Lekker Anoniem Webcammen!
Donkere Modus
Door: Leen
Datum: 15-01-2026 | Cijfer: 9.2 | Gelezen: 3845
Lengte: Lang | Leestijd: 21 minuten | Lezers Online: 14
Trefwoord(en): Creampie, Jong En Oud, Neuken, Openbaar,
Kwart voor zes. Metrolijn 3 puilt uit zijn voegen. Lisa klemt haar handtas vol boeken tegen haar buik en probeert zich een weg naar het midden van het gangpad te wurmen, maar ze loopt vast in een muur van ruggen en winterjassen. De lucht hangt zwaar in de coupé, verzadigd van de geur van natte wol, scherpe deodorant en de uitgeademde warmte van honderden forenzen. Ondanks haar negentien jaar krimpt ze ineen in deze genadeloze menigte. Het hengsel van haar zware tas snijdt in haar schouder, het gewicht van de studieboeken trekt haar scheef. Ze laat een diepe zucht ontsnappen, onhoorbaar door het kabaal van de rammelende wagon en het gezoem van stemmen. Iedereen wil naar huis. De vermoeidheid in de coupé is bijna tastbaar.

De metro trekt met een schok op. De mensamassa beweegt als een vloeistof golvend naar achteren. Lisa’s sneakers verliezen hun grip op de gladde vloer. In een reflex grijpt ze naar een stang, maar haar vingers vinden alleen de warme, ruwe huid van een vreemde hand. Ze trekt zich onmiddellijk terug. "Sorry," mompelt ze. Niemand reageert. De deining van de trein drukt haar klem tegen de glazen wand bij de deuren. Links van haar schermt een zakenman zich af met een krant. Rechts domineert een groep luidruchtige jongens de ruimte. Achter haar heerst een beklemmende dichtheid. Een lichaam staat daar, solide en onbeweeglijk.

De wagon duikt scherp de bocht in, waardoor de zwaartekracht de passagiers opzij duwt. In dat moment van onbalans voelt Lisa … een hand. Hij strijkt langs haar zij, glijdt over de geplooide stof van haar uniformrokje en vindt kortstondig de ronding van haar bil. Ze verstijft. De lucht blijft steken in haar keel. De metro stabiliseert zich en de mensen om haar heen herpakken hun evenwicht. De druk verdwijnt. De aanraking is weg. In haar hoofd racen de verklaringen. Een botsende tas. Een passagier die houvast zocht. Ze draait haar hoofd een kwartslag, zoekend naar een indicatie in de ooghoeken. Ze ziet slechts schimmen van jassen in grijs, blauw en zwart. Niemand kijkt haar aan. Iedereen staart naar schermen of in het niets.

Lisa draait zich terug naar het donkere raam. Een huivering trekt door haar benen. Ze vervloekt zichzelf zachtjes. Waarom heeft ze vanochtend alleen dat korte spijkerjack aangetrokken? Had ze maar haar lange wollen mantel gekozen. Die had als een schild over haar heupen gevallen, een veilige barrière tussen haar en de wereld. Nu voelt ze zich gevaarlijk blootgesteld. Het geruite rokje is aan de korte kant – net boven de knie volgens de regels van haar school, maar in de praktijk kruipt het bij elke beweging omhoog. Er zit niets tussen de stof en de persoon achter haar, behalve een dunne panty en lucht.

In de weerspiegeling van het glas ziet ze de blos op haar wangen donkerder worden. Een ongeluk, prent ze zichzelf in. Zuiver toeval. Wegstappen zou logisch zijn, ruimte creëren tussen haar en de onbekende achter haar. Toch blijft ze staan. Tussen de gedachten over deadlines en essays dringt een andere mogelijkheid zich op. De kwetsbaarheid van haar outfit maakt de gedachte alleen maar indringender. Misschien was er opzet in het spel. Misschien wist die hand precies waar hij landde, juist omdát de stof daar zo dun is.

In de anonimiteit van de overvolle coupé ontbreekt de angst die ze zou moeten voelen. In plaats daarvan ontwaakt er een sluimerende nieuwsgierigheid. Een vonk. Ze sluit haar ogen. In haar verbeelding keert de hand terug. Doelbewust deze keer. Zonder weg te glijden, maar met een bezitterige claim op haar lichaam. De vloer begint opnieuw te trillen onder haar voeten als de metro een wissel nadert. Het metaal krijst. Lisa zet zich schrap. Ze houdt haar adem in, haar spieren gespannen, wachtend op de bevestiging van haar fantasie.

Er gebeurt niets. De trein schudt heen en weer, maar de hand blijft weg. Alleen de anonieme druk van een winterjas tegen haar rug blijft aanwezig, passief en afstandelijk. Lisa blaast de lucht langzaam uit haar longen. Een golf van opluchting spoelt over haar heen. Ze is veilig. Het was gewoon de drukte. Ze heeft zich dingen in het hoofd gehaald die er niet zijn. Maar direct onder die opluchting borrelt iets anders. Een doffe, zeurende teleurstelling. Ze voelt zich ineens dwaas. Een naïef schoolmeisje dat hunkert naar spanning die niet bestaat.

Ze opent haar ogen en focust weer op het donkere glas voor haar neus, dat nu als een spiegel fungeert in de zwarte tunnel. De TL-verlichting flikkert. Haar blik glijdt omlaag naar haar silhouet.

Ze verstart. Haar hart slaat een slag over en begint dan wild te bonzen. In de reflectie ziet ze haar benen. Veel meer van haar benen dan ze zou moeten zien. De zoom van haar geruite rok hangt niet halverwege haar dij. De stof zit opgepropt, slordig omhooggeduwd tot ver boven de gevarenzone. Een brede strook van haar donkere panty, normaal verborgen, ligt volledig bloot aan de koude lucht en de blikken van iedereen die de moeite zou nemen om omlaag te kijken.

De kleur trekt uit haar gezicht. Ze heeft niets gevoeld. Geen ruk, geen wrijving. Of was ze zo gefocust op de hand die ze verwachtte, dat ze de subtiele beweging van de stof heeft gemist? Rokjes kruipen soms omhoog door het lopen. Door wrijving. Maar zó hoog? Heeft de menigte dit gedaan? Of hebben vingers, vlug en onzichtbaar in het gedrang, de stof centimeter voor centimeter omhooggewerkt terwijl zij met gesloten ogen stond te wachten?

Ze draait haar hoofd langzaam naar rechts, de enige kant die haar nog wat bewegingsvrijheid biedt. Er staat een man. De deinende massa drukt hem half tegen haar zij aan. Hij is niet veel groter dan zij, misschien een centimeter of acht, net genoeg om over haar schouder te kunnen kijken. Maar hij kijkt niet over haar schouder. Zijn blik is naar beneden gericht. Aandachtig. Gefixeerd op de chaos van haar kleding, op de plek waar haar rokje veel te hoog eindigt. Dan, alsof hij voelt dat ze hem observeert, slaat hij zijn ogen op. Er is geen schok van betrapping. Geen schaamte. Hij houdt haar blik vast, secondelang, te midden van de zwetende lichamen. Dan krullen zijn mondhoeken omhoog. Een flauwe, nauwelijks waarneembare glimlach.

Het zet Lisa's gedachten in vuur en vlam. Wat gaat er om in dat hoofd? Was hij het? Waren het zijn vingers die de stof ongemerkt omhoog lieten kruipen? Heeft hij ongegeneerd gestaard naar haar blootgestelde dijen, die kwetsbare strook huid boven haar panty? Of keek hij naar de contouren van haar billen, strak omlijnd door de stof die nu veel te hoog zit? Het is niet te lezen. Of beeldt ze het zich in? Is die glimlach gewoon een verontschuldiging voor het ongemak, een beleefdheidje tussen lotgenoten in de spits? Ben ik paranoïde? Vraagt ze zich af. Zie ik dingen die er niet zijn omdat ik ze wíl zien?

Ze probeert haar ademhaling onder controle te krijgen en kijkt schichtig om zich heen, zoekend naar een normaal referentiepunt, een uitweg. Dan valt het haar op. Er staan nog drie andere mannen in haar directe omgeving. Eén vlak achter haar, één iets meer naar links. Samen met de man rechts vormen ze een soort driehoek, een kooi van lichamen. Ze kijken niet direct naar haar. De één staart naar de metrolijnkaart boven de deur, de ander scrolt door zijn telefoon. Maar hun houding vertelt een ander verhaal. Hun schouders, hun heupen, hun voeten... ze zijn allemaal naar haar toe gedraaid. Als satellieten rond een planeet. Is dit toeval in de chaos van de spits? Of is de ruimte om haar heen ineens kleiner geworden dan in de rest van de coupé?

De metro raast verder en duikt grommend een nieuwe tunnel in. De wielen gillen tegen de rails terwijl de trein een scherpe, onverwachte bocht naar rechts maakt. Lisa verliest haar grip. Ze wordt met kracht naar voren gelanceerd. Ze botst hard tegen de borstkas van de man voor haar. Zijn armen sluiten zich in een reflex om haar heen om haar op te vangen. Even hangt ze tegen hem aan, ruikt ze de geur van tabak en musk. Zijn handen stevig op haar bovenarmen. Van schrik – en verwarring over de intimiteit – deinst ze terug zodra de trein weer recht trekt. "S-sorry," stamelt ze. Ze doet een haastige stap naar achteren, zoekend naar haar eigen ruimte.

Maar er is geen ruimte. Haar rug knalt tegen de borst van de man achter haar. De man die er al die tijd al stond. Dit keer blijven zijn handen liggen. Ze landen zwaar en doelbewust op haar billen. Met volle overtuiging claimen ze hun plek. Zijn handpalmen zijn breed en warm door de dunne stof van haar panty heen. Omdat haar rokje nog steeds pijnlijk hoog zit, is er nauwelijks stof die hem tegenhoudt. Ze omsluiten de ronding van haar billen, kneden zachtjes, bijna sussend, in het vlees.

Lisa’s adem stokt. Haar eerste impuls is vechten. Ze wil zich omdraaien, hem wegduwen, hem dwingen te stoppen. Maar de metro schudt nog steeds gewelddadig heen en weer. Ze klampt zich met één hand krampachtig vast aan de lus boven haar hoofd. Als ze loslaat om hem weg te duwen, valt ze zeker weer. Ze is hulpeloos. Gevangen tussen de zwaartekracht en de mannen.

Of maakt ze zichzelf dat wijs? Terwijl zijn vingers, brutaal en ritmisch, over haar billen strijken, voelt ze een schok door haar lichaam gaan die niets met angst te maken heeft. Haar lichaam, jong en hunkerend, verraadt haar. Het is zo lang geleden dat iemand haar zo heeft aangeraakt. Te lang. Een warme, vloeibare hitte bloeit op tussen haar benen. Haar slipje wordt vochtig, een fysiek bewijs van haar opwinding dat ze niet kan ontkennen. Een tinteling raast vanuit haar kruis omhoog, waardoor haar knieën nog weker worden dan ze al waren door de schok.

Ze kijkt schichtig om zich heen. De zakenman leest nog steeds. De jongens lachen nog steeds. Niemand ziet wat er gebeurt in de schaduw van de lichamen. Niemand let op haar. De gedachte, die eerst beangstigend was, voelt nu bevrijdend. Wat kan er nou echt gebeuren? Denkt ze, terwijl haar hartslag in haar keel klopt. Het is een volle metro. Ik ben veilig. Het is een leugen, en dat weet ze, maar het is de leugen die ze nodig heeft. Ze stopt met verzetten. In plaats van haar spieren te spannen om hem af te weren, blaast ze langzaam uit. Ze sluit haar ogen half en leunt, heel voorzichtig, een millimeter naar achteren. Dieper in zijn handen.

Haar stilzwijgen fungeert als toestemming. Hij voelt het. Zijn handen, gesterkt door haar passiviteit, worden dwingender. Ze glijden van de zachte ronding van haar billen naar binnen, naar de naad van haar slipje die nu de enige barrière vormt. Vingers haken achter het kant. Met een resolute, korte beweging schuift hij de stof opzij. De laatste grens vervalt. Er is contact. Huid op huid. Zijn vingertoppen vinden onmiddellijk de plek die al verraderlijk vochtig is van verlangen. De aanraking is elektrisch. Hij onderzoekt haar, raakt haar zachtjes aan precies daar waar ze het meest gevoelig is, midden in de drukte van de avondspits. Lisa hapt naar adem, een scherp geluid dat gelukkig verdrinkt in het gekrijs van de metroremmen. Haar knokkels kleuren wit om de stang boven haar hoofd. Het contrast is verlammend: de kille tocht in de coupé tegenover de verzengende hitte tussen haar benen.

Tot haar schrik voelt ze dat hij niet stopt bij aanraken. Zijn vingers trekken plotseling stevig aan de elastische tailleband. Met een korte, besliste beweging stroopt hij het kanten stofje naar beneden. Lisa wil protesteren, haar benen sluiten, maar het gebeurt te snel. Het slipje glijdt over haar heupen, zakt langs haar bovenbenen en blijft steken ter hoogte van haar knieën, waar het als een slappe boei om haar benen hangt. De koele luchtstroom in de wagon heeft nu vrij spel op haar volledig ontblote onderlichaam. Het besef slaat in als een bom: ze staat met naakt onderlichaam – echt naakt – in het openbaar vervoer. Iedereen zou het kunnen zien als de mensenmassa ook maar iets zou wijken. Maar ze wijken niet. De muur van forenzen houdt haar geheim veilig.

En hij? Hij maakt onmiddellijk gebruik van de totale toegang die hij heeft afgedwongen. Zonder barrières drukt hij zijn lichaam tegen haar aan. Maar tot Lisa's verbijstering is er geen ruwe spijkerstof die schuurt. Geen koude metalen knoop die in haar huid drukt. Ze voelt puur, naakt vlees tegen haar billen. Zijn erectie, al bevrijd uit zijn broek, drukt hard en gloeiend heet tegen haar koude, blootgestelde huid. Tijd om na te denken over hoe het hem gelukt is zijn eigen broek zo snel en ongemerkt open te krijgen, krijgt ze niet. Hij is klaar. En hij wacht niet.

Hij wrijft zijn stijve paal traag over de ronding van haar billen, zoekt naar de juiste hoek. Dan, na een moment van aarzeling, duwt hij naar voren. Zijn voorvocht en het zweet dat tussen hun lichamen staat, zorgen voor voldoende smering om de wrijving te breken. Hij maakt slim gebruik van de omgeving. Met behulp van het ritmische heen-en-weer wiegen van de metro begint hij langzaam, centimeter voor centimeter, bij haar naar binnen te glijden. Lisa’s adem stokt in haar keel. Even is ze verschrikt door de invasie, de rauwe volheid van hem die haar oprekt. Haar spieren spannen zich in een reflex aan. Maar de schrik maakt bijna direct plaats voor een overweldigende golf van genot. Het voelt zo goed. De manier waarop hij haar vult, stiekem en verboden, stuurt rillingen van puur genot door haar ruggengraat.

In een poging zichzelf te aarden, draait ze haar hoofd naar links. Ze kijkt recht in de ogen van de man die daar staat, de zakenman met de krant. Maar hij leest niet meer. De krant is gezakt. Zijn ogen staan strak en zijn gefixeerd op een punt lager, ergens tussen de lichamen door. Hij staart naar haar onderlichaam. De blik in zijn ogen is onmiskenbaar. Hij ziet het. Hij weet wat er gebeurt.

Op dat moment verdampt de verdovende mist in haar hoofd. De realiteit slaat in met een plotselinge, brutale helderheid. Ze staat hier niet in een droom. Ze staat hier echt, midden in de spits, met haar onderlichaam volledig ontbloot. Ze wordt geneukt door een wildvreemde man, rauw en zonder condoom, zonder enige bescherming. Er schiet een emotie wortel in haar achterhoofd die zich als een lopend vuurtje door haar zenuwstelsel verspreidt. Het is een giftige, bedwelmende cocktail: de diepe, verachtelijke vernedering van zó genomen worden, als een object voor het plezier van vreemden; de ongebreidelde, dierlijke lust die wordt aangewakkerd door de handen en de pik die haar jonge lichaam genadeloos bedienen; en een intense, brandende schaamte over zichzelf omdat ze er zo van geniet.

De emotie zwelt aan tot hij fysiek wordt. Het voelt alsof er golven van elektriciteit door haar ledematen spoelen, sterker dan ze ooit heeft gevoeld. Ze kan niet meer helder denken. Ze wil niet meer denken. Ze knijpt haar ogen stijf dicht en stopt met vechten. Ze geeft zich over aan de golven, laat ze haar bewustzijn volledig overspoelen. En dan voelt ze het. Diep in haar buik trekt alles samen. Het is het begin van een orgasme, zo enorm en allesverslindend als ze in haar nog beperkte seksleven nog nooit heeft meegemaakt.

Hij voelt haar reactie. In plaats van te stoppen, versnelt hij. Zo snel als de krappe ruimte en de lichamen om hen heen het toelaten, drijft hij het tempo op. Zijn handen grijpen haar billen steviger vast en trekken haar een paar centimeter naar zich toe, strakker tegen zijn bekken aan, zodat zijn pik stevig en helemaal naar binnen wordt geduwd. Hij houdt hem daar, diep verankerd.

De schokken trekken door Lisa's lichaam. Haar orgasme barst los, niet als een golf, maar als een explosie. Ze bijt op haar lip tot ze bloed proeft om niet te schreeuwen. Haar binnenwanden krampen ritmisch samen rondom het vreemde vlees dat haar vult. Wanneer de hevigste pieken van haar orgasme langzaam wegebben, daalt er een onverwachte rust over haar neer. Haar ademhaling vertraagt, haar spieren worden zwaar en loom. Ze raakt langzaam gewend aan de sensatie van de pik die nog steeds diep in haar zit. Dus zo voelt het, klinkt een stem in haar hoofd. Zo voelt het om een vreemde man in je te hebben. Het voelt eigenlijk wel lekker.

Ze is even geschokt door de toon van haar eigen gedachten. Het is geen paniek, geen hysterie. Het is kalm. Zakelijk, bijna. Het orgasme heeft alle spanning uit haar lichaam gewassen en haar geest in een staat van absolute beheersing gebracht. Ze observeert nu wat er gebeurt alsof ze buiten zichzelf staat, een toeschouwer van haar eigen leven, terwijl haar lichaam ondertussen geniet van de hete, perverse realiteit.

Dan verandert er iets in hem. Ze voelt zijn pik iets groter worden, zwellen tegen haar gevoelige wanden. Daarna volgt de samentrekking. Hij komt klaar. Een warme vloed spuit haar binnenste in. Ze voelt hoe haar kut wordt opgevuld met zijn zaad, rauw en ongefilterd. Na vier, vijf krachtige samentrekkingen verliest zijn lid iets van zijn staalharde rigiditeit, maar hij trekt zich niet terug. Hij blijft staan, verankerd in haar. Hij wacht, alsof hij elke laatste druppel in haar wil achterlaten, zijn handen nog steeds dwingend om haar billen in de juiste positie te houden.

Hij komt klaar, en hij komt klaar, en hij komt klaar. Het lijkt eindeloos te duren. Terwijl ze daar staat, gevuld en gebruikt in de avondspits, klinkt die stem weer in haar hoofd. Er klinkt nu zelfs een vleugje trots in door. Wow, deze kerel gaat er echt helemaal voor. Je moet hem wel de beste seks van zijn leven hebben gegeven.

"Volgend station: Centraal." Langzaam, bijna met tegenzin, trekt hij zich terug. De plotselinge leegte die hij achterlaat voelt koud en vreemd aan. Zijn handen grijpen de zoom van haar rokje en trekken de stof ruw naar beneden, over haar billen en dijen, totdat ze weer bedekt is. Alsof hij de sporen uitwist. Dan voelt ze het: een lichte, plagerige tik op haar bil. Een stilzwijgend afscheid. Een 'bedankt'. De druk achter haar rug verdwijnt onmiddellijk.

Lisa draait zich met een ruk om, haar hart bonst in haar keel. Ze zoekt wanhopig naar een gezicht, een blik, een teken van herkenning. Maar ze ziet niemand. Alleen een muur van ruggen, jassen en tassen die zich naar de openschuivende deuren beweegt. Hij is verdwenen. Opgelost in de anonimiteit van de massa. Ze weet niet wie het was. Ze zal het nooit weten.

Ze kijkt omlaag. Haar kanten slipje hangt nog steeds rond haar knieën, een verloren stukje stof. Zonder een moment te aarzelen schopt ze het los. Ze laat het vallen op de vuile, grijze vloer van de wagon, tussen de voetafdrukken van vreemden. Een stille getuige van wat er zojuist is gebeurd. Met knikkende knieën maar met haar hoofd omhoog stapt ze over de drempel, het perron op, de frisse avondlucht in.

Einde.

- - -

Zelf ook een suggestie over een kortverhaal dat je geschreven wil zien? Laat dan zeker een reactie achter
Geef dit verhaal een cijfer:  
5   6   7   8   9   10  
Klik hier voor meer...
Klik hier voor meer...