weer gezogen in huize Jonkman-Boogers…” Ik grinnikte. “Rare tut… Kom hier! Ik wil je zoenen!” Wéér lagen we te knuffelen, tot we toch maar besloten om onder de douche te gaan. En onder de douche zeepten we elkaar lekker in. En tijdens het afdrogen zei Joline: “Wat denk je, Kees? Gaan we nog iets met die pizza’s doen, of duiken we gewoon het bed in?”
“Dat kan niet schat. Er is ook nog een bruin monstertje wat haar brokken wil hebben. En die moet er ook nog uit. En bovendien: ik begin ook wel een beetje trek te krijgen. Dus: even simpel aankleden, eten, nog een beker warme melk daarna en dan, als Mocca ook alles heeft gedaan wat hij moet doen, kruipen we wéér lekker in bed. En dan kunnen we een prima tijdje slapen, schat. Hebben we nodig.”
Zo geschiedde. Ik liet Mocca uit, Joline ontfermde zich over de vervolmaking van de pizza’s en na het eten dronken we, op de bank gezeten, nog een beker warme melk. En om negen uur lagen we in bed.
“Kees… Zullen we nóg een keertje…”
Ik kreunde. “Schatje, de magazijnen zijn nét leeg gemaakt. Er is gezogen, alles is schoon. Echt, er valt weinig meer voor de klanten halen…”
Ze giebelde. “Dan moet je je productiemedewerkers maar eens wat beter motiveren, Kees.”
Ik bromde: “Ik zal ze een bonus geven, oké? Net als de CEO’s van de grote bedrijven. Maar of dat helpt…”
Ze kroelde tegen me aan. “Vast wel. Maar goed, als de magazijnen toch al leeg zijn… Dan kunnen we beter gaan slapen. Morgen wacht ons weer een drukke week. Welterusten, lieve lover.”
“Lekker slapen, heerlijke meid van me…”
Ín de kamer hoorde ik Mocca zich omdraaien in zijn mand; een brom en een bonk.
Die was waarschijnlijk ook wel blij dat de rust in huize Jonkman-Boogers was weergekeerd…
Geef dit verhaal een cijfer:  
5   6   7   8   9   10  
Klik hier voor meer...
Klik hier voor meer...