Door: Leen
Datum: 03-04-2025 | Cijfer: 9.6 | Gelezen: 944
Lengte: Zeer Lang | Leestijd: 35 minuten | Lezers Online: 1
Trefwoord(en): Betrapt, Exhibitionisme, Gluren, Grote Borsten, Pashokje, Striptease, Voyeurisme, Winkel,
Lengte: Zeer Lang | Leestijd: 35 minuten | Lezers Online: 1
Trefwoord(en): Betrapt, Exhibitionisme, Gluren, Grote Borsten, Pashokje, Striptease, Voyeurisme, Winkel,
Vervolg op: Exposed - 9: Opnieuw Naar Het Winkelcentrum
De Verkoper
De zware glazen deur van de kledingwinkel schuift zachtjes open met een gedempt pling van een klein, onopvallend zilveren belletje boven de ingang. Ik stap naar binnen. En meteen voel ik het weer: die vertrouwde, opwindende vibratie in de lucht, net als de vorige keer dat ik hier was. Diezelfde speelse spanning. Mijn hart begint sneller te kloppen in mijn borstkas in een levendige mix van anticipatie op wat komen gaat en de scherpe, plezierige herinnering aan het spel dat ik hier vorige keer gespeeld heb.
En daar, achter de strakke, minimalistische toonbank van donker, bijna zwart ebbenhout, staat hij. Alsof hij op me wacht. Dezelfde nerdy verkoper. Zijn postuur is slank, bijna jongensachtig. Zijn donkerbruine krullen zijn een charmante, bijna opzettelijke chaos bovenop zijn hoofd, alsof hij er net gedachteloos met zijn hand doorheen is gegaan, waardoor een paar lokken rebels over zijn voorhoofd vallen. De bril – een wat zwaarder montuur met dikke, zwarte randen dat zijn gezicht iets intellectueels geeft – staat een tikje scheef op zijn neus. Daarachter zie ik zijn ogen, helder en intens blauw, die nu verrast opkijken van een glanzend modemagazine dat voor hem op de toonbank ligt. Zijn ogen vinden mij onmiddellijk en ik zie een flikkering van pure herkenning, snel gevolgd door iets anders… een lichte verwijding van zijn pupillen, een nauwelijks waarneembare schok. Hij lijkt even te slikken. Zijn adamsappel beweegt zichtbaar in zijn slanke nek. Zijn blik glijdt langs mijn lichaam – een snelle, allesomvattende scan, van mijn gezicht tot mijn benen, die een seconde te lang blijft hangen op de blote huid van mijn buik die zichtbaar is onder de korte, witte tanktop. Dan schiet zijn blik weer abrupt omhoog naar mijn ogen en ik zie met groeiend amusement hoe een verraderlijke, dieprode blos zich als een olievlek verspreidt vanuit zijn nek naar zijn oren, die nu bijna lijken te gloeien in het gedimde licht.
"K-kan ik je… helpen?" vraagt hij. Zijn stem schiet nét iets te hoog uit aan het einde, een duidelijk verraad van zijn plotselinge nervositeit. Ik beweeg me langzaam verder de winkel in, laat mijn vingers met een gespeelde nonchalance over een rek met zijden blouses glijden. Ik kantel mijn hoofd lichtjes en werp hem een zijdelingse blik toe. Ik glimlach. "Ja, dat kan zeker," zeg ik. Ik laat mijn stem bewust een tikje lager, heser en intiemer klinken dan normaal. "Ik zoek iets…" Ik pauzeer even, laat de verwachting hangen. "Sexy." Zijn wenkbrauwen schieten omhoog boven de zwarte rand van zijn bril. Hij kijkt me een fractie van een seconde volkomen sprakeloos aan, zijn mond lichtjes geopend alsof hij iets wil zeggen maar de woorden niet kan vinden. Dan schudt hij zijn hoofd, alsof hij een storende gedachte probeert te verdrijven of zichzelf tot de orde roept. Hij schraapt hoorbaar zijn keel, een nerveus, schrapend geluid in de verder stille, elegante winkel.
"N-nog sexier…" begint hij, zijn stem hapert even, en hij slikt opnieuw. Hij herpakt zich een beetje. "…dan wat je nu al aan hebt?" Ah, daar is het. De lichte aarzeling, het onbedoelde, bijna fluisterende compliment, de onbewuste, onmiskenbare bewondering die erin doorklinkt ondanks zijn poging tot professionaliteit. Ik zie hoe hij onmiddellijk zijn blik weer afwendt. Zijn ogen zijn nu gefixeerd op een willekeurig kledingstuk aan de muur achter mij, alsof hij bang is dat ik de openlijke, onverbloemde interesse in zijn ogen heb gezien. Maar dat heb ik. Natuurlijk heb ik dat. Ik weet beter. Ik voel het, proef het bijna in de geladen, vibrerende lucht tussen ons – de knetterende spanning, zijn duidelijke, aandoenlijke onzekerheid die zich vermengt met iets anders, iets veel fundamentelers en onmiskenbaars. Verlangen.
Een golfje van pure triomf en ondeugend amusement borrelt in me op. Ik moet mijn best doen om mijn glimlach niet te breed te laten worden. Ik zet een paar langzame, afgemeten stappen dichter naar hem toe. Ik beweeg mijn heupen net iets bewuster in het strakke, omhelzende leer. Speciaal voor hem. Ik stop vlak voor de hoge toonbank, dichtbij genoeg om de subtiele, aangename geur van zijn aftershave op te vangen. "Ja," fluister ik. "Veel sexier." Hij knippert een paar keer snel met zijn ogen, zijn lange wimpers strijken tegen de glazen van zijn bril. Dan herpakt hij zich. "Oké… eh… Duidelijk. Heb je… heb je iets specifieks in gedachten?" vraagt hij.
"Misschien…" reageer ik langzaam, bijna peinzend. Ik geniet van de stilte, van de spanning die ik doelbewust opbouw tussen ons. Ik bijt speels op mijn onderlip, houd zijn blik gevangen. "Iets… heel kort," vervolg ik. "Heel strak. Misschien van een stof die… nou ja, alles laat zien? Iets wat nauwelijks mijn vormen verhult, wat de verbeelding maximaal prikkelt… en eigenlijk heel weinig aan het toeval overlaat." Ik zie zijn adamsappel prominent op en neer gaan in zijn keel als hij zwaar slikt. Zijn blik, ondanks zijn dappere pogingen tot professionele afstandelijkheid, dwaalt onwillekeurig, onontkoombaar opnieuw over mijn lichaam. Van mijn blote schouders, langs de diepe uitsnijding van mijn witte top, naar de duidelijke, onmiskenbare afwezigheid van een beha eronder – ja, dat detail moet hem nu zeker zijn opgevallen, het kan niet anders. Zijn ogen blijven een fractie van een seconde te lang hangen op de welving van mijn borsten die zich aftekent onder de dunne, zachte stof. Hij knijpt zijn lippen even stijf op elkaar en wendt dan abrupt zijn blik af. Hij lijkt een intense innerlijke strijd te voeren tussen zijn professionele plicht en de overduidelijke, fysieke reactie die mijn woorden en mijn aanwezigheid bij hem teweegbrengen.
"Eh… juist," brengt hij er met hoorbare moeite uit, zijn stem klinkt nu wat schor. Hij schraapt nogmaals luid zijn keel en draait zich dan met een plotselinge, bijna houterige, onhandige beweging om naar een specifiek rek met zomerjurkjes verderop in de winkel. "Ik… ik denk dat ik wel iets heb dat… eh… daarbij in de buurt komt. Dat bij je past. Momentje, alsjeblieft." Een brede, voldane glimlach trekt over mijn gezicht, wanneer ik hem onhandig naar het kledingrek toe zie lopen. Dit spelletje. Zijn overduidelijke, bijna aandoenlijk onhandige reactie op mijn zelfverzekerde, berekende spel. Het bevalt me uitstekend. De jacht is geopend – niet alleen op het perfecte, uitdagende jurkje, maar minstens zozeer op het pure, onversneden plezier van deze interactie, van het voelen van mijn eigen macht en aantrekkingskracht.
Ik hoor het zachte, discrete geritsel van kledinghangers die over een metalen stang glijden ergens dieper in de winkel, en dan het geluid van zijn nette, leren schoenen op het dikke tapijt die weer dichterbij komen. Hij staat weer voor me, een enkel kledingstuk over zijn arm gedrapeerd, als een kelner die een exquise wijn presenteert. Zijn wangen hebben nog steeds die verraderlijke, lichtrode gloed, maar hij vermijdt nu krampachtig mijn directe blik. Zijn ogen zijn gefixeerd op de jurk die hij met een zekere, bijna overdreven zorg vasthoudt, alsof het een kostbaar artefact is. Met een gebaar dat zowel professioneel als een tikje stijf en nerveus is, houdt hij het jurkje voor me omhoog. Het is een vlammend rood kleedje met dunne spaghettibandjes die de schouders volledig bloot laten, een diepe, gevaarlijk lage V-halslijn die waarschijnlijk tot net boven mijn navel duikt, en de lengte… of beter gezegd, het gebrek daaraan. Het is inderdaad schandalig kort. Precies zoals gevraagd. Hij reikt het me aan. Zijn vingers raken de mijne net niet als ik het kledingstuk voorzichtig overneem. Een fractie van een seconde voel ik de warmte die van zijn hand afstraalt, of misschien verbeeld ik me dat. Ik neem het jurkje aan en bekijk het met een zogenaamd kritisch oog, houd het iets van me af. Het is zonder twijfel een statement piece. Kort, ontworpen om het lichaam als een tweede huid te omhelzen, en onmiskenbaar nauwelijks verhullend. Een jurkje dat geen enkel geheim bewaart en alles tentoonstelt.
Terwijl mijn vingers over de stof glijden, valt er mij iets anders op. De stof is prachtig, de kleur intens, maar er zit nauwelijks rek in. Bijna geen enkele elasticiteit. En terwijl ik het bekijk, weet ik het instinctief zeker: dit is een maatje kleiner dan wat ik normaal gesproken zou dragen. Minstens. Misschien zelfs twee. Een klein, spottend, bijna ongelovig lachje ontsnapt aan mijn lippen. Ik hef mijn hoofd en werp de verkoper, die me nog steeds met een gespannen, afwachtende blik observeert vanachter zijn bril, een veelbetekenende, plagende blik toe. Ik houd het jurkje met één hand tegen mijn lichaam, de diepe V-halslijn demonstratief bij mijn borsten, de ultrakorte zoom ergens gevaarlijk hoog halverwege mijn dij. "Denk je écht," begin ik, mijn stem doordrenkt met gespeelde, overdreven twijfel, terwijl ik mijn wenkbrauw langzaam en betekenisvol optrek, "dat dit past?" De vraag hangt tussen ons in, geladen met de onuitgesproken, maar overduidelijke beschuldiging: 'Je hebt dit expres gedaan, nietwaar? Dit is jouw kleine spelletje.'
Hij zet onmiddellijk een masker van professionele onschuld op. Zijn ogen worden groot en rond, een toonbeeld van zogenaamde verbazing. "Het model valt misschien wat klein uit," geeft hij toe, zijn stem klinkt een beetje dun, met een lichte aarzeling erin. "Maar de snit is ontworpen om echt… nou ja, nauw aan te sluiten. Bodycon, weet je wel." Hij haalt zijn schouders op, een gebaar dat nonchalance moet uitstralen, maar de onwillekeurige spanning in zijn kaaklijn en de manier waarop hij zijn lippen even op elkaar perst, verraden hem. "Probeer het maar," zegt hij dan, zijn stem weer iets te luchtig, bijna uitdagend. Maar zijn ogen… zijn ogen spreken een heel andere, veel eerlijkere taal. Ik zie hoe zijn blik, ondanks zijn poging tot professionele neutraliteit, net iets te lang blijft hangen bij de manier waarop ik het jurkje tegen mijn eigen vormen houd. Hoe zijn blik onbewust, hongerig bijna, even langs mijn blote armen glijdt, over mijn decolleté (waar de afwezigheid van een bh nu nog duidelijker en relevanter zou zijn met zo'n lage halslijn), naar de lijn van mijn taille en de uitdagende ronding van mijn heupen onder het strakke leer. Hij neemt het allemaal in zich op.
Mijn lippen krullen zich in een langzame, speelse, bijna samenzweerderige glimlach. Dit kat-en-muisspel, zijn doorzichtige pogingen om zijn eigen nieuwsgierigheid te verbergen achter een professionele façade… het amuseert me mateloos en wakkert mijn eigen opwinding alleen maar verder aan. 'Oké, meneer de verkoper,' denk ik bij mezelf. Ik voel een nieuwe golf van plezierige spanning opborrelen. 'Uitdaging aanvaard.' Ik knik langzaam, alsof ik zijn oordeel accepteer. "Goed dan," zeg ik, mijn stem weer normaal, zakelijk bijna, wat hem zichtbaar even in verwarring brengt. "Ik ga het proberen."
Hij wijst met een kort, nerveus gebaar van zijn hoofd naar de achterkant van de winkel. "De pashokjes zijn daar achteraan," zegt hij, zijn stem nog steeds een beetje gespannen. Ik draai me om, het jurkje losjes over mijn arm geslagen, de koele stof tegen mijn blote huid. Ik loop met zelfverzekerde, afgemeten passen richting de pashokjes. Ik voel zijn ogen in mijn rug branden, elke stap die ik zet, elke beweging van mijn heupen in het strakke leer. De subtiele, knetterende spanning tussen ons is bijna tastbaar in de lucht van de boetiek, een onzichtbare draad die ons verbindt. Terwijl ik naar de pashokjes loop, bedenk ik dat dit geen toeval kan zijn. Hij heeft inderdaad expres een maat te klein gekozen. Misschien is dat zijn manier om het spel mee te spelen, om de grenzen op te zoeken binnen de beperkingen van zijn rol als verkoper. Misschien, heel misschien, wil hij me zien worstelen met de stugge, nauwelijks rekbare stof straks in de privacy van het pashokje. Zien hoe het zich onmogelijk strak om mijn lichaam spant, hoe het elk detail van mijn vormen accentueert op een manier die zowel onthullend als bijna ongemakkelijk is. Hoe het misschien net niet helemaal dichtgaat, of hoe het dreigt te scheuren bij elke beweging… De gedachte is vreemd genoeg niet afstotelijk of vernederend. Integendeel. Het voegt een extra, bijna verboden laag van spanning en anticipatie toe aan het geheel. Zijn heimelijke, misschien onbewuste wens, mijn bewuste, uitdagende performance. Ja, dit wordt interessant. Heel interessant.
Ik bereik de pashokjes aan de achterkant van de winkel en kies er willekeurig een uit. Ik stap over de onzichtbare drempel het kleine hokje in en begin meteen het gordijn achter me dicht te trekken. De metalen ringen bovenaan schuiven met een gedempt, soepel ssshhhk geluid over de chromen stang erboven. De dikke, zware stof valt in diepe, elegante plooien en sluit de gedempte geluiden en het zachte licht van de boetiek buiten. Bijna. Want net voordat het gordijn volledig sluit, aarzel ik een fractie van een seconde. Mijn vingers, die de fluwelen rand nog vasthouden, spelen er even mee, voelen de zachte textuur. Met een nauwelijks waarneembare beweging zorg ik ervoor dat het gordijn net niet helemaal sluit. Ik creëer een smalle, verticale kier – een spleet van misschien maar enkele centimeters breed. Precies genoeg om, als ik straks mijn hoofd draai, een dunne streep van de winkel te kunnen zien... of, veel belangrijker, precies genoeg voor iemand buiten die dichtbij genoeg komt, om een discrete, maar onthullende glimp naar binnen te werpen. Een opzettelijke 'fout'. Een stille uitnodiging, vermomd als achteloosheid. De gedachte alleen al, de pure stoutmoedigheid ervan, stuurt een nieuwe, tintelende golf van opwinding door mijn aderen.
Dan pas laat ik het gordijn volledig los en zet ik een stap verder het pashokje in. De ruimte is klein, intiem bijna. Nauwelijks breed genoeg om mijn armen volledig zijwaarts te strekken zonder de beklede wanden te raken. De lucht ruikt hier vaag naar nieuw textiel, een vleugje wasmiddel misschien, en het subtiele parfum van vorige bezoekers. Mijn hart bonkt nu luider en sneller in de relatieve stilte. Een holle dreun tegen mijn ribben. Een fysiek bewijs van de spanning en anticipatie die ik zelf doelbewust heb gecreëerd met die kleine, veelbetekenende kier. De spiegel aan wand reflecteert mijn eigen beeld. Ik zie de opwinding die ik voel terug in mijn ogen. Mijn pupillen zijn iets groter dan normaal. Mijn wangen hebben een lichte, rozige blos die niets te maken heeft met de temperatuur hierbinnen. Mijn lippen glanzen omdat ik er net onbewust met mijn tong overheen heb geveegd. De spanning is voelbaar. Er hangt een elektrische lading in de lucht van dit kleine, afgesloten hokje.
En dan hoor ik het. Zachte voetstappen net buiten het gordijn. Ze stoppen vlakbij. Te dichtbij om toeval te zijn. Hij is daar. De verkoper. Hij blijft in de buurt hangen, wachtend, hopend? Ja. Ik weet beter dan te geloven in toeval nu. Hij speelt het spel mee, op zijn eigen, onhandige manier. Een speelse, bijna duivelse grijns trekt om mijn lippen. Ik draai me met mijn gezicht naar het gordijn, mijn rug naar de spiegel. Ik breng mijn hand omhoog naar de rand van het gordijn, speel er even mee en trek het nog wat verder open. Door de kier zie ik een schim, een deel van zijn schouder, de mouw van zijn donkergrijze hemd. Geen twijfel mogelijk. Hij staat daar, doet waarschijnlijk alsof hij een rek met kleding vlak naast de pashokjes ordent. Maar ik voel zijn blik als een tastbare aanwezigheid, een warme straal gericht op die smalle opening. Wachtend. Ik draai me weer om naar de spiegel, mijn rug naar het gordijn. Langzaam, met een overdreven, bijna theatrale beweging, breng ik mijn handen naar mijn heupen. Mijn vingers haken achter de bovenrand van mijn strakke, leren broekje. Het gladde, koele leer voelt als een tweede huid tegen mijn vingertoppen. Maar mijn huid eronder gloeit, tintelt van anticipatie en de hitte die door mijn aderen stroomt. Ik begin het broekje zachtjes, millimeter voor millimeter, naar beneden te schuiven over mijn heupen. De stof protesteert een beetje, spant strak. Intussen buig ik me nét iets verder voorover dan strikt noodzakelijk is. De beweging trekt het leer nog strakker over de rondingen van mijn billen. In de spiegel vang ik een duidelijke, abrupte beweging op achter het gordijn. Een schaduw die verschuift, dichterbij komt. Hij staart. Onmiskenbaar. Mijn buik trekt samen tot een strakke, hete knoop bij de gedachte, een mengeling van kwetsbaarheid en pure, rauwe macht.
Ik laat de stof verder zakken. Met een zacht, ritselend geluid glijdt het leer langs mijn dijen, onthult steeds meer van mijn blote huid. Tot het zware materiaal zich ophoopt rond mijn enkels en ik er met een lichte trap uitstap. Mijn benen en billen zijn nu onbedekt, op mijn kleine, zwarte slipje na. De plotselinge koelere lucht van het pashokje voelt als een streling op mijn warme huid, maakt me hyperbewust van mijn naaktheid. Ik blijf even zo staan, mijn rug nog steeds naar de kier in het gordijn gekeerd, wetend dat hij daar staat. Ik weet dat hij elk detail in zich opneemt – de lijn van mijn rug, de welving van mijn taille naar mijn heupen, de vorm van mijn billen in het niets verhullende slipje. Hoe mijn dijen subtiel spannen als ik mijn gewicht verplaats.
Mijn ademhaling is oppervlakkig nu, sneller dan daarnet, ondanks mijn poging om kalm te blijven. Mijn gedachten razen. Dit gevoel… het is intens. De wetenschap dat ik bekeken word, dat ik deze reactie bewust uitlok, dat ik speel met zijn verlangen en mijn eigen grenzen. Ik weet precies wat ik aan het doen ben. En hij weet het inmiddels ook, daar ben ik zeker van. De onschuld is verdwenen, vervangen door een stilzwijgende overeenkomst, een gedeeld, geheim spel. Ik sta hier, enkel in mijn slipje, met mijn billen volledig zichtbaar voor hem door die smalle kier. De kwetsbaarheid van de situatie is tegelijkertijd angstaanjagend en onmetelijk opwindend. De wetenschap dat zijn ogen op dit moment waarschijnlijk op mij gericht zijn, op mijn meest kwetsbare, onbedekte delen van achteren, is een gevaarlijke, bijna ondraaglijk verslavende cocktail van angst en macht. Maar terwijl ik daar sta, mijn ademhaling oppervlakkig, voel ik dat het nog niet genoeg is. Het spel is nog niet uitgespeeld. De ultieme confrontatie, de ultieme onthulling, moet nog komen.
Met een diepe, bijna bevende ademhaling die ik probeer te controleren, een poging om kalm te blijven – wat me duidelijk niet lukt - breng ik mijn handen omhoog naar de zoom van mijn witte tanktop. De dunne, zachte katoenen stof voelt vertrouwd en tegelijkertijd vreemd aan tussen mijn vingers, het laatste laagje dat me nog scheidt van volledige naaktheid. Langzaam, heel langzaam, begin ik het topje omhoog te trekken, mijn bewegingen zijn afgemeten, bewust. De stof glijdt over de huid van mijn buik, mijn ribbenkast, elke centimeter onthulling voelt als een eeuwigheid. Ik voel hoe de koelere lucht mijn huid onmiddellijk raakt waar de stof verdwijnt, een nieuwe golf van kippenvel veroorzakend die zich mengt met de tintelingen van opwinding. Ik trek het verder omhoog, de stof spant even over mijn borsten, en dan met een snelle, bevrijdende beweging trek ik het over mijn hoofd. Mijn haar raakt even verward, een paar lokken vallen voor mijn ogen. Ik schud ze weg en gooi het topje achteloos opzij, het landt met een zachte plof boven op het hoopje leer op de vloer.
Nu sta ik hier, volledig naakt op mijn slipje na. Ik vang mijn reflectie op in de grote passpiegel tegenover me, die nu mijn volledige voorkant toont. Mijn borsten zijn volledig bloot. Ze zijn niet overdreven groot, maar vol en stevig, met een natuurlijke, zachte welving die ik zelf altijd wel mooi heb gevonden. Een deel van mijn vrouwelijkheid. De huid is zacht, misschien een fractie bleker dan de huid van mijn armen die meer zon heeft gezien. Mijn tepels zijn hard geworden, prominent aanwezig. Ze staan als kleine, alerte knopjes rechtop. Het is een onmiskenbaar fysiek bewijs van de intense, zinderende opwinding die door mijn lichaam giert. Ik kijk even naar mezelf, naar dit rauwe, naakte beeld in de spiegel, en voel een vreemde, krachtige mengeling van absolute kwetsbaarheid en een onmetelijke, bijna arrogante kracht. Dit ben ik. Ongefilterd. En ik ga het hem laten zien. Met een hart dat nu als een bezetene in mijn keel bonkt, draai ik me langzaam, heel bewust en doelgericht, om. Ik draai me met mijn gezicht en mijn volledig ontblote bovenlichaam resoluut naar het gordijn, naar die smalle, veelbetekenende kier waar ik zijn aanwezigheid al die tijd heb gevoeld.
En ja. Mijn adem stokt in mijn keel. Geen twijfel mogelijk.
Door de spleet zie ik hem. Zijn ogen wijd opengesperd. Zijn blik is gefixeerd, onbeweeglijk, met een bijna hypnotische intensiteit gericht op mijn naakte borsten. Hij is niet zomaar aan het gluren; hij staart. Openlijk, onbeschaamd nu hij zich onbespied waant, volledig verzonken in het kijken, in het absorberen van het beeld dat ik hem nu presenteer. Een donkere, triomfantelijke, bijna wrede glimlach trekt langzaam om mijn lippen. Ik voel me plotseling volledig in controle, de rollen zijn omgedraaid. Ik zet een kleine, weloverwogen stap dichter naar de kier, verklein de afstand tussen ons. Ik hef mijn kin een beetje op, een houding van pure uitdaging. Mijn stem is laag, een beetje hees van de spanning en de adrenaline, maar vol met een spottende, confronterende ondertoon als ik vraag, de woorden zacht maar snijdend helder door de stilte van het pashokje en de kier heen: "Bevalt het je?" De reactie is onmiddellijk en bijna komisch in zijn hevigheid. Zijn hoofd schiet met een gewelddadige ruk omhoog, alsof hij zich brandt. Ik hoor een scherp ingehouden adem, een soort verstikt geluid, onmiddellijk gevolgd door het onmiskenbare, doffe geluid van iemand die een onhandige stap achteruit struikelt op het zachte tapijt buiten het pashokje. Hij is geschrokken. Totaal, compleet overrompeld. Betrapt op heterdaad, terwijl hij naar mijn naakte lichaam keek. En de golf van macht en opwinding die dat besef door mij heen stuurt, is bijna overweldigend. Een zacht, onderdrukt lachje ontsnapt aan mijn lippen. De plotselinge ommekeer, zijn paniek na zijn heimelijke gestaar… het is onweerstaanbaar komisch en tegelijkertijd diep bevredigend. De machtsbalans is volledig gekanteld. Met een gevoel van triomf dat door mijn aderen bruist, draai ik me langzaam om van het gordijn, mijn rug nu gekeerd naar de kier en de geschrokken verkoper daarachter.
Ik neem het kleedje van de kapstok. Het is klein, veel te klein. Dit wordt een worsteling. Maar ik deins er niet voor terug. Integendeel. Ik begin me in het jurkje te hijsen. Het is inderdaad strak. Heel strak. Ik moet voorzichtig manoeuvreren, mijn adem inhouden terwijl ik de stof over mijn heupen trek. Het materiaal spant zich onmiddellijk als een tweede huid om mijn lichaam, volgt elke curve, elke lijn met een genadeloze precisie. Er is geen ruimte om iets te verbergen. De stof voelt dwingend aan, bijna restrictief, maar op een vreemde manier ook ongelooflijk krachtig. Als het eenmaal op zijn plek zit, kijk ik in de spiegel en mijn adem stokt even. Mijn vormen zijn inderdaad duidelijk te zien, geaccentueerd door de strakke snit. De diepe V-halslijn duikt gevaarlijk laag, veel lager dan ik zelfs had ingeschat, en onthult een groot deel van mijn decolleté. Mijn borsten worden erdoor omhoog gedrukt en het lijkt alsof ze er elk moment uit kunnen ontsnappen; de randjes van de stof bedekken nauwelijks wat ze zouden moeten bedekken. Het effect is ronduit provocerend. En dan de lengte. Het jurkje is kort. Schokkend kort. Het eindigt ruim boven het midden van mijn dijen, waarschijnlijk net onder de ronding van mijn billen. Eén verkeerde beweging, één keer te diep bukken, en alles zou zichtbaar zijn. Het balanceert op het randje van wat acceptabel is, en stapt er misschien zelfs overheen.
Ik bekijk mezelf kritisch, maar ook met een groeiend gevoel van opwinding, in de spiegel. Dit is niet zomaar een jurkje. Dit is een statement. Een wapen. Het is precies de overtreffende trap van 'sexy' die ik zocht. De combinatie van de extreme strakheid, de diepe halslijn en de ultrakorte zoom is explosief. Ik voel me ongelooflijk blootgesteld, maar tegelijkertijd vreemd onaantastbaar, gehuld in deze pure, onverbloemde sensualiteit. Ik adem diep in, voel de stof straktrekken over mijn lichaam. Tijd voor de finale. Tijd om zijn reactie te zien op het resultaat van zijn 'onschuldige' keuze. Ik draai me om naar het gordijn. Geen aarzeling meer. In één snelle beweging grijp ik de rand van het zware velours vast en schuif ik het gordijn met een krachtige ruk volledig open. Het ssshhhk-geluid van de ringen op de stang echoot kort in de stilte.
Daar staat hij. Hij heeft zich inderdaad iets teruggetrokken, staat nu half verscholen achter een hoog kledingrek vol blouses, alsof hij dekking zocht na zijn schrikreactie. Maar zijn hoofd is opgeheven, zijn ogen zijn onmiddellijk op mij gericht als het gordijn opengaat en ik in de volle opening van het pashokje sta, badend in het zachte licht, gehuld in de uitdagende jurk. Ik stap het pashokje uit, de paar passen naar het midden van de ruimte voelen als lopen op een catwalk. Ik pauzeer even, laat hem kijken, laat het beeld op hem inwerken. Dan, met een zelfverzekerde, bijna spottende glimlach op mijn lippen, maak ik langzaam een volledig rondje, draai ik om mijn as zodat hij de jurk – en hoe die mijn lichaam vormt – van alle kanten kan zien. De stof trekt en spant bij elke beweging, de korte zoom lijkt nog hoger op te kruipen. Ik stop weer, recht voor hem, mijn handen nonchalant in mijn zij. Ik hef mijn wenkbrauw. "En?" vraag ik, mijn stem klinkt helder, zelfverzekerd, met een ondertoon van pure uitdaging. "Hoe vind je het?"
Zijn mond valt letterlijk open. Zijn ogen volgen nog steeds de lijnen van de jurk, van de diepe halslijn naar de korte zoom en weer terug. Hij slikt zichtbaar. Dan komen zijn ogen weer omhoog en ontmoeten de mijne. Ze staan vol ongeloof, verbazing, en iets wat verdacht veel lijkt op pure, onvervalste bewondering en begeerte. "WOW," brengt hij uit, zijn stem klinkt hees, bijna ademloos. Meer dan dat ene woord komt er niet uit. Maar het is genoeg. Het zegt alles. Een brede, diep tevreden glimlach spreidt zich over mijn gezicht. Ik heb precies de reactie gekregen waar ik op hoopte, misschien zelfs meer. De combinatie van schok, bewondering en puur verlangen in zijn ogen is de ultieme bevestiging.
"Prima," zeg ik, mijn stem weer licht en bijna zakelijk, wat het contrast met mijn verschijning en zijn reactie des te groter maakt. "Ik koop het." Ik knik kort, alsof het de normaalste zaak van de wereld is om dit schandalig korte en strakke jurkje aan te schaffen na zo'n interactie. Ik zie hem even knipperen, alsof hij uit een droom ontwaakt. "O-oké," stamelt hij. "Secondje," voeg ik eraan toe, terwijl ik al een stap terug doe richting het pashokje, "dan trek ik het even uit.” Er valt een plotselinge, geladen stilte tussen ons. Zelfs de zachte loungemuziek lijkt even haar adem in te houden. Ik kijk naar hem en zie hoe hij stokstijf staat, zijn ogen groot achter zijn bril, zijn mond nog steeds licht geopend in het 'WOW'-moment. Hij beweegt niet, kijkt me alleen maar aan met een blik die een bizarre mengeling is van ongeloof, paniek en… ja, onmiskenbare, intense verwachting. Het dringt tot me door wat hij denkt. Of wat hij vreest, of hoopt. Na mijn eerdere spelletjes, na de confrontatie bij het gordijn, na de onthulling in deze jurk, denkt hij misschien werkelijk dat ik gek genoeg ben, brutaal genoeg, om me hier, ter plekke, voor zijn ogen weer uit te kleden. De gedachte alleen al stuurt een nieuwe, bijna duizelingwekkende golf van adrenaline door me heen. De verleiding is plotseling reëel, een ondeugende impuls om de ultieme grens over te steken, om zijn reactie te zien als ik dat daadwerkelijk zou doen.
Mijn lippen trekken zich even strak. Zou ik? Zou ik durven? Het zou ongepast zijn, totaal ongepast… maar mag ik dat na al het voorgaande eigenlijk nog zeggen? Is er nog wel een lijn die niet al vervaagd is tussen ons? Een fractie van een seconde speel ik met het idee, geniet ik van de pure, verboden spanning die het oproept, zie ik de chaos die het zou veroorzaken in zijn toch al verwarde hoofd. Maar dan, met een innerlijke zucht – deels teleurstelling, deels gezond verstand – laat ik het los. Het spel is leuk, maar er zijn grenzen, zelfs voor mij. Met een laatste, kleine, bijna verontschuldigende glimlach die zegt 'Nee, zo gek ben ik net niet,' draai me definitief om en stap ik het pashokje weer in. Dit keer trek ik het gordijn volledig dicht. Binnen in de kleine, intieme ruimte blijf ik even staan. Een brede grijns speelt om mijn lippen, een gevoel van pure, ondeugende voldoening bruist in me op. Dit voelde zo heerlijk. Maar terwijl ik daar sta, mijn hart nog steeds sneller kloppend van de adrenaline, vormt zich een nieuw, spontaan plan in mijn hoofd. Een laatste, kleine provocatie. Een geheim aandenken aan deze intense ontmoeting.
Mijn glimlach wordt breder, bijna ondeugend. Voorzichtig, worstelend met de strakke, onbuigzame stof, begin ik het jurkje weer uit te trekken. Het is bijna net zo'n opgave als het aantrekken, de stof plakt aan mijn warme huid. Als ik het eindelijk over mijn hoofd heb getrokken, gooi ik het over het haakje aan de wand. Dan gaan mijn handen naar de rand van mijn slipje. Het dunne stofje voelt vochtig aan tegen mijn vingertoppen, een direct resultaat van de intense opwinding en spanning van de afgelopen minuten – het gestaar, het betrapt worden, de confrontatie, mijn eigen durf. Met een snelle, bijna achteloze beweging trek ik het langs mijn heupen naar beneden en stap eruit. Dan, met een klein schopje van mijn voet, lanceer ik het in de verste, donkerste hoek van het pashokje. Een anoniem, ondeugend souvenirtje voor de verkoper. De gedachte aan het moment waarop hij het misschien vindt, zijn mogelijke verwarring of misschien zelfs opwinding, bezorgt me een laatste, geheime rilling van plezier.
Snel, nu gedreven door een ander doel, trek ik mijn eigen kleren weer aan. Het vertrouwde gevoel van het koele leer van het broekje tegen mijn huid, de losse val van de witte tanktop – het voelt bijna vreemd aan na de dwingende omhelzing van het jurkje. Ik schik mijn kleding, haal een hand door mijn haar en controleer mijn reflectie kort in de spiegel. De vrouw die terugkijkt, heeft nog steeds die gloed van opwinding in haar ogen, maar er is ook een nieuwe focus. Met het rode jurkje netjes over mijn arm geslagen, schuif ik het gordijn nu volledig open en loop met zelfverzekerde passen naar de kassa, waar de verkoper nerveus staat te wachten, druk bezig met het zogenaamd ordenen van wat bonnetjes. Hij kijkt op als ik nader, zijn blik schiet even naar het jurkje, dan snel naar mijn gezicht, maar hij vermijdt direct oogcontact.
Zwijgend, maar met een voelbare spanning tussen ons, reken ik af. De transactie is snel, bijna onpersoonlijk, maar de onderstroom is er nog steeds. Hij overhandigt me de tas met het jurkje, onze vingers raken elkaar dit keer wel heel even aan. Een klein elektrisch schokje. Ik glimlach nog een laatste keer naar hem en draai me om. Terwijl ik de winkel uitloop, werp ik een snelle blik op mijn horloge. Mijn ogen worden groot. Ik schrik. De tijd is voorbijgevlogen! Mijn afspraakje met Kristof… Oh nee… hij wacht op mij! Ik moet me haasten, nu meteen. De speelse opwinding van de winkel maakt plotseling plaats voor een heel andere, dringende vorm van spanning. Ik zet de pas erin, mijn hakken tikken nu snel op de glanzende tegelvloer van het winkelcentrum.
(wordt vervolgd)
En daar, achter de strakke, minimalistische toonbank van donker, bijna zwart ebbenhout, staat hij. Alsof hij op me wacht. Dezelfde nerdy verkoper. Zijn postuur is slank, bijna jongensachtig. Zijn donkerbruine krullen zijn een charmante, bijna opzettelijke chaos bovenop zijn hoofd, alsof hij er net gedachteloos met zijn hand doorheen is gegaan, waardoor een paar lokken rebels over zijn voorhoofd vallen. De bril – een wat zwaarder montuur met dikke, zwarte randen dat zijn gezicht iets intellectueels geeft – staat een tikje scheef op zijn neus. Daarachter zie ik zijn ogen, helder en intens blauw, die nu verrast opkijken van een glanzend modemagazine dat voor hem op de toonbank ligt. Zijn ogen vinden mij onmiddellijk en ik zie een flikkering van pure herkenning, snel gevolgd door iets anders… een lichte verwijding van zijn pupillen, een nauwelijks waarneembare schok. Hij lijkt even te slikken. Zijn adamsappel beweegt zichtbaar in zijn slanke nek. Zijn blik glijdt langs mijn lichaam – een snelle, allesomvattende scan, van mijn gezicht tot mijn benen, die een seconde te lang blijft hangen op de blote huid van mijn buik die zichtbaar is onder de korte, witte tanktop. Dan schiet zijn blik weer abrupt omhoog naar mijn ogen en ik zie met groeiend amusement hoe een verraderlijke, dieprode blos zich als een olievlek verspreidt vanuit zijn nek naar zijn oren, die nu bijna lijken te gloeien in het gedimde licht.
"K-kan ik je… helpen?" vraagt hij. Zijn stem schiet nét iets te hoog uit aan het einde, een duidelijk verraad van zijn plotselinge nervositeit. Ik beweeg me langzaam verder de winkel in, laat mijn vingers met een gespeelde nonchalance over een rek met zijden blouses glijden. Ik kantel mijn hoofd lichtjes en werp hem een zijdelingse blik toe. Ik glimlach. "Ja, dat kan zeker," zeg ik. Ik laat mijn stem bewust een tikje lager, heser en intiemer klinken dan normaal. "Ik zoek iets…" Ik pauzeer even, laat de verwachting hangen. "Sexy." Zijn wenkbrauwen schieten omhoog boven de zwarte rand van zijn bril. Hij kijkt me een fractie van een seconde volkomen sprakeloos aan, zijn mond lichtjes geopend alsof hij iets wil zeggen maar de woorden niet kan vinden. Dan schudt hij zijn hoofd, alsof hij een storende gedachte probeert te verdrijven of zichzelf tot de orde roept. Hij schraapt hoorbaar zijn keel, een nerveus, schrapend geluid in de verder stille, elegante winkel.
"N-nog sexier…" begint hij, zijn stem hapert even, en hij slikt opnieuw. Hij herpakt zich een beetje. "…dan wat je nu al aan hebt?" Ah, daar is het. De lichte aarzeling, het onbedoelde, bijna fluisterende compliment, de onbewuste, onmiskenbare bewondering die erin doorklinkt ondanks zijn poging tot professionaliteit. Ik zie hoe hij onmiddellijk zijn blik weer afwendt. Zijn ogen zijn nu gefixeerd op een willekeurig kledingstuk aan de muur achter mij, alsof hij bang is dat ik de openlijke, onverbloemde interesse in zijn ogen heb gezien. Maar dat heb ik. Natuurlijk heb ik dat. Ik weet beter. Ik voel het, proef het bijna in de geladen, vibrerende lucht tussen ons – de knetterende spanning, zijn duidelijke, aandoenlijke onzekerheid die zich vermengt met iets anders, iets veel fundamentelers en onmiskenbaars. Verlangen.
Een golfje van pure triomf en ondeugend amusement borrelt in me op. Ik moet mijn best doen om mijn glimlach niet te breed te laten worden. Ik zet een paar langzame, afgemeten stappen dichter naar hem toe. Ik beweeg mijn heupen net iets bewuster in het strakke, omhelzende leer. Speciaal voor hem. Ik stop vlak voor de hoge toonbank, dichtbij genoeg om de subtiele, aangename geur van zijn aftershave op te vangen. "Ja," fluister ik. "Veel sexier." Hij knippert een paar keer snel met zijn ogen, zijn lange wimpers strijken tegen de glazen van zijn bril. Dan herpakt hij zich. "Oké… eh… Duidelijk. Heb je… heb je iets specifieks in gedachten?" vraagt hij.
"Misschien…" reageer ik langzaam, bijna peinzend. Ik geniet van de stilte, van de spanning die ik doelbewust opbouw tussen ons. Ik bijt speels op mijn onderlip, houd zijn blik gevangen. "Iets… heel kort," vervolg ik. "Heel strak. Misschien van een stof die… nou ja, alles laat zien? Iets wat nauwelijks mijn vormen verhult, wat de verbeelding maximaal prikkelt… en eigenlijk heel weinig aan het toeval overlaat." Ik zie zijn adamsappel prominent op en neer gaan in zijn keel als hij zwaar slikt. Zijn blik, ondanks zijn dappere pogingen tot professionele afstandelijkheid, dwaalt onwillekeurig, onontkoombaar opnieuw over mijn lichaam. Van mijn blote schouders, langs de diepe uitsnijding van mijn witte top, naar de duidelijke, onmiskenbare afwezigheid van een beha eronder – ja, dat detail moet hem nu zeker zijn opgevallen, het kan niet anders. Zijn ogen blijven een fractie van een seconde te lang hangen op de welving van mijn borsten die zich aftekent onder de dunne, zachte stof. Hij knijpt zijn lippen even stijf op elkaar en wendt dan abrupt zijn blik af. Hij lijkt een intense innerlijke strijd te voeren tussen zijn professionele plicht en de overduidelijke, fysieke reactie die mijn woorden en mijn aanwezigheid bij hem teweegbrengen.
"Eh… juist," brengt hij er met hoorbare moeite uit, zijn stem klinkt nu wat schor. Hij schraapt nogmaals luid zijn keel en draait zich dan met een plotselinge, bijna houterige, onhandige beweging om naar een specifiek rek met zomerjurkjes verderop in de winkel. "Ik… ik denk dat ik wel iets heb dat… eh… daarbij in de buurt komt. Dat bij je past. Momentje, alsjeblieft." Een brede, voldane glimlach trekt over mijn gezicht, wanneer ik hem onhandig naar het kledingrek toe zie lopen. Dit spelletje. Zijn overduidelijke, bijna aandoenlijk onhandige reactie op mijn zelfverzekerde, berekende spel. Het bevalt me uitstekend. De jacht is geopend – niet alleen op het perfecte, uitdagende jurkje, maar minstens zozeer op het pure, onversneden plezier van deze interactie, van het voelen van mijn eigen macht en aantrekkingskracht.
Ik hoor het zachte, discrete geritsel van kledinghangers die over een metalen stang glijden ergens dieper in de winkel, en dan het geluid van zijn nette, leren schoenen op het dikke tapijt die weer dichterbij komen. Hij staat weer voor me, een enkel kledingstuk over zijn arm gedrapeerd, als een kelner die een exquise wijn presenteert. Zijn wangen hebben nog steeds die verraderlijke, lichtrode gloed, maar hij vermijdt nu krampachtig mijn directe blik. Zijn ogen zijn gefixeerd op de jurk die hij met een zekere, bijna overdreven zorg vasthoudt, alsof het een kostbaar artefact is. Met een gebaar dat zowel professioneel als een tikje stijf en nerveus is, houdt hij het jurkje voor me omhoog. Het is een vlammend rood kleedje met dunne spaghettibandjes die de schouders volledig bloot laten, een diepe, gevaarlijk lage V-halslijn die waarschijnlijk tot net boven mijn navel duikt, en de lengte… of beter gezegd, het gebrek daaraan. Het is inderdaad schandalig kort. Precies zoals gevraagd. Hij reikt het me aan. Zijn vingers raken de mijne net niet als ik het kledingstuk voorzichtig overneem. Een fractie van een seconde voel ik de warmte die van zijn hand afstraalt, of misschien verbeeld ik me dat. Ik neem het jurkje aan en bekijk het met een zogenaamd kritisch oog, houd het iets van me af. Het is zonder twijfel een statement piece. Kort, ontworpen om het lichaam als een tweede huid te omhelzen, en onmiskenbaar nauwelijks verhullend. Een jurkje dat geen enkel geheim bewaart en alles tentoonstelt.
Terwijl mijn vingers over de stof glijden, valt er mij iets anders op. De stof is prachtig, de kleur intens, maar er zit nauwelijks rek in. Bijna geen enkele elasticiteit. En terwijl ik het bekijk, weet ik het instinctief zeker: dit is een maatje kleiner dan wat ik normaal gesproken zou dragen. Minstens. Misschien zelfs twee. Een klein, spottend, bijna ongelovig lachje ontsnapt aan mijn lippen. Ik hef mijn hoofd en werp de verkoper, die me nog steeds met een gespannen, afwachtende blik observeert vanachter zijn bril, een veelbetekenende, plagende blik toe. Ik houd het jurkje met één hand tegen mijn lichaam, de diepe V-halslijn demonstratief bij mijn borsten, de ultrakorte zoom ergens gevaarlijk hoog halverwege mijn dij. "Denk je écht," begin ik, mijn stem doordrenkt met gespeelde, overdreven twijfel, terwijl ik mijn wenkbrauw langzaam en betekenisvol optrek, "dat dit past?" De vraag hangt tussen ons in, geladen met de onuitgesproken, maar overduidelijke beschuldiging: 'Je hebt dit expres gedaan, nietwaar? Dit is jouw kleine spelletje.'
Hij zet onmiddellijk een masker van professionele onschuld op. Zijn ogen worden groot en rond, een toonbeeld van zogenaamde verbazing. "Het model valt misschien wat klein uit," geeft hij toe, zijn stem klinkt een beetje dun, met een lichte aarzeling erin. "Maar de snit is ontworpen om echt… nou ja, nauw aan te sluiten. Bodycon, weet je wel." Hij haalt zijn schouders op, een gebaar dat nonchalance moet uitstralen, maar de onwillekeurige spanning in zijn kaaklijn en de manier waarop hij zijn lippen even op elkaar perst, verraden hem. "Probeer het maar," zegt hij dan, zijn stem weer iets te luchtig, bijna uitdagend. Maar zijn ogen… zijn ogen spreken een heel andere, veel eerlijkere taal. Ik zie hoe zijn blik, ondanks zijn poging tot professionele neutraliteit, net iets te lang blijft hangen bij de manier waarop ik het jurkje tegen mijn eigen vormen houd. Hoe zijn blik onbewust, hongerig bijna, even langs mijn blote armen glijdt, over mijn decolleté (waar de afwezigheid van een bh nu nog duidelijker en relevanter zou zijn met zo'n lage halslijn), naar de lijn van mijn taille en de uitdagende ronding van mijn heupen onder het strakke leer. Hij neemt het allemaal in zich op.
Mijn lippen krullen zich in een langzame, speelse, bijna samenzweerderige glimlach. Dit kat-en-muisspel, zijn doorzichtige pogingen om zijn eigen nieuwsgierigheid te verbergen achter een professionele façade… het amuseert me mateloos en wakkert mijn eigen opwinding alleen maar verder aan. 'Oké, meneer de verkoper,' denk ik bij mezelf. Ik voel een nieuwe golf van plezierige spanning opborrelen. 'Uitdaging aanvaard.' Ik knik langzaam, alsof ik zijn oordeel accepteer. "Goed dan," zeg ik, mijn stem weer normaal, zakelijk bijna, wat hem zichtbaar even in verwarring brengt. "Ik ga het proberen."
Hij wijst met een kort, nerveus gebaar van zijn hoofd naar de achterkant van de winkel. "De pashokjes zijn daar achteraan," zegt hij, zijn stem nog steeds een beetje gespannen. Ik draai me om, het jurkje losjes over mijn arm geslagen, de koele stof tegen mijn blote huid. Ik loop met zelfverzekerde, afgemeten passen richting de pashokjes. Ik voel zijn ogen in mijn rug branden, elke stap die ik zet, elke beweging van mijn heupen in het strakke leer. De subtiele, knetterende spanning tussen ons is bijna tastbaar in de lucht van de boetiek, een onzichtbare draad die ons verbindt. Terwijl ik naar de pashokjes loop, bedenk ik dat dit geen toeval kan zijn. Hij heeft inderdaad expres een maat te klein gekozen. Misschien is dat zijn manier om het spel mee te spelen, om de grenzen op te zoeken binnen de beperkingen van zijn rol als verkoper. Misschien, heel misschien, wil hij me zien worstelen met de stugge, nauwelijks rekbare stof straks in de privacy van het pashokje. Zien hoe het zich onmogelijk strak om mijn lichaam spant, hoe het elk detail van mijn vormen accentueert op een manier die zowel onthullend als bijna ongemakkelijk is. Hoe het misschien net niet helemaal dichtgaat, of hoe het dreigt te scheuren bij elke beweging… De gedachte is vreemd genoeg niet afstotelijk of vernederend. Integendeel. Het voegt een extra, bijna verboden laag van spanning en anticipatie toe aan het geheel. Zijn heimelijke, misschien onbewuste wens, mijn bewuste, uitdagende performance. Ja, dit wordt interessant. Heel interessant.
Ik bereik de pashokjes aan de achterkant van de winkel en kies er willekeurig een uit. Ik stap over de onzichtbare drempel het kleine hokje in en begin meteen het gordijn achter me dicht te trekken. De metalen ringen bovenaan schuiven met een gedempt, soepel ssshhhk geluid over de chromen stang erboven. De dikke, zware stof valt in diepe, elegante plooien en sluit de gedempte geluiden en het zachte licht van de boetiek buiten. Bijna. Want net voordat het gordijn volledig sluit, aarzel ik een fractie van een seconde. Mijn vingers, die de fluwelen rand nog vasthouden, spelen er even mee, voelen de zachte textuur. Met een nauwelijks waarneembare beweging zorg ik ervoor dat het gordijn net niet helemaal sluit. Ik creëer een smalle, verticale kier – een spleet van misschien maar enkele centimeters breed. Precies genoeg om, als ik straks mijn hoofd draai, een dunne streep van de winkel te kunnen zien... of, veel belangrijker, precies genoeg voor iemand buiten die dichtbij genoeg komt, om een discrete, maar onthullende glimp naar binnen te werpen. Een opzettelijke 'fout'. Een stille uitnodiging, vermomd als achteloosheid. De gedachte alleen al, de pure stoutmoedigheid ervan, stuurt een nieuwe, tintelende golf van opwinding door mijn aderen.
Dan pas laat ik het gordijn volledig los en zet ik een stap verder het pashokje in. De ruimte is klein, intiem bijna. Nauwelijks breed genoeg om mijn armen volledig zijwaarts te strekken zonder de beklede wanden te raken. De lucht ruikt hier vaag naar nieuw textiel, een vleugje wasmiddel misschien, en het subtiele parfum van vorige bezoekers. Mijn hart bonkt nu luider en sneller in de relatieve stilte. Een holle dreun tegen mijn ribben. Een fysiek bewijs van de spanning en anticipatie die ik zelf doelbewust heb gecreëerd met die kleine, veelbetekenende kier. De spiegel aan wand reflecteert mijn eigen beeld. Ik zie de opwinding die ik voel terug in mijn ogen. Mijn pupillen zijn iets groter dan normaal. Mijn wangen hebben een lichte, rozige blos die niets te maken heeft met de temperatuur hierbinnen. Mijn lippen glanzen omdat ik er net onbewust met mijn tong overheen heb geveegd. De spanning is voelbaar. Er hangt een elektrische lading in de lucht van dit kleine, afgesloten hokje.
En dan hoor ik het. Zachte voetstappen net buiten het gordijn. Ze stoppen vlakbij. Te dichtbij om toeval te zijn. Hij is daar. De verkoper. Hij blijft in de buurt hangen, wachtend, hopend? Ja. Ik weet beter dan te geloven in toeval nu. Hij speelt het spel mee, op zijn eigen, onhandige manier. Een speelse, bijna duivelse grijns trekt om mijn lippen. Ik draai me met mijn gezicht naar het gordijn, mijn rug naar de spiegel. Ik breng mijn hand omhoog naar de rand van het gordijn, speel er even mee en trek het nog wat verder open. Door de kier zie ik een schim, een deel van zijn schouder, de mouw van zijn donkergrijze hemd. Geen twijfel mogelijk. Hij staat daar, doet waarschijnlijk alsof hij een rek met kleding vlak naast de pashokjes ordent. Maar ik voel zijn blik als een tastbare aanwezigheid, een warme straal gericht op die smalle opening. Wachtend. Ik draai me weer om naar de spiegel, mijn rug naar het gordijn. Langzaam, met een overdreven, bijna theatrale beweging, breng ik mijn handen naar mijn heupen. Mijn vingers haken achter de bovenrand van mijn strakke, leren broekje. Het gladde, koele leer voelt als een tweede huid tegen mijn vingertoppen. Maar mijn huid eronder gloeit, tintelt van anticipatie en de hitte die door mijn aderen stroomt. Ik begin het broekje zachtjes, millimeter voor millimeter, naar beneden te schuiven over mijn heupen. De stof protesteert een beetje, spant strak. Intussen buig ik me nét iets verder voorover dan strikt noodzakelijk is. De beweging trekt het leer nog strakker over de rondingen van mijn billen. In de spiegel vang ik een duidelijke, abrupte beweging op achter het gordijn. Een schaduw die verschuift, dichterbij komt. Hij staart. Onmiskenbaar. Mijn buik trekt samen tot een strakke, hete knoop bij de gedachte, een mengeling van kwetsbaarheid en pure, rauwe macht.
Ik laat de stof verder zakken. Met een zacht, ritselend geluid glijdt het leer langs mijn dijen, onthult steeds meer van mijn blote huid. Tot het zware materiaal zich ophoopt rond mijn enkels en ik er met een lichte trap uitstap. Mijn benen en billen zijn nu onbedekt, op mijn kleine, zwarte slipje na. De plotselinge koelere lucht van het pashokje voelt als een streling op mijn warme huid, maakt me hyperbewust van mijn naaktheid. Ik blijf even zo staan, mijn rug nog steeds naar de kier in het gordijn gekeerd, wetend dat hij daar staat. Ik weet dat hij elk detail in zich opneemt – de lijn van mijn rug, de welving van mijn taille naar mijn heupen, de vorm van mijn billen in het niets verhullende slipje. Hoe mijn dijen subtiel spannen als ik mijn gewicht verplaats.
Mijn ademhaling is oppervlakkig nu, sneller dan daarnet, ondanks mijn poging om kalm te blijven. Mijn gedachten razen. Dit gevoel… het is intens. De wetenschap dat ik bekeken word, dat ik deze reactie bewust uitlok, dat ik speel met zijn verlangen en mijn eigen grenzen. Ik weet precies wat ik aan het doen ben. En hij weet het inmiddels ook, daar ben ik zeker van. De onschuld is verdwenen, vervangen door een stilzwijgende overeenkomst, een gedeeld, geheim spel. Ik sta hier, enkel in mijn slipje, met mijn billen volledig zichtbaar voor hem door die smalle kier. De kwetsbaarheid van de situatie is tegelijkertijd angstaanjagend en onmetelijk opwindend. De wetenschap dat zijn ogen op dit moment waarschijnlijk op mij gericht zijn, op mijn meest kwetsbare, onbedekte delen van achteren, is een gevaarlijke, bijna ondraaglijk verslavende cocktail van angst en macht. Maar terwijl ik daar sta, mijn ademhaling oppervlakkig, voel ik dat het nog niet genoeg is. Het spel is nog niet uitgespeeld. De ultieme confrontatie, de ultieme onthulling, moet nog komen.
Met een diepe, bijna bevende ademhaling die ik probeer te controleren, een poging om kalm te blijven – wat me duidelijk niet lukt - breng ik mijn handen omhoog naar de zoom van mijn witte tanktop. De dunne, zachte katoenen stof voelt vertrouwd en tegelijkertijd vreemd aan tussen mijn vingers, het laatste laagje dat me nog scheidt van volledige naaktheid. Langzaam, heel langzaam, begin ik het topje omhoog te trekken, mijn bewegingen zijn afgemeten, bewust. De stof glijdt over de huid van mijn buik, mijn ribbenkast, elke centimeter onthulling voelt als een eeuwigheid. Ik voel hoe de koelere lucht mijn huid onmiddellijk raakt waar de stof verdwijnt, een nieuwe golf van kippenvel veroorzakend die zich mengt met de tintelingen van opwinding. Ik trek het verder omhoog, de stof spant even over mijn borsten, en dan met een snelle, bevrijdende beweging trek ik het over mijn hoofd. Mijn haar raakt even verward, een paar lokken vallen voor mijn ogen. Ik schud ze weg en gooi het topje achteloos opzij, het landt met een zachte plof boven op het hoopje leer op de vloer.
Nu sta ik hier, volledig naakt op mijn slipje na. Ik vang mijn reflectie op in de grote passpiegel tegenover me, die nu mijn volledige voorkant toont. Mijn borsten zijn volledig bloot. Ze zijn niet overdreven groot, maar vol en stevig, met een natuurlijke, zachte welving die ik zelf altijd wel mooi heb gevonden. Een deel van mijn vrouwelijkheid. De huid is zacht, misschien een fractie bleker dan de huid van mijn armen die meer zon heeft gezien. Mijn tepels zijn hard geworden, prominent aanwezig. Ze staan als kleine, alerte knopjes rechtop. Het is een onmiskenbaar fysiek bewijs van de intense, zinderende opwinding die door mijn lichaam giert. Ik kijk even naar mezelf, naar dit rauwe, naakte beeld in de spiegel, en voel een vreemde, krachtige mengeling van absolute kwetsbaarheid en een onmetelijke, bijna arrogante kracht. Dit ben ik. Ongefilterd. En ik ga het hem laten zien. Met een hart dat nu als een bezetene in mijn keel bonkt, draai ik me langzaam, heel bewust en doelgericht, om. Ik draai me met mijn gezicht en mijn volledig ontblote bovenlichaam resoluut naar het gordijn, naar die smalle, veelbetekenende kier waar ik zijn aanwezigheid al die tijd heb gevoeld.
En ja. Mijn adem stokt in mijn keel. Geen twijfel mogelijk.
Door de spleet zie ik hem. Zijn ogen wijd opengesperd. Zijn blik is gefixeerd, onbeweeglijk, met een bijna hypnotische intensiteit gericht op mijn naakte borsten. Hij is niet zomaar aan het gluren; hij staart. Openlijk, onbeschaamd nu hij zich onbespied waant, volledig verzonken in het kijken, in het absorberen van het beeld dat ik hem nu presenteer. Een donkere, triomfantelijke, bijna wrede glimlach trekt langzaam om mijn lippen. Ik voel me plotseling volledig in controle, de rollen zijn omgedraaid. Ik zet een kleine, weloverwogen stap dichter naar de kier, verklein de afstand tussen ons. Ik hef mijn kin een beetje op, een houding van pure uitdaging. Mijn stem is laag, een beetje hees van de spanning en de adrenaline, maar vol met een spottende, confronterende ondertoon als ik vraag, de woorden zacht maar snijdend helder door de stilte van het pashokje en de kier heen: "Bevalt het je?" De reactie is onmiddellijk en bijna komisch in zijn hevigheid. Zijn hoofd schiet met een gewelddadige ruk omhoog, alsof hij zich brandt. Ik hoor een scherp ingehouden adem, een soort verstikt geluid, onmiddellijk gevolgd door het onmiskenbare, doffe geluid van iemand die een onhandige stap achteruit struikelt op het zachte tapijt buiten het pashokje. Hij is geschrokken. Totaal, compleet overrompeld. Betrapt op heterdaad, terwijl hij naar mijn naakte lichaam keek. En de golf van macht en opwinding die dat besef door mij heen stuurt, is bijna overweldigend. Een zacht, onderdrukt lachje ontsnapt aan mijn lippen. De plotselinge ommekeer, zijn paniek na zijn heimelijke gestaar… het is onweerstaanbaar komisch en tegelijkertijd diep bevredigend. De machtsbalans is volledig gekanteld. Met een gevoel van triomf dat door mijn aderen bruist, draai ik me langzaam om van het gordijn, mijn rug nu gekeerd naar de kier en de geschrokken verkoper daarachter.
Ik neem het kleedje van de kapstok. Het is klein, veel te klein. Dit wordt een worsteling. Maar ik deins er niet voor terug. Integendeel. Ik begin me in het jurkje te hijsen. Het is inderdaad strak. Heel strak. Ik moet voorzichtig manoeuvreren, mijn adem inhouden terwijl ik de stof over mijn heupen trek. Het materiaal spant zich onmiddellijk als een tweede huid om mijn lichaam, volgt elke curve, elke lijn met een genadeloze precisie. Er is geen ruimte om iets te verbergen. De stof voelt dwingend aan, bijna restrictief, maar op een vreemde manier ook ongelooflijk krachtig. Als het eenmaal op zijn plek zit, kijk ik in de spiegel en mijn adem stokt even. Mijn vormen zijn inderdaad duidelijk te zien, geaccentueerd door de strakke snit. De diepe V-halslijn duikt gevaarlijk laag, veel lager dan ik zelfs had ingeschat, en onthult een groot deel van mijn decolleté. Mijn borsten worden erdoor omhoog gedrukt en het lijkt alsof ze er elk moment uit kunnen ontsnappen; de randjes van de stof bedekken nauwelijks wat ze zouden moeten bedekken. Het effect is ronduit provocerend. En dan de lengte. Het jurkje is kort. Schokkend kort. Het eindigt ruim boven het midden van mijn dijen, waarschijnlijk net onder de ronding van mijn billen. Eén verkeerde beweging, één keer te diep bukken, en alles zou zichtbaar zijn. Het balanceert op het randje van wat acceptabel is, en stapt er misschien zelfs overheen.
Ik bekijk mezelf kritisch, maar ook met een groeiend gevoel van opwinding, in de spiegel. Dit is niet zomaar een jurkje. Dit is een statement. Een wapen. Het is precies de overtreffende trap van 'sexy' die ik zocht. De combinatie van de extreme strakheid, de diepe halslijn en de ultrakorte zoom is explosief. Ik voel me ongelooflijk blootgesteld, maar tegelijkertijd vreemd onaantastbaar, gehuld in deze pure, onverbloemde sensualiteit. Ik adem diep in, voel de stof straktrekken over mijn lichaam. Tijd voor de finale. Tijd om zijn reactie te zien op het resultaat van zijn 'onschuldige' keuze. Ik draai me om naar het gordijn. Geen aarzeling meer. In één snelle beweging grijp ik de rand van het zware velours vast en schuif ik het gordijn met een krachtige ruk volledig open. Het ssshhhk-geluid van de ringen op de stang echoot kort in de stilte.
Daar staat hij. Hij heeft zich inderdaad iets teruggetrokken, staat nu half verscholen achter een hoog kledingrek vol blouses, alsof hij dekking zocht na zijn schrikreactie. Maar zijn hoofd is opgeheven, zijn ogen zijn onmiddellijk op mij gericht als het gordijn opengaat en ik in de volle opening van het pashokje sta, badend in het zachte licht, gehuld in de uitdagende jurk. Ik stap het pashokje uit, de paar passen naar het midden van de ruimte voelen als lopen op een catwalk. Ik pauzeer even, laat hem kijken, laat het beeld op hem inwerken. Dan, met een zelfverzekerde, bijna spottende glimlach op mijn lippen, maak ik langzaam een volledig rondje, draai ik om mijn as zodat hij de jurk – en hoe die mijn lichaam vormt – van alle kanten kan zien. De stof trekt en spant bij elke beweging, de korte zoom lijkt nog hoger op te kruipen. Ik stop weer, recht voor hem, mijn handen nonchalant in mijn zij. Ik hef mijn wenkbrauw. "En?" vraag ik, mijn stem klinkt helder, zelfverzekerd, met een ondertoon van pure uitdaging. "Hoe vind je het?"
Zijn mond valt letterlijk open. Zijn ogen volgen nog steeds de lijnen van de jurk, van de diepe halslijn naar de korte zoom en weer terug. Hij slikt zichtbaar. Dan komen zijn ogen weer omhoog en ontmoeten de mijne. Ze staan vol ongeloof, verbazing, en iets wat verdacht veel lijkt op pure, onvervalste bewondering en begeerte. "WOW," brengt hij uit, zijn stem klinkt hees, bijna ademloos. Meer dan dat ene woord komt er niet uit. Maar het is genoeg. Het zegt alles. Een brede, diep tevreden glimlach spreidt zich over mijn gezicht. Ik heb precies de reactie gekregen waar ik op hoopte, misschien zelfs meer. De combinatie van schok, bewondering en puur verlangen in zijn ogen is de ultieme bevestiging.
"Prima," zeg ik, mijn stem weer licht en bijna zakelijk, wat het contrast met mijn verschijning en zijn reactie des te groter maakt. "Ik koop het." Ik knik kort, alsof het de normaalste zaak van de wereld is om dit schandalig korte en strakke jurkje aan te schaffen na zo'n interactie. Ik zie hem even knipperen, alsof hij uit een droom ontwaakt. "O-oké," stamelt hij. "Secondje," voeg ik eraan toe, terwijl ik al een stap terug doe richting het pashokje, "dan trek ik het even uit.” Er valt een plotselinge, geladen stilte tussen ons. Zelfs de zachte loungemuziek lijkt even haar adem in te houden. Ik kijk naar hem en zie hoe hij stokstijf staat, zijn ogen groot achter zijn bril, zijn mond nog steeds licht geopend in het 'WOW'-moment. Hij beweegt niet, kijkt me alleen maar aan met een blik die een bizarre mengeling is van ongeloof, paniek en… ja, onmiskenbare, intense verwachting. Het dringt tot me door wat hij denkt. Of wat hij vreest, of hoopt. Na mijn eerdere spelletjes, na de confrontatie bij het gordijn, na de onthulling in deze jurk, denkt hij misschien werkelijk dat ik gek genoeg ben, brutaal genoeg, om me hier, ter plekke, voor zijn ogen weer uit te kleden. De gedachte alleen al stuurt een nieuwe, bijna duizelingwekkende golf van adrenaline door me heen. De verleiding is plotseling reëel, een ondeugende impuls om de ultieme grens over te steken, om zijn reactie te zien als ik dat daadwerkelijk zou doen.
Mijn lippen trekken zich even strak. Zou ik? Zou ik durven? Het zou ongepast zijn, totaal ongepast… maar mag ik dat na al het voorgaande eigenlijk nog zeggen? Is er nog wel een lijn die niet al vervaagd is tussen ons? Een fractie van een seconde speel ik met het idee, geniet ik van de pure, verboden spanning die het oproept, zie ik de chaos die het zou veroorzaken in zijn toch al verwarde hoofd. Maar dan, met een innerlijke zucht – deels teleurstelling, deels gezond verstand – laat ik het los. Het spel is leuk, maar er zijn grenzen, zelfs voor mij. Met een laatste, kleine, bijna verontschuldigende glimlach die zegt 'Nee, zo gek ben ik net niet,' draai me definitief om en stap ik het pashokje weer in. Dit keer trek ik het gordijn volledig dicht. Binnen in de kleine, intieme ruimte blijf ik even staan. Een brede grijns speelt om mijn lippen, een gevoel van pure, ondeugende voldoening bruist in me op. Dit voelde zo heerlijk. Maar terwijl ik daar sta, mijn hart nog steeds sneller kloppend van de adrenaline, vormt zich een nieuw, spontaan plan in mijn hoofd. Een laatste, kleine provocatie. Een geheim aandenken aan deze intense ontmoeting.
Mijn glimlach wordt breder, bijna ondeugend. Voorzichtig, worstelend met de strakke, onbuigzame stof, begin ik het jurkje weer uit te trekken. Het is bijna net zo'n opgave als het aantrekken, de stof plakt aan mijn warme huid. Als ik het eindelijk over mijn hoofd heb getrokken, gooi ik het over het haakje aan de wand. Dan gaan mijn handen naar de rand van mijn slipje. Het dunne stofje voelt vochtig aan tegen mijn vingertoppen, een direct resultaat van de intense opwinding en spanning van de afgelopen minuten – het gestaar, het betrapt worden, de confrontatie, mijn eigen durf. Met een snelle, bijna achteloze beweging trek ik het langs mijn heupen naar beneden en stap eruit. Dan, met een klein schopje van mijn voet, lanceer ik het in de verste, donkerste hoek van het pashokje. Een anoniem, ondeugend souvenirtje voor de verkoper. De gedachte aan het moment waarop hij het misschien vindt, zijn mogelijke verwarring of misschien zelfs opwinding, bezorgt me een laatste, geheime rilling van plezier.
Snel, nu gedreven door een ander doel, trek ik mijn eigen kleren weer aan. Het vertrouwde gevoel van het koele leer van het broekje tegen mijn huid, de losse val van de witte tanktop – het voelt bijna vreemd aan na de dwingende omhelzing van het jurkje. Ik schik mijn kleding, haal een hand door mijn haar en controleer mijn reflectie kort in de spiegel. De vrouw die terugkijkt, heeft nog steeds die gloed van opwinding in haar ogen, maar er is ook een nieuwe focus. Met het rode jurkje netjes over mijn arm geslagen, schuif ik het gordijn nu volledig open en loop met zelfverzekerde passen naar de kassa, waar de verkoper nerveus staat te wachten, druk bezig met het zogenaamd ordenen van wat bonnetjes. Hij kijkt op als ik nader, zijn blik schiet even naar het jurkje, dan snel naar mijn gezicht, maar hij vermijdt direct oogcontact.
Zwijgend, maar met een voelbare spanning tussen ons, reken ik af. De transactie is snel, bijna onpersoonlijk, maar de onderstroom is er nog steeds. Hij overhandigt me de tas met het jurkje, onze vingers raken elkaar dit keer wel heel even aan. Een klein elektrisch schokje. Ik glimlach nog een laatste keer naar hem en draai me om. Terwijl ik de winkel uitloop, werp ik een snelle blik op mijn horloge. Mijn ogen worden groot. Ik schrik. De tijd is voorbijgevlogen! Mijn afspraakje met Kristof… Oh nee… hij wacht op mij! Ik moet me haasten, nu meteen. De speelse opwinding van de winkel maakt plotseling plaats voor een heel andere, dringende vorm van spanning. Ik zet de pas erin, mijn hakken tikken nu snel op de glanzende tegelvloer van het winkelcentrum.
(wordt vervolgd)
Trefwoord(en): Betrapt,
Exhibitionisme,
Gluren,
Grote Borsten,
Pashokje,
Striptease,
Voyeurisme,
Winkel,
Suggestie?
Geef dit verhaal een cijfer:
5
6
7
8
9
10